• Rest of World
  • Afrika
  • De revolutie zal worden #gehashtagd

De revolutie zal worden #gehashtagd

© Getty
Rest of World | New York | Chika Oduah | 19 februari 2021

#Hashtagactivisme heeft grote aantallen mensen in beweging gebracht, ook op het Afrikaanse continent. Nog belangrijker is dat regeringen gedwongen worden om aandacht te besteden aan de socialemediacampagnes. Met ook offline effect, schrijft de gelauwerde journaliste Chika Oduah.

Dossier De straat op

Overal ter wereld gaan gefrustreerde burgers de straat op om hun politieke of economische eisen kracht bij te zetten, of om zich uit te spreken tegen de coronamaatregelen. In de meeste landen is men woedend over de ongelijkheid en de schaamteloze corruptie van de politieke klasse, terwijl de jongere generatie met moeite het hoofd boven het water kan houden. De coronapandemie heeft deze tegenstellingen – maar ook de urgentie om hier iets aan te veranderen – alleen maar vergroot.

Op 1 mei 2014 twitterde Chris Brown een foto in sepiatinten van een treurig kijkend zwart meisje, met de hashtag #BringBackOurGirls. De boodschap was bedoeld om de aandacht te vestigen op de 276 vrouwelijke leerlingen die in april in Nigeria waren ontvoerd door de islamitische terreurorganisatie Boko Haram. De BBC en andere gebruikers van sociale media verspreidden het beeld.

Het probleem was dat de jonge vrouw op de foto geen Nigeriaanse was; ze kwam uit Guinee-Bissau. Ze was nooit ontvoerd en had ook niets met #BringBackOurGirls te maken. Maar de foto werd duizenden keren gedeeld en dat leidde tot de beschuldiging van ‘slactivisme’: het op grote schaal uiten van woede op sociale media zonder de tijd te nemen om achter de feiten te komen.

© Twitter

Ondanks de nadelen is hashtagactivisme de afgelopen zes jaar in Afrika met veel succes aangewend. Alleen al in 2020 zijn er hashtagcampagnes gevoerd in Namibië, Zimbabwe, Kameroen, de Democratische Republiek Congo en opnieuw Nigeria, die bewegingen de gelegenheid gaven hun boodschap op sociale media, op straat en op de radar van ongekende aantallen mensen over de hele wereld te krijgen. En, het allerbelangrijkst, deze hashtags hebben regeringen gedwongen om aandacht aan die bewegingen te besteden.

In Namibië arresteerden veiligheidsagenten 25 vreedzame antifemicide-activisten, maar de aanklachten tegen hen werden ingetrokken toen een overheidsfunctionaris na een brede campagne die werd versterkt door de sociale media, weigerde hen te vervolgen: een klinkende overwinning voor de vrijheid van meningsuiting. Na de EndSARS-demonstraties in Nigeria tegen het gewelddadig optreden van de Special Anti-Robbery Squad, een elite-eenheid van de politie, hebben de bestuurders van 28 van de 36 staten van dat land juridische commissies ingesteld om de getuigenissen te horen van mensen die te maken hebben gekregen met politiegeweld. 

In Kameroen is de nationale overheid onderhandelingen begonnen met separatisten over een staakt-het-vuren in het al vier jaar slepende conflict 
dat online bekend is geworden als de #EndAnglophoneCrisis.

Aandacht

In de meeste gevallen zijn het millennials en Gen-Z’ers die zulke campagnes voeren. Zij willen de aandacht van de wereld, maar ze vragen het Westen niet om hun problemen te komen oplossen. Talloze jonge mensen in Afrika willen revolutionaire verandering in hun land en zij zien sociale media als een stap in de richting van die verandering: de nieuwe revolutie zal worden gehashtagd.

Op 17 oktober werd mijn aandacht op Twitter gevangen door een foto van een jonge vrouw met Fulani-vlechten die een poster ophield met de verschrikkelijke boodschap: ‘Er zijn geen woorden om te beschrijven hoe doodsbang ik ben omdat ik vrouw ben in Namibië.’ 

Ik keek onder de foto en zag de hashtag #ShutItAllDownNamibia. Ik googelde ‘femicide Namibië’, ‘seksegebaseerd geweld in Namibië’, ‘seksuele intimidatie in Namibië’ en kwam terecht in een eindeloos doolhof dat me van het ene verhaal naar het andere voerde; stuk voor stuk schokten ze me diep, zoals ze daar op het vijftien inch-scherm van mijn laptop voorbijkwamen.

