• 360 Magazine
  • Aanbevolen
  • De jurk van 4,8 miljoen | Voetbal als kunstvorm & Meer

De jurk van 4,8 miljoen | Voetbal als kunstvorm & Meer

© Cecil W. Stoughton / Wikimedia Commons
360 Magazine | Amsterdam | 22 mei 2021

De geschiedenis van de jurk waarin Marilyn Monroe ‘Happy birthday, Mr. President’ zong. Verder: Het verhaal van een kok en een arbeidsongeschikte man die infiltreerden in Noord-Korea & Meer aanraders van de 360-redactie.

Omdat 360 niet alles kan vertalen wat de redactie leest, ziet en hoort, tippen wij voor u enkele interessante artikelen, podcasts, documentaires en fotoreportages die wij deze week tijdens het speuren naar mooie journalistiek zijn tegengekomen.

De jurk van Marilyn

Het artikeltje werd al een jaar geleden gepubliceerd, maar in de categorie Historische Weetjes blijft het de moeite waard, vindt redacteur IJsbrand van Veelen: de geschiedenis van de jurk waarin Marilyn Monroe op 19 mei 1962 haar scabreus zuchtende ‘Happy birthday, Mr. President’ zong tijdens een fundraiser in Madison Square Garden voor president John F. Kennedy. 

De jurk was bezet met meer dan 2500 strass-steentjes, aldus het alleraardigste boek Worn on This Day: The Clothes That Made History en was zo nauwsluitend dat Monroe erin moest worden genaaid. Ze koos er dan ook voor om er niets onder te dragen, volgens Vintage News, zodat de pasvorm onberispelijk zou zijn. Na haar optreden zwol de geruchtenstroom aan over een verhouding tussen Monroe en Kennedy, ook al zouden ze elkaar nooit meer ontmoeten. Marilyn stierf korte tijd later, op 5 augustus 1962 aan een overdosis.

Met 4,8 miljoen dollar is het een van de duurste memorabilia uit de popcultuur aller tijden

De ontwerper van de jurk was net afgestudeerd. Het was het allereerste professionele project van de jonge Bob Mackie, die nu op zijn 82ste nog steeds opmerkelijke stukken voor celebrity‘s ontwerpt. Mackie was in dienst bij de populaire Franse ontwerper Jean Louis, die de jurk voltooide. Marilyn Monroe betaalde er 1.440 dollar voor, dat zou nu neerkomen op zo’n 12.000 dollar. Na het optreden schoot de waarde van de jurk omhoog. Hij werd verkocht voor 1,26 miljoen dollar op een veiling in 1999, bijna het dubbele van de geschatte prijs. Maar dat is nog steeds niets vergeleken met de 4,8 miljoen dollar die het Ripley’s Believe It or Not Museum ervoor betaalde in 2016. Daarmee is het een van de duurste memorabilia uit de popcultuur aller tijden. Terecht, vindt Edward Meyer van Ripley’s: ‘Dit is volgens ons het meest iconische stuk popcultuur is dat er is.’


Infiltreren in Noord-Korea

Deze week publiceren we een artikel over Ulrich Larsen en Jim Latrache-Qvortrup, een kok en een arbeidsongeschikte man die infiltreerden in Noord-Korea. Mads Brügger uit Kopenhagen maakte er een documentaire over, waarin, net als in zijn andere werk, voor de kijker de vraag centraal staat: is dit echt of niet? schrijft hoofdredacteur Laura Weeda.

De film begint en eindigt bij Ulrich Larsen, die infiltreert in een Deense club voor Noord-Koreafans. Larsen maakt razendsnel carrière binnen deze KFA, een internationale ‘vriendschapsorganisatie’, en belandt in de gestoorde wereld van Alejandro Cao de Benós, die functioneert als doorgeefluik tussen het regime en figuren die in dat regime willen investeren. Dit leidt al snel tot een wapendeal.

‘Jullie brengen je vliegtuigen onder de dekmantel van humanitaire hulp naar ons land’

De infiltranten beschouwden de hele operatie naar eigen zeggen als één groot avontuur, waarin ze bijvoorbeeld Noord-Koreaanse afgevaardigden ontmoeten in Oeganda: ‘Jullie brengen je vliegtuigen onder de dekmantel van humanitaire hulp naar ons land, dan kunnen wij de bestelde goederen inladen. Jullie betalen ons en vliegen terug.’ Niet iedereen erkent dan ook de waarheid van hun verhalen. Maar zoals ook geldt voor Brüggers andere films: het resultaat is er niet minder boeiend door – en het artikel evenmin.


