• Motherland Magazine
  • Reader
  • Geobsedeerd door albast

Geobsedeerd door albast

Motherland Magazine | 06 mei 2014

De Indiase blank-is-beterbrigade krijgt steeds meer voet aan de grond in India. Bruin is al lang niet meer beautiful, en daar vaart de schoonheidsindustrie wel bij. Die houdt zich collectief aan één essentiële, ongeschreven regel: voorkom dat mensen tevreden zijn.

Ik weet nog dat ik voor het eerst ‘de meeste stemmen gelden’ zei.

Volgens mij zat ik in de tweede klas, het stadium waarin voor de meeste kinderen de worsteling begint met de nuance in een discussies.

Er vormen zich groepjes, er ontstaan meningsverschillen, en negen van de tien keer is het zo dat de meeste stemmen gelden. Of de meerderheid van die kleintjes nu gelijk heeft of niet, dat maakt niet uit. Volgens de spelregels zijn zij de winnaar. Dat is het mooie aan de meerderheid.

Ik weet nog dat ik het bij alles riep. Bij het hinkelen, bij een spelletje ‘wie vertelt de leukste mop’, bij de vraag of we buiten of binnen gingen spelen: elke dag weer bedachten we situaties waarin we elke kans aangrepen om onze geliefde uitspraak van stal te kunnen halen.

Toen ik volwassen werd, ging ik beseffen dat de meeste dingen zo werken. Democratisch gekozen regeringen, jury’s, de NAVO: elke grote groep mensen kan alleen een besluit nemen bij een meerderheid van stemmen. En wanneer dit niet het geval is, mogen we toch aannemen dat er een beweegreden achter zit die moeilijk te weerleggen valt.

Dat brengt me op discriminatie in India.

Ons volk is geobsedeerd door albast

De meerderheid van de bevolking in dit land heeft een donkere huidskleur, en toch worden mensen met een lichte teint nog net niet verafgood. In ons land worden goden naar de kleur zwart vernoemd. Mogen we dan zonder meer aannemen dat men in het land waar Kali aanbeden wordt ook respect heeft voor een donkere huid?

Nee.

Ons volk is geobsedeerd door albast. De meeste Indiërs hebben geen lichte huidskleur, maar ze zouden er alles aan willen doen om dat te veranderen. Dit is onze zwarte bladzijde.

Maar wiens schuld is het? Je zou het kunnen wijten aan een postkoloniale kater, maar die redenering houdt geen stand. Aan elke nationale obsessie liggen verschillende moeilijk te herleiden redenen ten grondslag die je eigenlijk niet los van elkaar kunt zien. Daarentegen is de ongegeneerde manier waarop adverteerders een lichte huid propageren onmiskenbaar, en dat begint te irriteren.

Het verkopen van onzekerheid was de afgelopen eeuw in veel sectoren de modus operandi. De wereld is kleiner geworden en bedrijven kunnen moeiteloos miljoenen mensen tegelijk bereiken. Televisie, radio en internet zijn grotten, bergen en woestijnen binnengedrongen. Dankzij het groeiende bereik werd het ineens veel gemakkelijker om een product of een idee te verkopen.

Cosmeticadisplay in een drogisterij in Mumbai - © Prashanth Vishwanathan
Cosmeticadisplay in een drogisterij in Mumbai – © Prashanth Vishwanathan

Daar worden miljarden aan verdiend. Er is een opeenhoping van bedrijfstakken die hun voortbestaan en succes te danken hebben aan één essentiële, ongeschreven regel: voorkom dat mensen tevreden zijn. Want tevreden mensen kopen niks.

Als die zaadjes van ontevredenheid eenmaal geplant zijn, kun je eindeloos veel remedies verkopen: dankzij deze ‘oplossingen’ kan de consument het door cosmeticagiganten bedachte schoonheidsideaal bereiken. Mensen worden als was in je handen en kunnen elke vorm, maat of kleur aannemen die de giganten maar willen.

Kali kalooti

Ik had het geluk dat ik in mijn jeugd in verschillende delen van het land heb gewoond, en ik ontdekte al op tamelijk jonge leeftijd hoe ontzettend veel mensen geobsedeerd zijn door een lichte huid. Ik besefte niet dat ik donker was, tot ik als zevenjarig meisje op school voor kali kalooti [roetmop] werd uitgescholden. Ik reageerde niet, omdat ik dacht dat het meisje dat me uitschold niet wist waar ze het over had. Ik ben namelijk opgegroeid in een omgeving waar onze huidskleur nooit besproken of becommentarieerd werd. Tot ik van school veranderde en besefte dat de manier waarop we met ons huidskleurcomplex omgaan per regio verschilt. Van schelden (kali mai, bhoot) tot het aanbrengen van talkpoeder op het gezicht (mijn klasgenoten in Coonoor), tot het subtiel gemeden worden omdat je niet licht genoeg bent, hoewel daar nooit een duidelijke reden voor gegeven wordt (Delhi): ik ontdekte dat je in India met een donkere huid in verschillende situaties doorgaat voor minder dan gemiddeld, of minder mooi, of eigenlijk gewoon: minder.

