• The Critic
  • Europa
  • Wie gaat er schuil achter Mrs Europe?
">

Wie gaat er schuil achter Mrs Europe?

Ursula von der Leyen | Foto: Getty
The Critic | Londen | Ben Judah | 29 november 2020

Haar rede over de staat van de Unie en hoe ze denkt de grote vragen van deze tijd op te lossen, was op z’n minst indrukwekkend te noemen. Nu maar afwachten of Europeanen over drie jaar echt het idee hebben dat deze nieuwe machthebber herstel heeft bewerkstelligd. En wie is Ursula von der Leyen eigenlijk, behalve voorzitter van de Europese Commissie?

Het eerste wat opvalt als je Ursula von der Leyen ontmoet, is dat er iets mist – iets aan deze onberispelijke politica lijkt gemaakt of onoprecht: maar wat precies is opmerkelijk lastig te benoemen. Cryptisch en ondoorzichtig, als de glazen gevel van het Berlaymontgebouw, haar hoofdkwartier, dat openheid uitstraalt maar ondertussen niets prijsgeeft.

Het zou een vergissing zijn om dwars door haar heen te kijken. Wie Europa wil begrijpen, moet eerst Ursula von der Leyen begrijpen. Deze Eurocraat van de tweede generatie is geboren in Brussel en belichaamt de klasse wier beslissingen bepalend zullen zijn voor de vraag of de Unie zal uitgroeien tot een Verenigde Staten van Europa of langzaam uit elkaar zal vallen. Haar politiek is de Steen van Rosetta die laat zien hoe het Merkel-mechanisme in elkaar steekt. Haar leven toont ons de Duitse reis in Europa, en geeft antwoord op de vraag of die route nog ergens naartoe leidt. Van Brussel, waar ze is geboren, naar Berlijn en nu weer terug naar Berlaymont, van vader op dochter – dit is een reis van smeekbede naar macht, van idealisme naar angst.

Duitse ministers hebben de neiging altijd in beweging te zijn: ministerconferenties in Brussel, weekenden in de Länder, eindeloze gezamenlijke kabinetsvergaderingen met tientallen bondgenoten. Het zijn mensen van hazenslaapjes in vliegtuigen, mensen die voortdurend uitgeput zijn. In 2009, in Warschau, nam Jacek Rostowski, de Poolse minister van Financiën, tijdens de tweejaarlijkse Pools-Duitse kabinetsbespreking plaats naast een ‘niet al te grote, tamelijk aantrekkelijke vrouw’. Rostowski keek haar even aan. Hij had deze minister niet eerder ontmoet. ‘Maar op de een of andere manier had ik het gevoel dat ik haar kende.’ Ze stelde zich aan hem voor: Ursula von der Leyen, minister van Landbouw en Sociale Zaken. Nog altijd niets. De naam deed geen belletje rinkelen.

Conferenties. Paneldiscussies. Kringen. De elite die aan het hoofd staat van Europa komt elkaar altijd weer tegen. Zo’n maand of zes later, in Davos, zat de Poolse minister weer naast dezelfde Duitse minister. Ze schudden elkaar de hand, zeiden dat het leuk was om elkaar weer te zien. Rostowski vloog terug naar Warschau. ‘Toen, drie dagen later, daalde ineens het besef over me neer, als een schok.’ Alles kwam weer boven.

Londen

Earls Court, Londen, 1978. Nog altijd het sombere Londen van de film Tinker Tailor Soldier Spy, kleine eenkamerwoninkjes en her en der nog gaten van bominslagen; de straat waar Rostowski, een jonge docent en de zoon van Poolse vluchtelingen, in een huis woonde dat zijn moeder had opgedeeld in appartementen. Ze had de bovenste verdieping verhuurd aan Erich Stromeyer, een Duitse bankier die net was gescheiden. Op een dag vertelde Stromeyer dat zijn zwager een vooraanstaand Duits politicus was en dat de Baader-Meinhof-Groep had gedreigd zijn dochter te ontvoeren en te vermoorden. De situatie was nogal ernstig: zouden de Rostowski’s het erg vinden als die dochter bij hem introk, om aan de London School of Economics te gaan studeren, totdat de crisis was overgewaaid?

Ze trok bij hem in onder een schuilnaam: Rose Ladson. ‘Ze had nog wat babyvet,’ herinnert Rostowski zich. ‘Ze was heel levendig, heel aardig en altijd de hort op.’ Haar echte naam was Ursula Gertrud Albrecht, en de Rostowski’s merkten al snel dat ze vaak tot laat de deur uit was, dat ze vaak pas ’s nachts na enen weer terugkwam in Philbeach Gardens. ‘Ze vergat geregeld bij thuiskomst de deur goed op slot te doen. Dat vond ik nogal lichtzinnig, gezien het feit dat er mensen zouden zijn die haar wilden ontvoeren en vermoorden.’

Vader Ernst Albrecht, minister-president van Nedersaksen namens de CDU met moeder Heidi-Adele (rechts) en dochter Ursula in april 1978. © Ullstein Bild / Getty

De London School of Economics was in die tijd nog niet de springplank naar the City die hij zou worden – allemaal internationale studenten met weinig esprit de corps – maar nog de school van Ralf Dahrendorf, van de studentenbezettingen, waar de geest van Sidney en Beatrice Webb nog rondwaarden en het politieke klimaat bepaalden. Al zal ‘Rose Ladson’ dat allemaal nauwelijks hebben meegekregen, aangezien ze er bijna nooit was.

