• Gazeta Wyborcza
  • Cultuur
  • De onzichtbare grens

De onzichtbare grens

Gazeta Wyborcza | Warschau | Tomasz Piotrowski | 20 september 2018

In Brodnica, vroeger onder Pruisische overheersing, wordt neergekeken op de inwoners van het buurstadje Rypin. Het conflict is verleden tijd, maar de beledigingen zijn gebleven.

‘Ik kom uit Brodnica, ik ben 
Teutoons.’ Iedereen die in deze Noord-Poolse stad geboren is, maakt dat meteen duidelijk, want wie niet Teutoons is, is een ‘Antek’ [verkleining van Anatol, een in Rusland populaire voornaam van Griekse oorsprong die ‘afkomstig uit het oosten’ betekent]. En dat is een schande, dat weten alle kinderen. Als grapje vragen de buschauffeurs aan ze om hun paspoort te laten zien als ze de rivier de Pissa passeren. In de negentiende eeuw vormde die de grens tussen [de grootmachten] Pruisen en Rusland, die tot 1918 samen met Oostenrijk het hele Poolse grondgebied geannexeerd hadden. Aan de andere kant van de Pissa, 25 kilometer verderop, ligt Rypin.

‘Ik voel me binnen mijn familie een beetje het zwarte schaap,’ bekent Wlodzimierz. Hij woont sinds 43 jaar met zijn vrouw in Brodnica. Hij is een Antek. Tenminste, zo wordt hij betiteld door zijn schoonfamilie. Op een keer is hij daar boos over geworden en heeft hij hen op zijn beurt uitgemaakt voor ‘Volksdeutschen’ [een negatieve benaming voor iemand van Duitse origine]. Sinds zijn trouwen is zijn vader maar één keer samen met zijn schoonfamilie bij hem op bezoek geweest, uit angst dat ze hem zouden beledigen.

‘De grenzen van de oude bezette gebieden zijn van de kaarten verdwenen, maar in onze hoofden zitten ze nog wel,’ zegt Wlodzimierz. ‘Ik vind het belachelijk, maar er is bijna geen kruid tegen gewassen.’ Hij was aangenaam verrast toen een priester uit Brodnica in zijn preek de parochianen bekritiseerde die de inwoners van Rypin 
belachelijk maken. Dat is christenen onwaardig gedrag, had hij gezegd. Een kapelaan weet nog dat toen hij vorig jaar had gevraagd waar het werkloosheidscijfer het hoogste ter wereld was, een jongen in de microfoon had geroepen: in Rypin! Waarop de hele kerk in lachen was uitgebarsten.

Jacek Schmidt, cultureel antropoloog aan de Adam Mickiewicz-universiteit in Poznan bevestigt dat de oost-westscheiding tussen ‘Polen A en Polen B [waarbij A, het westelijk deel dat onder Pruisen viel, het rijkst was] geen bedenksel van politicologen is om daarmee de verkiezingsuitslagen te verklaren. De negentiende-eeuwse grenzen zijn nog altijd niet verdwenen.’

Gynaecoloog Marian Marciniak vertelt dat hij op een keer een stel voor een bevalling naar Rypin wilde sturen. ‘O nee, dokter,’ zeiden ze, ‘dan gaan we wel ergens anders heen, ook al is dat 80 kilometer verderop. Zou u willen dat uw kind in Rypin geboren werd? Dat zou voor de rest van zijn leven een smet op zijn papieren zijn.’ Bij de kraamafdeling van het ziekenhuis in Brodnica bevestigen ze dat de inwoners niet in Rypin willen bevallen. Als de afdeling voor onderhoud gesloten 
is, zijn ouders bereid om kilometers verder te rijden om maar niet naar Rypin te hoeven.

Marciniak heeft altijd wel een anekdote te berde te brengen over de Anteks. Als hij vrienden uit Warschau – dus uit het voormalige Russische deel – op bezoek krijgt, brengt hij ze in herinnering dat de Teutoonse ridders al in de dertiende eeuw toiletten hadden. Terwijl de Anteks pas in 1938 de latrine ontdekten. Net als de meeste ‘Teutonen’ van nu zegt hij dat het 
conflict met de Anteks verleden tijd is, maar dat de verschillen blijven. Teutonen zijn bijvoorbeeld weinig spraakzaam, het zijn meer doeners en ze 
zijn niet zo familiegericht. Zelfs als de broers en zussen bij elkaar in de buurt wonen, lopen ze niet zomaar bij elkaar binnen en zien ze elkaar vooral als er iets te vieren valt. Bij de Anteks ligt dat precies andersom. Teutonen hebben ook andere woorden en andere eetgewoonten. Zo drinken ze hun koffie met een sznek [van het Duitse Schnecke (slak), een soort rozijnenbroodje]. In Brodnica zijn ze zuinig, om niet te zeggen krenterig, terwijl de Anteks voor bijvoorbeeld een trouwerij al hun geld erdoor jagen.

