Actie Mud Jeans: Goud maken uit afval

Hakai Magazine / 360  | 13 October 2019 - 14:2013 Oct - 14:20

De funeste levenscyclus van plastic moet doorbroken worden, vindt de Canadese milieuorganisatie Ocean Legacy. Daarom stelde men zich een ambitieus doel: 20 ton plastic afval – een hoeveelheid ter grootte van een blauwe vinvis – volledig recyclen.

» Wij bieden liefhebbers van MUD Jeans graag onderstaand artikel aan.

» Neem een kijkje in ons online archief.

Op een zonnige middag in september vaart een grote sloep vol oceaanafval de haven van Delta in Brits-Columbia binnen. Schuimrubber, plastic flessen, rafelig touw: tweehonderd enorme witte bouwzakken vol met alle rotzooi die door tientallen vrijwilligers op de stranden van Vancouver Island is geraapt.

‘Jammer dat daar geen goud in zit,’ roept iemand vanaf de wal.

‘Wacht maar af,’ roept Chloé Dubois vanaf het dek terug. ‘Dat wordt het wel.’

Dubois is de directeur van Ocean Legacy, een van de organisaties die in de zomer van 2016 meededen aan wat al de grootste schoonmaakoperatie in Canada is genoemd. Ze praat met grote bevlogenheid over plastic – iets wat de meeste mensen elke dag weggooien.

MEER VAN ZULKE ARTIKELEN LEZEN? Maak dan gebruik van onze aanbieding: Als u de redactie mailt of dit formulier invult, activeert u vanzelf een maand gratis digitaal toegang tot 360 Magazine.

Ik heb de vorige maand meegedaan aan de schoonmaakactie van Ocean Legacy in het Brooks Peninsula Provincial Park, waar ik Dubois twaalf uur per dag druk in de weer zag: schuimrubber sorteren, grote slingers van boeien door het hete zand sleuren en rondsjouwen met zulke enorme zakken vol plastic flessen dat ze er met haar anderhalve meter bijna onder verdween. En alles in het volle besef dat de stranden die zij schoonmaakt binnen een week weer vol met zwerfvuil liggen.

Die schoonmaakactie was gefinancierd met wat nog resteerde van een subsidie van 1 miljoen Canadese dollars [700.000 euro] van Japan, bedoeld om afval van de tsunami op te ruimen. Maar ook zonder tsunami drijft er al genoeg plastic in zee rond. Ocean Legacy schat dat slechts een derde van wat zij verzamelen afkomstig is van de ramp uit 2011. Wereldwijd lozen landen die aan zee liggen jaarlijks 4,8 tot 12,7 miljoen ton plastic in de oceaan. Maar Canada, het land met de langste kustlijn ter wereld, kent weinig subsidies of reguliere voorzieningen om alles wat aanspoelt op te ruimen. Het plastic blijft op de kust liggen en valt uiteen in steeds kleinere delen die door dieren worden opgegeten of insecticiden, vlamvertragers en andere gifstoffen in het milieu verspreiden.

Milieuorganisaties zien zich vaak genoodzaakt het zongebleekte, broze plastic dat ze verzamelen uiteindelijk naar de vuilstort te brengen. Maar Ocean Legacy, drie jaar geleden door Dubois en haar partner James Middleton opgericht, neemt daar geen genoegen mee. Hun ambitieuze doelstelling is om de twintig ton afval die ze deze zomer hebben geraapt volledig te recyclen. Om te bewijzen dat plastic afval weer waarde kan krijgen en de funeste levenscyclus van plastic, van fabriek naar oceaan, te doorbreken. Anders blijft er steeds nieuw afval aanspoelen en wordt het schoonmaken van de kust echt de sisyfusarbeid die het nu al lijkt te zijn. Als het hun lukt, leveren ze de grootste alchimistische prestatie die de wereld ooit heeft gezien: goud maken uit afval.

Hoge eisen

Op een treurig industrieterrein in Vancouver zie ik één loods waar de openstaande deur is vastgezet met een verweerde zeeboei.

‘Hoe gaat het?’ vraag ik de langharige man die daar koffie zit te drinken.

‘Ik kan geen flessendop meer zien,’ zegt hij.

