• La Nacion
  • Cultuur
  • 
‘Ineens waren we ondernemers’


‘Ineens waren we ondernemers’

La Nacion | Gabriela Origlia | 01 oktober 2016

Las Warmi – een netwerk van 3600 vrouwen – beheren een succesvol microkredietsysteem in de Argentijnse Andes. Tachtig fondsen worden gefinancierd met ongeveer 40.000 euro. In tien jaar tijd zijn er vierduizend leningen verstrekt.

Op de Argentijnse hoogvlakte van het Andesgebergte, op ruim 3,5 kilometer hoogte, blinken de W’s op de opslagtanks van een pompstation je tegemoet. Een paar toeristen zijn gestopt om te tanken en vragen verbaasd welk merk dit is. ‘Las Warmi,’ zegt de pompbediende op een toon alsof het om een heel bekend benzinemerk gaat.

Dat is niet zo vreemd; deze vrouwen – die zichzelf Las Warmi Sayajsunqo noemen, wat in het Quechua ‘de doorbijtsters’ betekent – zijn een geregistreerd handelsmerk. Met Rosario Quispe als drijvende kracht hebben de vrouwen van Las Warmi een netwerk met 3600 leden op poten gezet. Ze verstrekken kleine leningen aan startende bedrijfjes zonder een zakelijk onderpand te vragen. Uitgangspunt voor hun organisatie is de Andescultuur.

Toen in 2001 de crisis in volle gang was, stonden de bedrijfscijfers van Las Warmi er goed voor. Het netwerk had een lening gekregen van de Stichting Avina, een non-profitorganisatie voor duurzame ontwikkeling. Ook hadden alle bij Las Warmi aangesloten onderneminkjes een positieve balans. Er was dus geld om te investeren, en het tankstation stond te koop. ‘Het voelde alsof we een vliegtuig kochten,’ vertelt Quispe aan La Nación. ‘Ineens waren we ondernemers. We hadden nog geen idee van de kopzorgen die het tankstation ons zou bezorgen. We waren alleen maar heel blij.’

Rosario Quispe. – © YouTube
Rosario Quispe. – © YouTube

Op de bedrijvenlijst van Las Warmi staat onder meer het eerste internetcafé – nu een klaslokaal – van Abra Pampa, de hoofdstad van de provincie Jujuy. Maar ook het zoutbewerkingsbedrijf Cerro Negro, de forelkwekerijen in Cusi Cusi en Alfarcito, en een aardappelteeltbedrijf in het Andesgebergte zijn aangesloten bij Las Warmi. Daarnaast hebben de vrouwen een centraal verkooppunt ingericht waar ambachtelijke producten worden verkocht van de 115 verschillende leefgemeenschappen in de Argentijnse Andes.

Quispe is trots op de sociale bedrijven die ze hebben opgericht. ‘Al doende en met vallen en opstaan leerden we hoe het moest.’ Soms viel het tegen. Eén bedrijf kwam niet van de grond, omdat de bedrijfskundigen de Andescultuur niet begrepen en eisen stelden waaraan ze ‘onmogelijk’ konden voldoen. Een ander bedrijf, dat lamaleer bewerkte, moesten ze vanwege ‘een principekwestie’ sluiten. Ook wezen ze een voorstel om in de hoogvlakte een bierbrouwerij neer te zetten van de hand. ‘Er is hier veel alcoholisme, en we wilden het probleem niet nog groter maken,’ aldus Quispe.

Oprichting en groei

In eerste instantie werd het Las Warmi-netwerk opgericht om de gezondheid van de vrouwen op de Andeshoogvlakte te verbeteren. Halverwege de jaren negentig ontdekte Quispe via een ziek familielid dat veel Andesvrouwen baarmoederhalskanker hadden. Ze zocht contact met artsen die de vrouwen kosteloos wilden behandelden. Toen 
de Stichting Avina dit hoorde, nam deze contact op met Las Warmi om de artsen alsnog voor hun werk te betalen. Zo werd de samenwerking tussen Las Warmi en Stichting Avina geboren. ‘Kanker is nog steeds een probleem,’ zegt Quispe. ‘Helaas konden we niet alles doen wat we van plan waren. 
We houden ons nu niet meer bezig met gezondheidszorg. De kosten zijn te hoog. Het is de verantwoordelijkheid van de overheid; zij moeten medische zorg naar de regio brengen. De Andesvrouwen gaan geen driehonderd kilometer reizen voor een bezoek aan het ziekenhuis,’ aldus Quispe.

Samenwerken met de mensen van Stichting Avina bleek een duwtje in de rug voor de verdere ontwikkeling van Las Warmi. Vooral bij het optuigen van het systeem van microkredieten en het beoordelen van de haalbaarheid van de ingediende projecten waren hun technische adviezen cruciaal.

Mirta Andrada, verantwoordelijk voor de financiën, legt uit dat Las Warmi op dit ogenblik tachtig fondsen beheren. Die worden gefinancierd met de 700.000 peso [zo’n 40.000 euro] die de organisatie in kas heeft. In tien jaar tijd zijn er vierduizend microkredieten verstrekt. Op dit moment bedraagt een lening gemiddeld tussen de 8000 en 10.000 peso.

