Het geluk van Nederland raakt op

Foreign Policy / 360  |  6 april 2019 - 10:00 6 apr - 10:00

Foreign Policy is er niet gerust op dat Nederland nog lang gevrijwaard zal blijven van catastrofale terroristische aanslagen, zoals die in andere Europese landen hebben plaatsgevonden. Bovendien zou het verslagen IS bij jihadisten tot ‘kalifaatnostalgie’ kunnen leiden.

» Lees dit artikel in de Reader

Nederlandse autoriteiten hebben meegedeeld dat de aanslag in Utrecht door Gökmen T. de zwaarste islamistische terreuraanslag is die ooit in Nederland heeft plaatsgevonden.

Dit wekt misschien verbazing, omdat Nederland een centrale rol speelt in het debat rond de islam en de Europese veiligheid. Daar hebben controversiële 
politici als Pim Fortuyn en Geert Wilders, die voortdurend tegen de religie fulmineerden, wel voor gezorgd. Bovendien vond in Nederland een van de beruchtste islamistische aanslagen van na 9/11 plaats, toen de Marokkaans-Nederlandse Mohammed B. in november 2004 Theo van Gogh op straat vermoordde, omdat die een kritische film over de islam had gemaakt. B. zwoer dat Ayaan Hirsi Ali, die aan de film had meegewerkt, eenzelfde lot beschoren zou zijn.

MOGEN WE EVEN JE AANDACHT?
Dit artikel krijg je van 360 cadeau. We geloven dat internationale context leidt tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Het biedt nieuwe invalshoeken op een werkelijkheid die overal anders is. Bovendien maken we relevante, originele en mooie verhalen graag toegankelijk voor een groot publiek. Deel dit artikel als onze missie je aan het hart gaat. Of, nog beter, sluit je aan bij 360 met een (proef / cadeau) – abonnement. Doneren kan ook als je niet genoeg tijd vindt om te lezen, maar 360 wil steunen in haar voortbestaan.
Bedankt

Catastrofale terroristische aanslagen zoals in 
Londen, Madrid of Parijs zijn Nederland tot nu toe bespaard gebleven. Als een van de redenen noemen Nederlandse zegslieden de nauwe samenwerking tussen politie en inlichtingendiensten, maar ze erkennen ook geen geheime formule te bezitten. 
Het is deels een kwestie van geluk – geluk dat niet eeuwig kan voortduren. Het zou zelfs al snel kunnen opraken.

Hoewel Islamitische Staat is verslagen in Irak en Syrië, zijn er aanwijzingen dat de dreiging in Nederland toeneemt. Zo heeft de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid de veiligheidssituatie als ‘onzeker’ omschreven. Bovendien blijkt dat in het afgelopen jaar minstens vijf plannen voor terroristische aanslagen Nederland als doel hadden. Dat zijn er evenveel als er voor het Verenigd Koninkrijk waren gepland en meer dan voor België en Duitsland, twee frequente terroristische doelwitten.

Grotere plannen
Een van deze plannen werd zelfs ten uitvoer gebracht toen in augustus 2018 een 19-jarige, in Duitsland woonachtige Afghaanse asielzoeker naar Nederland reisde en op het Amsterdamse Centraal Station op twee burgers instak. De man zei dat het een vergelding was voor het beledigen van zijn 
godsdienst door Wilders.

Vergeleken bij andere terroristische aanslagen was dit incident tamelijk kleinschalig en amateuristisch. Maar er zijn grotere plannen beraamd. In september 2018 werd een groot, door IS geïnspireerd complot ontmaskerd in Arnhem. De vermoedelijke terroristen hadden geprobeerd de hand te leggen op kalasjnikovs, handgranaten en materiaal voor autobommen. Drie van de zeven arrestanten hadden eerder geprobeerd naar Irak of Syrië te reizen om zich aan te 
sluiten bij het kalifaat. De Nationaal Coördinator concludeerde dat de meeste verdachten ‘deel uitmaakten van de harde kern van de jihadistische beweging in Nederland’, die naar schatting meer dan vijfhonderd individuele leden en ‘enkele duizenden sympathisanten’ telt.

Dit zou niet de eerste keer zijn dat een groot, aan IS gelieerd complot Nederland in het vizier had. Naast de door IS gecoördineerde bloedbaden in Parijs in november 2015 had naar verluidt een andere cel destijds een aanslag op de luchthaven Schiphol moeten plegen. Een van de leden van die cel was Osama K., een Zweed die gevangenzit in België en in Frankrijk is berecht wegens zijn rol bij de zelfmoordaanslagen in Brussel in 2016. K. sloot zich aan bij IS in Syrië en keerde in september 2015 terug naar Europa, waar 
hij contact zocht met Salah A., die logistieke steun verleende aan de cel in Parijs. K. en een kompaan reisden op 13 november, de dag van de aanslagen in Parijs, onder een valse naam en met een enkeltje 
per bus van Brussel naar Amsterdam. Hoewel hij een hotelkamer had geboekt, keerde K. om onbekende redenen diezelfde dag nog terug naar Brussel.

