Onze meest verrassende verhalen van 2018

Outside / 360  |  5 januari 2019 - 11:00 5 jan - 11:00

Ons nieuwe nummer verschijnt 10 januari. Tot die tijd publiceren we een selectie van de beste verhalen uit 2018 die een niet-alledaags of verborgen perspectief op de wereld laten zien. Deze verhalen krijg je van ons cadeau. We hopen dat je ze op jouw beurt cadeau wil geven door ze via social media te delen. Zo kunnen wij aan onze missie voldoen: een zo breed mogelijk perspectief uitdragen. Het liefst natuurlijk aan zo veel mogelijk lezers.

De wolf die zich niet aan de regels hield

Hij is het alfamannetje van de eerste roedel wolven in de staat Oregon in zestig jaar. Jarenlang wordt hij gevolgd door een lokale bioloog, die hem fotografeert, zijn jonkies telt, en hem beschermt. Tot OR4, zoals het dier wordt genoemd, te veel regels overtreedt.

» Lees dit artikel in onze Reader

Trekken zit in de aard van de wolf. De meeste wolven, zowel mannetjes als vrouwtjes, verlaten op hun tweede het nest en trekken er in hun eentje op uit. Soms leggen ze afstanden af van enkele honderden kilometers, op zoek naar een partner en een nieuw territorium. Wij, mensen, hebben geen idee op grond waarvan ze besluiten een bepaalde kant op te gaan, terwijl dat misschien wel de belangrijkste keuze is die de wolf ooit zal maken.

Op een dag in 2005 of 2006 besluit een jonge zwarte wolf in Idaho om naar het westen te trekken. Hij zwemt de Snake River over, naar Oregon, wat destijds buiten het bekende gebied van de grijze wolf valt. Op het moment dat hij Oregon binnenkomt werpt hij als het ware zijn anonimiteit af, en hij zal uitgroeien tot een soort lokale beroemdheid. In de loop der jaren wordt hij berucht vanwege zijn brutale aanvallen op vee en zijn niet-aflatende kwaliteiten als jager, vader en overlever. In Oregon treft dit mannetje een andere langeafstandsreiziger uit Idaho, een zilvergrijs vrouwtje. Biologen uit Idaho hebben dit vrouwtje voorzien van een halsband met zender, en zij staat bekend als B300. Ze is een telg uit de Timberline-roedel, een groep wolven ten noorden van Idaho-stad. Haar stamboom is te herleiden tot 1996, het jaar van de officiële herintroductie van de wolf in Idaho.
Haar overgrootmoeder was B23, een zwarte wolf, geboren in het noorden van Brits-Columbia en groot geworden met elanden- en kariboevlees uit de boreale bossen. In januari 1996 was B23 gevangengenomen en overgebracht naar Dagger Falls, in Idaho’s natuurgebied Frank Church-River of No Return Wilderness.

In de zomer van 2006, toen B300 een halsband met zender kreeg, begon ze vermoedelijk al wat rusteloos te worden. In september dat jaar waren twee leden van haar roedel neergeschoten door park rangers, nadat ze een schaap en een hond hadden gedood. Toen de herfst op zijn einde liep, besloot ze er in haar eentje op uit te trekken. Ook zij trok in westelijke richting en stak de Snake River over naar een gebied waar tot dan toe geen wolven waren.

De zwarte wolf en B300 paren voor het eerst in december van 2006 of 2007 – dat is niet precies bekend. Ze vestigen zich hoog in de Wallowa Mountains, een rijk van dennen en wilde bloemen en koeienvlaaien, dat als een soort palissade om de boerengemeenschappen Joseph en Enterprise loopt. Ze maken een hol in een reusachtige gevelde ponderosaden en brengen hun eerste nest jonkies groot. De kleintjes worden aan het begin van de lente geboren, blind en hulpeloos. Nu vormen ze officieel een roedel, de eerste roedel in Oregon na bijna zestig jaar.

Het Oregon Department of Fish & Wildlife (ODFW) neemt een bioloog in de arm die zich moet ontfermen over deze binnendruppelde immigranten: Russ Morgan, een man die zich al zijn hele leven bezighoudt met de natuur en wilde dieren, en die in de bossen van La Grande woont. Terwijl de zwarte wolf druk bezig is elanden te doden in de Wallowa’s om zijn jonkies te kunnen voeden, rijdt Morgan in het holst van de nacht over afgelegen wegen in het oosten van Oregon, op zoek naar wolven – haast letterlijk huilend in het bos.