Ze was gegrepen door de punkbeweging en woonde in een stad waar The Clash optrad in Hammersmith Palais, en ze hing vaker rond in de pubs van Soho en in de platenzaken in Camden dan in de bibliotheek van de London School of Economics. Ze kreeg al snel de reputatie dat ze iemand was ‘die in de disco helemaal uit haar dak ging’. Zelf heeft ze over die periode gezegd: ‘Ik leefde meer dan dat ik studeerde.’

Londen was alles wat het Duitse platteland niet was. ‘Londen,’ zei ze tegen Die Zeit, ‘was voor mij de belichaming van moderniteit: vrijheid, de vreugde van het bestaan, experimenteren.’ Deze liefde voor Londen verklaart de verbittering en de pijn van een groot deel van Europa’s elite, die zich tot aan de dag van vandaag blijft identificeren met de Britse Remain-campagne – of in ieder geval hun berichten retweet. Acht voormalige EU-ministers zijn alumni van de London School of Economics; en Jacek Rostowski zou later voor het Europees Parlement staan met het opmerkelijke Change UK [pro-Europese partij], een partij die een kort leven was beschoren. Londen, en niet Parijs, is de stad waar deze mensen ‘Europeaan’ zijn geworden.

Vader Albrecht

‘Europa is het verhaal van generaties,’ zei Ursula von der Leyen voor het Europees Parlement. Net zoals dat geldt voor George W. Bush of Justin Trudeau, kan men de voorzitter van de commissie niet begrijpen zonder haar vader te begrijpen. En zelfs hij was niet alleen een mens maar ook een grote naam. De twintigjarige Ursula schepte er een speciaal genoegen in om door het leven te gaan als Rose Ladson omdat ze gebukt ging onder de naam Albrecht.

De voorname connecties van de bewoners van de bovenste verdieping van het huis aan Philbeach Gardens waren niet toevallig. Twaalf generaties zeer vooraanstaande burgers – geestelijken, hoog aangeschreven artsen, hoge ambtenaren, kooplieden – keken via die naam op haar neer, vanuit de hanzeatische handelselites van Bremen, het koninkrijk Hannover en het keurvorstendom Keulen. De familie Albrecht had zelfs een eigen lemma in het Deutsches Geschlechterbuch, misschien nog het beste te vergelijken met Burke’s Landed Gentry.In de negentiende eeuw waren de Albrechts handelsmagnaten in Bremen, katoenimporteurs die huwelijken sloten met leden van de familie Ladson, slavenhouders en plantage-eigenaren uit South Carolina (vandaar Ursula’s Londense achternaam).

Dergelijke Duitse handelshuizen hebben veel meer gedaan om onder de Britse of Amerikaanse vlag een koloniaal imperium op te bouwen dan velen zich realiseren. Dit soort mannen hekelde Thomas Mann, zelf afkomstig uit de oude Hanzestad Lübeck, in De Toverberg als ‘hardnekkig overtuigd van het recht van de aristocratie om te heersen’. In 1945 kwam Ernst Albrecht tevoorschijn uit de puinhopen van twee wereldoorlogen. Bremen was vrijwel volledig verwoest. Maar Ernst was verliefd en hij was intelligent en ambitieus. Hij wilde de hoogste cijfers halen en hij wilde trouwen met de dochter van het bevriende stel bij wie hij zich had schuilgehouden voor de RAF: Heidi Alele Stromeyer.

Hij ging filosofie en theologie studeren in Tübingen, in de Amerikaanse bezettingszone, en sleepte daarna een beurs voor Cornell in de VS in de wacht. Er werd een nieuwe Duitse elite gevormd, gekneed door Amerikaanse handen, en hij was vastbesloten daar deel van uit te maken.

Kweekvijver

Toen Ernst terugkeerde naar Europa, wilde hij graag naar Bonn, de nieuwe hoofdstad van Konrad Adenauer. De universiteit van Bonn groeide in rap tempo uit tot de kweekvijver van politici voor de opkomende staat. Ernsts afstudeerscriptie was getiteld: Is een monetaire unie een noodzakelijke voorwaarde voor een economische unie? Het zou een slimme keuze blijken, en dat realiseerde hij zich maar al te goed.

Al snel volgden afspraken en promoties. Op zijn 24ste werd hij attaché van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal in Luxemburg: het nakende Europese project in de kinderschoenen. Hij klom verder op. Op een foto genomen in een palazzo in Rome, in 1957 – vergeeld, een beetje wazig aan de randen – zien we een lange rij leiders een document ondertekenen. Achter hen hangen renaissancistische schilderijen. Dit zijn de mannen (het zijn allemaal mannen) achter het Verdrag van Rome, het verdrag waarmee de Europese Economische Gemeenschap werd gevestigd en het belangrijkste verdrag in Europa sinds de vredesverdragen van Westfalen. Achter Adenauer zien we Ernst Albrecht.

Terwijl Duitse ambtenaren openlijk hun best deden de Italianen en de Fransen tegemoet te komen, had Ernst weinig last van schuldgevoelens over de oorlog. ‘Beste mensen,’ zei hij, ‘ofwel jullie willen met ons een Europa opbouwen, ofwel jullie willen het niet. Wij zijn een nieuwe generatie. De gebeurtenissen uit het verleden behoren tot het verleden. Ik ben net zo’n neutrale vertegenwoordiger van mijn land als de Fransen.’

Albrechts Europa was een doel op zich, maar het diende ook een nationaal belang. Zijn uiteindelijke baas, Walter Hallstein, de eerste voorzitter van de Commissie, leek op het eerste gezicht een tegenstelling te belichamen. Als ‘vergeten Europeaan’, net als Adenauer zelf, weigerde hij de Oder-Neissegrens te accepteren als nieuwe westgrens van Polen, en gaf hij zijn naam aan de zogeheten Hallsteindoctrine: Bonn zou geen diplomatieke banden opbouwen of onderhouden met landen die Oost-Duitsland erkenden, met uitzondering van de Sovjet-Unie. West-Duitsland was niet sterk genoeg om zich zelfstandig staande te houden op geopolitiek vlak. Adenauer en Hallstein hadden een sterker Europa nodig.