Dit is Eric McGillveray, de technische man bij Ocean Legacy. Iedereen noemt hem Dexter, naar de tekenfilmserie Dexter’s Laboratory, omdat hij net als die maffe uitvinder helemaal in zijn element is in het halfdonker van, bijvoorbeeld, de machinekamer van de trawler vol afval in de haven van Delta. Maar op dit moment heeft de organisatie meer behoefte aan mankracht dan aan technische expertise. Na aankomst van de trawler heeft cosmeticafabrikant Lush de organisatie vorige maand deze loods ter beschikking gesteld om het afval in te sorteren. Ocean Legacy heeft beloofd om behalve het door henzelf verzamelde afval ook alles te recyclen wat is verzameld door drie andere organisaties: de Sail and Life Training Society, de Surfrider Foundation en de Nuu-chah-nulth Tribal Council. En nu hebben Dubois en haar mensen nog maar twee weken om een berg afval ter grootte van een blauwe vinvis geschikt te maken voor recycling.

Wat niet veel mensen weten: recyclebedrijven stellen hoge eisen aan afval. Ze zijn vaak gespecialiseerd in de verwerking van huishoudelijk afval en bang dat hun hypermoderne apparatuur schade oploopt door wat er allemaal tussen dit oceaanafval zit. Bovendien moet je weten welk plastic je in huis hebt, en de in het plastic gedrukte recyclingcode die dat aangeeft is door het zeewater meestal weggesleten. De meeste recyclingbedrijven hebben dus niet de apparatuur, de tijd of de financiële prikkel om dit laagwaardig afval te verwerken. ‘Iedereen roept steeds nee, nee, nee,’ zegt Dubois.

‘We moeten ons nu even vastbijten in deze klus. Dan krijgen we daarna weer een leven’

Daarom zitten Dubois, McGillveray en Middleton elke dag van acht uur ’s ochtends tot acht uur ’s avonds in de loods, waar ze zak na zak op de grond uitstorten en met de hand sorteren. ‘Zolang we nog geen robots met kunstmatige intelligentie hebben die net zo goed kunnen kijken en voelen als wij, moet alles met de hand,’ zegt McGillveray. Vooral aan doodgewone plastic flessen heeft hij inmiddels een broertje dood. Onderop staat een driehoekje met het cijfer 1, de code voor polyethyleentereftalaat, beter bekend als PET. Maar de dop van de fles heeft code 5, voor polypropeen. Voor de recycling moet PET van polypropeen worden gescheiden, om nieuw homogeen plastic te maken dat je zo duur mogelijk kunt verkopen. Maar mensen blijken er enorm bedreven in te zijn om de dop muurvast te schroeven op hun lege fles. Ondertussen hopen de zakken met mysterieus veelkleurig schuim zich op. Als ze daar geen afnemer voor vinden, halen ze hun doelstelling van volledige recycling niet.

Na vier dagen sorteren laat Dubois me zien hoever ze zijn. Ze hebben in de loods achttien vakken, allemaal met een bordje waarop geschreven staat welk materiaal daar ligt: rubber, metaal, glas, schuim, tassen, boeien, enzovoort. In één vak liggen alleen maar schoenen, veelal van slachtoffers van de Japanse tsunami in 2011 (een van de redenen waarom Dubois kwaad wordt als mensen het plastic in de oceaan als ‘vuilnis’ betitelen). Sommige vakken, zoals die met schuim en boeien, zijn weer in kleinere vakken onderverdeeld: voor vies schuim, gemengd schuim en schoon schuim, of goede boeien, kapotte boeien en boeien van kurk.

Dubois en haar team zoeken al jarenlang naar experimentele recyclebedrijven die zich wel aan oceaanafval willen wagen: bedrijven als Lush en Adidas en fabrieken in het naburige Coquitlam en Ohio. Maar daarvoor moeten ze homogene partijen plastic aanleveren, dat door die bedrijven kan worden verdampt tot diesel, omgesmolten tot cosmeticaflesjes of verwerkt tot textiel voor schoenen.

‘We moeten ons nu even vastbijten in deze klus. Dan krijgen we daarna weer een leven,’ zegt Dubois, terwijl haar ogen door de loods dwalen. Ze trekt een zak gemengd schuim open en kijkt naar de blauwe, roze en lichtbruine brokken. Hiervoor hebben ze nog steeds geen afnemer. ‘Dit belandt misschien toch op de vuilstort,’ zegt ze op spijtige toon. Een paar dagen geleden heeft McGillveray de voicemail ingesproken van een chemisch ingenieur met een oude, schijnbaar dode website waarop hij schrijft over zijn systeem voor het recyclen van gemengd schuim. Waarschijnlijk levert het niks op, maar niet geschoten is altijd mis. Overal in de loods liggen hoopjes piepschuim, flessen en touw, en ze hebben nog maar negen dagen om alles uit te zoeken.