Morgan, inmiddels vierenvijftig jaar oud, is een zogeheten tracker en een jager – dit is niet alleen zijn werk, het is ook zijn roeping. Zijn oorspronkelijke ecosysteem is de woestijn van Centraal-Oregon, met saliestruiken en jeneverbesbomen, een uitgelezen plek om een te zijn met de natuur. Hij struint de hele dag door de wildernis en wanneer hij thuiskomt om te eten zit hij onder de hars van de jeneverbes.

Voor Morgan gaat de jacht niet om doden en winnen, maar draait het vooral om wat hij ‘de schoonheid en de ontberingen van de natuur’ noemt. Voor hem is jagen geen sport.

Oregon is een immens gebied voor één wolventracker, en voordat Morgan de dieren op het spoor is hebben ze dan ook al een tweede nest ter wereld gebracht. De pups blijven telkens iets van een maand in het hol – aanvankelijk zijn ze klein en klungelig, maar naarmate de tijd vordert worden ze speelser en stoutmoediger. Hun moeder blijft dicht bij hen in de buurt, verzorgt ze en geeft ze te eten, drinkt zelfs hun urine en eet hun uitwerpselen om het hol schoon te houden, net zolang tot ze groot genoeg zijn om naar buiten te gaan. Ondertussen zorgt het mannetje dat er eten is. Uiteindelijk zullen beide ouders weer op jacht gaan en met voedsel in hun maag terugkeren. Dat braken ze dan weer uit, als een dampende stoofschotel voor de kleintjes – een techniek die biologen ‘regurgiteren’ noemen.

Met drie maanden zijn de jonkies oud genoeg om van hun ouders en hun oudere broers en zussen de eerste beginselen van het jagen te leren. Met negen maanden zijn de meest avontuurlijke wolven klaar om het nest te verlaten. Anderen blijven soms nog wel vier of vijf jaar bij hun familie, waar ze helpen met de jacht en met het verzorgen van de kleintjes, voordat ze besluiten er in hun eentje op uit te trekken. Een roedel wolven is een grote familie, compleet met ooms, tantes, grootouders en verschillende worpen jonkies.

OR2 en OR4

In 2009 stuurt een team van visbiologen, die onderzoek doen aan een rivier, Morgan een geluidsopname met een mobiele telefoon, van geblaf en gehuil. Morgan weet meteen dat het wolvengeluiden zijn, en hij rijdt erheen en gaat op zoek naar sporen van de roedel, pootafdrukken en uitwerpselen. Het duurt niet lang of hij weet het grijze vrouwtje te vangen en voorziet haar van een halsband met een zendertje. Idaho’s B300 wordt Oregons OR2. Nu kan Morgan de roedel volgen terwijl hij zelf lekker in zijn auto zit en met een draagbare ontvanger door Wallowa County rijdt.

De 2 van OR2 geeft aan dat ze de tweede wolf in Oregon is met een halsband. Het mannetje dat OR1 had moeten zijn, een wolf met een metgezel, vermoedelijk een broer of een zus – is een paar maanden eerder in het oosten van Baker County van een halsband voorzien. Toen het tweetal vee begon te doden – minstens twintig schapen in een nacht – en zich niet liet afschrikken door maatregelen als een lawaaibox, die wordt geactiveerd door het zendertje in de halsband, besloot het ODFW dat ze moesten worden afgemaakt.

Op dat moment heeft het ODFW de volledige zeggenschap over de vraag of een wolf al dan niet moet worden afgemaakt. Morgan belt het agentschap, zoals voorgeschreven in het zogeheten Wolf Conservation and Management Plan, een bureaucratische blauwdruk waarin is vastgelegd hoe om te gaan met dit onlangs teruggekeerde symbool van de wilde dieren in een gebied vol vee, kaphout, klimmers, rivieren vol vlotten en talloze wandelaars.

