• Corriera della Sera
  • Europa
  • Het geheim van ’Ndrangetha, de machtigste maffiaorganisatie ter wereld

Het geheim van ’Ndrangetha, de machtigste maffiaorganisatie ter wereld

© Ivan Romano / Getty
Corriera della Sera | Milaan | Cesare Giuzzi | 13 januari 2021

Lange tijd werd de ’Ndrangheta beschouwd als ouderwets en genegeerd door de media. Die tijden zijn voorbij sinds de Calabrese maffia de Siciliaanse Cosa Nostra van de troon stootte. Inmiddels bouwde deze ‘familie’ een internationaal netwerk dat onderwereld en bovenwereld met elkaar verbindt.

Dit artikel verscheen eerder in #176

Het proces tegen de ’Ndrangheta

Vanaf vandaag (13 januari) staan in Italië meer dan 350 leden van de Calabrese maffiaorganisatie ’Ndrangheta voor de rechter, onder hen bevinden zich politici, ondernemers en maffiosi. Ze staan terecht voor onder andere drugshandel, witwassen en fraude. Het is de grootste rechtszaak tegen de maffia in 30 jaar.
Het proces vindt plaats in een zwaarbeveiligde bunker in de Calabrese plaats Lamezia Terme, die speciaal voor deze gelegenheid gebouwd is. ‘Het is belangrijk om het proces in Calabrië te voeren,’ aldus hoofdaanklager Nicola Gratteri – zelf Calabrees – in La Repubblica.

De ene operatie na de andere. Een golf van 334 arrestaties in Vibo Valentia en elders in Europa [in december 2019]. Vervolgens het nieuwe onderzoek dat de Piemontese regionale wethouder Roberto Rosso ten val brengt vanwege het kopen van stemmen van de maffia. Elke dag weer worden we geconfronteerd met grote en kleine onderzoeken naar de enorme macht van de Calabrese clans, die niet alleen het zuiden van Italië verstikken maar inmiddels ook al tientallen jaren geleden voet aan de grond hebben gekregen in het voor hen vruchtbaardere noorden, met name in Lombardije en Piemonte. De ’Ndrangheta wordt vandaag de dag beschouwd als de machtigste, rijkste en meest wijdvertakte maffiaorganisatie ter wereld. Terwijl de Palermitaanse Cosa Nostra haar opkomst dankte aan de emigratie naar Noord-Amerika in de eerste helft van de vorige eeuw, zijn de Calabrese clans inmiddels overal aanwezig: van Australië tot Canada, via Brazilië, Venezuela, Argentinië, Oost-Europa en Rusland. Een expansie die in gang is gezet met het geld van de ontvoeringen in de jaren zeventig en tachtig, en die tegenwoordig wordt versterkt door de wereldhegemonie van de ’Ndrangheta in de cocaïnehandel. Maar is de ’Ndrangheta vandaag de dag sterker dan de Cosa Nostra, de maffia die de Italiaanse staat in de jaren tachtig en negentig uitdaagde tot op het hoogste niveau?

Zeker, al zijn de ‘Sicilianen’ niet verdwenen, maar nemen ze steeds vaker van de ’Ndrangheta-clans de vaardigheid over om het staatsapparaat binnen te dringen zonder opzien te baren, zonder te schieten en zonder dat het nodig is hun spierballen of hun meest gewelddadige gezicht te laten zien. De ’Ndrangheta heeft er altijd de voorkeur aan gegeven instituties niet uit te dagen, maar erin te infiltreren. Dat geldt voor het ondernemerschap en de politiek, maar (in sommige gevallen) ook voor de rechterlijke macht en het politieapparaat.

Open armen

Door deze aanpak kon een maffia die te lang is beschouwd als een allegaartje van boerenfamilies en herders de controlekamer betreden. Om zo, en op verbluffende wijze, haar eigen ‘sociale kapitaal’ te laten groeien. De ‘Ndrangheta heeft het noorden niet besmet als een kwaadaardig virus, maar werd zowel in Milaan als in Genua, zowel in Modena en Reggio Emilia als in Aosta en Turijn met open armen ontvangen door degenen die profiteerden van de gunsten van de bazen die er veelal naartoe waren verbannen: van zwart werk tot afvalverwerking, van de bouw tot valse facturen.

Het geld van de clans zit tegenwoordig in alle bedrijfssectoren: de bouw, de horeca, financiën, onlinegames, autohandel en zelfs de gezondheidszorg.

De ‘Ndrangheta heeft hoofdzakelijk door drie factoren de top van de mondiale maffia bereikt.

Ten eerste heeft de organisatie, in tegenstelling tot de Cosa Nostra, geen echte koepel, maar een crimine, die hoofdzakelijk verbindingsfuncties uitvoert, terwijl de clans autonoom werken (en zich autonoom bewegen), zij het binnen gemeenschappelijke regels en grenzen. Een soort franchise avant la lettre.

Daarnaast is doorslaggevend geweest dat het de ’Ndrangheta is gelukt de hegemonie in de drugshandel te doorbreken, door eigen mensen in de cocaïneproducerende landen neer te zetten en verbonden te sluiten – mede door middel van gearrangeerde huwelijken – met de erfgenamen van de kartelbazen. Dezelfde archaïsche mechanismen dus, maar dan verplaatst naar de andere kant van de planeet.

