Amerikaanse hoofdbrekens in Irak

Midden-oosten | #173  |  3 February 2020 - 10:00 3 Feb - 10:00

Iran noch de VS heeft oren naar een totale oorlog. Ondertussen heerst een gespannen stilte en stapelen de dreigementen zich op over terugtrekking van troepen uit Irak.

» Lees dit artikel in de Reader

Hoelang kan een uitputtingsoorlog tussen Iran en de VS in Irak doorgaan? Als je afgaat op het verschil tussen wat president Donald Trump zegt en wat hij doet, lijkt Iran nog heel wat tijd in de Iraakse arena vergund. Eén werkhypothese is al werkelijkheid geworden: Trump is niet geïnteresseerd in een totale oorlog, en Iran evenmin.

Maar tussen een totale oorlog en een gespannen stilte is nog volop ruimte voor de twee tegenstanders om in actie te komen, vooral als geen van beide een goed overdacht plan heeft om de onderlinge crisis op te lossen. Dat blijkt wel uit de komische situatie dat de VS hun troepen uit Irak willen terugtrekken maar elders in het Midden-Oosten nieuwe troepen stationeren.

Generaal Mark Milley, de Amerikaanse chef-staf, gaf tegenover journalisten in het Pentagon een interessante verklaring voor een op 6 januari gepubliceerde brief opgesteld door brigadegeneraal William Seely, opperbevelhebber van de Amerikaanse troepen in Irak, over de plannen voor terugtrekking uit Irak: ‘Dat was een vergissing. Die brief was een kladversie en had nooit in die vorm vrijgegeven mogen worden.’

Trump maakte een dag eerder duidelijk dat de VS niet van plan is zich terug te trekken uit Irak. Nadat het Iraakse parlement een wet had aangenomen om de regering te dwingen buitenlandse troepen van haar grondgebied te verwijderen, verklaarde Trump: ‘Als ze ons vragen te vertrekken, zullen we ze sancties opleggen zoals ze nooit eerder hebben gezien. Daar zullen de sancties tegen Iran bij verbleken.’

De Iraakse regering vat Trumps dreigementen niet lichtvaardig op. De soennitische voorzitter van het parlement drong er bij zijn sjiitische ‘grote broers’ op aan ‘in het belang van de staat, de soennieten en de Koerden te handelen’ en tegen de wet te stemmen. Maar het anti-Amerikaanse sentiment bleek te sterk. Nu moet een overgangsregering beslissen over de toepassing ervan, die enorme consequenties kan hebben voor het lot van het land.

MOGEN WE EVEN JE AANDACHT?
Dit artikel krijg je van 360 cadeau. We geloven dat internationale context leidt tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Daarom zijn we blij als je dit artikel voor ons deelt. Nog blijer zijn we als je je bij ons aansluit: Probeer nu 5 nummers voor maar 15 euro. Duurt een paar minuten, stopt automatisch.
Bedankt

De Iraakse premier Adil Abdul-Mahdi probeerde de parlementsleden een afgezwakte versie van het wetsvoorstel voor te schotelen, die inhield dat er toch een beperkt aantal Amerikaanse soldaten in Irak zou mogen blijven, met een aangepaste opdracht. Abdul-Mahdi vreest terecht dat zonder Amerikaanse luchtsteun en het trainingsprogramma waarbinnen inmiddels bijna 200.000 Iraakse militairen zijn opgeleid, Irak moeite zal hebben een nieuw IS-offensief te weerstaan.

Het is niet alleen IS dat Irak bedreigt. De onrust onder de burgers die drie maanden geleden opstak en de grootscheepse betogingen die leidden tot het aftreden van Abdul-Mahdi en zijn regering, tonen de grote invloed van Iran en de sjiitische milities op de binnenlandse politiek van het land.