Ongeveer een maand nadat OR2 haar nieuwe naam en halsband heeft gekregen, is ze samen met het zwarte mannetje aan het eten. Ze hebben elk een eigen karkas dat deels in het water ligt van een riviertje, de Grouse Greek, zo’n vijftien kilometer van Hells Canyon – het uitzonderlijk diepe rivierdal dat de grens vormt tussen Oregon en Idaho. Door de bank genomen blijven wolven op het hoogste punt – ‘richellopers’, noemt Morgan ze. Maar tijdens langere achtervolgingen volgen ze de zwaartekracht heuvelafwaarts, en vaak eindigt hun prooi helemaal onder in de vallei, uitgeput, nat en ten dode opgeschreven.

Morgan daalt met een vriend af in de kloof en komt uit bij het riviertje waar, om Morgans woorden te gebruiken ‘een hele troep wolven uiteenstuift’. De vrouwtjes en de kleintjes slaan op de vlucht, maar het grote mannetje blijft op een kleine dertig meter van het karkas staan en draait zich om, huilend, blaffend en grommend. Hij is zwart als een sterrenloze nacht en in de kracht van zijn leven. ‘Hij ging geweldig tekeer,’ herinnert Morgan zich. ‘Hij maakte zo veel herrie dat je je eigen gedachten niet meer kon horen.’ Morgan pakt zijn digitale camera en maakt een paar foto’s. De wolf blaast de aftocht. Mens en wolf kruisen geregeld elkaars pad. Soms telt Morgan de jonkies. Soms zit hij ze achterna met een geweer vol verdovingspijltjes, andere keren met een geweer vol kogels. In de loop van zeven jaar worden ze samen grijs.

Zes maanden na hun eerste ontmoeting, op 12 februari 2010, krijgt het zwarte mannetje een halsband en een naam. Morgan gebruikt het signaal van OR2 om met een helikopter de familie te volgen. Wanneer hij de wolven vindt, moet hij proberen erachter te komen wie het alfamannetje is van de stuk of zes volwassen ogende wolven die door de rotsachtige bergpassen trekken van Road Canyon, bij Grouse Creek, slechts een paar kilometer van het elandengebied. OR2 is zo gevonden, en ze is niet alleen. Er is een andere wolf vlak in haar buurt. Morgan heeft zijn alfamannetje gevonden.

Wolven zijn zo snel – ze kunnen een sprint trekken van zo’n zestig kilometer per uur, zo’n vijftien kilometer sneller dan Usain Bolt – dat Morgans helikopter moeite heeft om ze bij te houden terwijl Morgan half naar buiten hangt in zijn vertwijfelde pogingen de romp van het alfamannetje in het vizier te krijgen.

Eindelijk weet Morgan hem te raken. Na een spurt mindert het dier vaart, gaat zitten, rolt om in de sneeuw en verliest het bewustzijn. De helling is te steil om te landen, dus gaat de helikopter naar de bodem van het ravijn, waar Morgan uitstapt met zijn apparatuur. De helikopter stijgt weer op en Morgan is even alleen met het bewusteloze alfamannetje. Morgan weegt hem – tweeënvijftig kilo, de zwaarste wolf die ooit in Oregon is geregistreerd – neemt bloedmonsters, brengt tags en een halsband aan, en vanaf dat moment is de wolf officieel OR4, een wild dier met een naam. Een wild dier waarvan het DNA in een databank zit.

Wallowa Valley, ingesloten door bergen, was ooit de vallei van de Wallowa-stam van de Nez Percé-indianen. Een van de twee belangrijkste plaatsen is Joseph, vernoemd naar opperhoofd Joseph, ofwel Hinmatówyalahtqit – ‘Donder rolt over de bergen’.
In het plaatsje staat een standbeeld van het opperhoofd, en er is een rodeo naar hem vernoemd. Maar zijn nazaten wonen nu in het Colville Indian Reservation in het oosten van Washington, samen met de leden van elf andere stammen. Ze zijn in 1877 verdreven door het Amerikaanse leger, zodat de blanken vee konden fokken in de vallei.

De blanken legden wegen aan, bouwden mijnen en houtzagerijen, ze verkavelden het land om vee te laten grazen. Momenteel is een kwart van de werkgelegenheid in Wallowa County in de agrarische sector of de bosbouw, en veel van het werk bestaat uit veedrijven of hooien. In de eerste decennia van de vorige eeuw hebben de boeren de grizzlybeer en de wolf uitgeroeid, zodat het vee geen gevaar zou lopen. In 1938 is voor het laatst een grizzly gesignaleerd in de westelijke Wallowa Mountains. In Oregon is voor het laatst in 1947 een wolvenpremie uitgekeerd.