Ursula von der Leyen met haar zeven kinderen in 2003. In dat jaar werd ze minister van Sociale Zaken en Familie in Nedersaksen. – © Ullstein Bild

Het Brussel waar de Albrechts naartoe verhuisden na het Verdrag van Rome was een heel ander Brussel dan de Eurostar-stad van vandaag de dag. Ernst werd benoemd tot chef de cabinet van de eerste Duitse commissaris. Er werd nauwelijks Engels gesproken. De voertaal was Frans en de bescheiden onderkomens van de Zes hadden iets karolingisch. Het was een wereld van enkel mannen, die tot laat werkten en tot nog later doorzakten, drinkend of politiek bedrijvend.

Toen Heidi Adele wist dat ze zwanger was van hun derde kind, zette ze een kinderstoeltje voor de deur van Ernsts werkkamer om hem met het nieuws te verrassen. Ursula Gertrud werd geboren op 8 oktober 1958 in Brussel, anderhalf jaar na het Verdrag van Rome. ‘Je bent een ongelooflijke baby,’ schreef haar moeder in haar dagboek. ‘De eerste die niet krijsend ter wereld komt.’

Haar koosnaampje was Röschen, een verkleinwoord van Rose [roos]. Van haar vader heeft Ursula haar gevoel voor politiek geërfd; van haar moeder haar vastberadenheid binnen de politiek. Heidi Adele maakte deel uit van de generatie vrouwen die werd verstikt: de opleidingen waren opengesteld voor vrouwen, maar de banen waren nog niet voor hen beschikbaar. Ze had gestudeerd in Heidelberg, was gepromoveerd in Freiburg en had, zo gaat het verhaal binnen de familie, een begenadigd schrijver of beroemd journalist kunnen worden. Maar in werkelijkheid bleef ze altijd in de schaduw staan van haar man en stak ze haar energie in het schrijven van theatrale passages in haar dagboek.

De kleine Röschen was altijd al Ernsts oogappeltje: ‘Het pronkstuk hier in huis is Ursula Gertrud, amper twee jaar oud,’ schreef haar moeder in haar dagboek. Haar zes kinderen groeiden op als Europeanen: Ursula ging naar de nieuwe Europese School, waar de kinderen van het ambtelijk apparaat dat in Brussel neerstreek – de EEG, de NATO, Euratom – drietalig werden opgevoed, zich bewust van het feit dat ze tot de elite behoorden. Het was dezelfde school, in de voorstad Ukkel, waar Boris Johnson een tijdje op heeft gezeten, toen Johnsons vader er een paar jaar later werkte als een soort Eurocratische klusjesman.

Ambitie

Ze hadden alles wat ze zich maar konden wensen, een aangenaam, rijk leven. Maar hoe langer de Albrechts in Brussel woonden, hoe ongelukkiger ze werden. Al sinds zijn twintigste speelde Ernst een belangrijke rol op de achtergrond voor de grote mannen van de CDU, en inmiddels wilde hij daar zelf een van worden. ‘Ik was 37 en op het hoogtepunt van een carrière als Europees ambtenaar. Wilde ik tot mijn 65ste directeur-generaal blijven voor de concurrentie? Dat kon ik me niet voorstellen.’ De jaren zestig van de vorige eeuw waren niet de leukste tijd om een Duitse Eurocraat te zijn. De Gaulle zei nee: zijn sterke Frankrijk zou niet toelaten dat een meer federale, presidentiële commissie het land zou overschaduwen. En Ernst begon actief politici te benaderen.

Een klein eindje lopen van het Karel de Grotegebouw in het Brussel van vandaag de dag, zeggen de vlaggen en de plaquettes boven de deur net zoveel over Duitsland als over Europa. Beieren. Baden-Württemberg. Elke Duitse deelstaat heeft zijn eigen EU-delegatie: beter geoutilleerd en ruimer gehuisvest dan veel armoedige lidstaten. Het schitterende interieur maakt duidelijk waarom Duitsland, dat constant met zichzelf in onderhandeling is en dat gedurende een groot deel van haar politieke geschiedenis deel heeft uitgemaakt van het Heilige Romeinse Rijk met zijn dambordtactiek, zich binnen de Europese Unie als een vis in het water voelt. Federalisme is Duitslands natuurlijke staat van zijn.

Albrechts thuisland was Nedersaksen, aan de Noordzee: grof gezegd het Koninkrijk Hannover, waar zijn vader de scepter zwaaide over de douanediensten. Ernst had zijn zinnen gezet op de hoofdprijs: de partij had een sinecure voor hem geregeld bij een koekjesfabriek in Hannover terwijl hij een positie probeerde te verkrijgen. Hij vertrok in 1970, met achterlating van zijn gezin, dat pas later volgde, nadat in 1971 dochter Benita was overleden aan ruggenmergkanker. Ze was elf jaar oud. Vanaf dat moment was Ursula de enige dochter.

Van haar moeder heeft Ursula haar vastberadenheid geërfd

De familie ging niet mee op de in ’68 in gang gezette golven van het veranderende Duitsland – je zou zelfs kunnen zeggen dat ze ertegen ingingen. Voor het eten werd er gebeden. Huize Albrecht, een oude boerderij in Ilten, net buiten Hannover, was omgeven door reusachtige braamstruiken en was ingericht in ambachtelijke stijl. Het familieleven was rijk aan paarden, huisconcerten en zware, leerzame en lijvige boekwerken uit de bibliotheek: Oorlog en vrede en Dokter Zjivago.

