• The New York Times
  • Reader
  • Extreemrechtse politieagenten bereiden zich voor op ‘Dag X’

Extreemrechtse politieagenten bereiden zich voor op ‘Dag X’

The New York Times | New York | 19 augustus 2020

Rechts-extremisme schijnt te zijn doorgedrongen in alle geledingen van de Duitse maatschappij, de overheid geeft toe het probleem jarenlang te hebben onderschat. Misschien wel omdat de motivatie van de extremisten vrij bizar is; ze bereiden zich voor op ‘Dag X’: een mythisch moment waarop de hele maatschappelijke orde in Duitsland zal instorten.

Het plan van de groep klonk akelig concreet. Politieke vijanden en voorvechters van vluchtelingen en migranten zouden worden opgepakt, in een vrachtwagen geladen en afgevoerd naar een geheime locatie – om daar te worden vermoord. Een van de leden van deze groepering in het Oost-Duitse Güstrow had al dertig lijkzakken ingeslagen. Op een lijst van nog te kopen spullen stonden volgens justitie nog meer lijkzakken en ongebluste kalk, om de geur van begraven lijken te maskeren.

Het waren op het oog eerbiedwaardige burgers die dit plan bespraken. Een van hen was advocaat; hij was actief in de lokale politiek, maar had een grote hekel aan immigranten. Er zaten twee reservisten bij. En twee politieagenten, zoals Marko Gross (49): voormalig parachutist in het leger, nu scherpschutter bij de politie en hun officieuze leider.

Een neonazimars in het Duitse Bielefeld op  9 november 2019. – © Thomas F. Starke / Getty
Een neonazimars in het Duitse Bielefeld op 9 november 2019. – © Thomas F. Starke / Getty

Nordkreuz

De groep kwam voort uit een Duits chatnetwerk voor militairen en oud-militairen met rechts-extremistische sympathieën, dat was opgezet door een lid van het Kommando Spezialkräfte (KSK), de elitetroepen van het Duitse leger. Na verloop van tijd vormde zich onder leiding van Gross deze lokale onderafdeling, die onder meer een arts, een ingenieur, een interieurbouwer, een sportschooleigenaar en zelfs een visser onder haar leden telde. Nordkreuz noemden ze zich, Noorderkruis.

‘Allemaal bij elkaar waren we een compleet dorp,’ zei Gross in een van de gesprekken die ik dit jaar met een aantal Nordkreuz-leden voerde over het ontstaan en de plannen van hun groep. Ze ontkennen dat ze de dood van anderen beraamden. Maar uit de informatie van politie en justitie en uit een verklaring van één lid van de groep (waarvan wij een transcriptie konden inzien) blijkt dat hun plannen wel degelijk een duistere inslag hadden.

Duitsland is bezig met een inhaalslag wat betreft de aanpak van rechts-extremistische netwerken, waarvan de autoriteiten nu zeggen dat die wijder vertakt zijn dan ze hadden beseft. Juist voor een land dat zich van de last van zijn naziverleden en de gruwelen van de Holocaust heeft moeten bevrijden, is het verontrustend dat het rechts-extremisme zelfs tot in de strijdkrachten lijkt te zijn doorgedrongen. In juli dit jaar is een complete eenheid van het Kommando Spezialkräfte ontbonden, omdat die door extremisten bleek te zijn geïnfiltreerd.

De zaak van de Nordkreuz-groep, meer dan drie jaar geleden aan het licht gebracht maar pas sinds kort onder de rechter gekomen, laat zien dat het probleem van rechts-extremistische infiltratie niet nieuw is en zich ook niet beperkt tot het KSK of zelfs het leger. Rechts-extremisme, zo geven politici en autoriteiten nu toe, is doorgedrongen in alle geledingen van de Duitse maatschappij, doordat de overheid het probleem jarenlang heeft onderschat of niet onder ogen heeft willen zien. En nu kost het de autoriteiten grote moeite om het uit te roeien.

Dag X

De extremisten worden in belangrijke mate gemotiveerd door een idee dat zo bizar en vergezocht lijkt dat de instanties het simpelweg niet serieus namen, terwijl het in extreemrechtse kringen wel degelijk opgang maakte. Neonazi’s en andere extremisten noemen het ‘Dag X’: een mythisch moment waarop de hele maatschappelijke orde in Duitsland zal instorten. Overtuigde rechts-extremisten moeten zich daarop voorbereiden om dan – in hun ogen – het land te redden. Onder deze Dag X-preppers bevinden zich inmiddels respectabele mensen, met serieuze vaardigheden en ambities. En de Duitse autoriteiten beschouwen dat hele verhaal steeds meer als een excuus van rechts-extremisten om terroristische aanslagen of zelfs een staatsgreep te beramen.