Zestig jaar is niet zo heel erg lang – het is de gemiddelde levensduur van een rancher in Wallowa County – en de terugkeer van de wolf in Oregon was wellicht beter gevallen als er iets van tweehonderd jaar overheen was gegaan. Zoals de zaken er nu voor staan, zijn we maar een paar generaties verder. De kinderen en kleinkinderen van de oude wolvenjagers ervaren de herintroductie als een klap in hun gezicht. ‘De boodschap is dat hun voorouders fout zaten,’ zegt Morgan. ‘Dat het een vergissing was om die wolven te verdrijven.’

OR4 heeft de plaatselijke ranchers dus al tegen zich in het harnas gejaagd, domweg door er te zijn. Het helpt niet echt dat hij zich, samen met andere leden van de roedel – die de Imnaha-roedel wordt genoemd, naar de Imnaha-rivier die precies door het midden van hun territorium loopt – steeds dichter in de buurt van de mensen waagt, aangetrokken door knekelhopen.

De meeste ranches hebben een knekelhoop, of een dodenstapel, waar de karkassen van overleden vee worden opgestapeld, aangezien begraven vrijwel ondoenlijk is zonder grote bouwmachines. In 2010 hangen de Imnaha-wolven rond op deze plekken, ze spelen met de huid, knagen op de botten en koesteren zich in nabijheid van de dieren die in staat van ontbinding verkeren.

En dan verleggen ze hun aandacht naar de dieren die rustig staan te grazen, vlakbij. Deze dieren vormen een veel makkelijker prooi dan een eland, die met een stevige trap de kaak of rib van een wolf kan breken. In april 2010 hebben OR4 en OR2 jonkies gekregen, vermoedelijk hun derde nest. Het zijn minstens vier pups. Er zijn al een stuk of acht oudere kinderen, die inmiddels groot zijn en aan de jacht meedoen. Het begint een flink gezin te worden.

Dit artikel krijg je van 360 cadeau. We geloven dat internationale context leidt tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Het biedt nieuwe invalshoeken op een werkelijkheid die overal anders is. Bovendien maken we relevante, originele en mooie verhalen graag toegankelijk voor een groot publiek. Deel dit artikel als onze missie je aan het hart gaat. Of, nog beter, sluit je aan bij 360 met een (proef / cadeau) – abonnement. Doneren kan ook als je niet genoeg tijd vindt om te lezen, maar 360 wil steunen in haar voortbestaan.
Bedankt

Volgens gegevens uit Yellowstone Park doodt een wolf in de winter gemiddeld twee elanden per maand. De elanden worden meestal door twee tot drie wolven neergehaald. Wolventanden zijn verbazingwekkend bot; hun prooi overlijdt meestal aan zware inwendige bloedingen. Een poema bespringt zijn prooi en doodt hem ogenblikkelijk door zijn nek te breken of een halsslagader open te rijten, maar een wolf achtervolgt zijn prooi net zolang tot het dier bezwijkt, en slaat hem dan min of meer dood met zijn kaken.

In het voorjaar en de zomer, wanneer de sneeuw is gesmolten en de elanden de heuvels hebben verlaten, stappen wolven over op een meer gevarieerd dieet, van herten en knaagdieren en alles wat ze verder maar te pakken kunnen krijgen. Er is niet al te veel keuze, behalve onder in de vallei, in de buurt van die onweerstaanbare knekelhopen. Aan het begin van de lente, wanneer de pups hongerig zijn, vinden ze hun prooi voornamelijk op de laaggelegen weiden, waar ze het gras delen met het vee. De roedel doodt zijn eerste kalf op 6 mei 2010. Eind mei zijn er al vijf kalveren geveld.

Maar precies op het moment dat het ODFW lokale ranchers vergunningen verstrekt om wolven die vee doden ter plekke neer te schieten, verandert de roedel van tactiek en trekt zich terug in de bergen. Het blijft een tijdje rustig. De halsband van OR4 zendt geen signaal meer uit. De sneeuwperiode komt en de sneeuwperiode gaat. Er worden nog meer jonkies geboren.

Het jaar daarop, in mei 2011, begint de roedel – inmiddels zo’n vijftien wolven – weer kalveren te doden. Het ODFW besluit twee van de wolven te doden zodat OR4 minder monden hoeft te voeden. Een van de zonen van OR4 wordt in een val gelokt en gedood; een dochter wordt afgeschoten.

