• Spiked
  • Politiek
  • De Britse staat houdt je in de gaten

De Britse staat houdt je in de gaten

Spiked | Londen | Tim Black | 10 december 2016

Een nieuwe Britse wet die overheidsdiensten vrijwel ongelimiteerd inzicht geeft in het surf- en belgedrag van burgers, is een onaanvaardbare inbreuk op het privéleven, schrijft de website Spiked.

De Investigatory Powers Act (IPA), die overheidsinstellingen toegang geeft tot e-mail- en telefoonverkeer en onlangs vrijwel ongewijzigd door het Hogerhuis kwam, is een weerzinwekkend staaltje van staatsbemoeienis. De IPA, in november vorig jaar gelanceerd door toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Theresa May, sleept de al bestaande en even weerzinwekkende inlichtingenwetgeving het digitale tijdperk binnen. Ingevolge de IPA zullen internet- en telefoonbedrijven voortaan alle gegevens over telefoontjes en websitebezoeken van hun klanten twaalf maanden lang moeten bewaren. Dat betekent dat alle mogelijke overheidsinstanties, van douane en inlichtingendiensten tot de nationale gezondheidsdienst en de voedsel- en warenautoriteit, in potentie precies kunnen zien welke sites je het afgelopen jaar hebt bezocht en wie je allemaal hebt gebeld.

En dat is nog niet alles. De IPA zal veiligheidsdiensten en politie ook toestaan computers, telefoons en netwerken te ‘hacken’ om te horen wat je zegt, te zien waar je naar kijkt en te weten wat je typt. En daarbij mogen ze alle middelen gebruiken die ze nodig achten, inclusief het benutten van zwakke plekken in software, wat klinkt als een recept voor een complot tussen bedrijven en staat.

Privacy is ook van wezenlijk belang voor het openbare leven, dat afhankelijk is van zelfverzekerde, onafhankelijk denkende individuen

Volgens May, die de IPA trots en eufemistisch roemde als een ‘inlichtingensysteem dat toonaangevend is in de wereld’, zullen de Britse veiligheidsdiensten daarmee alleen maar ‘de bevoegdheden krijgen die ze nodig hebben om ons land te beschermen’. Als dat vertrouwd klinkt, dan is het omdat elke aantasting van onze vrijheid die de staat zich permitteert wordt gerechtvaardigd met onze veiligheid. Zo noemde de voormalige New Labour-minister van Binnenlandse Zaken Jack Straw de RIPA, de voorloper van deze wet, in 2000 ‘de aangewezen manier om witwassen, mensenhandel, pedofilie, tabakssmokkel en andere ernstige misdrijven aan te pakken’.

Maar de ervaring met de RIPA is leerzaam. In de praktijk ontaardde de bescherming van burgers tegen ernstige misdrijven al snel in het betrappen van diezelfde burgers op kleine vergrijpen. Alleen al in 2009 werd de RIPA voor 552.550 snuffelgevallen gebruikt, waarvan tweeduizend keer door plaatselijke autoriteiten die individuen wilden betrappen op gruwelijke misdrijven als het niet opruimen van afval of hondenpoep. Gezien het gebruikelijke wantrouwen van de Britse staat jegens het maatschappelijk middenveld mag worden aangenomen dat Mays nieuwe versie van de Snuffelwet al even nuttig zal zijn voor de bemoeials.

Maar wat opvallend is aan de reacties op Snuffelwet 2.0, in vergelijking tot die op de oorspronkelijke versie van New Labour, is hoe onverdeeld kritisch deze zijn geweest. Voorspelbaar was misschien dat Edward Snowden, de tot verklikker bekeerde voormalige medewerker van de Amerikaanse Nationale Veiligheidsdienst, sprak van ‘de meest extreme vorm van staatstoezicht in de geschiedenis van de westerse democratie’. Ook was het nauwelijks verbazingwekkend dat de burgerrechtenbeweging Liberty van dik hout planken zaagde: ‘Onder het mom van contraterrorisme heeft de Britse staat het meest indringende toezichtsysteem ontwikkeld van alle democratieën in de menselijke geschiedenis.’ Maar ook de VN laten niets heel van de IPA: Joe Cannataci, de speciale rapporteur voor het recht op privacy, zei dat ‘massale toezichtsmaatregelen en massaal hacken, zoals voorzien in de IPA, eerder onwettig dan wettig verklaard zouden moeten worden’. Zelfs de Daily Star plengde een progressieve traan en vroeg klaaglijk: ‘Het einde van porno?’

