• The Nation
  • Cultuur
  • Voor veel artiesten valt het doek

Voor veel artiesten valt het doek

The Nation | William Deresiewicz | 24 juni 2020

Tijdens de lockdown is ‘de belangrijkste basis van een groot deel van de hedendaagse culturele sector verwoest, namelijk live, persoonlijk contact’, schrijft essayist William Deresiewicz. En het verdienmodel van de kunstensector was al geen vetpot.

Om te begrijpen wat de impact van de pandemie is voor kunstenaars en de kunst, moeten we eerst inzien dat deze nieuwe crisis een culturele sector heeft getroffen die al ernstig verzwakt was door twintig jaar aanvallen uit digitale hoek. Die aanvallen hebben in feite de vorm aangenomen van demonetisering: het geld is uit de kunst gehaald. Voor alle vormen van content die via internet kan worden verspreid – muziek, tekst, stilstaande beelden, video – zijn de prijzen sterk gedaald, vaak tot het nulpunt. In veel culturele sectoren zijn de belangrijkste inkomstenbronnen afgebrokkeld: bij musici de verkoop van opgenomen muziek, bij schrijvers de freelancehonoraria en boekvoorschotten, bij kranten en tijdschriften de advertentie-inkomsten, bij de filmindustrie de kaartverkoop en de verkoop en verhuur van dvd’s.

Om dat op te vangen hebben kunstenaars en culturele instellingen geleerd hun inkomsten te zoeken in zaken die niet gedigitaliseerd kunnen worden: fysieke objecten en live-ervaringen, vooral live-ervaringen. Musici gaan eindeloos op tournee. Schrijvers houden voorleesavonden en lezingen, geven les, worden gastschrijver. Ook voor beeldend kunstenaars als illustratoren, animatiefilmmakers en striptekenaars zijn cursussen en workshops onmisbaar geworden. Kranten en tijdschriften maken hun merk te gelde met het ene live-event na het andere. Er zijn allerlei soorten festivals (muziek, film, comedy, boeken) opgekomen, net als kunstbeurzen (tegenwoordig belangrijke gelegenheden voor de verkoop van exclusieve beeldende kunst) en fanbeurzen zoals Comic-Con [grote conferentie voor strip- en tekenfilmfans] (die voor veel creatieve sectoren van groot belang zijn).

Basis verwoest

Al die optredens en evenementen kunnen nu natuurlijk niet doorgaan. De crisis heeft niet alleen theaterzalen geraakt, maar de sluiting van die zalen is ook rampzalig geweest voor orkesten en ensembles, opera-, dans- en toneelgezelschappen en de artiesten die daarvoor optreden. Niet alleen musea, galeries en andere kunstruimtes zijn getroffen, ook de kunstenaars die daar hun werk tonen. Zo is de belangrijkste basis van een groot deel van de hedendaagse culturele sector verwoest, namelijk live, persoonlijk contact. En zelfs de enige kunstdiscipline die vóór de pandemie niet was verzwakt, de enige creatieve arena die in de eenentwintigste eeuw financieel kon bloeien, televisie, heeft veel producties uitgesteld, zodat tienduizenden mensen hun werk zijn kwijtgeraakt.

Maar het verlies aan inkomsten uit live-evenementen is nog maar het begin van deze catastrofe. Artiesten zijn van oudsher gewend hun kostje bij elkaar te scharrelen met meerdere parttime inkomstenbronnen. Zoals een schrijver het formuleerde: je stapelt een stel kleine baantjes op. Met een fulltimebaan houd je meestal niet genoeg tijd over om je kunst te maken en kun je ook niet telkens weg voor een tournee, gastkunstenaarschap, voorstellingen in andere steden, dingen die nodig zijn voor je carrière. Dus doen artiesten veel eenmalige projecten en kortetermijnopdrachten: in commissies, met commercieel werk, als invalleerkracht.

Dit zal waarschijnlijk voor een groot deel opdrogen wanneer bedrijven en instellingen, waaronder universiteiten, de broekriem gaan aanhalen. (Voor kunstopleidingen en -afdelingen ziet de toekomst er in een tijd van afstandsonderwijs waarschijnlijk niet rooskleurig uit.) Kunstenaars rijden ook voor Uber, werken in koffiebars, in de bediening, achter de bar en doen veel andere soorten laagbetaald dienstverlenend werk. Veel daarvan is nu onmogelijk of is streng ingeperkt.