Dure grap

Als ik zes dagen later weer langskom, lopen zestig schoolkinderen als ijverige mieren met enorme brokken wit piepschuim rond. De nieuwszender Global News heeft in het weekend aandacht aan de actie besteed en dat heeft tientallen nieuwe vrijwilligers opgeleverd. Dubois vertelt over een Japans stel dat op de koude betonnen vloer heel geduldig schuimkorrels uit een berg aarde zat te pikken. Ocean Legacy ligt ineens drie dagen voor op schema. Na de rust van vorige week is het nu een drukte van belang. Kinderen die op vuilnisvaten roffelen, flessenverzamelaars die af en aanlopen met hun karretje, nieuwe vrijwilligers die zich komen melden. De enorme afvalberg is opgedeeld in keurige hopen die klaar zijn voor verwerking. Zelfs het lastige gemengd schuim komt misschien nog goed terecht: de chemisch ingenieur heeft teruggebeld dat hij binnenkort komt kijken.

Dubois zit op haar knieën de laatste zak uit te zoeken. Ondanks al het goede nieuws is ze somberder dan anders, haar stem klinkt mat. Dit is in het driejarig bestaan van Ocean Legacy de eerste keer dat ze proberen om werkelijk ál het verzamelde afval te recyclen, en dat blijkt een dure grap. De organisatie drijft op donaties, de leden van het team doen in de loop van het jaar allerlei klusjes om rond te komen. Maar de schulden hopen zich op en hun spaartegoed slinkt zienderogen. Al hun tijd gaat hierin zitten. ‘James en ik nemen de extra kosten voor onze rekening,’ zegt Dubois. Zoals een duur onderdeel voor de boot, toen die panne kreeg en het werk even stillag.

Terwijl ze aan het werk is, komt Middleton langs met een rekening van 45 dollar voor een lading verroeste cilinders en ander afval dat niet kon worden gerecycled en naar de vuilstort moest. Weer een rekening erbij. Ze hadden vanaf het begin al zo’n vermoeden dat het niet zou lukken om echt álles te recyclen.

Eén dag voor de deadline is Dubois weer monter als altijd. De berg wit piepschuim is verscheept naar Coquitlam, waar het zal worden verwerkt in gevelbeplating. Drie ton gemengd plastic staat in vierkante pakketten klaar om te worden vervoerd naar een fabriek in Ohio waar ze plastic verdampen tot brandstof. Lush koopt de PET-flessen en het harde plastic om er nieuwe cosmeticaverpakkingen van te maken. En Dubois is opgetogen over een subsidieaanvraag die ze gaat indienen. Als die wordt toegewezen, kunnen ze een apparaat aanschaffen om zelf plastic te reinigen en te vermalen, zodat ze het kunnen verkopen. Dan komt hun ideaal om plastic in goud te veranderen weer een stapje dichterbij.

Rond één uur die middag komt de chemisch ingenieur Kambiz Taheri, een keurig geklede man, naar het gemengd schuim kijken – het ‘laatste grote vraagteken’ volgens Middleton. Als hij dat afneemt, hebben ze van de twintig ton afval in totaal nog geen halve ton naar de vuilstort gebracht. Taheri zegt dat het roze en blauwe schuim gescheiden moet worden van het karamelbruine urethaan waarin hij zich specialiseert: daar kan hij een bruikbare chemische vloeistof aan onttrekken. Hij zegt dat hij dat urethaan wel wil hebben en helpt ze aan de naam van een ander bedrijf dat het roze en blauwe schuim kan afnemen. Gejuich van Dubois, Middleton en McGillveray: ze zijn dolblij, en doodop.

Buiten jagen felle regenvlagen over het parkeerterrein: het staartje van de tyfoon Songda die over de Stille Oceaan raast en weer massa’s plastic naar de kusten drijft.

Auteur: Laura Trethewey
Vertaler: Frank Lekens

Hakai Magazine
Brits Colombia | hakaimagazine.com

Dankt zijn naam aan een natuurgebied bij Vancouver. Het specialiseert zich in kustgebieden, ‘waar bijna de helft van de wereldbevolking woont’.

» Activeer hier uw maand gratis digitaal toegang tot 360 Magazine.

Promotiefilmpje van het project van Dubois:

Openingsbeeld: © OceanLegacy

Tags: Mud Jeans

Plaats een reactie