Neem de 27-jarige Gwashiti Ndahambelela Tomas: haar vriend sneed haar de keel door toen ze probeerde hun relatie te beëindigen. Of de 30-jarige Monika Florin: haar man sneed haar lichaam aan stukken, braadde enkele daarvan in een oven, kookte andere in een pan en spoelde de rest door het riool. Een paar maanden geleden werd boekhoudstudente Rejoice Shovaleka door een man in haar hals gestoken terwijl ze onderweg naar huis was van een feest. En begin vorig jaar schoot Eliakim Matthews tijdens een ruzie zijn vrouw Ndinelelo Haidula dood, voor de ogen van hun kinderen. 

Tussen 2016 en 2019 werden bij de Namibische politie meer dan 3000 verkrachtingen gemeld en 209 moorden door huiselijk geweld. De meeste slachtoffers waren kinderen, tussen januari en september 2019 werden 
37 vrouwen vermoord. In 2016 en 2018 zijn er nationale actieplannen in het leven geroepen om iets tegen de geweldsepidemie te doen, maar volgens de autoriteiten in het land wordt de situatie alleen maar slechter.

Stabiele democratie

Namibië, aan de zuidwestkust van Afrika, wordt geprezen om zijn stabiele democratie en staat al jaren te boek als een van de minst corrupte landen van het continent. Maar nu halen de schokkende cijfers over geweld tegen vrouwen de internationale kranten, gedeeltelijk dankzij #ShutItAllDown, dat is gelanceerd door jonge Namibiërs zoals fotograaf en digitalecontentmaker Lebbeus Hashikutuva en student en activist Bertha Tobias. Zij waren woedend na de vondst van het lichaam van een jonge vrouw, Shannon Wasserfall, dat was begraven in de zandduinen bij de havenstad Walvis Bay. ‘Het lijkt wel of Namibië oorlog voert tegen vrouwen,’ zegt Tobias.

Binnen een paar uur werd de eerste openbare demonstratie georganiseerd, die Namibiërs opriep om het verhaal van Wasserfall te horen en ‘#SayHerName’. Na afloop werd #ShutItAllDownNamibia groter dan Tobias ooit had durven dromen. De campagne verenigde straatprotesten in het hele land en genereerde op sociale media ongekende aandacht voor femicide in Namibië. De premier zelf beloofde dat de eisen van de campagnevoerders hoog op de agenda van de regering kwamen te staan.

Opvallend van deze protestbewegingen is dat ze geen leiders lijken te hebben

De campagne gaat door; activisten eisen dat de Namibische regering de noodtoestand uitroept om femicide en verkrachting aan te pakken. Ze eisen het aftreden van de minister voor seksegelijkheid en de instelling van een openbaar register van zedendelinquenten. Tot nu toe is geen van deze eisen ingewilligd, al onderzoeken parlementariërs wel het voorstel voor zo’n register.

Ook elders op het continent gebruiken jonge, politiek bewuste mensen hashtags om diepgaande sociale problemen aan te kaarten. In de Democratische Republiek Congo vestigde de campagne #CongoIsBleeding de aandacht op de onrust die het land al zo lang teistert, en met name op het wijdverbreide seksuele geweld tegen vrouwen en de uitbuiting van kinderen als gevolg van de dodelijke strijd tussen gewapende groeperingen om toegang tot lucratieve mineralen in de oostelijke delen van het land. 

#ZimbabweanLivesMatter

Zo’n 1600 kilometer ten zuidoosten van de DRC, in Zimbabwe, kwamen in juli vorig jaar campagnevoerders onder de hashtag #ZimbabweanLivesMatter bijeen om de vrijlating te eisen van journalist Hopewell Chin’ono. Hij was gearresteerd nadat hij onderzoek had gedaan naar corruptie bij de overheid. De hashtag, die in de week van 5 augustus 2020 viraal ging, begon te circuleren nadat veiligheidstroepen met geweld mensen van de straten hadden geveegd die wilden protesteren tegen censuur van de media, slechte economische planning en mensenrechtenschendingen.

In Kameroen werd #EndAnglophoneCrisis gebruikt om aandacht te vragen voor een vergeten conflict. De Engelssprekende burgers van het land, die 20 procent van de bevolking uitmaken, worden al lange tijd gemarginaliseerd en gediscrimineerd door de overwegendFranstalige federale regering van president Paul Biya. 

