• El Tiempo
  • Reader
  • ‘We moeten af van de architectuur van de angst’

‘We moeten af van de architectuur van de angst’

El Tiempo | Bogota | 14 oktober 2015

Giancarlo Mazzanti, de Colombiaanse architect die Escobars vesting in een toeristische attractie omtoverde, wil met zijn ontwerpen iets wezenlijks bijdragen aan de gemeenschap, die volgens hem nog altijd door angst wordt beheerst.

Om aan de maatschappelijk behoeften te voldoen moeten er risico’s worden genomen, aldus architect Giancarlo Mazzanti, ontwerper van gedurfde publieke bouwwerken. Volgens deze Colombiaan, die onlangs de Internationale Prijs voor Duurzame Architectuur van het Institut Français d’Architecture heeft gewonnen, wordt de vooruitgang van de bouw in zijn land belemmerd doordat een groot deel van de architectuur in Colombia gebaseerd is op angst.

Het feit dat hij de oude onneembare vesting van de huurmoordenaars van Pablo Escobar uit de jaren tachtig heeft veranderd in een toeristische attractie waar de bewoners van Santo Domingo Savio, een wijk van Medellín, trots op kunnen zijn, was echter niet zozeer een dappere daad als wel een mijlpaal: voor dit Parque Biblioteca España ontving Mazzanti de prijs voor het beste architectonische werk op de VIe Latijns-Amerikaanse Biënnale voor Architectuur en Urbanisme.

Maar dit is niet zijn enige project van culturele betekenis voor een kwetsbare, gewelddadige gemeenschap. Bibliotheek La Ladera in Medellín, kleuterschool El Porvenir in Bosa, de Gerardo Molina-school in Suba, het Museo del Caribe in Barranquilla, het Parque Tercer Milenio in San Vitorino, een sportcomplex voor de IXe Latijns-Amerikaanse Spelen in Medellín, en tal van andere projecten – allemaal hebben ze hetzelfde uitgangspunt: eerbied betuigen aan de mensen die het minste hebben, hun laten zien dat een maatschappij er beter op kan worden door scholing.

‘Mazzanti is gefascineerd door het onderwerp scholing en heeft op dat gebied een belangrijke rol gespeeld. Hij heeft een nieuwe dimensie aan de architectuur gegeven en deze naar een niveau getild waarvan we niet hadden durven dromen, dankzij zijn talent voor creëren en verrassen,’ zegt architect en historicus Alberto Escovar.

© Redux Pictures / Hollandse Hoogte
© Redux Pictures / Hollandse Hoogte

Giancarlo Mazzanti, die inmiddels 47 jaar oud is, deed al vroeg van zich spreken. Hij was nog maar pas afgestudeerd aan de Javeriana-universiteit van Bogotá, toen hij de prijsvraag won voor het Museo de Arte Moderno van Barranquilla ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van Le Corbusier. ‘Hij behoort tot een generatie voor wie al die architectonische paradigma’s – zoals het functionalisme – niet meer voldeden en die zich, mede dankzij het systeem van prijsvragen voor publieke bouwwerken, anders is gaan uiten,’ verklaart Escovar. ‘Door de vele publieke bouwprojecten maakt de Colombiaanse architectuur twee gouden decennia door.’

Mazzanti voelde zich als kind al aangetrokken tot de stadsmuren van Cartagena, tot forten en tot lego. Hij is totaal niet dogmatisch en respecteert de opvattingen van anderen. Hij is intelligent, theoretisch, geïnteresseerd in geografie en geschiedenis – hij volgde een master in Geschiedenis en Theorie van de Architectuur en het Industrieel Ontwerp aan de Universiteit van Florence – en ook is hij filosofisch onderlegd. Hij citeert Hegel om aan te geven dat hij niet gelooft in het verband tussen esthetiek en ethiek, en [de Mexicaanse auteur] Octavio Paz om het breken met traditie te definiëren als kritische rede, want zonder kritische rede zou er geen vooruitgang bestaan.

Bij een openbare aanbesteding wordt de goedkoopste beloond, niet degene die de beste kwaliteit levert

Hij is een mediafenomeen, maar er zijn ook mensen die twijfelen aan de doelmatigheid van zijn ontwerpen. ‘Ik zie daarin heel fantasierijke, subjectieve ideeën, die de ware taak van de architectuur echter soms in gevaar brengen, namelijk het scheppen van ruimten die geschikt zijn voor het gebruik,’ betoogt architect Daniel Bermúdez, de ontwerper van het pas geopende cultureel centrum Julio Mario Santo Domingo. ‘Zijn oplossingen missen de technische kwaliteit die ze zouden moeten hebben voor duurzame architectuur,’ meent hij. Hoewel hij erkent dat Mazzanti’s ontwerpen moedig zijn, voegt hij eraan toe: ‘Je moet niet overal opvallende, bijzondere dingen willen neerzetten, je moet ook leren bescheiden te zijn.’

Esthetisch vraagstuk

Ondanks dit soort kritiek is Mazzanti vast van plan door te gaan met zijn ‘onbescheiden’ ontwerpen. Vanuit zijn glazen studio naast het Museo Nacional filosofeert en schrijft hij, ontwerpt en droomt hij.

