Palestijnse inwoners Jeruzalem moesten zelf hun huizen afbreken

Israël | Midden-Oosten | Daraj  | 21 July 2020 - 13:0021 Jul - 13:00

Israël is drukdoende met het verdrijven van Palestijnse inwoners uit Oost-Jeruzalem. Het stadsdeel werd tijdens de Zesdaagse Oorlog van 1967 geannexeerd en is sindsdien inzet van een langzame machtsovername. Alle huizen die zonder vergunning zijn gebouwd, moeten door de bewoners zelf worden afgebroken. Maar zo’n vergunning krijgen Palestijnen vrijwel nooit.

Met pijn in zijn hart en verkrampte handen heeft Saleh Al-Shobaki, een Palestijnse inwoner van Oost-Jeruzalem, de muren van zijn eigen woning met eenvoudig handgereedschap afgebroken. Een besluit van de gemeentelijke Israëlische bezettingsmacht dwong hem hiertoe. Als hij Israëlische bulldozers het werk had laten doen, zou hij voor de sloopkosten hebben moeten opdraaien.

Zijn huis moest er hoe dan ook aan geloven, omdat hij geen bouwvergunning bezat. Maar zo’n vergunning krijgen Palestijnse inwoners van Jeruzalem sowieso mondjesmaat, waardoor de Palestijnen langzaam worden verdreven uit het oostelijke, nog niet officieel geannexeerde deel van Al-Qoeds – de Arabische naam voor Jeruzalem.

Sloop door Israëlische machines van zijn huis in de wijk Silwan, ten zuiden van de Al-Aqsa-moskee, had hem op een boete van 90.000 (ruim 23.000 euro) sjekel komen te staan. Dat bedrag kon hij niet ophoesten, dus was eigenhandig afbreken de enige optie, het minste van twee kwaden.

Binnen een paar minuten veranderde het huis dat Al-Shobaki en zijn familie beschutting bood in een trieste stapel stenen.

Lees verder

Plaats een reactie