In Nigeria doen sociale media meer dan alleen het bewustzijn verhogen. De #EndSARS-protesten voltrokken zich live voor mobiele telefooncamera’s en waren vervolgens te zien op You-Tubekanalen en Facebook- en Instagrampagina’s. Deze foto’s en video’s hebben ertoe bijgedragen dat leugens van de autoriteiten werden ontkracht en een bloedbad naar buiten kwam dat anders verborgen zou zijn gebleven. 

Politiegeweld in Nigeria tijdens een vreedzame demonstratie.

Niemand weet precies hoeveel mensen er op 20 oktober 2020 in Lagos zijn gedood. Amnesty International meldde minstens twaalf doden toen Nigeriaanse militairen het vuur openden op een groep demonstranten; volgens sommige van de actievoerders die het bloedbad overleefden, lag het aantal dichter bij de dertig. Maar de Nigeriaanse federale overheid beweerde dat er geen enkele dode was gevallen, de gouverneur van de staat Lagos had het over twee doden en het leger ontkende aanvankelijk zelfs dat er militairen op de plek van de demonstratie waren geweest.

Dankzij de ruwe en onthullende beelden die rechtstreeks op sociale media werden gestreamd, werd het voor de autoriteiten lastig om deze verzinsels vol te houden. Het leger veranderde zijn verhaal en zei dat er wel soldaten aanwezig waren geweest, maar dat die niet hadden geschoten. Later gaf een brigadier-generaal van de militaire inlichtingendienst tegenover een juridische commissie toe dat soldaten wel het vuur hadden geopend, maar alleen met losse flodders. Op 21 november 2020 erkende diezelfde commandant dat die militairen zowel scherpe munitie als losse flodders hadden gehad. 

Geen leiders 

Een van de opvallendste kenmerken van deze nieuwe protestbewegingen 
is dat ze geen leiders lijken te hebben. In het verleden hadden Afrika’s 
vrijheidsoorlogen en sociaal-politieke opstanden bijna altijd een duidelijke leider. Vrouwen als Wangari Maathai speelden een belangrijke rol, maar de gezichten die in de media verschenen waren meestal mannelijk: Jomo Kenyatta, Tom Mboya, Steve Biko, Patrice Lumumba, Kwame Nkrumah, Nelson Mandela, Ken Saro-Wiwa.

De machthebbers vervolgden die leiders meedogenloos; velen werden vermoord of gevangengezet. Daarom doen de huidige activisten op het continent het nu anders, geïnspireerd door #BlackLivesMatter.

Onder de hashtags #ZimbabweanLivesMatter, #ShutItAllDown, #EndSARS, #CongoIsBleeding en #EndAnglopho-neCrisis verenigen zich gedecentraliseerde bewegingen zonder één duidelijk boegbeeld. Iedereen die eraan meedoet is een leider. Er is niet één persoon die stiekem meegenomen kan worden voor achterkamertjesonderhandelingen of in de gevangenis gegooid om de beweging te onthoofden. 

De dynamiek van verbondenheid via sociale media heeft een sfeer van Pan-Afrikaanse eenheid voortgebracht

Binnen deze structuur hebben campagnevoerders steeds slimmere manieren bedacht om elkaar financieel te steunen en acties te organiseren. Het werven van fondsen is gedemocratiseerd doordat crowdfundinginitiatieven verdeeld zijn over verschillende organisaties die de acties ondersteunen. Zo wendde de Nigeriaanse actiegroep Feminist Coalition zich tot Bitcoin nadat ze was geblokkeerd door andere betaalsystemen en traditionele banken. De beweging haalde meer dan 74 miljoen naira (zo’n 165.000 euro) op om #EndSARS-demonstranten en slachtoffers van politiegeweld te steunen. 

De Namibische activisten tegen seksegeweld organiseerden zich via Twitter en door onbeperkte toegang te geven tot een Google Doc waarin de achtergrond en doelen van hun campagne uit de doeken worden gedaan. Het document, mét de namen van de gebruikers die het bewerken, is een voorbeeld van een gedigitaliseerde, uiterst transparante en collectieve manier om lokale bewegingen te organiseren.

De gedecentraliseerde structuur is voor sommige regeringen een probleem. Toen de Namibische autoriteiten na de protesten naar een leider vroegen die ze konden ‘consulteren’, weigerden de actievoerders iemand te noemen.