Waar dient het geld voor? Dat kan van alles zijn: het afbouwen van een huisje, het aanschaffen van gereedschap of het omheinen van een erf. Een Andesleefgemeenschap dient een aanvraag in waarin staat hoe het geld hun levenskwaliteit zal verhogen. Ook moeten ze uitleggen hoe ze de lening gaan aflossen. Andrada verzekert dat alles tot op de laatste peso wordt terugbetaald, soms iets later dan afgesproken. ‘Alleen zo kunnen we kredieten blijven verstrekken,’ aldus de financieel directeur.

Quispe is ervan overtuigd dat Las Warmi moeten vasthouden aan hun sociale doelen, want er is nog veel te doen

Het systeem is gebaseerd op vertrouwen en mondelinge overeenkomsten. Er zijn geen garanties. Er worden afspraken gemaakt over de hoogte van het bedrag en de wijze van terugbetalen. Het model heeft veel weg van dat van de Grameen Bank voor microkredieten, opgericht door de Bengalese econoom Muhammad Yunus, die er de Nobelprijs voor de Vrede voor kreeg.

Nog steeds is Quispe verbaasd dat de Harvard-universiteit een aantal jaren geleden interesse toonde in hun werk. De vrouwen werden uitgenodigd om over hun microkredietennetwerk te vertellen. ‘Op Harvard wilden ze weten hoe we dat deden. Hoe het kon dat we geld leenden aan arme mensen en geen last hadden van wanbetalers. En dat we het werk dat er was onder elkaar verdeelden, zodat de mensen niet wegtrokken uit de regio. Want dat doe je 
als je niets hebt.’

Het bezoek aan Noord-Amerika bleek belangrijk. ‘Door er op Harvard over te vertellen en indianenstammen te bezoeken, begrepen we dat we op de goede weg zaten,’ zegt Quispe. ‘We zagen dat we het juiste deden om ervoor te zorgen dat de Andesgemeenschappen niet uit elkaar vielen.’


Het volgende doel van Las Warmi is het verplaatsen van de spinnerij van Palpalá naar de provinciehoofdstad Abra Pampa. Ze zijn hierover in gesprek met de leden van het netwerk. ‘We hebben geleerd hoe we de kwaliteit van de wol kunnen verbeteren. We hebben inpakmateriaal en dozen gemaakt om de producten in te vervoeren. Nu willen we dat de fabriek hiernaartoe komt, de plek waar we zijn geboren en waar we de kledingstukken maken.

Ze zijn eveneens aan het onderhandelen over een betere prijs voor hun wol. Dit jaar is de prijs voor lamawol erg laag. Daar komt bij dat ze vanwege de droogte dieren hebben moeten slachten. Een kilo lamawol brengt rond de 50 peso op, zo’n 3 euro (uit één lama haal je 60 kilo), terwijl een kilo vicuñawol veel meer opbrengt, zo’n 800 euro. ‘Men realiseert zich niet wat het kost om een lama te verzorgen, hoeveel tijd erin gaat zitten. En bijna niemand weet dat je het beest maar één keer in de anderhalf of twee jaar kunt scheren,’ zegt Quispe.

Quispe is ervan overtuigd dat Las Warmi moeten vasthouden aan hun sociale doelen, want er is nog veel te doen. ‘Op de hoogvlakte hebben we nog steeds primitieve schooltjes. De latrines in onze huizen zijn niet op het riool aangesloten. Bovendien hebben we wegen nodig om de spullen die we maken naar de stad te vervoeren.’

Werkgelegenheid en educatie zijn volgens Quispe doorslaggevend voor nog meer groei. Ze hoopt dat over drie maanden de theefabriek gaat draaien. De bladeren komen uit de Andeshoogvlakte en andere Argentijnse streken. ‘We maken theezakjes met onze W erop, die in heel Argentinië te koop zullen zijn!’ zegt Quispe trots.

Auteur: Gabriela Origlia
Vertaler: Henriëtte Aronds

La Nacion
Argentinië | dagblad | oplage 160.000

De Argentijnse krant La Nacion (waarvan de oplage circa een vijfde van de totale krantenproductie in Argentinië beslaat) is een conservatief dagblad, opgericht in 1870 door de voormalige president Bartolomé Mitre, wiens naamgenoot en nazaat
op dit moment hoofdredacteur van het blad is.

Samen met concurrent Clarín (opgericht in 1945) kwam de krant enkele jaren geleden in aanvaring met de regering-Kirchner, in verband met de gezamenlijke overname in 1976 van de grootste papierfabriek van het land, Papel Prensa. Die was volgens de regering tot stand gekomen met steun van de toenmalige junta. Beide kranten zouden bovendien de papierprijzen voor hun concurrenten kunstmatig hoog houden.

Tot oud-medewerkers van La Nacion behoren schrijvers als Borges en Vargas Llosa. Er bestaat een iconische foto uit 1961 waarop Che Guevara verdiept is in een exemplaar van de krant.

Dit artikel van Gabriela Origlia verscheen eerder in La Nacion.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

En ontvang wekelijks het beste uit de internationale pers in uw mailbox.