Zoals elke vrijdag sinds de lockdown op 20 maart in Argentinië werd ingesteld, speelt dj Juan Martinez muziek voor vrienden en buren vanaf zijn balkon in Buenos Aires. – © Ronaldo Schemidt / AFP / HH
Zoals elke vrijdag sinds de lockdown op 20 maart in Argentinië werd ingesteld, speelt dj Juan Martinez muziek voor vrienden en buren vanaf zijn balkon in Buenos Aires. – © Ronaldo Schemidt / AFP / HH

Een carrière als kunstenaar kun je ook niet een tijdlang (drie of zes maanden, een of twee jaar) stilzetten en dan verwachten dat je de draad gewoon weer oppakt. Artistiek werk gaat van project naar project. Je album of je toneelstuk kan een doorslaand succes worden, maar daarna moet je weer terug naar af. Aandacht en momentum gaan snel voorbij en moeten voortdurend opnieuw worden opgewekt. De meeste mensen hopen uiteindelijk terug te gaan naar een of ander normaal, maar kunstenaars hebben, op een enkele uitzondering na, niets, geen baan of positie, om naar ‘terug’ te gaan.

Jij bént de baan. Jij bent de kleine onderneming. Voor acteurs, schrijvers en regisseurs die hun productie afgeblazen hebben zien worden, comedians en bands die tournees moesten afzeggen, beeldende kunstenaars die uitkeken naar een tentoonstelling (allemaal na jaren voorbereiding, geldgebrek en onzekerheid), heeft de pandemie kansen om zeep geholpen die misschien niet meer terugkomen. Veel meer dan in vrijwel alle andere beroepen is slagen in de kunst een kwestie van geluk hebben. Zelfs in de gunstigste tijden is de mate waarin je simpelweg pech kunt hebben hartverscheurend. De pandemie is pech hebben op epische schaal.

Gratis content

Ook de effecten van het virus op de bredere economie zullen, nu en wanneer de crisis voorbij is, voor kunstenaars waarschijnlijk somber zijn. Hoeveel waarde we ook aan de kunsten hechten, we geven er alleen geld aan uit als we dat zelf willen. Nu we een nieuwe crisis ingaan, zullen veel mensen weinig geld over hebben voor zaken als boeken of vinyl. Met de opkomst van de gratis content hoef je ook weinig geld meer uit te geven aan kunst.

De hoopgevendste financiële ontwikkeling voor onafhankelijke artiesten in het afgelopen decennium was de opkomst van de crowdfundingplatforms, met name Kickstarter en Patreon. Crowdfunding is het mecenasmodel van het digitale tijdperk. Maar net als alle mecenaten is ook crowdfunding afhankelijk van het bestaan van weldoeners die vinden dat ze de economische adem hebben om te kunnen geven.

De waarheid is dat door de digitalisering het geld niet werkelijk uit de kunst is verdwenen. Iemand heeft er wel degelijk geld aan verdiend, alleen is dat niet de kunstenaar. Voor degenen die de clicks tellen en de daaruit voortkomende data verkopen, is ‘gratis content’ een goudmijn. Silicon Valley in het algemeen en de techreuzen in het bijzonder – bovenal Google, Facebook en Amazon – hebben gezorgd voor een enorme en voortdurende geldoverdracht, van makers aan distributeurs, van kunstenaars aan Big Tech, in de orde van tientallen miljarden dollars per jaar.

Dat hebben ze kunnen doen dankzij hun monopoliepositie en de ongekende macht en rijkdom die daaruit zijn voortgekomen. De afbraak van de ‘stenen’ winkelsector als gevolg van de huidige crisis, in combinatie met het feit dat de pandemie ons leven steeds meer naar schermen verplaatst, betekent dat de hegemonie van Big Tech in de wereld na de pandemie alleen maar nog groter zal worden.

Het waren al slechte tijden voor kunstenaars. Maar zelfs voor wie het geluk heeft hier met nog iets van een professioneel bestaan uit te komen, zullen de tijden hoogstwaarschijnlijk nog slechter worden.

Auteur: William Deresiewicz

The Nation
Verenigde Staten | weekblad | oplage 132.000

In 1865 opgericht door abolitionisten als een van de eerste Amerikaanse opiniebladen. Uitgesproken links. Het is het oudste weekblad in de Verenigde Staten dat tot op heden nog bestaat.

Dit artikel van William Deresiewicz verscheen eerder in The Nation.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

En ontvang wekelijks het beste uit de internationale pers in uw mailbox.