• New Scientist
  • Reader
  • Zes vragen over dromen

Zes vragen over dromen

New Scientist | Londen | Rowan Hooper | 11 juni 2018

Wetenschappers komen steeds meer te weten over dromen. Waarom zijn ze bijvoorbeeld zo vreemd? En dromen mannen en vrouwen anders? New Scientist zet de laatste inzichten op een rij.

Dromen zijn zo vreemd en voor ons zo betekenisvol dat we vaak de behoefte hebben ze aan anderen te vertellen, soms op het langdradige af. Maar als je weet wat er in het brein gebeurt tijdens het dromen, begint het veel zinniger te worden, en kan het interessantere gespreksstof opleveren dan wanneer je simpelweg je hart uitstort over de avonturen die je hersenen ’s nachts meemaken. Je vrienden zullen je dankbaar zijn. Dromen zijn veel belangrijker dan je zou denken – en we lijken er steeds minder te krijgen. Laten we het dus eens hebben over een paar algemene vragen over de nachtelijke hallucinaties die we dromen noemen.

1. Waarom zijn dromen zo vreemd?

Er is een goede reden waarom dromen zo grillig en eigenaardig zijn. Herinneringen aan ingrijpende gebeurtenissen in het leven – de zogenaamde episodische herinneringen – worden opgeslagen in het deel van de hersenen dat de hippocampus heet, en tijdens de Rapid Eye Movement (REM)-slaap worden signalen uit de hippocampus stopgezet. Dat betekent dat we, als we dromen, geen toegang hebben tot specifieke herinneringen aan dingen die in het verleden hebben plaatsgevonden.

Maar we hebben wel toegang tot algemene herinneringen aan mensen en plekken die de ruggengraat van onze dromen vormen. Tegelijkertijd wordt activiteit in hersengebieden die van doen hebben met emotionele processen geprikkeld, waardoor een overdreven emotioneel verhaal wordt gevormd dat die herinneringen aan elkaar rijgt.

Heb wat geduld en laat me een van mijn recente dromen als voorbeeld gebruiken. Ik droomde dat het huis waarin ik ben opgegroeid omringd was door water; ik moest proberen het raam uit te vliegen om te ontsnappen, maar ik was vergeten hoe ik moest vliegen. Het overweldigende gevoel was emotie – angst en vrees over het stijgende water en mijn onmacht om te vliegen.

Een ander deel van de hersenen, de dorsolaterale, prefrontale cortex die ons vermogen tot zowel logisch redeneren als het nemen van beslissingen regelt, is ook stilgelegd. Ik vraag me dus niet af waarom het water zo snel stijgt en ook niet waarom ik terug ben in mijn ouderlijk huis, en zelfs niet waarom naar de vrijheid vliegen een optie is.

Dit verschil in hersenactiviteit vergeleken met die in wakende toestand, helpt de vraag te beantwoorden waarom we het gevoel hebben dat we zo weinig controle hebben over onze dromen – we zijn toeschouwers, voor de gezelligheid meegegaan – en waarom we pas als we wakker worden vreemd opkijken van al die eigenaardige dingen. In mijn dromen haal ik vaak onderwater adem, alsof dat volslagen normaal is.

2. Dromen we alleen in de REM-slaap?

De studie van dromen – die eeuwenlang meer een oefening in vindingrijke verklaringen was dan iets wat bij benadering ook maar wetenschap mag worden genoemd – begon pas echt in 1953, toen Eugene Aserinsky en Nathaniel Kleitman van de Universiteit van Chicago elektroden plaatsten op het hoofd van vrijwilligers en ze tijdens verschillende slaapstadia wakker maakten. Ze ontdekten de REM-slaap en het verband met dromen.

Recente experimenten hebben aangetoond dat we tijdens onze hele slaapperiode dromen, en niet alleen in de REM-slaap. Maar we vergeten de meeste. Dromen die voorkomen in diepe slaap zijn meestal onemotioneel, niet levendig, handelen over eenvoudige dingen en zijn moeilijk te herinneren. Kortom: saai. In de REM-slaap komen de klassieke dromen voor, die met de bizarre nevenschikkingen, fysiek onmogelijke kunststukjes, schokkende, ontroerende en onbegrijpelijke ervaringen. Als de REM-slaap onderbroken wordt, vergeten we die ervaringen.

Trouwens, veel mensen hebben zich afgevraagd of onze ogen in de REM-slaap bewegen om naar droombeelden te ‘kijken’. Sommige tekenen wijzen erop dat dit inderdaad zo is.

3. Waarom is het moeilijk om je dromen te onthouden?

Sommige mensen houden vol dat ze nooit dromen, maar zij hebben het mis. Dat weten we door experimenten waarin mensen tijdens de nacht in verschillende stadia wakker gemaakt worden. Iedereen droomt, maar niet iedereen herinnert zich die dromen. Dat kan verband houden met hersenactiviteit – diegenen die zich vaker dromen herinneren hebben, slapend en wakend, een grotere activiteit in twee delen van de hersenen die betrokken zijn bij het stimuleren van beelden en het opslaan van herinneringen dan mensen die zich hun dromen niet herinneren.

