Een nepdorp als camouflage

Vintage  | 15 March 2018 - 07:3015 Mar - 07:30

Namaakdorpen, gebouwd door decorbouwers uit Hollywood, onttrokken tijdens de Tweede Wereldoorlog Amerikaanse vliegtuigfabrieken aan het oog van Japanse gevechtsvliegtuigen.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog kostte de productie van een B-17-bommenwerper iets meer dan 200.000 dollar, omgerekend naar vandaag is dat ongeveer 3,4 miljoen dollar. Het Amerikaanse leger had duizenden van deze vliegtuigen nodig en nam allerlei voorzorgsmaatregelen om de fabrieken te beveiligen tegen Japanse luchtaanvallen.

Dat leidde onder meer tot het inhuren van decorbouwers uit Hollywood die een nepwijk boven op de vliegtuigfabrieken neerzetten. Zo hielp decorbouwer John Stewart Detlie in 1944 bijvoorbeeld om Boeing-fabriek nr. 2 in Seattle aan het oog te onttrekken.

Met behulp van decortechnieken uit Hollywood zette hij nepstraten, trottoirs, bomen, hekken, auto’s en huizen op het dak van de fabriek en vervolgens werden acteurs ingehuurd die acteerden als ‘bewoners’ van de wijk.

Onder het nepdorp werden ondertussen zo’n driehonderd bommenwerpers per maand gebouwd om de strijd tegen nazi’s te ondersteunen. Deze Boeing B-17 ‘Flying Fortresses’ wierpen meer dan 640.000 ton bommen boven Duitsland af. Van de ruim twaalfduizend vliegtuigen die werden gebouwd, zijn er nu nog vijftig in complete staat over.

Na de oorlog werden in de jaren zestig de eerste Boeing 737’s aanvankelijk geassembleerd in dezelfde fabriek, maar uiteindelijk werd de productie verplaatst en in 2010 sloopte Boeing het complex.

Hier vind je meer foto’s van de gecamoufleerde fabriek.

Zo zag het dorp eruit:

Foto: Boeing / Seattle Times archive

Plaats een reactie