• Reportagen
  • Reader
  • Huisarrest

Huisarrest

Reportagen | Bern | 08 juli 2020

In het eerste kwartaal heeft Netflix er zestien miljoen abonnees bij gekregen. YouTube blokkeert complotdenkers die het virus in verband brengen met 5G. In een verpleeghuis in Thun, Zwitserland, kunnen mensen hun familieleden bezoeken zoals in een gevangenis: bezoekers worden gescheiden van de bewoners door een glazen wand en communiceren met behulp van audioapparatuur.

Vorige week heeft Donald Trump wetenschappers opgeroepen onderzoek te doen naar de mogelijkheid het virus te bestrijden door patiënten te injecteren met ontsmettingsmiddel. In Iran zijn zevenhonderd mensen om het leven gekomen nadat ze methanol hadden ingenomen in een poging het coronavirus te bestrijden. Honderdduizenden textielarbeiders in Bangladesh negeren de landelijke lockdownmaatregelen; de merendeels vrouwelijke werknemers nemen het risico geïnfecteerd te worden om maar weer wat te kunnen verdienen nadat de fabrieken enkele maanden gedwongen gesloten zijn geweest.

In Japan verzoekt een aquarium mensen om met de driehonderd zeepalingen te videochatten en even naar ze te zwaaien; de dieren vertonen tekenen van stress door de afwezigheid van publiek. In Italië, waar de overheid nog altijd noodrantsoenen verstrekt, maken mensen plannen voor een vakantie aan zee: slimme ondernemers hebben een plexiglazen box ontworpen die mensen om hun strandstoel kunnen zetten. Het stadsbestuur van Wuhan laat weten dat er, voor het eerst sinds de uitbraak daar begon, niet één iemand met corona in de ziekenhuizen van de stad ligt. Inmiddels beschikken 47 miljoen vrouwen niet langer over voorbehoedsmiddelen, wat volgens de Verenigde Naties kan resulteren in een babyboom. ‘Kun je me zien?’ is een van de meest gestelde vragen uit deze thuiswerktijd, een vraag die weleens symbool zou kunnen gaan staan voor de coronacrisis.

Srinagar

India
Gewoonlijk begint de dag met fluitende vogels en het zachte zonlicht van april dat door de bladeren van de heg valt, tenzij er sprake is van een weersomslag. Wat vandaag het geval is. Eerst zijn er wat bliksemschichten in de verte, dan breekt het onweer los met een gedonder dat de ramen doet trillen in hun sponningen. Ik schuif het gordijn open en zie hoe de regen de populier in de tuin van Muhammad Rafiq geselt, de bladeren zwaar, trillend en druipend. Moeder zegt dat we tegenwoordig blij mogen zijn met wat regen. Vader kijkt op van zijn telefoon, waarop hij naar een YouTube-filmpje kijkt.

‘Hoe dat zo?’ wil hij van moeder weten.

‘Nou, dat lijkt me logisch. De regen kan de rondvliegende virusdeeltjes onschadelijk maken en de lucht zuiveren,’ zegt ze vinnig.

‘Hmmm,’ zegt hij instemmend en slaat dan terug.

‘En hoe zit het met de miljoenen daklozen op het platteland? Waar moeten die naartoe als het steeds maar regent?’ Moeder knippert met haar ogen.

Shaznaz Bashir

Boekarest

Roemenië
‘Hij zal er weldra niet meer zijn. Maar jullie hoeven je geen zorgen te maken. Jullie kunnen in het appartement blijven wonen. Hij zal spoedig doodgaan.’ Het is voor het eerst dat ik de vrouw van de huisbaas zie. Een vrouw met golvend blond haar, grote ogen, een houten kruis om haar hals. ‘Hij weet het niet, zie je. Hij weet dat hij ziek is, alleen niet zó ziek. Hij moet met chemotherapie beginnen, maar in deze situatie weten we niet wanneer. Het ziekenhuis zei dat ze hem zouden bellen, maar er is nog geen telefoontje gekomen.’ We staan te praten voor het communistische appartementencomplex. Het is winderig, de bomen staan in bloei. Om ons heen staan de boodschappen voor mijn eerste Pasen zonder mijn ouders. ‘Zeg het ons als we iets kunnen doen. Misschien kan ik hem met de auto naar het ziekenhuis brengen als het nodig is,’ zegt mijn vriend. ‘Ja, zeg het ons vooral,’ vul ik aan. Het is moeilijk om iemand te troosten met een mondkapje voor.
Oana Filip