Steeds meer overheidsinstanties kunnen zien welke websites je hebt bezocht. – © Getty
Steeds meer overheidsinstanties kunnen zien welke websites je hebt bezocht. – © Getty

Velen wezen er ook op hoe gedwee het parlement is geweest, met schaduwminister Keir Starmer van Labour die het wetsvoorstel praktisch door het Lagerhuis loodste. Maar dat Labour zich niet al te fel heeft verzet mag nauwelijks een verrassing heten. New Labour liep voorop met het snuffelen van staatswege, niet in de laatste plaats met de RIPA. Hun parlementariërs houden bijna net zoveel van de privacy van burgers als van Jeremy Corbyn. En ook al zitten veel sterren van het paternalistische autoritarisme van New Labour, van Jack Straw tot David Blunket, niet langer op de groene bankjes van het Lagerhuis, ze zijn nog steeds te vinden op het luxueuze rode pluche van het Hogerhuis. Dat het wetsvoorstel geen serieuze weerstand ondervindt, bewijst dat het parlement wordt gedomineerd door een politieke klasse die al lange tijd gewoon is het publiek te wantrouwen en te verachten.

Maar er is ook nog een groter probleem. Het ontbreken van serieuze oppositie tegen het wetsvoorstel is niet alleen maar te wijten aan een gebrek aan ruggengraat, maar ook aan de culturele devaluatie van de privacy zelf. Hoewel velen kritiek hadden op de IPA en verwezen naar Orwell en totalitarisme, leken maar weinigen te kunnen zeggen waarom privacy belangrijk is, waarom het waardevol is.

En dat is een probleem, omdat privacy iets is dat op waarde moet worden geschat, niet alleen omdat het mensen in staat stelt onder de radar te blijven, zich te verstoppen, maar ook omdat het van wezenlijk belang is voor het openbare leven, dat afhankelijk is van zelfverzekerde, onafhankelijk denkende individuen. De persoonlijke arena is namelijk de ruimte waar we verschillende aspecten van onszelf kunnen ontwikkelen, ideeën kunnen uitproberen, gedachten en gevoelens kunnen onderzoeken en een rijk en uitgesproken innerlijk leven kunnen opbouwen. Zodra het oog van de staat deze persoonlijke, intieme ruimte binnendringt, of kan binnendringen, raakt deze persoonlijke, intieme ruimte verstikt. Men moet plotseling handelen en spreken alsof men gevolgd en beoordeeld kan worden. De taal wordt aan zelfcensuur onderworpen, gedrag intern gecontroleerd, websites worden gemeden. Wie denkt dat het toezicht houden op het privéleven van mensen, vooral waar het politiek extremisme of seksueel afwijkend gedrag betreft, een progressieve, positieve ambitie is, zal dit ongetwijfeld als een manier beschouwen om de maatschappij te verbeteren. Maar zo’n paternalistisch plan is tot mislukken gedoemd. Mensen stoppen niet met geloven wat ze geloven of met voelen wat ze voelen; ze zetten alleen een openbaar masker op, zelfs privé. In het koninkrijk van de transparantie heersen leugen en kwade trouw.

Beloofde land

Waar privacy ontbreekt, bloeit het conformisme. Het afkalven van de privacy, of het nu komt door de IPA of het almaar toenemende staatstoezicht op internetgedrag in het algemeen, maakt het individu machteloos tegenover druk van buitenaf, de druk om zich te conformeren aan het gemiddelde, om het geloof van de dag aan te hangen, of dat nu anticommunistisch is, zoals in het Amerika van McCarthy, of politiek correct, zoals vandaag de dag. Individuen verliezen zichzelf in de openbare en officiële orthodoxie.

Het is moeilijk om dan niet te denken aan de meest nachtmerrieachtige toezichtsmetafoor: de koepelgevangenis van Jeremy Bentham, een rond gebouw met een toren in het midden van waaruit elke kamer, en daarom elke bewoner, volledig zichtbaar is. Bentham, een negentiende-eeuws filosoof en maatschappelijk hervormer, dacht hiermee de ideale gevangenis te hebben ontworpen, maar in de handen van de twintigste-eeuwse Franse filosoof Michel Foucault werd het een duister visioen van maatschappelijke discipline en straf in het algemeen, een maatschappij, kortom, waarin iedereen, zichtbaar voor alle anderen, de druk voelt om zich te conformeren, om te handelen zoals men denkt dat anderen dat van hem verwachten.

‘Zichtbaarheid is een val’, schreef Foucault. Voor mensen als May, Starmer en de rest lijkt het meer op het beloofde land.

Auteur: Tim Black

Spiked
Verenigd Koninkrijk | spiked-online.com

Deze onafhankelijke website werd in 2000 opgericht door vrijwilligers en wordt gefinancierd door donateurs – en een beetje reclame. De site heeft als doel om inhoud van hoge kwaliteit te bieden, en doet dat in rubrieken als Hot Topics, Free Speech, British news, etc.

Dit artikel van Tim Black verscheen eerder in Spiked.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

En ontvang wekelijks het beste uit de internationale pers in uw mailbox.