De Iraakse regering, die gedwongen was de sjiitische milities in haar veiligheidssysteem te integreren en hun salarissen en pensioenen te betalen, heeft geen zeggenschap over de operaties van die milities. De leider ervan, Abu Mahdi al-Muhandis, die omkwam bij de aanslag op Qassem Soleimani, kreeg zijn instructies zowel van de laatste als van Qais al-Khazali, die als zijn directe chef wordt beschouwd. Khazali is zowel lid van het Iraakse parlement als commandant van de Asa’ib Ahl al-Haq-militie, Irans hechtste bondgenoot.

Khazali, die in 2007 en 2008 door Amerikaanse troepen gevangen werd genomen wegens terroristische activiteiten tegen de door de VS geleide coalitietroepen, wordt sinds kort opnieuw door de Amerikanen gezocht omdat zijn militie te boek staat als een terroristische organisatie. Hij opereert nu ondergronds, maar kan zijn boevenbende nog altijd onbeperkt aansturen.

Deze week publiceerden de Amerikanen enkele rapporten uit het in 2007 ingestelde onderzoek tegen Khazali, waaruit bleek dat hij de namen ‘verkocht’ van degenen die samenwerkten met Iran, met name die van Muqtada al-Sadr, de isolationistische sjiitische leider die volgens Khazali enorme geldbedragen van Iran kreeg om met zijn eigen militie terroristische aanslagen op de Amerikanen te plegen. De timing van de publicatie van de rapporten was niet toevallig: door het blazoen van Khazali te besmeuren en een nog grotere wig tussen hem en al-Sadr te drijven proberen de VS de samenstelling van de nieuwe Iraakse regering te beïnvloeden.

Marionet
Volgens tegenstanders van de sjiitische milities garandeert alleen voortzetting van de Amerikaanse aanwezigheid dat Irak geen marionet van Iran zal worden, die alle protesten en elke kans op een regimeverandering de kop in zou drukken. Iraakse commentatoren zagen de Amerikaanse aanval op bases van de sjiitische militie afgelopen december als een boodschap aan de Iraakse en Iraanse autoriteiten dat ze de brute repressie moesten beperken.

Toch zijn de Amerikanen, en met name Trump, er nog niet uit of Irak nu van strategisch belang is of alleen maar een last waar honderden miljarden Amerikaanse dollars naartoe vloeien zonder dat daar economisch of politiek iets tegenover staat. Het land bezet wereldwijd de vijfde plaats qua oliereserves en had desondanks in 2019 een buitenlandse schuld van 115 miljard dollar, een bedrag dat in 2021 vermoedelijk zal zijn opgelopen tot 128 miljard.

Zonder Amerikaanse strijdkrachten die hun veiligheid garanderen zullen de oliemaatschappijen en andere Amerikaanse bedrijven niet in Irak blijven. Militair gesproken is Irak niet het belangrijkste bolwerk voor de Verenigde Staten, die een grote basis hebben in Qatar en kleinere bases in Bahrein, Koeweit en Saoedi-Arabië. Ideologisch gesproken is het nog te vroeg voor een totaal vertrek uit het Midden-Oosten. Het terugtrekken
van troepen uit de Golfregio vormt een rechtstreekse bedreiging voor Saoedi-Arabië, de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein, die zich zonder Amerikaanse steun en bescherming gedwongen zouden zien hun toevlucht tot een andere supermacht te zoeken, en de enige die daarvoor in aanmerking komt, is Rusland.

Tsvi Barel

Ha’Aretz
Israël | dagblad | oplage 80.000

De eerste Hebreeuwse krant die in 1919 onder Engels mandaat uitkwam. ‘Het land’ is dé krant voor Israëlische politici en intellectuelen.

» Lees verder in de Reader

» Abonneer u op onze nieuwsbrief: wekelijks berichten uit de buitenlandse pers in uw inbox.

Plaats een reactie

De Verenigde Staten sturen vanwege alle onrust drieduizend extra militairen naar het Midden-Oosten. – © Getty