# 146 | Tegen de stroom in

The Washington Post / 360  | 29 september 2018 - 15:1929 sep - 15:19

Het mecenasechtpaar Mitch en Emily Rales zet met hun nieuwe Glenstone-museum niet in op Instagram of grote bezoekersaantallen, maar op individuele bespiegeling. Het grote publiek vindt dat elitair.

Er zijn musea voor hedendaagse kunst die ontoegankelijker zijn en afgelegener liggen dan Glenstone – zoals een museum op een verlaten eiland in Japan, of een museum in een 
afgezonderd plaatsje in Texas. Sommige musea zijn alleen toegankelijk op uitnodiging en functioneren bijna als privéclub. Ook zijn er enkele vooraanstaande instellingen die zich tot doel stellen cultuur en natuur in elkaar te laten opgaan en de bezoekers willen verleiden niet alleen kunst te komen kijken, maar zich tevens te laven aan het landschap.

In een tijd waarin de kunstwereld kampt met een sterk gevoel dat musea het slachtoffer zijn geworden van hun eigen succes en dat er dringend behoefte 
is aan een nieuw paradigma voor de beleving van kunst, opent Glenstone bovendien een nieuwe 
aanbouw in Potomac, waar de deuren iets wijder open zullen staan dan in het oude Glenstone, en via het onlinereserveringssysteem meer publiek zal worden toegelaten. Het museum is de gezamenlijke schepping van Mitch en Emily Rales, rijke kunstverzamelaars die in 2006 een galerie openden op het terrein van hun huis in Maryland. Op 4 oktober zal het echtpaar de aanzienlijk uitgebreide kunstcampus feestelijk openen – er zal dan vijf keer zo veel expositieruimte beschikbaar zijn in de zogeheten Pavilions, een gebouw dat bestaat uit enkele 
onderling verbonden galeries, gegroepeerd rond 
een bassin, gelegen op een zacht glooiende heuvel. 
Opgetrokken uit grijs, gegoten beton en badend in daglicht, is de uitstraling van de Pavilions mini-malistisch en monastiek, terwijl het gebouw 
tegelijkertijd de sfeer ademt van lang geleden.

Slow art

Wie het museum bezoekt zal, eindelijk, met eigen ogen kunnen aanschouwen hoe het echtpaar Rales hun droom heeft weten te verwezenlijken een van 
de grootste, rijkste en meest ambitieuze nieuwe 
culturele instellingen ter wereld neer te zetten. Maar het Glenstone-terrein, bijna een vierkante kilometer groot, compleet met café, toegangspaviljoen, wisselende tentoonstellingen en toegang tot buitenluchtinstallaties en paden over het 
terrein, is ontworpen met het oog op de beleving van de bezoeker, en niet met het oog op het maximaliseren van het aantal mensen dat voet over de drempel zet.

Het is ontworpen in de geest van de 
slow art-beweging, die momenteel sterk in opkomst is – een reactie op grotere machten die aan het werk zijn binnen 
de kunstwereld, op de democratische 
cultuur en op het tijdperk van kunst die zo op Instagram moet kunnen.

» Lees verder

» Lees verder op Blendle (Gratis voor leden)

Gratis voor 360 abonnees


Plaats een reactie

The Washington Post / 360