In dit huis vormde zich Ursula’s persoonlijkheid: haar liefde voor muziek en dieren, en bovenal haar verlangen naar aandacht. Haar voornaamste activiteiten waren paardrijden en dan vooral springen, en het keurig begroeten van de vele beroemde gasten die haar vader op bezoek kreeg. In tegenstelling tot sommige van haar broers vond zij het leuk om naar buiten te treden. Maar toch, zo merken haar biografen Ulrike Demmer en Daniel Goffart op, nam haar vader haar nooit echt serieus. ‘De conservatieve Albrecht stond voorzichtig afwerend tegenover de vrouwenkwestie,’ herinnert Rolf Zick zich, een journalist uit diezelfde tijd.

Getalenteerde dochter

Na een onverwachte verkiezingsoverwinning, op de rug van drie afvalligen uit de regerende coalitie, werd Ernst Albrecht in 1976 minister-president van Nedersaksen. Destijds was dat een hogere positie dan gouverneur van een deelstaat. De rechterkant van het politieke spectrum was in de jaren zeventig het toneel van kleine koningen, regionale machthebbers en haarden van oerconservatieve, reactionaire relikwieën, die nog altijd niet overtuigd waren van de westerse roeping. Hij had Nedersaksen in handen.

Het leven van zijn kinderen veranderde nog ingrijpender. Van gewone leden van het CDU in Nedersaksen werd verwacht dat ze bewondering koesterden voor de getalenteerde dochter van de minister-president. Hans-Gert Pöttering, de latere voorzitter van het Europese Parlement, herinnert zich dat er over de eerste dochter werd gepraat als een jeugdige activiste: ‘Als lid van de partij, maar zonder haar persoonlijk te kennen, hoorden we dat ze een bijzonder meisje was, en de politici refereerden aan haar als “Röschen”… het was van meet af aan duidelijk dat ze niet zomaar iemand was.’

“Het was van meet af aan duidelijk dat ze niet zomaar iemand was”

Haar moeder, de first lady van Nedersaksen, ensceneerde het geheel. Als een scène uit de victoriaanse tijd, of uit Little Women, voerden de kinderen tijdens familiebijeenkomsten stukken op die mevrouw Albrecht had geschreven. Met Kerstmis of Pasen werd de cast uitgebreid: ook kinderen uit het dorp kregen een rol. Het familietoneelstuk, of beter gezegd het toneelstuk van een familie, was voor Ernst Albrecht onlosmakelijk verbonden met zijn politiek. Als een kruising tussen een Joseph Kennedy van het platteland en de familie Von Trapp nodigde hij niet alleen cameramensen uit op zijn pastorale landgoed, maar liet hij ook zijn vrouw en kinderen als familiekoor optreden bij een plaatselijke televisiezender.

Terwijl David Bowie in 1978 ‘Heroes’ zong in West-Berlijn, waar twee geliefden, uit Oost en West ‘can beat them, just for one day’, bracht de familie Albrecht zelfs een single uit: ‘Wohlauf in Gottes schöne Welt’. Maar de realiteit was harder: gepolariseerd, verdeeld, geconfronteerd met terreur, haar broers die in politiewagens naar school werden gebracht dit was het donkere Duitsland waarvan Ursula zich zo bevrijd voelde in Camden Market.

Het dieptepunt van Ursula’s leven was in Stanford. Het was begin jaren negentig en ze was een gefrustreerde huisvrouw. De geschiedenis herhaalde zich: niet die van haar vader, maar die van haar moeder. Na zes semesters in Londen was men van mening dat de Baader-Meinhofdreiging was geluwd en moest Rose Ladson weer Ursula Albrecht worden. Ze voelde zich geïsoleerd en ongelukkig aan de universiteit van Göttingen, totdat ze in het universiteitskoor Heiko von der Leyen leerde kennen. Ze was 24. Hij was wetenschapper, een telg uit een familie van vooraanstaande zijdehandelaren; ze ging met hem mee naar China.

‘Wie Europa wil begrijpen, moet eerst Ursula von der Leyen begrijpen,’ schrijft Ben Judah over de huidige voorzitter van de Europese Commissie. – © Adam Berry / Getty

Ze behoorde tot de gefrustreerde generatie: vrouwen voor wie een opleiding en een beroep binnen de mogelijkheden lagen. Maar ondertussen was er niets gedaan om de combinatie met een gezin mogelijk te maken, er was niet echt veel veranderd aan de houding van mannen. Ursula had het gevoel dat ze stuitte op ‘statische machtshiërarchieën’. Nadat ze in 1991 was afgestudeerd in Hannover ging ze aan het werk als arts, maar toen ze zwanger werd, kreeg ze van een meerdere te horen dat ze ‘te lui om te werken’ was. Volgens haar biografen was Heiko ‘niet in staat’ haar te helpen met de dagelijkse zorg voor de kinderen. In plaats daarvan moest ze zelf maar zien hoe ze alle bordjes in de lucht hield – zoals zovele vrouwen. Toen Heiko een baan kreeg aan Stanford, hield zij helemaal op met werken. ‘Zo ging het in die tijd,’ herinnert haar vriendin Sabine Cramer zich. ‘Als een man carrière wilde maken, gingen wij niet moeilijk doen.’

Vijftien jaar later zag alles er anders uit. ‘Ik had nooit kunnen denken dat het einde van het patriarchaat deze vorm zou aannemen,’ zegt Rebecca Harms, die destijds kamerlid was voor Die Grünen in Nedersaksen. ‘Ik had nooit gedacht dat het patriarchaat door het CDU ontmanteld zou worden.’ In 2005 was Angela Merkel gekozen tot bondskanselier en Von der Leyen was uit de regering van Nedersaksen geplukt om haar minister van Gezin en Sociale Zaken te worden. Harms wist niet wat ze hoorde: de dochter van de reactionair ‘die mij voor een belangrijk deel de politiek in heeft gedreven’ was ineens het gezicht van gendergelijkheid binnen de partij.