Inmiddels heeft Morgan de kenmerkende pootafdruk van OR4 leren herkennen: een van de tenen aan de linkerachterpoot is gebroken en steekt negentig graden naar buiten. Morgan vindt de pootafdruk en zet meteen een val. Zoals hij al verwachtte is het OR4 die in de val beland. Omdat hij het fokmannetje is, wordt zijn leven gespaard, maar Morgan maakt wel van de gelegenheid gebruik om hem tijdelijk uit te schakelen met een verdovingspijltje aan een stok en hem van een nieuwe halsband te voorzien, dit keer uitgerust met gps. De staat Oregon registreert vier keer per dag waar OR4 zich bevindt.

Gedurende de vijf jaar die volgen weet het ODFW zijn locatie tot op honderd meter nauwkeurig. Maar er zitten ook hiaten in de registratie omdat OR4 niet bepaald voorzichtig is met zijn halsbanden. Waarschijnlijk bonkt hij er tijdens achtervolgingen mee tegen rotsen en boomstammen en hij zal wel eens een elandgewei in zijn nek krijgen. Sommige halsbanden begeven het al na een maand.

In een poging boze ranchers in het westen tegemoet te komen, hebben de natuurbeschermers van Defenders of Wildlife in 1987 een fonds in het leven geroepen om boeren die vee zijn verloren aan wolven, schadeloos te stellen. Maar die schadeloosstelling vindt alleen plaats als een officiële instantie bevestigt dat de dood is te wijten aan een wolf. Uiteindelijk zal de staat Oregon een eigen fonds in het leven roepen.

Morgan is van cruciaal belang voor dit systeem. Wanneer plaatselijke ranchers zijn bevindingen in twijfel trekken, schrijft hij officiële verslagen van zijn onderzoek naar de aanval. Het OR4-dossier wordt steeds dikker. Op een gegeven moment wordt de werkdruk te groot voor Morgan en neemt hij een assistente in dienst: Roblyn Brown, een zeer kundige en systematisch werkende veldbiologe met een passie voor moderne data-analyse.

Soms zijn de gevelde dieren waar Morgan bij wordt geroepen al langere tijd dood, vooral wanneer het gaat om dieren die op openbaar terrein graasden. Soms zijn de dieren nog maar net dood en is het bewijs overweldigend. Op een decemberochtend in 2012 hoort een rancher het alarm afgaan op een telemetrieontvanger die Morgan hem heeft gegeven. Het is een waarschuwing dat OR4 in de buurt is. Maar de rancher heeft die apparatuur niet eens nodig. Hij hoort de wolven huilen, en wanneer hij de dode koe vindt, is het dier nog warm. Hij heeft dik een halve kilometer gerend voordat hij is geveld, en Morgan maakt melding van ‘bloed- en penssporen op de grond, bloedvlekken op de struiken, plukken haar, spiervezels, omgewoelde aarde en beschadigde struiken’. Hij stelt vast dat er sprake is van een wolvenaanval.

Tot welke conclusie Morgan ook komt, de ranchers blijven kwaad – ongeacht het feit dat slechts een heel klein deel van de sterfgevallen onder het vee is toe te schrijven aan wolvenaanvallen. De woede van de ranchers heeft zijn weerslag op Morgan. Na het werk gaat hij naar huis, naar Dana, een bosbrandenbestrijdingscoördinator met wie hij inmiddels is getrouwd. Ze eten wat, hij maakt een paar pijlen klaar, ze gaan slapen, en de volgende dag gaat hij zonder een woord te zeggen weer aan het werk.

Morgan onderzoekt niet alleen rooftochten, hij zet een ook meervoudige afschrikkingscampagne op. Hij zorgt dat de ranchers een alarmsysteem krijgen dat in directe verbinding staat met de halsband van OR4, zodat ze hun vee kunnen beschermen. Hij brengt vele dagen en nachten door in de heuvels om het systeem in gereedheid te brengen, zodat duidelijk is wanneer de wolven zich in de vallei wagen. In 2010 zet hij een project op dat een einde moet maken aan de knekelhopen. Inmiddels kunnen karkassen gratis worden afgeleverd bij de vuilstort van Wallowa County.

