‘Ik mis het goede leven’

Chilevisión / 360  | 17 December 2019 - 15:4017 Dec - 15:40

Chileense ouderen kunnen nauwelijks rondkomen van hun pensioen. Maar ze blijven strijdbaar: ‘Kiezen op elkaar en doorgaan.’

‘Soms noemen ze me een oude kakmadam,’ lacht Celia. Ze is 78 en denkt vaak terug aan haar luxe leven en mooie reizen. ‘Dankzij mijn man kon ik de hele wereld over reizen, maar ja, alles is nu anders, mijn echtgenoot is overleden, er waren problemen in mijn familie, eerst werd mijn moeder ziek en toen mijn broer,’ vertelt ze. Haar fijne, stabiele leven is nu nog slechts een herinnering. Daar komt bij dat haar pensioen maar 110 duizend peso [125 euro] bedraagt.

Ze woont in het huis waar ze ooit haar welvarende leven leidde. De belastingen, zegt ze, zijn de grootste beproeving. De gemeentebelasting is het dubbele van wat ze aan pensioen krijgt. ‘Ik betaal 220 duizend peso.’ De vervolgvraag kan alleen maar zijn: ‘Waar betaalt u dat van?’ ‘Mijn schoonzus helpt me en haar zoon, die journalist is en werk heeft, draagt ook zijn steentje bij. Het is niet makkelijk, maar je moet je schouders eronder zetten,’ zegt ze verdrietig.

Elke dag is een uitdaging voor deze 78-jarige vrouw die in Providencia woont, een gemeente in de provincie Santiago. ‘Verborgen armoede,’ zegt ze. Achter de dikke muren van grote, dure huizen gaat een harde en trieste werkelijkheid schuil.

Er wonen in Chili meer dan drie miljoen ouderen, van wie 86 procent voor zichzelf moet zorgen. Manuel is 77 jaar oud en woont met een van zijn kleindochters in het huis waar hij opgroeide en waar hij zijn gezin heeft grootgebracht. ‘Ik mis ons goede leven. Met vrienden gezellig barbecueën, lunchen of dineren.’ Hij herinnert zich zijn jongensjaren in dit huis in Providencia. Er kwamen vrienden over de vloer en er waren familiefeestjes.

Manuel werkte later bij een luchtvaartmaatschappij en verdiende een goed salaris. Na zijn pensioen ging zijn leven, net als dat van Celia, bergafwaarts. ‘Nogal wat mensen kunnen niet rondkomen van hun pensioen,’ zegt Manuel. Hij vertelt over de gemeentebelastingen van rond de 120 duizend peso, een fractie minder dan zijn pensioen van 170 duizend peso [193 euro]. Vier keer per jaar krijgt hij een aanslag, jaarlijks is hij 480.000 peso kwijt. ‘Dat ik me op mijn leeftijd in allerlei bochten moet wringen om het hoofd boven water te houden,’ zegt Manuel. Hij probeert zichzelf te onderhouden met zijn pensioentje. Zijn herinneringen aan vroeger maken hem strijdbaar, zegt hij.

‘Waarom zou ik weg moeten uit dit huis, hier woon ik en hier zal ik sterven. Kiezen op elkaar en doorgaan, zoals we hier zeggen,’ zegt Celia beslist, terwijl ze de planten in haar huis water geeft.

María woont alleen, in een huurflatje, maar wel in Providencia. Ze wil niet weg uit de buurt waar ze haar hele leven heeft gewoond, waar ze terugdenkt aan vroeger, toen ze model was en stewardess. Ze had leuk en goed betaald werk. Providencia is duurder, zegt ze, maar ze voelt zich er veiliger. Ook het leven van deze vrouw van 83 veranderde compleet. Ook zij moet rondkomen van een pensioentje van 110 duizend peso. ‘Daar zou ik bang zijn,’ reageert ze, als haar wordt gevraagd waarom ze niet in een goedkopere buurt gaat wonen. ‘Vooral omdat ik alleen woon. Als ik een gezin om me heen had, zou het anders zijn, nu is het gevaarlijker.’ Haar kinderen wil ze niet lastigvallen; die zijn druk met hun werk en hebben nauwelijks tijd om haar te bezoeken.

María is gezond en heeft nog vele goede jaren voor zich. Het geld en de schaarse financiële middelen zijn het probleem. ‘Ik leg me er maar bij neer,’ zegt ze. ‘Het leven moet je nemen zoals het is, dat zijn slechts om materiële zaken, de liefde en het respect van mijn kleinkinderen, kinderen en vriendinnen zijn me alles waard.’ 

Manuel is verontwaardigd dat iemand die veertig of vijftig jaar heeft gewerkt het met zo’n schamel pensioen moet doen. Volgens hem ligt het aan het slechte beleid in Chili. Celia vertelt dat ze in haar wanhoop naar het belastingkantoor is gegaan om te vragen of ze haar gemeentebelasting wilden kwijtschelden. ‘De ambtenaar zei: maar mevrouw, u woont in Providencia, de duurste gemeente van Chili. Het is heel eenvoudig, gaat u maar in La Pintana of La Legua wonen. Daar hoeft u helemaal geen gemeentebelasting te betalen.’

Celia is boos. Ze wil dat de autoriteiten iets doen, dat ze meer oog hebben voor de gezondheid van ouderen en dat ze de belastingen verlagen. ‘Hoe is het mogelijk dat een oudere 220 duizend peso moet betalen!’ ‘De politici zijn één pot nat,’ zegt Manuel. ‘Of ze nu links zijn of rechts.’

Ze zijn het alle drie eens met de huidige protesten, maar niet met de vernielingen. Zoals zij zijn er veel Chilenen die met heimwee terugdenken aan de tijd dat ze het beter hadden.

Plaats een reactie