Regering Kameroen bestempelt sociale media als terrorisme

5 februari 2019 - 14:46 5 feb - 14:46

Het is president Paul Biya niet gelukt via sociale media de enorme onvrede in zijn land te onderdrukken. 
Op Twitter en Facebook laten Kameroeners zien 
hoe hun dorpen worden platgebrand en hoe burgers worden gemarteld.

» Lees dit artikel in onze Reader

In 2008 was Kameroen in de 
greep van antiregeringsrellen, aangewakkerd door woede over president Paul Biya’s 25-jarige heerschappij en de exorbitante brandstof- en voedselprijzen. ‘De voedselrellen’, zoals de protesten later bekend kwamen te staan, begonnen in de havenstad Douala en spreidden zich gaandeweg uit naar de hoofdstad Yaoundé en tal van andere steden in het land. De 
regering trad met ijzeren vuist op tegen het oproer. Uit rapportages blijkt dat 
de politie de protesten hardhandig neersloeg en talloze demonstranten met geweerlopen te lijf ging. Er werden honderden arrestaties verricht en er vielen tientallen doden. Regeringsfunctionarissen instrueerden de staatsmedia en ziekenhuispersoneel om deze sterfgevallen niet naar buiten te brengen. De bewijzen voor de hardhandige reactie van de regering worden tot op de dag van vandaag verdoezeld.

MOGEN WE EVEN JE AANDACHT?
Dit artikel krijg je van 360 cadeau. We geloven dat internationale context leidt tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Het biedt nieuwe invalshoeken op een werkelijkheid die overal anders is. Bovendien maken we relevante, originele en mooie verhalen graag toegankelijk voor een groot publiek. Deel dit artikel als onze missie je aan het hart gaat. Of, nog beter, sluit je aan bij 360 met een (proef / cadeau) – abonnement. Doneren kan ook als je niet genoeg tijd vindt om te lezen, maar 360 wil steunen in haar voortbestaan.
Bedankt

Nieuw conflict

Tien jaar later woedt er een nieuw 
conflict in de noordwestelijke en zuidwestelijke regio’s van het land, wederom aangewakkerd door ongenoegen over Biya’s regime. Maar deze keer komen degenen die wreedheden begaan er niet zo makkelijk mee weg. In het socialemediatijdperk kunnen Kameroense burgers via Twitter en Facebook hun grieven uiten en internationaal aandacht opeisen voor de hachelijke situatie in hun land. In 2018 verscheen op de sociale media een gestage stroom aan schokkende
filmpjes uit Kameroen, waarop te zien is hoe dorpen worden platgebrand, 
bezittingen verwoest en burgers worden gemarteld en gedood. Een 
simpele Twitter-zoekopdracht met het woord ‘Kameroen’ levert een vloedgolf aan posts op van Kameroeners die 
de gevolgen van het gewelddadige optreden van het regime laten zien. Deze expliciete en misselijkmakende beelden gaan vergezeld van berichten van burgers die de regionale en internationale gemeenschap oproepen de ogen niet te sluiten voor de ‘genocide’ die zich in het Engelstalige deel van Kameroen voltrekt. Degenen die de filmpjes en de foto’s posten zijn niet bang om hun ooggetuigenverslagen 
de wereld in de sturen, ook al houdt 
dat in dat ze zich daarmee tegen de machthebbers uitspreken.

Terwijl het regime zijn best doet de beschuldigingen op sociale media te ontzenuwen, onder andere door te suggereren dat de legeruniforms van de daders door separatisten gestolen zijn zodat ze zich als soldaten konden voordoen, hebben de bbc en andere media verschillende opensourcesoftware gebruikt om speculaties op het internet te weerleggen en feiten te verifiëren. De Kameroense regering bevindt zich in een steeds lastiger parket nu de onvermijdelijke bewijzen door deze berichtgeving en alle ooggetuigenverslagen de wereld over gaan. Dankzij socialemediaplatforms wordt het huidige conflict door ooggetuigen in realtime uit de doeken gedaan, in plaats van achteraf door derde partijen. De regering heeft geen invloed op dit gebruik van internet, dat de stemlozen eindelijk een stem geeft; ze kan hun niet het zwijgen opleggen en heeft steeds meer moeite het veranderende medialandschap te manipuleren om de verslaggeving naar eigen hand te zetten. Inmiddels zijn de aard en omvang van socialemediaposts, 
de uitwisseling van gelijksoortige 
informatie en actieve burgerverslag-geving factoren van belang geworden. Kameroense burgers hebben met 
diverse onlinecampagnes de kracht 
van sociale media gebruikt om bij de 
internationale gemeenschap steun 
te verwerven voor hun strijd voor 
verandering.