Ondanks al zijn inspanningen gaan OR4 en zijn gezinsleden in 2011 net even te ver wanneer ze een zoveelste kalf neerhalen op privéterrein niet ver van Griffith Creek. Het land is eigendom van Todd Nash, de voorzitter van de wolvencommissie van de Oregon Cattlemen’s Association, de veehoudersvereniging. Nash is al jaren een uitgesproken tegenstander van de herintroductie van de wolf.

Volgens de gps-gegevens bevond OR4 zich op de plaats delict. Volgens het wolvenplan moeten wolven die geregeld vee doden worden afgemaakt, ondanks het feit dat de wolf in Oregon op de lijst van bedreigde diersoorten staat. Hoewel OR4 zich voornamelijk voedt met wilde dieren, doodt hij ook zo veel vee dat het woord ‘geregeld’ hier zonder meer van toepassing lijkt. Hij moet worden afgemaakt.

Toen Morgan solliciteerde als wolvencoördinator van Oregon, had hij al twintig jaar ervaring met wilde dieren. Hij had poema’s gevangengenomen en vissen geteld en bebouwingsplannen tegengehouden die een zeldzame grondeekhoorn bedreigden. Hij weet dat wolven zeer omstreden zijn. Maar hij gelooft in het wolvenplan – een plan waarin niet wordt gedaan wat veel milieuactivisten nou juist wél willen: het grazen op openbaar terrein aanpakken. Als íéts de gemoederen verhit in het westen, dan is het wel deze kwestie – naast de vraag wie het water mag gebruiken en hoeveel hout er gekapt mag worden. De commissie van het ODFW, die het plan heeft opgesteld, stelt in een toelichting dat het geen zeggenschap heeft over het grazen. Het doel in bredere zin is ‘de bescherming van de grijze wolf, zoals gesteld in de wet van de staat Oregon, met oog voor de sociale en economische belangen van de inwoners van Oregon’. Er wordt gezocht naar een compromis. ‘Dodelijke en niet-dodelijke reguleringsmaatregelen kunnen de overlevingskansen van de wolf op de lange termijn zelfs vergroten door het kweken van meer tolerantie,’ schrijft de commissie. Met andere woorden: het doden van wolven is de prijs voor de aanwezigheid van wolven.

Bijna op de korrel

Morgan is bezig met de implementatie van dit programma. Dankzij de coördinaten die Morgan doorkrijgt van OR4’s halsband, stelt hij vast dat de wolf zich heeft teruggetrokken in een bosje dennen, niet ver van een bospad – vermoedelijk om een regenbui af te wachten. Morgan installeert zijn geweer op een statief, een stukje hoger op de helling, en hij laat Brown een omtrekkende beweging maken om de wolven zijn kant op te jagen. Hij hoort geluiden – de wolven zijn in aantocht. Hij draait zijn hoofd in de richting van de dennen, en wanneer hij zijn hoofd weer terugdraait kijkt hij recht in de ogen van OR4, die op open terrein voor hem staat. Maar de wolf blijft niet lang zo staan. ‘Net toen ik hem bijna op de korrel had, schoot hij weg,’ zegt Morgan. Brown komt tussen de dennen vandaan en samen besluiten ze nog een poging te wagen. Ze proberen het signaal van de halsband, dat nu door een vallei beweegt, vóór te zijn. Het is druilerig weer, bewolkt. Morgan had een die ochtend al ‘een vreemd gevoel in zijn maag’. Brown kijkt op haar mobiel. Ze heeft een berichtje. ‘Afblazen. De rechter heeft besloten zaak op te schorten.’

Drie milieugroeperingen hebben een proces aangespannen tegen het ODFW, om te voorkomen dat OR4 wordt gedood. Hun voornaamste argument is dat de staat niet het recht heeft een dier te laten afschieten dat op de lijst van bedreigde diersoorten voorkomt in de staat Oregon. Ze weten ook het hof van beroep ervan te overtuigen dat er een noodverbod moeten worden uitgevaardigd totdat er een uitspraak is.

Morgan is de mening toegedaan dat je bij het beheer van wilde dieren moet kijken naar populaties. ‘Ik probeer geen emotionele band op te bouwen met specifieke dieren,’ zegt hij. ‘Als die wolf tevoorschijn was gekomen op een plek waar we de trekker hadden kunnen overhalen, dan hadden we de trekker overgehaald. Een van onze opvattingen is dat het wel goed komt met de wolven in Oregon, en dit maakt onderdeel uit van het beheer. Hier hebben we voor getekend toen we het wolvenplan opstelden.’