Mágico González, voetbal als kunstvorm

Jorge ‘Mágico’ González – zijn bijnaam wijst er al op – was een legendarische Salvadoraanse voetballer, met een uitzonderlijk lange carrière: hij was actief als prof vanaf 1975 totdat hij op 44-jarige leeftijd in 2002 zijn schoenen aan de wilgen hing. Een jaar later, in 2003, werd hij door de Salvadoraanse sportjournalistiek unaniem verkozen tot ’s lands beste voetballer aller tijden. En in 2011 werd het doelpunt van ‘El Mágico’ in het seizoen 1987-1988 uit tegen F.C. Barcelona (hij speelde toen voor Cádiz) verkozen tot mooiste doelpunt uit de Spaanse Primera División.

Voor zover de palmares van de Midden-Amerikaanse krullenbol met een fluwelen techniek. Na een roemruchte carrière en een even turbulent persoonlijk leven, trok Mágico zich terug op zijn finca in de buurt van San Salvador en weigerde voortaan de pers te woord te staan. Totdat een sportjournalist van El Mundo belde – of beter gezegd: hem begon te stalken. Na weken van onbeantwoorde telefoontjes en contactpogingen via tussenpersonen als de voorzitter van Cádiz CF en González junior, kreeg hij hem uiteindelijk – om drie uur ‘s nachts – te pakken.

‘Voetbal is kunst en kunst kun je niet uitleggen, maar moet je voelen’

Dat leverde een prachtig interview op over voetbal als kunstvorm, aldus redacteur Joep Harmsen. Enkele quotes van de magiër:

‘Voetbal is voor mij vrijheid, absolute vrijheid. Het is alsof je je in het heelal bevindt, alsof je bent geteleporteerd naar een andere dimensie, voetbal is magie. Een magie die we allemaal in ons hebben en de sleutel om die magie te ontwikkelen en nooit te verliezen ligt in de geest. (…) Het is moeilijk voor mij om uit te leggen wat ik bedoel, want voetbal is kunst en kunst kun je niet uitleggen, maar moet je voelen.’

‘Toen ik een foetus was, voelde ik al de emoties, het geschreeuw en de opwinding van het voetbalveld. En daar, in mijn moeders buik, vroeg me af: “Wat is dit, wat is er aan de hand?” Toen ze van mij beviel, besefte ik dat het voetbal was.’

‘Voetbal is kunst en kunst kent geen vaste werktijden, ze maakt geen onderscheid tussen dag en nacht, en door de manier waarop ik leefde moest alles in elkaar overvloeien.’


De jacht op de langste golf

De eerste aanwijzing dat The Longest Wave, een film over de 58-jarige surfer Robby Naish, geen doorsneesportfilm is, is dat hij werd gemaakt door Joe Berlinger, vooral bekend van de documentaire Metallica: Some Kind of Monster, die alle stereotypes over metalheads tartte en de groep in een nieuw en eigenaardig licht plaatste, schrijft surfsite Swellnet. Dit is Berlingers eerste sportdocumentaire.

En wat het onderwerp betreft, vervolgt Swellnet, zijn er maar weinig atleten geweest die zo gelauwerd, dominant en baanbrekend waren als Robby Naish. Op dertienjarige leeftijd won hij zijn eerste wereldkampioenschap windsurfen. Daarna won hij er nog tweeëntwintig. Ook werd hij drie keer wereldkampioen kitesurfen. Nu wil hij zich op 58-jarige leeftijd nog éénmaal bewijzen.

Naish verlangt in de nadagen van zijn carrière, terwijl hij in een moeilijke scheiding ligt en financieel aan de grond zit, naar een nieuw doel: de langste golf ooit surfen. Berlinger krijgt toegang tot Naish’ privéwereld en legt een atleet vast die de status van legende heeft bereikt, maar worstelt om zich aan te passen aan het gewone leven. Daarmee is het een mooie documentaire over al zijn ups en downs geworden, schrijft zakelijk directeur Arthur van der Meeren. Naish kan het surfen op topniveau nog niet loslaten, maar realiseert zich goed dat de jeugd het overneemt.

The Longest Wave was donderdag 20 mei te zien op Ziggo Sport.

veel gelezen
Geen tijd om 943 kranten wereldwijd bij te houden?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verstuurd.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!


Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.


Nee, bedankt