Nieuw onderzoek naar religie en de vervolging van de Nederlandse Joden

The Washington Post  | 25 March 2014 - 09:0025 Mar - 09:00

Religieuze overtuiging is minder belangrijk voor altruïsten dan hechte sociale netwerken.

Robert Braun, een Nederlandse promovendus aan Cornell University, doet onderzoek naar de Jodenvervolging in Nederland. Braun heeft gekeken naar het lot van 125.000 Joden in Nederland. Hij analyseert gegevens als woonplaats, emigratie, doodsoorzaak en arisering.

Brauns hypothese is dat Joden voor het overleven van de Holocaust een netwerk nodig hadden dat hen kon voorzien van valse identiteitspapieren, onderdak, eten en vervoer. Binnen dat netwerk is vertrouwen ontzettend belangrijk. Een onbetrouwbare hulpverlener of hulpzoekende is een ongewenste zwakke schakel.

Zulk vertrouwen vind je vaker binnen een religieuze gemeenschap, stelt de onderzoeker. Braun heeft het reiligieuze landschap in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog in kaart gebracht. Nederland was toen nog sterk verzuild en naast kerkgenootschappen bestonden er ook talloze kranten, scholen, sportverenigingen, kaartclubs enz. die aan een bepaald geloof gebonden waren.

Binnen zo’n religieuze gemeenschap heerst eenheid en sociale controle. Ook wie het niet met een reddingsoperatie van Joden eens was, hield zijn mond. Een van Brauns conclusies is dat altruïsten in helden kunnen veranderen als ze in het juiste netwerk verkeren. Hoe hechter het religieus-sociale netwerk, des te groter de bereidheid tot het nemen van risico’s om vervolgden te helpen.

Plaats een reactie