Terug naar Duitsland, 1996, waar Von der Leyen in de voetstappen van haar vader was getreden. De meeste politieke loopbanen worden gevormd door één beslissende ontmoeting: die van haar was met Christian Wulff, in 1999, toen ze ruiter was op een paardenveiling. De toekomstige minister-president van Nedersaksen was onder de indruk: niet alleen was ze een fantastische ruiter, ze was ook nog eens zes maanden zwanger van haar zevende kind. Hij zag ambitie en vastberadenheid. Hij zag lef.

Talkshowgezicht

Talkshows met zware fauteuils en comfortabele banken maken een belangrijk deel uit van het politieke leven in Duitsland. Ze hebben een belangrijke rol gespeeld bij de opkomst van Von der Leyen, om te beginnen als het gezicht van Wulffs regering in Nedersaksen, waar ze de aandacht trok van niemand minder dan Angela Merkel, de Mutti van Duitsland. Hier blonk Von der Leyen uit: avond na avond droeg ze de boodschap uit, was ze de spreekbuis van Angela, van een CDU dat het gezin hoog in het vaandel heeft staan.

Ursula deed het zo goed op tv omdat iedereen in Duitsland twee dingen van haar wist: dat ze de dochter was van Ernst Albrecht en dat ze zeven kinderen had. In feite was Von der Leyen ook een alias. En wat het voor de kijker alleen nog maar mooier maakte: dit was niet langer de seksistische partij van haar vader, maar een partij waar de stedelijke bourgeoisie zich bij thuis kon voelen. Het was Von der Leyen op haar best, eerst als minister voor Jeugd en Familiezaken, later als minister van Sociale Zaken en Arbeid – ze maakte zich sterk voor kinderopvang, voor betaald ouderschapsverlof, maakte zich zelfs sterk voor die zaken toen haar partij ertegen was. ‘Het is geen geheim dat ze zich daarmee niet populair maakte binnen haar eigen partij,’ aldus een bron binnen het CDU.

Dit is het Merkelmechanisme in actie: altijd buitenstaanders inzetten, moeite doen om het midden mee te krijgen, calculeren, dan intomen, zorgen dat niemand ooit te veel macht vergaart. ‘Een knieschot voor wie zijn plek niet kent,’ om een bron te citeren. Merkel is een te nauwgezet politicus om mensen valse verwachtingen te laten koesteren. Maar tijdens een paar roerige dagen in 2010 liet ze Ursula in de waan dat zij de volgende bondspresident zou worden, zozeer zelfs dat er een artikel in de pers verscheen waarin Heiko werd aangeduid als ‘the first man’. Maar uiteindelijk koos Merkel voor haar oude baas, Christian Wulff. Ursula, die dacht dat Merkel en zij een speciale band hadden, was er kapot van.

Later legde Mutti uit: dit is het politieke spel. Merkel, een Thomas Cromwell-achtige figuur, een in Oost-Duitsland geboren buitenstaander, een natuurkundige uit de DDR, met een portret van Catharina de Grote op haar bureau, is al vijftien jaar lang heer en meester binnen de Duitse politiek. Nu de hereniging, de historische uitdaging van haar generatie, is voltooid, benadert Merkel haar taak als een wetenschapper, niet als een idealist, en ze schept er genoegen in om, voor Duitsland, voor zichzelf, een koers uit te zetten en te laveren tussen verschillende botsende en zwalkende krachten, zonder programmatisch een bepaald doel na te streven. Ursula von der Leyen: de naam, geen vriendin maar een werktuig om de centre quo te handhaven.

“Ik had nooit gedacht dat het patriarchaat door het CDU ontmanteld zou worden”

De lounge van een vliegveld in Brussel. Engelse politici zien Brussel als een Eurostar-stad maar de meeste Europeanen gaan er met het vliegtuig heen. Duitsers en Italianen; Duitsers en Zweden; Duitsers en Polen: in deze lounge wordt veel van de discrete Europese politiek bedreven. In 2011, ten tijde van de Griekse schuldencrisis, zat Jacek Rostowski ineens met Ursula von der Leyen in die lounge om over de eurocrisis te praten. ‘Ik zei tegen haar dat het geen Griekse crisis was, maar een crisis van de hele eurozone,’ herinnert hij zich. ‘Ze had geen idee.’ Het is een veelzeggende anekdote over Von der Leyen. Maar het maakt ook duidelijk dat de Duitse reis door Europa in 2011 niet langer voor de hand lag.

In 2013 stapte Von der Leyen over naar het ministerie van Defensie. Waar het Duitsland van haar vader – het land van Willy Brandt en de Rote Armee Fraktion – gepolariseerd was geweest en gebukt was gegaan onder schuldgevoelens, was Ursula’s Duitsland een land van consensus en morele overtuiging – haast zelfingenomen. Berlijn was uitgegroeid tot wat Londen in de jaren zeventig van de vorige eeuw was geweest: een stad van grungy clubs, kunstenaars en excentriekelingen.

Maar binnen de ministeries was er iets van de Europese bezieling verloren gegaan. In Bonn was men nog programmatisch geweest, in Berlijn liet men de dingen meer op hun beloop. De hereniging was voltooid, strategisch stond alles goed op de rails, de handel met China floreerde; er waren geen geopolitieke doelen waar Duitsland de hulp van een sterkere Europese Commissie voor nodig had. De logica van het nationaal belang, waardoor Bonn de euro had geaccepteerd – hereniging – ontbrak in het geval van de eurobonds die noodzakelijk waren om de euro tot een succes te maken.