Nu OR4 en zijn roedel voorlopig weer even buiten gevaar zijn, stort Morgan zich weer op het onderzoek van de aanvallen en probeert hij te zorgen dat zijn alfamannetje een werkend zendertje houdt. Het leven gaat door. De jonkies van OR4 worden volwassen en verlaten het nest. Een van zijn zoons, OR7, trekt in december 2011 helemaal naar Californië, waar hij uitgroeit tot een internationale beroemdheid. Een andere nakomeling, OR9, gaat naar Idaho en wordt neergeschoten door een jager met een verlopen wolvenvergunning. Een derde, OR33, wordt in april 2017 aangetroffen in de buurt van Klamath Falls in Oregon – doodgeschoten. Een vierde, OR12, neemt in 2012 de verafgelegen Wenaha-roedel over en is daar nog altijd het fokmannetje.
OR4 wordt zelf in maart 2012 vanuit een helikopter geraakt met een verdovingspijltje, waarna hij weer een nieuwe halsband krijgt.

In mei 2013 eindigt de rechtszaak waarin het doodsvonnis van OR4 werd opgeschort, met een schikking tussen de milieugroeperingen, de staat en de Oregon Cattlemen’s Association. Er worden nieuwe reglementen opgenomen in het wolvenplan. De drempel om een wolf te mogen neerschieten wordt heel precies omschreven, en hij wordt lager naarmate de wolvenpopulatie groter wordt. Zolang er minder dan vier fokkende wolvenparen in de staat zijn, vallen ze onder de regels van ‘Fase één’: een wolf mag worden gedood wanneer een roedel bij vier rooftochten binnen zes maanden betrokken is geweest, maar pas nadat eerst niet-dodelijke reguleringspogingen zijn gedaan.

Een paar maanden na de schikking valt het signaal van OR2’s halsband weg. Ze lijkt van de aardbodem verdwenen. In februari 2014 krijgt OR4 zijn vierde halsband. Elke keer nadat hij vanuit de lucht is verdoofd, lijkt hij slimmer te worden. Het wordt steeds lastiger hem neer te halen.

‘Wij – mensen – taggen heel veel dieren,’ zegt Morgan. ‘In de meeste gevallen omdat we willen leren. Bij wolven doen we het om een andere reden – omdat we bang voor ze zijn. We willen ze in de gaten houden. Dat is iets fundamenteel anders dan het verlangen ze te begrijpen.’

In 2014 is OR4 een oude wolf, goeddeels grijs. Zijn tanden zijn afgesleten. Hij heeft meer dan dertig pups verwekt. OR2 is verdwenen, en OR4 wordt nu gesignaleerd met een vrouwtje dat mank loopt. Maar hij is er nog.

En dan, in januari 2015, veranderen de regels opnieuw. De jaarlijkse telling heeft aangetoond dat er nu officieel zo veel wolvenparen in Oregon zijn dat wordt overgeschakeld op de volgende fase. Het ODFW kan nu al na twee opeenvolgende aanvallen opdracht geven tot het nemen van dodelijke maatregelen, op verzoek van een landeigenaar of een rancher die een vergunning heeft om vee te laten grazen.

Dit keer wordt de Imnaha-roedel al snel de dupe van de regels. In het voorjaar van 2016 doodt de roedel – inmiddels nog maar vier dieren – een stierkalf van dik tweehonderd kilo in het Upper Swamp Creek-gebied. Op diezelfde dag ziet Brown OR4 en zijn manke metgezel – die ze dan ook Limpy noemen – vanuit een helikopter boven de Zumwalt Prairie, een favoriet jachtgebied. De wolven hebben geen van beide een werkend zendertje, en Brown laadt haar verdovingsgeweer. OR4 doet geen poging om te vluchten. Twee jaar terug heeft Brown hem van een halsband voorzien en toen stoof hij weg, ‘als een wervelwind’. Nu loopt hij gewoon door, draait zich om en blaft twee keer. Hij maakt zich niet uit voeten. Later krijgt Morgan een berichtje van Brown dat ze OR4 van zijn vijfde halsband heeft voorzien. De moed zinkt hem in de schoenen. Het net sluit zich.