Het begint al op heel jonge leeftijd, wanneer Indiase moeders ouderwetse huismiddeltjes gebruiken om de huid van hun pasgeboren kindje lichter te maken. Ubtan, besan, melk en honing worden op alle mogelijke manieren gemengd in een poging van elke baby een bleekscheet te maken. Vervolgens wordt hun ingeprent dat ze zo veel mogelijk uit de zon moeten blijven, en onzekere tieners groeien uit tot volwassenen die dankzij jarenlange klassieke conditionering geloven dat blank beter is.

© Prashanth Vishwanathan
© Prashanth Vishwanathan

Eind jaren tachtig en midden jaren negentig was de obsessie met sunblock nog niet echt toegeslagen in India. Niet dat mensen zich niet bewust waren van de schadelijke straling, maar in deelstaten als Assam was gewoonweg geen sunblock te krijgen. En dus zagen al mijn vriendinnen en ik eruit als schoorsteenvegers. Dat kon ook niet anders. Een groot deel van de dag speelden we buiten in de zon en deden we dezelfde spelletjes die kinderen tegenwoordig op hun telefoon spelen, maar dan in het echt. Hoewel we allemaal dezelfde roetgrijze kleur hadden, waren hatelijke opmerkingen niet van de lucht. ‘Ze is te bruin geworden. Het staat haar niet.’ Dat zeiden ze dan tegen mij of tegen een minder fortuinlijke ziel die donkerder was dan ik, zonder te beseffen dat we allemaal maar één tintje van elkaar verschilden.

De blank-is-beterbrigade bestaat uit mensen die langzaam maar gestaag in blekende crèmes gaan geloven, als ware het ‘instapdrugs’, tot het een verslaving is geworden waar ze moeilijk van af kunnen komen, en ze de toch al bloeiende markt in bleekmiddelen spekken (waarvan de geschatte jaaromzet 29,4 miljard roepie bedraagt).

En net als bij drugs is het meer een geestelijke dan een lichamelijke verslaving. Een blekende crème kan de melanineproductie slechts tot op zekere hoogte remmen. Dus waarom besteden mannen en vrouwen jaar in, jaar uit zo veel tijd en geld aan het repareren van iets dat niet eens kapot is? Omdat het idee dat een lichte huid beter is dan een donkere een razendsnelle verandering heeft ondergaan: wat generaties lang door oma’s en moeders op fluistertoon werd doorgegeven, wordt tegenwoordig verspreid via schaamteloze, grootscheepse reclamecampagnes, waarbij tieneridolen en filmsterren op opzichtige billboards verklaren dat een lichte huid het toppunt van schoonheid is.

Mensen die aanvankelijk twijfelen over de aankoop van een bleekmiddel worden vroeg of laat in een schoonheidssalon over de streep getrokken door een overtuigd voorstander die een crème, lotion of bleekmiddel – dubieuze ingrediënten incluis – probeert aan te smeren, met de belofte dat de last van het leven met een bruine huid van hun schouders zal vallen.

Salons

Trendy, Hong Kong, Blue Heaven, Glory, Florence, Shonelle: stuk voor stuk zijn het kleine, hel verlichte salons, ergens tussen Bandra en Cholaba, waar het idee van een donkere huid wordt verafschuwd. Dit zijn de gemakkelijk bereikbare salons waar we ons massaal naartoe haasten voor een snelle waxbehandeling of shampoobeurt. En het personeel van deze etablissementen neemt het bleken van de opperhuid heel serieus, ook als je alleen maar je bovenlip wilt laten epileren.

Het grenst aan een prestigekwestie, en er zijn maar weinig mensen die de uitgebreide selectie van behandelingen die hun wordt aangeboden resoluut blijven weigeren. Na een strandvakantie krijg ik bij een bezoekje aan de schoonheidssalon steevast te horen: ‘Bent u op vakantie geweest? U bent zo donker geworden! Het duurt wel even voordat u daarvan af bent.’ Als je het eerste dwingende advies om te bleken weet te ontwijken, zal er geheid een arsenaal aan andere ‘oplossingen’ volgen die je moet zien af te weren. De meeste middelen die worden aangeboden hebben een ‘nieuwe, verbeterde formule’, een aantal zelfs met geavanceerde ‘naar albinisme neigende’ eigenschappen.

Is hier sprake van het aanbod dat de vraag op de hielen zit, of vice versa? Tussen onze afkeer van een donkere huid en de overvloed aan middeltjes die daaruit voortvloeit, vormt zich een disfunctionele relatie van wederzijdse afhankelijkheid, waar het een niet van het ander onderscheiden kan worden.