De Duitse heersende klasse hield zich niet langer bezig met investeren in een diepere verbintenis. Ursula had ingezet op de post van minister van Defensie, in het klassieke mannenbolwerk, misschien wel de meest mannelijke baan die er was, misschien zelfs wel de moeilijkste baan in heel Berlijn, een baan waar veel Duitse ministers op waren stukgelopen. Het nieuws werd breed uitgemeten op de voorpagina’s. Maar wat volgde was Von der Leyen op haar slechtst.

Flop

Het leger, dat vele decennia was verwaarloosd, was er slecht aan toe, was niet eens in staat de meest elementaire internationale verplichtingen na te komen. Het was een moeras van corruptie, aanbestedingsschandalen, mismanagement en in de barakken zelf woekerende haarden van extreemrechtse sentimenten. Von der Leyen was vastbesloten hier iets aan te veranderen en nam haar toevlucht tot de oplossing die tegenwoordig erg in zwang is: de revolutie die wordt beloofd door managementconsultants en McKinsey-contracten. ‘Ze leidde het ministerie met een klein team van buitenstaanders,’ zegt Carlo Masala, hoogleraar internationale politiek aan de Universität der Bundeswehr, die veelvuldig voor het ministerie heeft gewerkt. ‘Ze schepte er genoegen in bestaande structuren te ontwrichten,’ aldus een voormalig consultant.

Het resultaat was geen succes. Net als Merkels soberheidsdecennium van Duits leiderschap in Europa was het een en al gelikte uitspraken, schandalen, ongelukkige officieren en weinig concrete resultaten. Op het ministerie van Defensie groeide Von der Leyen uit tot de belichaming van dit Duitse probleem: er gaapte een diepe kloof tussen haar slogans, zoals steun voor ‘een Europees leger’, en concrete investeringen in de Europese defensie. ‘Het ministerie sloopte haar,’ aldus een bron. In 2019 was de minister van Defensie, die in de titel van haar biografie nog was aangeprezen als De reserve-bondskanselier, echt geflopt. Haar carrière leek ten einde.

In de Bundestag doet een grapje de ronde. Wat is de afkorting van Von der Leyen? I-C-H, oftewel ich – ik. Maar wat zijn de overtuigingen van Von der Leyen? Op die vraag weet vrijwel geen enkele Europese topambtenaar het antwoord. Slechts weinigen zijn in staat haar visie te schetsen. Haar reputatie in Berlijn, zeker onder journalisten, is dat ze voornamelijk een pr-functie vervult. Maar niet iedereen is zo zuinig in zijn oordeel. ‘Ze gelooft heel sterk in gelijkheid voor vrouwen, ze is een groot voorstander van Europa en trans-Atlantische betrekkingen,’ aldus een insider. Dat de Duitse minister van Defensie de Europeaan binnen het kabinet was, wat teruggrijpt op het partij-idealisme van haar vader, bleef niet onopgemerkt in Parijs.

Merkel liet Ursula in de waan dat zij de volgende bondspresident zou worden

Toen Emmanuel Macron in juli 2019 terugkeerde uit Brussel, had hij een idee. De onderhandelingen over een nieuwe voorzitter van de Commissie waren vastgelopen. Het systeem van zogeheten Spitzenkandidaten, waarbij de blokken binnen het Europese Parlement hun eigen campagne voeren om een voorzitter voor de Commissie naar voren te schuiven, was naar zijn idee onwerkbaar. De Europese Volkspartij, in feite het CDU met haar bondgenoten, had Manfred Weber naar voren geschoven, in Macrons ogen een politiek lichtgewicht uit Beieren, beter geschikt voor de politieke arena van München, en simpelweg onacceptabel. De Europese Volkspartij op haar beurt blokkeerde de benoeming van Frans Timmermans, de man van de sociaaldemocraten en een vooraanstaand Nederlands politicus. Het proces zat muurvast.

Op dat moment kwam de naam Von der Leyen bovendrijven. Merkel had haar naam al eens eerder laten vallen bij de Franse functionarissen: aanvankelijk alweer enige tijd geleden, als mogelijke secretaris-generaal van de NAVO, later als een mogelijke hoge functionaris binnen de EU, bij Buitenlandse Zaken in Brussel, als topvrouw van het blok. Macron zag haar wel zitten, hij wist dat Merkel haar graag mocht en hij wist dat ze van het CDU was. ‘Zo kwam er uiteindelijk iets uit wat nooit zou zijn gelukt als we het zelf hadden voorgesteld,’ aldus een topambtenaar. Niet alleen was Von der Leyen er volkomen door verrast, feitelijk heeft Macron haar carrière gered.

Merkelmechanisme

Nu sturen Merkel en Von der Leyen elkaar elke dag berichtjes, de bondskanselier houdt de voorzitter op de hoogte van wat er in Berlijn gebeurt, Ursula brieft Angela over Brussel. Ze hebben veelvuldig telefonisch contact: het is alsof Von der Leyen nog altijd in het kabinet zit. Ze vormen een politieke generatie, dit cohort van Europese vrouwen voor wie macht niet langer de uitzondering is, maar ook nog niet echt de norm. Dit heen-en weren tussen twee Duitse vrouwen is Macrons plan in actie. Frankrijk, dat al zo’n tien jaar een wankele economie heeft en dat de export naar Azië heeft zien inzakken, heeft behoefte aan een sterkere Commissie om te kunnen steunen op de macht van Duitsland.