‘Ik ben bang dat we nog maar het topje van de ijsberg hebben gezien,’ zegt Dirk Friedriszik, parlementslid in de deelstaat Mecklenburg-Vorpommern, waar Nordkreuz werd opgericht. ‘Het is niet alleen het KSK. Het grote probleem is: deze cellen zitten overal. In het leger, in de politie, onder reservisten.’

Nordkreuz was zo’n clubje dat zich intensief voorbereidde op Dag X. Eind 2016 kreeg de Duitse inlichtingendienst een tip en in de zomer van 2017 stelde justitie een onderzoek in. Maar het heeft jaren geduurd voordat dit netwerk, of althans een klein stukje ervan, voor de rechter werd gebracht. En nog steeds is maar één lid van de groep, Marko Gross, veroordeeld – niet wegens samenzwering, maar voor illegaal wapenbezit. Eind vorig jaar kreeg hij daarvoor 21 maanden voorwaardelijk – zo’n lage straf dat het OM dit jaar in beroep is gegaan.

Van de circa dertig leden van de Nordkreuz-groep zijn er maar twee, een andere politieagent en een advocaat, tegen wie momenteel nog een onderzoek loopt wegens het beramen van terroristische aanslagen.

Volgens kenners van rechts-extremisme is het typerend voor de manier waarop de autoriteiten hiermee omgaan. De lichtheid van de vergrijpen waarvoor extremisten worden vervolgd staat in geen verhouding tot de verreikende plannen die justitie zo wil bestraffen en voorkomen. De aanklachten zijn bijna altijd gericht tegen individuen, niet tegen de netwerken als zodanig.

Infiltratie

Maar dat het zo veel moeite kost om die te vervolgen, wijst op een ander probleem dat de Duitse autoriteiten steeds meer zorgen baart: de extreemrechtse infiltratie in juist die instanties die er onderzoek naar moeten doen, zoals het politieapparaat. In juli trad de hoofdcommissaris van politie in de deelstaat Hessen af, omdat neonazi’s doodsbedreigingen hadden verstuurd met gebruik van persoonsgegevens die van politiecomputers waren gehaald. En in datzelfde Hessen werd vorige zomer een regionale politicus vermoord door een man die als neonazi bekendstond – een moordaanslag die veel Duitsers de ogen heeft geopend voor het gevaar van extreemrechts terrorisme.

Sommige Nordkreuz-leden namen hun plannen zo serieus dat ze al een lijst met politieke vijanden hadden opgesteld. Heiko Böhringer, politiek actief in hun regio, kreeg doodsbedreigingen. ‘Ik dacht over preppers altijd: dat zijn ongevaarlijke gekken die te veel griezelfilms hebben gezien,’ zegt hij. ‘Maar daar denk ik nu anders over.’

In juli is een KSK-eenheid ontbonden wegens extreemrechtse infiltratie

Friedriszik, die in de lokale politiek al jaren aandacht vraagt voor het groeiende gevaar van extreemrechts, was lange tijd een roepende in de woestijn. ‘Het is een beweging die op heel veel plaatsen invloed heeft,’ zegt hij. ‘Die verhalen over Dag X klinken misschien als een dagdroom. Maar als je goed kijkt, zie je hoe snel zoiets kan omslaan in serieuzere voornemens – en concrete plannen.’

De schietbaan in Güstrow, een klein stadje in het noordoosten van het land, bevindt zich aan het einde van een lange onverharde oprijlaan met een stevig hek ervoor. Het terrein is afgezet met prikkeldraad. Er wappert een Duitse vlag.

‘Hier is het allemaal begonnen,’ zei Alex Moll, interieurbouwer, lid van Nordkreuz en in het bezit van een jachtvergunning en een kast vol geweren, toen ik eerder dit jaar rondkeek in de regio. Marko Gross, de politieman, was een vaste bezoeker van de schietbaan. Hij had als parachutist en verkenner in het Duitse leger gezeten, in een bataljon dat later opging in de elitetroepen van het KSK. Toen was hij al afgezwaaid, maar hij kent meerdere militairen die wel in het KSK hebben gediend. Een andere vaste klant was Frank Thiel, die als pistoolschutter prijzen won en in heel Duitsland een veelgevraagd schietinstructeur was voor leger en politie.