‘Veel mensen komen hier omdat ze van hun zongebruinde kleurtje af willen, maar vaak zijn ze niet bruin van de zon en ziet hun huid er gewoon zo uit’, zegt Priya, eigenaresse van een gelijknamige salon, die diep in Bandra verscholen ligt. ‘Voor het lichter maken van de huid adviseren wij bleekbehandelingen en body peelings, maar geen zalfjes.’ Ze vertelt ook dat leerlingen tijdens de opleiding tot schoonheidsspecialist verschillende technieken aangereikt krijgen om Indiërs te helpen ‘te leren omgaan’ met hun donkere huid. Maar uiteraard weigert ze botweg die methoden te onthullen, waarbij ze me enigszins wantrouwig aankijkt. Wel laat ze weten dat veel van haar klanten aandringen op het gebruik van blekende crèmes, hoewel haar salon deze afraadt, waardoor haar schoonheidsspecialistes gedwongen worden daarin mee te gaan.

Priya’s onwil om blekende crèmes te propageren komt voort uit haar persoonlijke ervaring: na jarenlang gebruik kwam ze erachter dat haar donkere teint er in geen enkel opzicht door was veranderd. Sindsdien is ze overgestapt naar behandelingen die ervoor zorgen dat de huid gaat glimmen en daardoor lichter lijkt.

Ritu’s is nog zo’n tussen de eethuisjes verstopt salonnetje, waar men heilig in bleken gelooft en met overgave meedoet met de hype van blekende crèmes. ‘Neem nou Bipasha en Chitangrada’, zegt de manager tegen me, ‘ze zijn allebei donker, maar ze doen het fantastisch in Bollywood. Tegenwoordig willen meisjes een knap gezichtje, geen blanke huid.’ Net als het gesprek een positieve wending lijkt te nemen, merkt ze terloops op: ‘Maar veel mensen willen nog steeds een lichte huid. Wat kunnen we eraan doen? Indiërs willen gewoon niet donker zijn, dus blijven ze het proberen. Iedereen heeft deze crèmes en lotions thuis geprobeerd en blijft hopen op resultaat.’

Het idee dat bruin mooi is, vormt nog maar een stipje aan onze horizon. Bombay loopt lichtjaren voor op de meeste andere steden in India, en ook al weet men het vooroordeel ten opzichte van een donkere huid hier goed te verbloemen, het bestaat wel degelijk. Saloneigenaren testen producten eerst op zichzelf voordat ze ze als waardeloos afdoen. Hun werknemers zijn zich bewust van de tendens om donkerdere teints te accepteren, en weten daarom heel goed dat ze hun afkeuring van een donkere huid beter niet openlijk kunnen laten blijken. Maar als je ze even de ruimte geeft, worden ze lyrisch over de voordelen van een lichte huid (huwelijk, werk). En op de billboards buiten de stad staan blanke modellen die alles verkopen: van ayurvedische crèmes tot sanitair.

Zelfs als je lekker in je cacaokleurige vel zit, zul je er hoogstwaarschijnlijk op niet al te subtiele wijze aan herinnerd worden dat je huid niet door de selectie komt. In de jaren dat ik als tv-presentator werkte, heb ik visagisten dikwijls horen zeggen dat ik te bruin was geworden en dat zij het probleem wel even zouden ‘oplossen’. Ik kon ze er slechts met veel moeite van overtuigen dat ik niet bruin was van de zon, en dat er geen probleem opgelost hoefde te worden. Ik zag er nu eenmaal zo uit, en ze moesten gewoon donkerdere make-up gebruiken.

Het is een voortdurende strijd, die je meedraagt als een tweede huid. De ene keer moet je voet bij stuk houden, en de andere keer komt dat korreltje zout goed van pas. Op een keer trok een galante meneer in een hotelkamer wat extra tijd uit voor mijn make-up en keerde mij bewust van de spiegel af. Na 45 minuten zwoegen mocht ik van de andere kant van de kamer in de spiegel kijken: daar stond ik dan, met grote ogen en een prachtige paarse teint.

Het kan best dat hij een hele pot talkpoeder gebruikt heeft, maar ik was bang dat ik zijn hart zou breken als ik zijn laagjestaart van mijn gezicht zou vegen. Dus bleef ik voor deze ene keer lila.

Auteur: Juhi Pande
Vertaling: Astrid Huisman

Motherland Magazine
India, tweemaandelijks, oplage onbekend
Jong en fris magazine met het doel ‘een uniek perspectief op de hedendaagse subcultuur van India te bieden’, en inzicht te geven in de nieuwste trends, kwesties en ideeën. Ook wil het blad een platform zijn dat Indiase en buitenlandse auteurs, redacteuren, illustratoren en fotografen samenbrengt.

Dit artikel van verscheen eerder in Motherland Magazine.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

En ontvang wekelijks het beste uit de internationale pers in uw mailbox.