Na de aanslagen in Brussel kwam bij een Belgische politie-inval een laptop boven water waarop vijf doelwitten stonden. Drie daarvan waren plekken 
in Parijs waar IS al had toegeslagen. De andere twee verwezen naar de ‘metro’ (kennelijk ook in Parijs) en Schiphol.

Niet veiliger
Daarna werden afgelopen zomer in Nederland drie mensen gearresteerd op verdenking van het leveren van de vuurwapens waarmee bij de aanslagen in Parijs een groot aantal onschuldige mensen werd vermoord. Hun DNA werd aangetroffen op de 
geweren en een sporttas die kort daarop in een geheime bergplaats van IS werden gevonden.

De toekomst van Nederland lijkt er niet veiliger op 
te worden. Ongeveer driehonderd mensen hebben enkele jaren geleden het land verlaten om aan de zijde van IS te vechten. Ongeveer vijftig van hen kwamen om in de strijd en meer dan honderd zijn nog steeds in Syrië. Sommigen zijn erin geslaagd terug te keren naar Nederland, waar de veiligheidsdiensten hun gangen wellicht zullen nagaan of, 
als het beschikbare bewijs het toestaat, hen zullen vervolgen en opsluiten.

In 2017 is er, gezien het gevaar dat zulke lieden kunnen vormen, een nieuwe wet aangenomen die het de regering mogelijk maakt het staatsburgerschap van mensen met een dubbele nationaliteit in te trekken, wanneer die zich hebben aangesloten bij een buitenlandse terroristische organisatie – iets wat in een land als Nederland voorheen ondenkbaar was. Een andere wet heeft de mogelijkheden voor de regering verruimd om data te vergaren, op te slaan en te delen die door inlichtingendiensten als relevant worden beschouwd. Ondertussen is Nederland in steden 
als Rotterdam, Amsterdam, Utrecht en Den Haag actief geweest in het opzetten van programma’s voor preventie van radicalisering.

Ondanks deze maatregelen zal de dreiging voor Nederland vermoedelijk niet afnemen. De verschillende factoren die mensen de kant van radicalisering op hebben gedreven, zijn tenslotte nog onverminderd aanwezig. Islamisten gaan stug door met 
het rekruteren van mensen op grond van hun gewelddadige geloofsopvatting, met hun pogingen het verhaal van een westerse oorlog tegen de islam te verspreiden en met het zwartmaken van Nederland vanwege het progressieve beleid inzake kwesties als homorechten.

Bovendien hebben Nederlandse zegslieden zich in het kielzog van de vernietiging van het IS-kalifaat bezorgd getoond dat degenen die dat 
kalifaat nooit hebben kunnen bereiken, nu thuis 
zullen toeslaan. Inderdaad zou, zoals de Noorse wetenschapper Thomas Hegghammer heeft betoogd, de ineenstorting door jihadisten tot ‘kalifaatnostalgie’ kunnen worden omgesmeed en zullen de komende jaren ‘17-jarigen misschien naar foto’s 
van Islamitische Staat kijken en willen vechten tegen de mensen die dat hebben vernietigd’.

Wat T. tot zijn daad heeft bewogen, is vooralsnog onduidelijk. Hetzelfde geldt voor de uiteindelijke 
politieke gevolgen van de aanslag. Maar enkele dagen later behaalde een outsiderpartij met een geharnast standpunt inzake immigratie een verrassende overwinning tijdens de Provinciale Statenverkiezingen. Dat is misschien een aanwijzing voor wat komen gaat. Terwijl IS na zijn militaire ondergang probeert terug te slaan naar het Westen, en terwijl het politieke 
discours zich onvermijdelijk richt op de rol van de islam in Europa, zal wat er in Nederland gebeurt een waarschuwing voor heel Europa kunnen worden.

Auteur: Robin Simcox

Foreign Policy
Verenigde Staten | tweemaandelijks 
tijdschrift | oplage 106.000

Wetenschappelijk tijdschrift, opgericht in 1970 om het ‘debat te stimuleren over belangrijke kwesties van de Amerikaanse buitenlandse politiek’. Sinds 2008 eigendom 
van The Washington Post.

Plaats een reactie