‘De onzichtbaren’

Het Italiaanse weekblad L’Espresso wijdde op 12 januari 2020 de titelpagina aan ‘de onzichtbaren’ van de ’Ndrangheta, waarbij de nadruk werd gelegd op de banden die deze tak van de maffia onderhoudt met de vrijmetselarij. In Calabrië, zo becijferde het Italiaanse weekblad, ‘bestaan 178 loges van vrijmetselaars met gezamenlijk 9000 leden. Ze worden druk bezocht door advocaten, leiders van bedrijven, leden van de ordebewakende instanties, en maffiabazen en hun afgevaardigden’. Maar ook door ‘vrijmetselaars uit de geestelijke stand’, zoals ‘de machtige pastoor van San Luca, die prat gaat op de steun van het Vaticaan’. In Calabrië zijn politiek, vrijmetselarij en ’Ndrangheta nauw verweven, zoals in het geval van Giancarlo Pittelli, vrijmetselaar en voormalig volksvertegenwoordiger, die onlangs is gearresteerd.

Ondermijning

Ten slotte was de ’Ndrangheta in staat om zichzelf te vernieuwen, door van zevenhonderd doden in de tweede maffiaoorlog (1985-91) over te gaan op de strategie van de ondermijning. Met name na het bloedbad in Duisburg – zes doden in augustus 2007 – hebben de clans er bewust voor gekozen die zeer gewelddadige fase achter zich te laten en liquidaties en misdrijven met chirurgische precisie te beperken. Het motief? Precies het tegenovergestelde van de bloedbadstrategie van Totò Riina: wanneer de staat daarop reageert, doet die dat zo hard en vastberaden dat het de maffiaorganisatie in ernstige moeilijkheden brengt. Om die reden is het beter om de staat niet uit te dagen, maar om ermee te versmelten, om te vermijden dat de organisatie wordt gezien als de grootste bedreiging voor de veiligheid van het land (wat die in werkelijkheid wél is). De ’Ndrangheta weet wanneer die kan schieten en wanneer het beter is dat niet te doen, om te voorkomen dat de aandacht van de staat wordt getrokken, en ook om te voorkomen dat de burgers worden gealarmeerd, die in plaats van door de clans moeten worden ‘afgeleid’ door andere kwesties. Een marketingstrategie die haar weerga niet kent.

Maar er is nog een andere, laatste en wellicht doorslaggevende factor, die door Nicola Gratteri, officier van justitie van Catanzaro, en wetenschapper Antonio Nicaso wordt gesignaleerd in hun nieuwste boek La rete degli invisibili (Het netwerk van de onzichtbaren). In haar contacten met de ontspoorde vrijmetselarij heeft de ’Ndrangheta een vliegwiel gevonden dat haar heeft binnengeloodst in de hoogste staatsapparaten van het land. Een geheim netwerk van onverdachte mensen – rechters, journalisten, politici, ondernemers, wetshandhavers – dat de macht heeft om alles te beïnvloeden. Een scenario dat uit een sciencefictionfilm lijkt te komen, in de ogen van degenen die de ’Ndrangheta beschouwen als een maffia van herders, riten en uitgebreide maaltijden met geroosterd geitenvlees in Aspromonte. Maar het is de zeer verontrustende werkelijkheid, zoals die uit de meest recente gerechtelijke onderzoeken naar voren komt.

De tijd van de ontvoeringen

Tussen de jaren zeventig en het begin van de jaren negentig genereerde de ’Ndrangheta veel inkomsten uit ontvoeringen.

Het eerste ‘beroemde’ slachtoffer was John Paul Getty III, zoon en kleinzoon van Amerikaanse miljardairs, die vijf maanden werd vastgehouden. Hij werd tegen een losgeld van drie miljard lires vrijgelaten, en raakte bovendien een deel van zijn rechteroor kwijt.
In 1988 werd Cesare Casella 741 dagen vastgehouden; voor Carlo Celadon duurde de lijdensweg 831 dagen.
De gang van zaken bij deze ontvoeringen is vaak identiek: de ontvoeringen worden doorgaans gepleegd in het rijke noorden van het land, de ‘gijzelaars’ worden vastgehouden in de Aspromonte in het zuiden, waar ze in piepkleine ruimtes worden opgesloten.
Soms slagen gevangenen erin te ontvluchten. Een van hen, in 1984, is Carlo de Feo, die zijn toevlucht zoekt tot een dorpje, maar prompt door de bewoners wordt uitgeleverd aan zijn ontvoerders uit angst voor represailles. In twintig jaar tijd ontvoert de ’Ndrangheta zo 139 mensen, van wie sommigen nooit worden teruggevonden. Het losgeld stelt de ontvoerders in staat vaste voet aan de grond te krijgen in de cocaïnesmokkel, maar ook in de bouwsector, zoals blijkt uit de naam van een wijk in de stad Bovalino, aan de voet van de Aspromonte, die de bijnaam ‘Paul Gettywijk’ draagt, naar de eerste ontvoerde.

All the Money in the World is een Amerikaanse film uit 2017, geregisseerd door Ridley Scott, gebaseerd op het waar-gebeurde verhaal van de ontvoering van John Paul Getty III.

Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.