De tien best gelezen 360-stukken van 2018

The Guardian / 360  | 29 december 2018 - 15:0029 dec - 15:00

9. Hoe alcohol mijn leven overnam

Journalist William Leith stopte elk jaar van 1 januari tot zijn verjaardag op 30 april met drinken, maar de overige maanden had hij nooit genoeg. Tot hij vijf jaar geleden onverwacht besloot ‘toch maar niet’ opnieuw te beginnen. Sindsdien probeert hij de magische aantrekkingskracht van zijn lievelingsdrug te doorgronden.

Mijn laatste borrel heb ik vijf jaar geleden genomen, in de heel vroege ochtend van 
1 januari 2013. Het zal om een uur of twee zijn geweest. Ik zou mezelf toen niet dronken genoemd hebben. Ik zou zeggen dat ik er een paar op had. Maar ik was dronken. Als ik had geprobeerd auto te rijden of te schrijven of een praatje voor publiek te houden, had ik het er heel slecht vanaf gebracht. Niet gelukkig, maar ook niet verdrietig, hief ik het glas en slikte de drank door. Het was een soort vruchtenbowl.

Op dat moment wist ik niet dat het echt mijn allerlaatste drankje zou zijn. Ik dacht dat ik niet meer zou drinken tot mijn verjaardag op 30 april. Tien jaar lang had ik ieder jaar de eerste vier maanden doorgebracht als geheelonthouder, op twee uitzonderingen na: ik ben een keer op 27 april begonnen, omdat ik 
op een woonboot was in een haven waar ik een glas wijn aangeboden kreeg. Ik haatte mezelf vanwege die drie dagen. Ook ben ik een keer pas in maart gestopt, maar toen heb ik mezelf gestraft door acht maanden droog te staan in plaats van vier.

Maar misschien was dat droogstaan niet echt een straf, heb ik vaak gedacht. Ik vond het wel prettig. Ik sliep beter. Ik viel af. Mijn huid werd frisser. Ik voelde me echt fitter. Ik kon me beter concentreren, kon in een paar uur een boek uitlezen, mijn geest was scherper. Ik voelde me lichter, gelukkiger. Ik kwam niet meer zweterig en naar de drank ruikend te laat op afspraken. Ik had meer tijd. Ik herinner me een gesprek dat ik had na vijftien weken geheelonthouding; de man met wie ik sprak zei dat hij niet kon geloven hoe jong ik eruitzag. En dat meende hij echt. Droogstaan is de beste verjongingskuur.

En dan kwam mijn verjaardag weer, mijn drankdag. Van tevoren was ik al zenuwachtig, een vervelend gevoel omdat ik eigenlijk niet meer wilde gaan drinken, gecombineerd met het vervelende gevoel dat ik toch weer begon. In ieder geval voelde ik een drang om weer te gaan drinken; dat behoorde tot de afspraak die ik met mezelf had gemaakt, want ik wilde heel graag drinken. Ik wilde drinken om precies dezelfde reden dat ik niet wilde drinken: omdat ik een drankprobleem had. Drank leek een vreemde, verstandsverbijsterende macht over me te hebben. Op mijn verjaardag werd ik altijd wakker met het soort onrust in me dat je ook hebt voor een date of een feest. Ik zou weer gaan drinken. Vanavond zou ik in een andere wereld zijn.

Als ik mijn drankprobleem probeer uit te leggen, gaat dat als volgt: naar mijn idee was ik een matige drinker, maar als ik er een op had, was ik dat niet meer. Hoe meer ik dronk, hoe meer ik wilde drinken. Drinken vergrootte mijn dorst. Ik verlangde naar het tweede glas nog gretiger dan naar het eerste, en naar het vijfde nog gretiger dan naar het vierde. Mijn dorst nam in de loop van een avond altijd toe, maar op een subtielere manier ook in de loop van een maand, een jaar, een decennium. Drank voegde iets toe, maar leek ook altijd meer weg te halen dan toe te voegen, dus om alles weer normaal te krijgen moest ik meer drinken, en al die drank begon mijn geest aan te tasten. En dan stopte ik en was ik honderdtwintig dagen nuchter. En in die tijd voelde ik me altijd geweldig. Waarom begon ik dan altijd weer met drinken?

De eerste dagen zonder drank gaven wel een begin van een antwoord op die vraag. De eerste dag werd ik wakker met een kater. De tweede dag werd ik wakker met een fantoomkater. En de dag daarna werd ik wakker en hield mijn hoofd onder het dekbed, in afwachting van de pijn en de misselijkheid. Even schoten mijn gedachten dan razendsnel heen en weer. Wat heb ik gisteravond gedronken? En zonder de waas van de kater voelde mijn geest zich vreemd weerloos; iedere emotie kon maar bij me binnendringen en urenlang in mij ronddenderen. Op die momenten begreep ik iets van mijn drankprobleem.

» Lees verder

» Lees verder op Blendle (Gratis voor leden)

Plaats een reactie