Met #freemimifo brachten Twitteraars de situatie van Mimi Fo onder de 
aandacht, een Kameroense journalist die wegens het ‘verspreiden van fake news’ werd gearresteerd nadat ze informatie had getweet over de moord op een Amerikaanse missionaris in de Engelstalige regio. De arrestatie was een flagrante aanval op de vrijheid 
van meningsuiting, en zowel collega-journalisten als burgers kwamen onmiddellijk in actie om online campagne te voeren voor haar vrijlating.

De bisschop van Mamfe, Andrew Nkea, beschuldigde regeringstroepen van de dood van Cosmos Omboro Ondari, een Keniase missionaris die de avondmis leidde in een kerk waar soldaten binnendrongen, die in het wilde weg begonnen te schieten. Hoewel de 
regering de beschuldiging ontkende, diende het ooggetuigenverslag dat massaal online werd gedeeld als bewijs van wat er werkelijk was gebeurd.

Hashtag

De hashtag #freemichelendoki werd in het leven geroepen na de arrestatie 
van Michele Ndoki, een Kameroense advocaat die had meegewerkt aan de onthulling van de grootschalige fraude bij de verkiezingen van vorig jaar. Twitter-gebruikers protesteerden tegen de verduistering van bezwarend bewijsmateriaal en het monddood maken van een ingezetene die het had aangedurfd corruptie aan de kaak te stellen.

#FreeAllArrested, #AnglophoneCrisis, #Etoudi2018 en talloze andere Twitter-campagnes hebben de Kameroeners in staat gesteld uiting te geven aan hun frustraties en ongenoegen over een regime dat de democratie al 36 jaar ondermijnt. De hashtags worden nog steeds gebruikt om steun te genereren voor de goede zaak.

De Kameroense regering steekt haar weerzin tegen sociale media niet onder stoelen of banken. In 2016 werd een officiële verklaring uitgegeven die 
sociale media als ‘een nieuwe vorm van terrorisme’ bestempelde en die stelde dat sites als Twitter en Facebook ‘een pandemie hebben gecreëerd die in stand wordt gehouden door een groeiend aantal amateurs die niet weten wat goed fatsoen is’. Sociale media, wereldwijd berucht om de verspreiding van nepnieuws, hoaxen en verkeerde informatie, zijn natuurlijk niet de meest betrouwbare nieuwsbronnen. Onlineplatforms worden veelvuldig bezocht door haatzaaiers en propagandisten, waar sites de herkomst en de authenticiteit van berichten niet goed kunnen controleren. Toch komen steeds meer lokale bewegingen, pleitbezorgers en technologiecentra in actie om deze kwesties aan te pakken door middel van scholing en empowerment van socialemediagebruikers, zodat de platforms op een meer verantwoorde manier worden gebruikt (en 
de regering met haar anticampagne niet in de kaart wordt gespeeld). Goede voorbeelden hiervan zijn de inspanningen van Nina Forgwe voor PeaceTech Lab om online haatzaaien terug te dringen, Julie Owono’s bijdragen als directeur van Internet Sans Frontiers en de trainingen en technologische steun van Rebecca Enonchong, ceo van AppsTech.

Aan de reactie van de regering af te lezen, is ze duidelijk bang voor de 
aanzwellende kritiek van haar onderdanen. De Kameroense autoriteiten staan erom bekend de internettoegang regelmatig te blokkeren en interne-tgebruikers te isoleren en te controleren.
Internetstoringen en black-outs, vaak voor langere tijd, zijn aan de orde van de dag. In de aanloop van de presidentsverkiezingen van 2018, bijvoorbeeld, viel het internet in Engelstalig Kameroen aan de lopende band uit, een serieuze aanslag op de vrijheid 
van meningsuiting. Daarbij hadden 
de black-outs verstrekkende sociale 
en economische gevolgen voor de inwoners van de betreffende gebieden. In juni 2018 verbood de Kameroense politie haar dienders zonder toestemming gebruik te maken van mobiele telefoons en sociale netwerken zoals WhatsApp, Facebook en Twitter. 
Niettemin groeit de internettoegang in Kameroen en de 24 miljoen ingezetenen behoren tot de mondigste van het Afrikaanse continent wat betreft het gebruik van online- en mobiele platforms voor het ter verantwoording roepen van de regering en het bepleiten van hervormingen. Vooral jongeren zullen die platforms alleen maar meer gaan gebruiken, niet minder.

Auteur: Kathleen Ndongmo

Plaats een reactie