Een paar weken nadat de nieuwe halsband is geactiveerd, doodt de roedel een ram. Dan een kalf. En nog een. Op dat moment hebben ze het minimumaantal aanvallen overschreden dat nodig is om over te gaan tot afschieten. Op 25 maart krijgt het ODFW een officieel verzoek van een rancher om ze te doden.

Op 31 mei houden Morgan, zijn bazen van het ODFW en zijn medewerkers een vergadering. De consensus is dat, gebaseerd op het grote aantal aanvallen en de zendersignalen uit de vallei, de oude OR4 makkelijke prooien uitkiest, en daar vermoedelijk mee zal doorgaan. Het is zelfs niet uitgesloten dat een jongere en sterkere wolf hem heeft verdreven uit zijn primaire territorium. Het is iedereen duidelijk dat op grond van het wolvenplan de roedel, bestaande uit OR4 en zijn metgezel, plus twee kinderen, moet worden afgemaakt. Morgan doet de officiële aanbeveling.

‘Er is geen sprake van vergelding of rechtvaardigheid,’ zegt Morgan over die beslissing. ‘Er is een probleem dat moet worden opgelost.’ De voorouders van OR4 hebben er nooit om gevraagd te worden overgeplaatst naar het zuiden. En hoewel je zou kunnen stellen dat de grijze wolf een verloren gegaan aspect van westerse ecosystemen heeft hersteld, zijn ze teruggekeerd naar een plek die ingrijpend is veranderd – een plek die wordt bevolkt door mensen, door dikke grazers zonder hoorns, door haast hapklare schapen, een plek van rubberkogels en cowboys en voetzoekers en helikopters en verdovingspijltjes en vallen en halsbanden en gps-signalen en overheidsbepalingen. OR4 is als wolf nooit tekortgeschoten. Hij heeft alleen de regels van de mensen overtreden. Het feit dat je een capabele wolf bent is in de eenentwintigste eeuw niet voldoende om in leven te blijven. Je moet tevens je plaats kennen – een onmogelijke taak.

Omdat er toch al mensen van het ODFW in de buurt zijn, met een helikopter, laat Morgan het aan hen over om de wolven te doden. OR4 is oud; zijn metgezel is mank; ze hebben een gloednieuwe gps-zender die hun locatie doorgeeft. Het is niet moeilijk om ze te vinden. Binnen twee uur nadat het besluit is genomen is de hele roedel uitgeschakeld.

OR4 zou vermoedelijk een maand later elf zijn geworden – een oude man voor een wolf.

Een paar dagen nadat OR4 is gedood, wordt Morgans partner, Dana, in het ziekenhuis opgenomen vanwege een bloedprop in haar schouder. Terwijl hij aan haar bed zit, gaat Morgans hart als een bezetene tekeer. Een arts die toevallig in de buurt is, luistert even en stuurt hem meteen naar de eerste hulp. Het blijkt geen hartaanval te zijn, maar hartkloppingen, die van voorbijgaande aard zijn. De artsen raden hem aan stress te vermijden.

Na een paar maanden achter zijn bureau te hebben gezeten om aan een herziening van het wolvenplan te werken, gaat Morgan op 15 september 2017 met pensioen. Zelf zegt hij niet langer te zijn opgewassen tegen ‘alle negativiteit en de pijnlijke aspecten van het wolvenbeheer in deze moderne wereld’.

Op zijn laatste werkdag in het veld voordat hij met pensioen gaat, brengt Morgan een bezoek aan het nest dat vroeger van OR4 was. Het nest bevindt zich in de stam van een reusachtige ponderosaden, die helemaal is uitgehold. Er is een tijd geweest dat dit het honk was van wel vijftien wolven. Nu, op deze zomerse dag, is de plek volkomen verlaten.

‘Ik heb geen wroeging over het feit dat ze zijn gedood, maar ik vind het treurig dat ze er niet meer zijn,’ zegt Morgan. Voor hij vertrekt pakt hij een elandschedel van de grond. Die plant hij stevig in de opening van het hol. Dan vertrekt hij.

Auteur: Emma Marris
Vertaler: Nicolette Hoekmeijer

Openingsbeeld: © Getty

Outside
Verenigde Staten | outsideonline.com

Dit magazine, gevestigd in Santa Fe, New Mexico gaat over sport, welzijn en het avontuur in de natuur met een grote A.

Plaats een reactie