Waarom verkiest u de architectuur van de buitenkant boven die van het interieur?
In Italië heb ik me beziggehouden met het interieur, maar ik ben vooral geïnteresseerd in de publieke architectuur, want dat is de manier om het sociaal welzijn te bevorderen en culturele activiteiten te genereren. Bovendien werk ik over het algemeen in buitenwijken waar armoede en geweld heersen.

Wat geeft het publieke bouwwerk u wat de private bouw u niet geeft?
De betekenis van het publieke bouwwerk is handelen in sociale termen, werken aan welzijn, stedelijke en architectonische verbanden ontwikkelen. Daarbij speelt de politiek een rol, terwijl de private bouw wordt bepaald door persoonlijke smaak en de kans op economisch gewin; het oogmerk ervan is comfort te verschaffen. Als je een huis bouwt, word je geleid door je eigen smaak of door de wensen van een opdrachtgever, en in dat proces raakt het huis op de achtergrond en wordt het een esthetisch vraagstuk.

De bibliotheek La Ladera, Medellin. Hij is beschikbaar voor de bewoners uit de omliggende slums en er worden o.a. sportaciviteiten, internetcursussen en voorleesuren georganiseerd. © Paul Smith / The New York Times / HH
De bibliotheek La Ladera, Medellin. Hij is beschikbaar voor de bewoners uit de omliggende slums en er worden o.a. sportaciviteiten, internetcursussen en voorleesuren georganiseerd. © Paul Smith / The New York Times / HH

Maar de architectuur wordt toch bepaald door de esthetiek van degene die het ontwerp maakt?
Ja en nee. Wanneer de architectuur een kwestie van goede smaak is, wordt het een subjectieve kwestie. Ik veroordeel het een noch het ander, het zijn alleen twee verschillende dingen. Wat mij interesseert in de architectuur is het bouwen aan de samenleving, architectuur als instrument van politiek handelen. Ons doel – dat van mij en mijn team – is het omvormen en scheppen van politieke voorwaarden in een maatschappij die behoefte heeft aan wezenlijke veranderingen.

Hoe hebben uw ontwerpen het sociale klimaat veranderd?
Bij elk bouwwerk ligt dat weer anders. Wat we in Medellín met de Biblioteca España voor ogen hadden was een houvast creëren voor een gestigmatiseerde gemeenschap. We wilden een verwijzingselement creëren, een icoon van het stoere landschap. Bij de kleuterschool El Porvenir, in Bosa, hebben de mensen rechtstreeks toegang tot de groenzone, zonder dat de school daar last van ondervindt, en daardoor behoort het gebied meer toe aan de gemeenschap; hetzelfde gebeurt bij de Gerardo Molina-school in Suba. Alle ontwerpen beogen drie dingen: een meervoudig gebruik, een plaats krijgen binnen de stedelijke structuur als een plek van referentie, en ten derde dat de mensen met het minste geld een eersteklas bouwwerk krijgen dat ze zich kunnen toe-eigenen.

Volgens u is een groot deel van de Colombiaanse architectuur gebaseerd op angst. Waarom?
Ik hoor vaak: ‘Pas op, dat moet je zo niet ontwerpen’, ‘dat moet je niet maken, want het materiaal wordt binnen een maand gestolen’. Er is altijd veel angst en verzet tegen verandering. Maar de motor van een stad heet ‘kritische rede’, dat is een begrip van Octavio Paz. Zonder kritische rede geen verandering, en zonder verandering geen vooruitgang. Als ons onderwijs draait om angst, krijgen we angstige mensen die niet in staat zijn met het oude te breken en risico’s te nemen.

Een door Mazzanti ontworpen bladerdak boven een groot stuk grond dat is bedoeld als dorpsplein voor de zeer gewelddadige en arme sloppenwijk Cazuca, Bogotá, Colombia. © Paul Smith / The New York Times / HH
Een door Mazzanti ontworpen bladerdak boven een groot stuk grond dat is bedoeld als dorpsplein voor de zeer gewelddadige en arme sloppenwijk Cazuca, Bogotá, Colombia. © Paul Smith / The New York Times / HH

Vragen mensen die in de buurt van uw bouwwerken wonen zich ook af waarom deze publieke gelden niet worden aangewend voor het verbeteren van hun huizen en straten, of voor openbare voorzieningen?
Dat komt neer op: geef ik ze vis of leer ik ze vissen? Ik geloof in dat laatste. Een bibliotheek biedt de mensen de mogelijkheid zich te ontwikkelen, en die van Santo Domingo Savio functioneert niet alleen als bibliotheek maar ook als een groot gemeenschapscentrum waar workshops in het starten van kleine ondernemingen worden gegeven en waar jongeren worden gestimuleerd om zich niet bij bendes aan te sluiten. Op die manier verander je de samenleving. De architectuur is niet alleen een fysieke uitdaging, maar ook een mentale.