4 juli 2020, Londen, Verenigd Koninkrijk  – © Peter Dench / Getty
4 juli 2020, Londen, Verenigd Koninkrijk  – © Peter Dench / Getty

München

Duitsland
Tot nu toe had hij gedacht dat hij in de beste van alle werelden woonde. In vrede, in een land waarin welvaart en sociale zekerheid op een solidariteitsverdrag tussen de generaties steunden. De man is halverwege de vijftig, hij ziet zichzelf als man in zijn beste jaren. Hij geldt als vriendelijk en terughoudend. Hij loopt door een straat in München-Schwabing. Behalve hij is er vrijwel geen andere Münchenaar op straat. Op het bankje van een bushalte zitten een paar jongens, ze zijn misschien zeventien, negentien. Ze zitten dicht bij elkaar, ze drinken, ze lachen. De man zegt vriendelijk: ‘Jullie kunnen beter wat afstand houden, jongens.’ En een van de jongens antwoordt: ‘Hé, ouwe, ga naar huis en sterf.’ In coronatijd wordt de entente cordiale tussen de generaties opgezegd.
Sabine Riedel

Parijs

Frankrijk
Al enige tijd zoek ik het juiste woord om de komende tijd aan te duiden, de ‘tijd erna’ die ik geen tijd erna meer kan noemen omdat ik niet
weet wat dat wil zeggen. ‘Erna’ veronderstelt een etappe, het einde van iets, het oversteken van een wed, en hoewel ik weet wat de tijd ervoor was, weet ik niet zeker wat de tijd erna is, of waar de grens tussen beide tijden ligt. Tenzij die grens al achter ons ligt en ‘erna’ in feite nu is. Dat zou betekenen dat er geen wed is om over te steken en ons alledaagse niet zo ver van onze toekomst verwijderd is. Tenzij de toekomst er al is.
Taina Tervonen

Johannesburg

Zuid-Afrika
Door chemotherapie voel je je een vreemde in eigen lijf. De ijzige greep van het gif dringt via het infuus in je arm het lichaam binnen en ruïneert niet alleen elke vorm van fysieke en mentale vertrouwdheid, maar ook je standvastigheid. In plaats daarvan: ineenkrimpen van de pijn en een verdoofd ‘chemohoofd’; de spanning van de hoop op overleving en de angst voor de dood – en dat alles nog eens verergerd door een virus dat aast
op lichamen met een verzwakte afweer, zoals dat van mij. De paranoia van de dood, maar dan dubbelop.

Het enige wat je wil is dat alles ‘normaal’ is. De argeloze onschuld van twee maanden terug, toen je spelletjes verzon met je zevenjarige nichtje of toen je zonder nadenken de trap op rende. Een jazzbandje, zwemmen in zee, een vertrouwde aanraking.

Door het coronavirus voel je je een vreemde in eigen stad. Er geldt een lockdown in Zuid-Afrika en niets is meer ‘normaal’. Je nichtje mag niet meer met je spelen, de stranden zijn afgesloten, het leger patrouilleert in verlaten straten, iedereen is opgesloten en er geldt een beperkte bewegingsvrijheid, waarbij anderen bepalen wat al dan niet ‘noodzakelijke boodschappen’ zijn. Mijn dreadlocks vallen met hele plukken tegelijk uit. De elektrische scheerapparaten liggen achter slot en grendel omdat mijn apotheek heeft bepaald dat het geen ‘eerste levensbehoefte’ is. Wel is er een tondeuse voor schaamhaar te koop. Er is niets normaals aan kanker in tijden van corona.
Niren Tolsi

Delhi

India

Beste dokter,
Ik kan geen bed voor u vinden van zes
voet aarde, acht voet diep.
We hebben gezien hoe duizenden hun
ziekenhuisbed verlieten, de wereld weer
in trokken.
Zelfs tijdens de wreedste wending kreeg u niet de waardigheid waarmee u anderen bejegende.

