Het oud-Engels had speciale persoonlijke voornaamwoorden voor groepen van twee, de zogenoemde dualis. Door de verdwijning daarvan moet het moderne Engels zich nu met andere oplossingen behelpen. De leestips van 360.
» Chinees leren wordt wel als de ultieme uitdaging voor liefhebbers van vreemde talen gezien. De Chinese logica zou hemelsbreed verschillen van de onze en daarom het leren van de taal extreem moeilijk maken. Het moderne Mandarijn heeft echter een onzichtbare revolutie ondergaan. De Europese syntaxis, voegwoorden en passieve vorm zijn overgezet op de vloeiende parataxis van het Klassiek Chinees.
Jing Yu zegt het als volgt in de Old North Whale Review: ‘Je kunt een update van een besturingssysteem die al honderd jaar draait niet verwijderen. China heeft niet alleen westerse boeken vertaald; het heeft de westerse denkwijze vertaald, ontleed en opnieuw opgebouwd in de moderne taal.’ Lees hier zijn hele analyse.
» Tussen de gastlanden van het WK 2026 speelt meer dan alleen een buurlandenruzie. Het FIFA Wereldkampioenschap voetbal 2026, dat gezamenlijk wordt georganiseerd door de Verenigde Staten, Mexico en Canada, had moeten staan voor, zo niet eenheid, dan toch op zijn minst regionale samenhang.
In plaats daarvan maken de drie landen, ‘met verschillende doelstellingen, gespannen grenzen en een minimaal niveau van vertrouwen’, een ‘angstaanjagende existentiële crisis’ door, klaagt columnist Ana Paula Ordorica van de Mexicaanse krant El Universal. Ze is bang dat het WK geen eenheid tussen de drie landen zal uitstralen, maar juist vooral het gebrek aan onderlinge eenheid zal blootleggen. Lees hier haar column.
» Wie het alleen over zichzelf wil hebben, gebruikt het persoonlijk voornaamwoord ‘ik’. Wie het over meerdere mensen heeft en zichzelf daarbij insluit, gebruikt de wij-vorm. Tot zover niets bijzonders. Maar wat zeg je als je van die meerdere mensen alleen jezelf en één andere persoon wilt aanduiden? Het oud-Engels had daar een woord voor: ‘wit’. Sprak je een groep van twee mensen aan, dan gebruikte je de vorm ‘git’.
Gebruikte je het bezittelijk voornaamwoord ‘ons’ voor twee personen, dan zeiden de Engelsen van duizend jaar geleden ‘uncer’ of ‘unker’. Dit soort voornaamwoorden komen regelmatig voor in oud-Engelse liefdesbrieven en gedichten en confronteren de hedendaagse lezer met een leemte in het moderne Engels: de verdwijning van de dualis. De BBC wijdde dit interessante artikel aan dit opmerkelijke taalfenomeen.