Paul McCartney droomde de melodie van Yesterday en Dmitri Mendeleev de structuur van het periodiek systeem

Het heeft ook te maken met hoe je slaapt. Tijdens de REM-slaap doen we moeite om nieuwe herinneringen te vormen, zegt Robert Stickgold van de sectie slaapmedicijnen aan Harvard Medical School. Als we tijdens of vlak na een droom wakker worden, kunnen we die ‘vastgrijpen’ voor hij wegglipt – met andere woorden, we kunnen hem coderen in onze langeretermijnopslag. Dus als je ’s nachts wakker wordt, herinner je je fragmenten van dromen. Maar als je wakker wordt door de wekker en je REM-slaap wordt onderbroken, dan kun je die herinnering hoogstwaarschijnlijk niet vasthouden. Zelfs als je midden in een droom was en niet in een diepe, droomvrije sluimerstaat, verstoort die plotselinge omschakeling – van slapen en dromen naar wakker worden en de wekker uitzetten – het herinneringsproces.

4. Waar dienen dromen voor?

Daar zijn veel theorieën over. Een daarvan is dat dromen een evolutionaire functie kunnen hebben, om ons op de proef te stellen in scenario’s die van belang zijn om te overleven. Dit kan verklaren waarom mensen vaak zeggen dat ze in hun dromen achterna gezeten of aangevallen worden. Omgekeerd kunnen ze juist de harde schok van een emotioneel trauma verzachten. Aan de andere kant hebben veel mensen verklaard dat dromen creatief denken kunnen stimuleren, zoals Paul McCartney die de melodie van Yesterday droomde (toen hij wakker werd, improviseerde hij er tekst bij om de melodie maar niet te vergeten) en Dmitri Mendeleev die de structuur van het periodiek systeem droomde. Dit idee wordt experimenteel ondersteund met studies die aantonen dat mensen beter scoren in creativiteitstests na een dutje waarin ze in een REM-slaap verkeerden.

5. Hebben mijn dromen een betekenis?

Sigmund Freud beweerde dat ‘de interpretatie van dromen de koninklijke weg is naar de kennis van de onbewuste activiteiten van de geest’. Hij dacht dat het onbewuste zich bezighield met ‘afwijkende’ gedachten, en dat dromen in de eerste plaats een middel waren om wensen te vervullen. Maar dat die ideeën binnen de wetenschap nu uit de gratie zijn, betekent niet dat droominterpretatie onmogelijk is. Waar je over droomt evenals de emotionele sfeer van de droom weerspiegelen waarschijnlijk wat je hersenen belangrijk vinden. Onderzoek toont aan dat als je de hele dag Tetris speelt, je hersenen beslissen dat je over Tetris moet dromen. Als je ergens ongerust over bent, zal je brein je vast een droom geven met ongerustheid als dominante emotie. Een grote hoeveelheid onderzoek dat ontwaakervaringen en droominhoud registreert, wijst uit dat je ervaringen overdag in overeenstemming kunnen worden gebracht met de inhoud van je dromen – maar ook veel andere, ogenschijnlijk los van elkaar staande belevingen, kunnen zich in je dromen wurmen.

Proberen om je dromen te analyseren en interpreteren zou therapeutisch kunnen werken of inzicht kunnen geven, zegt Mark Blagrove van Swansea University in Groot-Brittannië, maar hij waarschuwt dat zulks volgens sommigen niet méér inzicht geeft dan het lezen van je horoscoop of nadenken over je dagdromen. Er zouden experimenten voor nodig zijn om te testen of uit dromen belangrijke, persoonlijke informatie valt op te maken. En zelfs dan betekent het nog niet dat dromen bedoeld zijn om die informatie over te brengen. Als de evolutie ons dromen heeft gegeven als boodschappen over onszelf, had ze het beter moeten aanpakken door te zorgen dat ze gemakkelijker te onthouden zijn.

Sommige droomanalyses duiden erop dat vrouwen evenveel over mannen als over vrouwen dromen, terwijl mannen meer over andere mannen dromen

6. Dromen mannen en vrouwen anders?

Sommige droomanalyses duiden erop dat vrouwen evenveel over mannen als over vrouwen dromen, terwijl mannen meer over andere mannen dromen. Michael Schredl, van het Central Institute of Mental Health in Mannheim, Duitsland, heeft gedocumenteerde droomverslagen die aantonen dat mannen dikwijls dromen van vechten met andere mannen, terwijl vrouwen vaker dromen over vriendelijke interactie met mensen. Een paar jaar geleden schreven Christina Wong en collega’s van de University of Ottawa, Canada, een computerprogramma om te proberen onderscheid te maken tussen de dromen van mannen en vrouwen. Het programma kon in zo’n 75 procent van de gevallen correct het geslacht van de dromer aanwijzen. Het lijkt dat er genderverschillen in dromen bestaan, maar voorlopig is het nog te vroeg om te zeggen waarom.

Auteur: Rowan Hooper

Beeld: © Getty

New Scientist
Verenigd Koninkrijk | weekblad | oplage 125.000

Een van de beste en meest toegankelijke wetenschapstijdschriften ter wereld. Stimulerend, met veel aandacht voor het milieu en industriële vernieuwing. Onderdeel van Reed Elsevier.

Dit artikel van Rowan Hooper verscheen eerder in New Scientist.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.