Maar Duitsland, dat zich dat bewust is, heeft Franse voorstellen geblokkeerd en lijkt de Commissie meer en meer te zien als een raadsman voor de debiteurenstaten. Door het Merkelmechanisme naar Berlaymont te halen, gokte Macron, zou Berlijn meer vertrouwen krijgen in de instituties, waardoor Frankrijk meer macht zou krijgen.

Hij gokte dat de bondskanselier het ook wel prettig zou vinden om een Duitser in de Commissie te hebben: al zeker een decennium werd er een strategie gehanteerd om meer Duitse topambtenaren naar voren te schuiven zodat de Commissie de Duitse belangen goed voor ogen zou houden. Von der Leyen zou de culminatie zijn van deze strategie.

Maar het was geen gelukkige terugkeer naar Brussel. De intieme, francofone Commissie van haar vader was niet meer. Het Berlaymontgebouw van vandaag de dag is een plek van wereld-Engels, een soort internationaals, een taal die De Gaulle ooit grappend ‘een soort Esperanto of Volapük’ heeft genoemd. De sfeer viel Von der Leyen en haar twee topadviseurs, of spindoctors, die ze had meegenomen uit Berlijn, koud op haar dak. ‘Ze leunt te veel op de Duitsers,’ aldus een bron. ‘Ze is paranoïde,’ zei een ander. Dit alles weerspiegelde een consensus: dat Von der Leyen, die nog altijd haar opwachting maakte in Duitse talkshows, het niet had gered.

In 1978 bracht de familie Albrecht een single uit: ‘Wohlauf in Gottes schöne Welt’. – © Peter Timm / Ullstein Bild / Getty

Maar datzelfde, zo wil de conventionele Brusselse wijsheid, gold voor de Commissie. ‘Juncker is van mening dat Von der Leyen de Commissie omvormt tot een directoraat-generaal voor de Raad,’ aldus een voormalig ambtenaar – geen supranationale regering in wording maar voornamelijk een ambtelijk apparaat. De Commissie, zo wordt gezegd, speelde een steeds kleinere rol, ten koste van de nationale leiders in de Europese Raad, sinds Frankrijk en Nederland zich in 2005 uitspraken tegen de Europese Grondwet. Niemand verwachtte dat de nieuwe voorzitter veel meer zou doen dan de bescheiden verwachtingen managen.

Met het coronavirus veranderde alles. Aanvankelijk leek het alsof het virus Von der Leyen, en misschien zelfs de hele Europese Unie, noodlottig zou worden. Toen de maatregelen werden ingevoerd, mensen afstand moesten houden, drones patrouilleerden in de straten van Brussel en de Eurocraten het Berlaymontgebouw verlieten, sloeg de angst iedereen om het hart, thuiswerkend achter de laptop. Dit was niet alleen een medische crisis. Het coronavirus was ook een politieke crisis en onvermijdelijk ook een eurocrisis. Toen duidelijk werd dat de kosten van de lockdown Italië in een diepe vicieuze cirkel konden storten van schulden, soberte en populisme, wakkerde dat de woede jegens de EU aan, te beginnen in de zwakkere zuidelijke economieën. ‘Ik heb niet eerder zo’n gevaarlijke opkomst van eurosceptische sentimenten gezien,’ zegt een EU-minister.

Toen meerdere peilingen lieten zien dat grofweg de helft van de Italianen uit de EU wilde stappen, waar dat twee jaar terug nog minder dan een derde was, begon er een ingewikkeld spel tussen Parijs en Berlijn, over de vraag hoe de crisis moest worden bekostigd.

Eurobonds

Het was duidelijk dat het enige antwoord een ongekende verhoging van de schulden was. Maar zou er sprake zijn van de bundeling van Europese schulden, de zogeheten eurobonds? Zou met het opkopen van obligaties door de Europese Centrale Bank de verkapte schuldbundeling worden voortgezet of zou de bank door het Duitse grondwettelijke hof n Karlsruhe een halt worden toegeroepen? Slechts weinigen verwachtten oplossingen van Von der Leyen.

Macron had haar precies waar hij haar wilde hebben. Maar aanvankelijk dreigde zijn plan te mislukken. Terwijl de pandemie huishield in Frankrijk, Italië en Spanje riep het Élysée tot stomme verbazing van Berlijn op tot het instellen van een gemeenschappelijk schuldinstrument om de crisis te bekostigen, samen met Rome, Madrid en zes andere landen in de eurozone. Anders, zo maakten ze duidelijk achter gesloten deuren in Brussel, riskeerden verschillende lidstaten insolventie. Merkel weigerde ronduit. Zoals altijd trok Duitsland de grens bij gedeelde schulden.

Maar terwijl Duitsland gespaard leek te blijven voor de allerergste gevolgen van het coronavirus, veranderde er iets. Een voorstel, dat werd bedacht in het Berlaymontgebouw, als we de aanhangers mogen geloven, werd opgepikt door zowel ministers van Financiën als ambtenaren, zowel in Spanje als in Frankrijk. Het idee was om de Commissie massaal op eigen naam leningen te laten afsluiten en vervolgens pakketten van leningen en subsidies te verstrekken aan de zwaarst getroffen lidstaten. Ineens zag Berlijn het zitten. De gok van het Élysée betaalde zich uit. Dit was een Commissie waar Merkel wel zaken mee kon doen: in tegenstelling tot Juncker of Prodi was Von der Leyen iemand die ze kon vertrouwen.