Wereld, luister:
binnen twee uur hebben twee
begraafplaatsen mijn dokter afgewezen.
Mensen daalden af alsof we smokkelaars waren
die listige buit binnenhaalden.
In hun angst dat uw lichaam het virus
zou verspreiden
troffen ze ons met een regen van stokken en stenen,
lieten ons bloedend achter;
We moesten vluchten en hem in de steek laten
In het pikkedonker.

SOS aan de politie,
ze kwamen met geladen geweren,
op het spookuur, ik groef de kuil met schoppen,
liet het lichaam zakken,
duwde haastig de modder omlaag met mijn handen.

Wereld, luister:
zo begraaf je een mentor,
een rolmodel van vele jaren.
U heeft uw ziekenhuis ‘Nieuwe Hoop’ genoemd.
Ik heb uw begraafplaats ‘Geen Hoop’ genoemd.

Beste dokter,
Uw vriendelijkheid was een vuurtoren,
uw dienstbaarheid was mijn kompas
Van trillende zenuwen tot zuuraanvallen, u behandelde ze met liefde,
van Madras tot Nigeria leidde u gratis kampen,
met uw prachtige vonk van goddelijkheid.
Ter ruste gelegd onder een hoop
middernachtelijke aarde.

Met mijn handen die nog naar modder roken
heb ik u gegoogeld.
Het eerste resultaat:
‘Dr. Simeon Hercules, weekdagen van 10.00 tot 20.00 uur.
Maak online een afspraak.’

Vinod K. Jose

Caracas

Venezuela
Ik was mijn handen met infusievloeistof want in het ziekenhuis is geen water, zo zei een verpleegkundige van een van de grootste ziekenhuizen van Caracas, de hoofdstad van Venezuela. Om ons te beschermen tegen covid-19 moeten we onze handen wassen, maar de regering heeft sinds een aantal jaren het water in heel het land op rantsoen gezet. Er kunnen dagen, maanden verstrijken zonder dat we van water worden voorzien.

Tot maart hadden we de goedkoopste benzine ter wereld. Met vier dollar kon je zo’n vijf miljard liter benzine kopen. Nu is er gebrek aan benzine en beheren de militairen de benzinepompen. Om je auto te kunnen volgooien kun je dagenlang wachten. Op de zwarte markt wordt benzine verkocht tot wel vier dollar per liter. De hoogste benzineprijs ter wereld. Vanwege het benzinegebrek weten artsen en verpleegkundigen niet hoe ze bij het ziekenhuis moeten komen en is de voedseldistributie niet gegarandeerd. Al in drie verschillende staten zijn supermarkten geplunderd.
Ricardo Barbar

Beijing

China
Tegenwoordig staat er bij vrijwel elk hek een groepje filosofen, die de drie wezenlijke vragen stellen:
Wie ben je?
Waar kom je vandaan?
Waar ga je naartoe?
Tot besluit een schot in je voorhoofd (contactloze thermometer) om te kijken of je het warm hebt.
Liu Zichao

Zürich

Zwitserland
Het Werdinsel aan de rand van Zürich is de afgelopen weken in een parallelle wereld veranderd. Avond na avond branden er kampvuren, nu eens acht, dan weer tien. Ik woon vlak bij het eiland en ruik de rook vaak op mijn balkon. De afgelopen dagen was ik meestal ook zelf op het eiland. Zelden heb ik zo veel mensen leren kennen, gisteren nog, op een van de eerste zachte aprilavonden. Vlak voor zonsondergang ging ik naar een van de grasvelden om in m’n eentje te dansen, eerst met een hoelahoep, daarna met een aikidostok. Ongeveer honderd meter verderop zag ik drie vrouwen die ook aan het dansen waren. Na een tijdje wandelde ik naar hen toe. Ze dansten me tegemoet. Een paar minuten later hadden burgerlijke ongehoorzaamheid, gebrek aan angst, flagrante dommigheid, een niet te onderdrukken joie de vivre of een mengeling daarvan ons in een groepsdans gelokt. Een man met een gitaar voegde zich bij ons. We ontstaken een vuur en dansten tot middernacht. En om ons heen brandden zes of zeven andere vuren, dansten andere mensen in een nonchalante veronachtzaming van de social distancing-regels. Social distancing – het begrip wordt vermoedelijk tot woord van het jaar gekozen. Maar misschien zijn we voor zo’n denkbeeld wel gewoon de verkeerde soort.
Florian Leu

Dit artikel van verscheen eerder in Reportagen.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.