Hoe ziet u de rol van de overheid bij sociale woningbouwprojecten?
Tegenwoordig vervult de overheid deze taak heel weinig, omdat ze de oplossing van het woningbouwprobleem aan de privésector heeft overgelaten. De overheid moet veel meer ingrijpen. Ze moet meer beleid voeren en meer stedelijke projecten genereren, zoals dat is gebeurd met Metrovivienda – wat een goed voorbeeld van stedenplanning is. De megaprojecten zijn in handen van private partijen en de overheid heeft geen controle over de uiteindelijke kwaliteit.

Moeten steden in de hoogte of in de breedte groeien?
Ze moeten wat dichter worden, vooral de onze. En de groei van de periferie moet worden beteugeld, anders zijn steden niet werkzaam.

Wat voor beleid zou er moeten worden gevoerd bij zo’n hoge mate van informele bouw?
Moeilijke vraag. We zijn niet in staat de bouw van een stad onder controle te houden als 60 of 70 procent informeel is. We zouden mechanismen moeten creëren die ervoor zorgen dat de woningen een zo goed mogelijke kwaliteit hebben, en dat heeft weer te maken met scholing, met workshops waardoor bouwsystemen verbeteren en ruimten beter worden benut.

Tegen welke problemen met aannemers bent u aangelopen?
Tegen de aannemer die bij de bouw uitsluitend geïnteresseerd is in het besparen van zo veel mogelijk geld. Over het algemeen wordt bij een openbare aanbesteding de goedkoopste kandidaat beloond, niet degene die de beste kwaliteit levert.

En architectonisch gesproken?
Ik hoef niet vaak strijd te leveren. Dat komt doordat je ontwerp bij het winnen van een prijsvraag niet ter discussie staat; de aannemer heeft het gewoon uit te voeren. Colombia is in Latijns-Amerika een voorbeeld wat betreft het uitschrijven van prijsvragen, zo gaat het hier al bijna veertig jaar. De prijsvraag is de enige optie in de architectuur om dingen te doorbreken.

Waar komt de kritiek op uw werk vandaan?
Die komt van mensen die het moeilijk vinden dingen te waarderen die zijzelf nooit zouden maken, omdat ze daartoe niet in staat zijn of omdat ze die niet mooi vinden. Hun angst is gebaseerd op een dogma, op één enkele zienswijze op de architectuur. Ik zie tot mijn spijt dat ons land op vele gebieden heel fundamentalistisch is.

Sommige mensen beweren dat u buitenlandse ontwerpen kopieert…
Ik geloof dat het bouwwerk van ideeën en bouwstijlen niet aan één bepaalde plek toebehoort. Wij zijn westerlingen, en wat we doen is ontwerpen maken zoals die ook in Europa of de Verenigde Staten worden gemaakt. Ik ben niet bang voor een soort ‘vervuiling’ die je zou krijgen door ideeën van elders hier toe te passen. Ik geloof niet in identiteiten, en ook niet dat we één enkele vorm van Colombiaanse architectuur hebben.

Hoe moeten we ervoor zorgen dat de architectuur vriendelijker voor onze planeet wordt?
De meesten van ons doen aan duurzame architectuur, en de beroepsgroep meent dat dit voldoende is om druk vanuit de maatschappij te voorkomen.

Wat is duurzame architectuur?
Regenwater opvangen, omstandigheden in de buitenomgeving aanwenden om luchtstromen en ventilatie te genereren in plaats van airconditioning te gebruiken. Maar we moeten veel verder gaan, dat we op een andere manier naar de maatschappij en het milieu moeten kijken. Duurzaamheid bestaat niet alleen uit het verbeteren van energieprestaties, het stoppen met bomen kappen en het verwerken van grassen in het dak van een gebouw. Dat is een nogal naïeve gedachte.

Gekleurd rubber

Waarom krijgen duurzame materialen zo’n warm onthaal?
Er zijn materialen die in de loop der tijd worden afgebroken, die door het milieu kunnen worden opgenomen. Ik heb die wel op een paar plaatsen gebruikt, maar in onze context is dat niet makkelijk. We hebben gewerkt met een bepaald type plantaardige bekledingsmaterialen waarmee je de buitentemperatuur kunt reguleren, met materialen die belangrijke thermische isolatie mogelijk maken, en nu met gekleurd rubber – dat lijkt op kurk – gemaakt van hergebruikte banden.

Waar bent u op dit moment mee bezig?
Met de plannen voor een park langs de Calle 26, in Bogotá, en de bouw van een kleuterschool in Soledad, en ook nog een in Santa Marta. Ik heb net een sociaal woningbouwproject in Spanje afgerond en ben bezig een ander project te ontwikkelen met de architectengroep Elemental de Chile. En ik ben uitgenodigd projecten in Taiwan en in Bahrein te presenteren.

Auteur: Amira Abultaif Kadamani
Vertaler: Harriët Peteri

El Tiempo
Colombia, dagblad, oplage 1.100.000
Grootste krant van Colombia. Uitgesproken conservatief en centrum-rechts, in tegenstelling tot zijn links-liberale concurrent El Espectador , maar bereid om verschillende standpunten te tonen.

Dit artikel van verscheen eerder in El Tiempo.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

En ontvang wekelijks het beste uit de internationale pers in uw mailbox.