Het geheim van Romeins beton

The Guardian  |  5 July 2017 - 07:00 5 Jul - 07:00

Hoe is het mogelijk dat Romeinse betonconstructies van tweeduizend jaar oud standhouden in water en steeds sterker worden, terwijl moderne betonconstructies in zeewater al na enkele tientallen jaren wegrotten? Amerikaanse wetenschappers denken het antwoord gevonden te hebben.

Plinius de Oudere wist het al. In zijn Naturalis Historia uit de eerste eeuw na Christus bezingt hij de lof van het Romeinse beton, ‘onneembaar voor de golven en sterker met de dag’.

Niet alleen gebouwen als het Pantheon, maar ook golfbrekers, pieren en kademuren werden door de Romeinen geconstrueerd met een mix van vulkanische as, stukken vulkanische rots, kalksteen en zeewater, en met het verstrijken van de jaren werden ze steeds sterker.

Eerder wetenschappelijk onderzoek liet zien dat de reactie van zeewater met vulkanisch materiaal en kalksteen leidt tot het ontstaan van aluminium tobermoriet, een zeldzaam gelaagd mineraal. Onlangs ontdekten geologen van de Universiteit van Utah dat er nog een ander mineraal is dat een belangrijke rol speelt in de versteviging van het beton, namelijk phillipsiet.

Zeewater dat in het beton sijpelt lost het vulkanische materiaal op en maakt zo plaats voor het ontstaan van keiharde kristallen bestaande uit aluminium tobermoriet en phillipsiet. De groei van die nieuwe kristallen maakt het beton met het verstrijken van de tijd steeds sterker, in tegenstelling tot ons moderne beton, gebaseerd op Portlandcement, dat als het is uitgehard geen veranderingen meer verdraagt.

Deze ontdekking gaat mogelijk toegepast worden bij de aanleg van een getijdencentrale bij de Britse stad Swansea, die zeker 120 jaar zal moeten blijven bestaan om kostendekkend te worden. Daartoe zal eerst wel de juiste mix voor Romeins beton gevonden moeten worden, want de receptuur daarvoor is verloren gegaan.

Foto: Carole Raddato

Plaats een reactie