75 jaar zonder oorlog, wat hebben Europeanen geleerd?

Europa | Dossier | De Balie  | 26 September 2020 - 09:0026 Sep - 09:00

Onze zwakke en sterke kanten ontdekken en ook anderen beter leren kennen, daartoe dient de geschiedenis, zegt Géraldine Schwarz. Als we naar een betere toekomst willen, helpt het volgens haar niet om standbeelden en straatnamen weg te halen. Daarmee wordt de verantwoordelijkheid van miljoenen medeplichtige burgers ontkent.

Tot aan de Tweede Wereldoorlog diende de geschiedschrijving louter ter glorificatie van de natie, om revanchisme aan te wakkeren of nationale helden te vereren. Het trauma van de oorlog leidde na 1945 in Europa tot een nieuwe missie: leren van het verleden.

Als we door het verleden te onderzoeken een beter heden willen creëren, volstaat het niet om een paar schuldigen uit de geschiedenis aan te wijzen en hun standbeeld omver te trekken. Natuurlijk wekken standbeelden van controversiële figuren zonder begeleidende tekst woede – zoals van koning Leopold II van België, de Britse slavenhandelaar Edward Colston in Bristol of de Nederlander Jan Pieterszoon Coen, die in 1621 met geweld de Banda-eilanden veroverde. Maar iconoclasme biedt vaak slechts een illusie van gerechtigheid. Daarna komt het vergeten en wat overblijft is de gemiste kans dat we ons verleden hadden kunnen benutten om onszelf beter te leren kennen.

‘Onze geschiedenis toont ons waar de mens toe in staat is. We moeten niet denken dat wij anders of beter zijn,’ zei de toenmalige West-Duitse president Richard von Weizsäcker in 1985 in een historische rede voor de Bondsdag.

Activeer uw gastaccount en lees direct verder

Of maak gebruik van onze tijdelijke aanbieding.

Plaats een reactie