Ursula, haar man Heiko (achter de piano) en haar kinderen in 2005 in hun huis in Hannover. Dat jaar werd ze minister van Jeugd en Familiezaken in het kabinet van Angela Merkel. – © Bruno Bachelet / Paris Match / Getty

Macron en Merkel bezegelden het met een handdruk: Von der Leyen staat niet op de foto. Maar dat gaf niet, want het ging niet om haar. Frankrijk en Duitsland hadden besloten dat een financieel sterke Commissie in hun voordeel was. ‘Nu hebben we een kans om meer te bereiken dan ooit sinds Jacques Delors,’ aldus een lid van de Commissie. Het Duitse leiderschap binnen Europa heeft ineens weer een vorm gevonden doordat het ‘de zuinige landen’ aan boord heeft weten te krijgen. Ineens is Von der Leyen, die een team vormt met Marcron, Merkel en de blunderende Charles Michel, voorzitter van de Europese Raad, het onverwachte gezicht van deze aanpak.

De doorbraak is historisch te noemen, maar tot nog toe vooral vanwege de gebeurtenissen die hij in gang zou kunnen zetten. De lijst van successen die de pandemie voor de Commissie mogelijk heeft gemaakt – miljarden aan gezamenlijke leningen, gezamenlijke uitgaven en een voorzichtige opening naar gezamenlijke belastingen – waren een paar maanden geleden allemaal ondenkbaar. Maar hoewel het EU-budget grofweg is verdubbeld, zijn de bedragen nog altijd onvoldoende: de subsidies voor Italië zullen de komende drie jaar misschien maar 0,6 procent van het bnp uitmaken.

Dat komt omdat uiteindelijk niet altruïsme maar landsbelang de doorslag heeft gegeven: om de Europese exportmarkten van Duitsland veilig te stellen koos Merkel weer voor wat noodzakelijk was om de euro overeind te houden, maar niet voor het maximale om de euro te herstellen. Ondanks al het gekibbel met ‘de zuinige landen’ zijn dit geen volwaardige eurobonds. Er is alleen een deel van de kosten van de crisis gebundeld, in plaats van de volledige Europese schuld, waarmee het zuiden enigszins ontlast zou worden.

Triomf

In Brussel heerst nu een triomfantelijke stemming. Er wordt enthousiast gesproken over Von der Leyen, heel anders dan in maart. ‘Ze luistert,’ zegt iemand uit de Commissie. ‘Ze besteedt heel veel aandacht aan speeches,’ zegt een ander. ‘In vier maanden hebben we haar vaker gezien dan Juncker in vier jaar,’ zegt weer een ander. Met haar slaapkamer in het Berlaymontgebouw, als een napoleontisch veldbed vlak naast haar werkkamer gesitueerd, zodat ze binnen enkele minuten aan het werk kan zijn, wordt niet langer de spot gedreven.

Deze opgetogenheid is niet te danken aan de fiscale cijfers op zich. Het heeft te maken met een toekomstbeeld: dat de Macrons en Merkels kunnen komen en gaan, maar dat de nieuwe super-Commissie, momenteel de beheerder van het laatste redmiddel, blijft. Nu de Rubicon eenmaal is overgestoken, zo is de veronderstelling, zal tijdens crisisberaad steeds vaker op de noodknop van een gezamenlijke schuld worden gedrukt, totdat het Berlaymontgebouw zich uiteindelijk in het hart bevindt van een fiscale unie.

Maar zal dat ook echt zo gaan? Zullen Europeanen over drie jaar echt het idee hebben dat deze nieuwe macht hun herstel heeft bewerkstelligd?Nadat Von der Leyen was benoemd door het Europees Parlement barstte de kamer uit in luid applaus, nog voor de parlementsleden kans kregen hun nieuwe voorzitter de hand te drukken. Ineens stond een stralende David McAllister, de voormalig minister-president van Nedersaksen voor haar. Hij omhelsde haar en zei: ‘Zal ik je eens wat zeggen? Je vader ziet je nu!’

Er wordt sinds de coronacrisis enthousiast gesproken over Von der Leyen

Von der Leyen glimlachte. Tegen het einde van zijn leven was Ernst Albrecht de vraag gesteld of hij ergens in was tekortgeschoten. De oude man had geantwoord: ‘Ieder mens schiet ergens in zijn leven tekort. Ik heb me zeventien jaar lang met hart en ziel ingezet voor de eenwording van Europa. Als u het me nu vraagt, ben ik daarin tekortgeschoten.’

Ursula is haar hele leven de dochter geweest, de opvolger, de reserve-bondskanselier – nooit iemand met eigen bestaansrecht. Haar hele politieke leven had Europa vastgezeten, in crisis verkeerd, dreigde al het werk van de generatie van haar vader teniet te worden gedaan. Maar nu lijkt het rad van de geschiedenis gekeerd: voor haar, voor de commissie die ze voorzit is dit hét moment om kansen te grijpen die zich misschien niet nogmaals zullen voordoen.

Frankrijk en Duitsland hebben allebei ja gezegd: de Europese Raad, de rivaal in het Europese gebouw, wordt aangevoerd door een potsierlijke Vlaming; als Von der Leyen het corona-reddingspakket erdoor weet te krijgen, kan dat het Berlaymont weer iets van de macht verlenen die sinds Delors lijkt te zijn weggesijpeld; maar alleen als ze die macht weet vast te houden. Ineens is er geen Mutti meer, en geen Vati, om haar de weg te wijzen. Ze zal het nu allemaal zelf moeten doen. Als zij faalt, als de Commissie faalt, komt dat op haar conto. Er zijn maar weinig momenten in de politiek zo opwindend, zo beangstigend.  

Dit artikel van Ben Judah verscheen eerder in The Critic. Het is uit het Engels vertaald door Peter Bergsma.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verstuurd.
inschrijven

360 heeft 1000 nieuwe leden nodig

Deze maand bieden wij daarom een deel van onze content gratis aan. Zo kunt u vast kennismaken met ons aanbod. Leden blijven toegang houden tot onze maandelijkse digitale editie en het archief.