Situatie in 1914
Situatie in 1914

Even wat statistische gegevens: Brodnica telt 28.000 inwoners, Rypin 16.000. Ten westen van de Pissa ligt 
de werkloosheid op 8,1 procent, ten oosten ervan 11,6 procent. Het district Brodnica heeft twee vertegenwoordigers, Rypin maar één.

In Brodnica maken ze graag grappen over Rypin. Waarom zijn de appartementen op de vierde verdieping daar duurder? Vanwege het uitzicht op Brodnica. Waarom hebben de Anteks nummerplaten met ‘CRY’ erop? Omdat je moet huilen als je ze ziet.

Dit soort rivaliteit komt in Polen veel voor. In 1997 publiceerde Jacek Schmidt een boek getiteld Grenzen en stereotypen: De negentiende-eeuwse delingen in de mentaliteit van de huidige bewoners van West-Polen. Dat werd vervolgens in afleveringen gepubliceerd in een lokale krant. Toen er een lezing rondom het boek werd georganiseerd, zat de zaal stampvol. De mensen vroegen: ‘Waarom mag ik die en die niet, terwijl het een goeie vent is?’ Schmidt deed onderzoek 
onder ruim zevenhonderd families 
uit de streek en ontdekte dat die voor het overgrote deel endogaam waren: huwelijkspartners komen maar zelden van over de voormalige grenzen. Momenteel heeft hij een financieringsaanvraag lopen om samen met twintig wetenschappers te onderzoeken in hoeverre die oude grenzen nog steeds voortleven.

Elke dag post de Teutoonse Piotr 
Grazawski verhaaltjes op Facebook over de geschiedenis van Brodnica en de buren aan de andere kant van de Pissa. Zo vertelt hij dat de kinderen op school foto’s lieten zien van hun op tractors zittende grootouders, als hij trots aankwam met een foto van zijn opa met een punthelm op. De Anteks konden niet begrijpen waarom Piotr zo trots was op zijn voorvader, drager van het IJzeren Kruis, een van de hoogste Pruisische onderscheidingen. ‘Het is maar goed dat ik toen niet de foto van mijn oom bij Stalingrad in het uniform van de Wehrmacht had meegenomen,’ grapt Grazawski. Als jongere stak hij de Pissa over om met de Anteks te knokken. Gewoon de straat op gaan was al genoeg. ‘Wij waren anders. Wij in Brodnica luisterden naar rock en zij naar Poolse discopop. Wij droegen lang haar en zij hadden hun hemden tot aan de nek dichtgeknoopt.’

Jarenlang riepen mijn ouders als ze die zagen: pas op, we gaan de grens over!

Al ten tijde van de Eerste Wereldoorlog spraken de inwoners van Brodnica Duits. In 1939 stonden veel van hen dan ook op de Deutsche Volksliste [een lijst van in bezet gebied wonende personen van Duitse origine]. Volgens sommige bronnen ging het daar om wel 70 procent van de bevolking, tegen 5 procent in Rypin. Na het einde van 
de oorlog zeiden de Anteks tegen hun buren aan de westkant dat zij geen echte Polen waren en geen hoge functies in het nieuwe communistische regime mochten bekleden.
Ten zuiden van Brodnica staat in het dorpje Gorczenica een roodstenen wachttoren. Jarenlang riepen mijn ouders als ze die zagen: pas op, we gaan de grens over! Daar vlakbij zou de Pissa stromen, maar nu ik ga kijken, zie ik die niet. Ik ga op zoek in de bosjes, en ja hoor, daar is hij. De grens tussen Teutonen en Anteks is 50 centimeter breed en hooguit 20 centimeter diep. Dat is alles. Een simpel stroompje.

Auteur: Tomasz Piotrowski

Openingsbeeld: De markt in Brodnica omstreek 1910. – © Getty

Gazeta Wyborcza 
Polen | dagblad | oplage 396.000

‘De Verkiezingsgazet’ is opgericht na de val van de Muur en uitgegroeid tot een grote krant, ondanks zijn bescheiden middelen. Doelstelling: nieuws brengen op informatieve en seculiere wijze.

Dit artikel van Tomasz Piotrowski verscheen eerder in Gazeta Wyborcza.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 heeft 1000 nieuwe leden nodig

Deze maand bieden wij daarom een deel van onze artikelen gratis aan. Zo kunt u vast kennismaken met ons aanbod. Leden blijven toegang houden tot onze maandelijkse digitale editie en het archief.