De dynamiek van verbondenheid via sociale media heeft een sfeer van 
Pan-Afrikaanse eenheid voortgebracht, een wijdverbreid gevoel van ‘samen staan we sterker’. Activisten en influencers uit verschillende landen 
betonen elkaar hun solidariteit en delen elkaars campagnehashtags.

Ook Afrikanen buiten het continent laten hun stem horen. Studenten van de African Law Association aan Harvard University hebben een verklaring uitgegeven waarin ze hun steun uitspreken voor #CongoIsBleeding, #EndSARS, en #ShutItAllDown. Ik ben benieuwd waar deze nieuwe internationale, sociaal-politieke samenwerkingen tussen jonge Afrikanen in de toekomst toe zullen leiden. Misschien zullen ze het gat opvullen dat African Union (AU) laat vallen; deze unie wordt geacht een stem te zijn voor het continent, maar lijkt geen voeling te hebben met de gewone Afrikaanse jeugd. Bij veel conflicten en mensenrechtenschendingen heeft de AU gezwegen en de soevereiniteit van Afrikaanse staatshoofden gerespecteerd in plaats van die rechtstreeks te veroordelen. De AU heeft zich ook volkomen afzijdig gehouden van deze recente door jongeren gevoerde campagnes en dat lijkt me een gemiste kans. 

Deze bewegingen hebben al een offline-effect gehad. De rechtbank in Zimbabwe heeft Hopewell Chin’ono op borgtocht vrijgelaten. Op 13 oktober kwam de Namibische regering tegemoet aan alle eisen van #ShutItAllDownNamibia en een paar dagen later hadden enkele actievoerders, onder wie Bertha Tobias een ontmoeting met president Hage Geingob. In Nigeria is al een SWAT-team opgericht ter vervanging van SARS en de leden daarvan worden beter opgeleid; volgens het hoofd van de politie wordt er gewerkt aan psychologische beoordelingen van de agenten, zoals activisten hebben geëist.

Verandering

Als eerste stap naar decentralisatie, waardoor leden van de Engelstalige minderheid ook een vertegenwoordiging in het parlement kunnen krijgen, heeft Kameroen op 6 december vorig jaar, voor het eerst in zijn geschiedenis, regionale verkiezingen gehouden. 

Voor anderen is het lastig geweest om veranderingen te bewerkstelligen. De autoriteiten in Zimbabwe en de Democratische Republiek Congo hebben geen echte pogingen gedaan om een eind te maken aan mensenrechtenschendingen.

Kan de regering het internet afsluiten? Voor een deel wel, ja

Sociale media bieden activisten dan wel de mogelijkheid om hun leiderschap te decentraliseren, dat beschermt hen nog steeds niet tegen intimidatie en andere vormen van geweld. Regeringen monitoren socialemedia-activiteiten om te bepalen wie ze in het vizier moeten nemen.

Omdat hun mobiele verkeer in de gaten wordt gehouden, moeten activisten VPN-telefoons gebruiken om te internetten en hun telefoons geregeld urenlang uitzetten. Kan de regering het internet afsluiten? Voor een deel wel, ja. De regering van Tsjaad heeft de toegang tot socialemediaplatforms als WhatsApp, Twitter en Instagram een jaar en vier maanden geblokkeerd. De Soedanese overheid heeft de afgelopen paar jaar minstens twee keer vergaande internetbeperkingen ingesteld. 

Terwijl regeringstroepen in Soedan vorig jaar juni met harde hand sit-in-demonstraties voor democratie uiteensloegen, merkten de demonstranten dat internet geregeld uitviel. Eerder dit jaar verstoorde de Ethiopische regering twee weken lang toegang tot wifi en breedbandinternet, na de roep om gerechtigheid in de moord op zanger-activist Haacaaluu Hundeessaa. De Ethiopiërs hebben meer dan twaalf keer zo’n shutdown meegemaakt en de Zimbabwanen worden er onder president Emmerson Mnangagwa ook mee geconfronteerd. 

Zulke extreme maatregelen laten zien dat autoritaire regimes en gewelddadige overheden niet weten wat ze met sociale media en de bewegingen die daaruit voorkomen aan moeten. In 2020 hebben veel jonge mensen over het hele continent intimidatie door de overheid aan de kaak gesteld. Hun gezamenlijke stemmen zullen veerkrachtiger worden naarmate hun roep om meer verantwoording en beter bestuur luider gaat klinken. 

Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

En ontvang wekelijks het beste uit de internationale pers in uw mailbox.