Zuid-Italianen zijn al net zo arm als Polen

Il Sole 24 Ore / 360  |  1 maart 2019 - 09:12 1 mrt - 09:12

De Italiaanse economie zal voorlopig nog niet aantrekken, blijkt uit de laatste prognoses. Dat is een harde dobber voor een land dat als enige in Europa 
de crisis van 2008 nog niet te boven is.

» Lees dit artikel in de Reader

Van alle problemen waarmee Italië te kampen heeft, is er niet een dat zo door de bevolking wordt gevoeld als de economie. Bij alle onderzoeken op dit gebied noemen talloze mensen de werkgelegenheid of het feit dat ze aan het eind van de maand geen geld meer hebben als de belangrijkste uitdagingen, en dat is beslist geen kwestie van perceptie, maar een reëel probleem waarmee mensen dagelijks worstelen.

Volgens de laatste cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) is het netto-inkomen van de Italianen nog lang niet terug op het niveau van voor de crisis. Ondanks de groei van de laatste tijd blijft het nog steeds steken op het niveau van zo’n twintig jaar geleden. Die gegevens houden natuurlijk ook rekening met de inflatie en geven dus aan in welke mate de stijging van de kosten van het levensonderhoud invloed heeft gehad op de prijzen van goederen en diensten.

MOGEN WE EVEN JE AANDACHT?
Dit artikel krijg je van 360 cadeau. We geloven dat internationale context leidt tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Het biedt nieuwe invalshoeken op een werkelijkheid die overal anders is. Bovendien maken we relevante, originele en mooie verhalen graag toegankelijk voor een groot publiek. Deel dit artikel als onze missie je aan het hart gaat. Of, nog beter, sluit je aan bij 360 met een (proef / cadeau) – abonnement. Doneren kan ook als je niet genoeg tijd vindt om te lezen, maar 360 wil steunen in haar voortbestaan.
Bedankt

Als we kijken naar het netto-inkomen, in plaats van naar gebruikelijkere maatstaven zoals het bbp, krijgen we een beter idee van wat gezinnen nu werkelijk te besteden hebben, omdat er, onder andere, ook rekening wordt gehouden met hoeveel er door de staat wordt geïnd in de vorm van belastingen en heffingen.

De hoogste staatsschuld

Als we die getallen in historisch perspectief plaatsen, zien we ook dat de crisis van 2008 in Italië verreweg de grootste economische crisis in heel lange tijd was. Al minstens sinds de Tweede Wereldoorlog hebben de inkomens niet zo’n klap gekregen; zo’n diepe wond en zo’n traag herstel zagen we zelfs niet tijdens de oliecrisis in de jaren zeventig of tijdens de daaropvolgende recessies.

In de Europese context zijn de problemen van Italië nog flagranter. Van de grote landen is ons land het enige waar het gemiddelde inkomen nog niet is teruggekeerd op het niveau van voor de crisis: in Spanje zit het er net iets boven, in Frankrijk wat meer en in Duitsland veel meer.

[Ook in Nederland ging het gemiddelde inkomen erop vooruit, evenals het bbp, dat in 2017 met 2,9 procent toenam, de sterkste economische groei sinds tien jaar.]

Het gemiddelde inkomen van de 28 lidstaten van de EU vertoont vanaf 2008 al met al een stijgende lijn, en dat geldt zowel voor veel landen van de eurozone als voor landen waar nog de lokale valuta wordt gehanteerd. Italië neemt dus een relatief uitzonderlijke positie in in Europa en loopt des te meer risico, nu de economische groei wereldwijd lijkt te vertragen en misschien zelfs volledig tot stilstand komt.

Over het geheel genomen hebben de lidstaten van de EU geprofiteerd van de recente jaren van groei door hun staatsschuld een paar procentpunten te laten dalen, al heeft die nog niet het niveau bereikt van voor 2008. In Duitsland bijvoorbeeld is de staatsschuld sinds 2010 gedaald met 17 procentpunten van het bbp, en daarbij is het gemiddelde inkomen dus flink toegenomen.

Italië is niet alleen het land dat toch al de hoogste staatsschuld heeft – Griekenland buiten beschouwing gelaten – maar ook nog eens het land waar die het minst gedaald is. Na de piek van 2014, toen de staatsschuld was opgelopen tot 131,8 procent van het bbp, is die nu weer wat gedaald, met in totaal amper 0,6 procentpunt in drie jaar tijd, onder de laatste centrum-linkse regering. Maar daardoor zijn we blijkbaar niet harder gegroeid dan anderen, niet in termen van bbp en ook niet in termen van beschikbaar inkomen voor gezinnen en individuen.

Zelfs Spanje is de laatste jaren bezig, zij het langzaam, de begroting te consolideren en de staatsschuld te verlagen, maar dat belet het land blijkbaar niet om als een van de snelste landen in Europa omhoog te klimmen.

Verder oostwaarts

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat het verlagen van de staatsschuld op zich leidt tot groei. Maar de Spaanse ontwikkelingen laten ons wel zien dat het geen belemmering hoeft te zijn om stappen vooruit te zetten, mits het wordt gecombineerd met de noodzakelijke hervormingen.

Behalve met de ontwikkelde economieën is het ook interessant om Italië te vergelijken met de landen in Oost-Europa. Het zijn gebieden waar de mensen, ook weer gemiddeld, tot nu toe nog armer zijn dan bij ons, maar dat verschil wordt snel kleiner. Het is nu al heel anders in bijvoorbeeld regio’s in Tsjechië of Polen, waar de levensstandaard van de bevolking vergelijkbaar is met die in Zuid-Italië.

Griekenland is een geval apart, dat is de enige lidstaat waar het netto-inkomen nog meer, veel meer zelfs, is gedaald dan in Italië. Wel lijkt de tendens de afgelopen jaren te zijn gekeerd, al heeft het land nog een heel lange weg te gaan voor het weer terug is op het oude niveau.

En de wereld houdt natuurlijk ook niet op bij Europa. Als we nog verder oostwaarts gaan, kunnen we het beschikbare inkomen van de Italianen, en de ontwikkelingen daarvan, bijvoorbeeld vergelijken met dat van de Russen. Het Russische beschikbare inkomen is al met al vergelijkbaar met dat in veel andere landen in het Oosten, en komt dicht in de buurt van de huidige situatie in Griekenland. De laatste jaren is het ook in Rusland helemaal niet goed gegaan, en het beschikbare inkomen blijkt dan ook al enige tijd dalende.

In Zuid-Korea gaat het juist de andere kant op, daar lag het inkomen in de jaren zeventig bijzonder laag – op minder dan eenderde van het Italiaanse – maar sindsdien is het vrijwel altijd blijven stijgen, en onlangs heeft het land ons op dat vlak zelfs ingehaald.

Auteur: Davide Mancino

Il Sole 24 Ore
Italië | dagblad | oplage 84.000

Het prachtige resultaat van de fusie tussen Il Sole en 24 Ore. Financieel gezond, mede dankzij het zondagse magazine. Economisch nieuws heeft de voorkeur.

Plaats een reactie