Het vervulde de mannen met ontzetting dat in het najaar van 2015 honderdduizenden asielzoekers uit de oorlogen in Syrië, Irak en Afghanistan naar Duitsland kwamen. Zij zagen daarin een invasie van potentiële terroristen, die tot het failliet van de Duitse verzorgingsstaat en misschien zelfs tot maatschappelijke chaos zou leiden. En hun eigen regering ontving die vluchtelingen met open armen. ‘We maakten ons zorgen,’ zei Gross in een van de gesprekken die ik in de loop van dit jaar met hem had.

Tijdens een schiettraining die Thiel eind 2015 in het zuiden van Duitsland aan militairen van het KSK had gegeven, had hij gehoord over een landelijk netwerk waarin je met versleutelde berichten van gedachten kon wisselen over de veiligheid in Duitsland en de beste manier om je op een crisis voor te bereiden. Het werd beheerd door een militair; die heette André Schmitt, maar iedereen kende hem als Hannibal. Wie wilde meedoen?

Zo’n dertig mensen, veelal vaste bezoekers van de schietbaan in Güstrow, werden binnen de kortste keren lid van dit netwerk en begonnen gretig de updates van Schmitt te volgen. En al snel zette Gross een aparte groep op met leden uit zijn regio. Ze woonden allemaal in de streek rond Güstrow, hadden extreemrechtse sympathieën en beschouwden zichzelf als bezorgde burgers. In januari 2016 was Nordkreuz gevormd. Voor toelating golden twee criteria, zei Moll: ‘De juiste vaardigheden en de juiste mentaliteit.’

Gross en een andere politieman in de groep waren lid van wat toen nog een politieke partij in opkomst was, maar inmiddels de derde partij in de Bondsdag: Alternative für Deutschland. Minstens twee andere leden van de groep hadden weleens een bijeenkomst bijgewoond van het Thule-Seminar, een organisatie waarvan de leiders Hitler-portretten aan de muur hebben en de dominantie van het blanke ras prediken.

Om de paar weken kwam Nordkreuz bijeen boven de sportschool van een van de leden of in de showroom van Alex Moll, waar ik hem ook sprak. Soms hielden ze een barbecue, of lieten ze een gastspreker komen. Zo herinnerde Moll zich dat er eens een oud-militair kwam praten over crisismanagement. En ze hadden ook eens een lid van de zogenaamde Reichsbürger-beweging op bezoek, die het naoorlogse Duitse staatsbestel niet erkent. Zoals de leden het vertellen, werd hun groep allengs een hecht clubje met één gezamenlijk streven dat hun leven ging beheersen: de voorbereiding op Dag X.

Marko Gross wordt op 20 november 2019 de rechtbank in Schwerin (Mecklenburg-Vorpommern) binnengeleid. Gross was lid van Nordkreuz, een extreemrechtse groepering die zich voorbereidde op ‘Dag X’. – © Bernd Wüstneck / DPA
Marko Gross wordt op 20 november 2019 de rechtbank in Schwerin (Mecklenburg-Vorpommern) binnengeleid. Gross was lid van Nordkreuz, een extreemrechtse groepering die zich voorbereidde op ‘Dag X’. – © Bernd Wüstneck / DPA
H. begon over “de mensen in het dossier” die moesten worden “opgeruimd”

Safehouse

Ze legden voorraden aan om het honderd dagen te kunnen uitzingen: voedsel, benzine, toiletbenodigdheden, walkietalkies, geneesmiddelen en munitie. Marko Gross haalde daarvoor het geld op: 600 euro per lid. Zo legde hij een voorraad van in totaal meer dan 55.000 patronen aan. En ze kozen een ‘safehouse’ waar de leden zich op Dag X met hun gezin zouden verzamelen: een voormalig vakantiedorp uit de communistische tijd, diep in de bossen. Een ‘ideale’ plek, zegt Moll, met een beekje voor schoon drinkwater, een meertje om in te baden en kleren te wassen, in het bos genoeg wild om op te jagen en genoeg hout om mee te bouwen, en zelfs een oude septic tank.

Ik vroeg of het hunzelf allemaal ook niet een beetje vergezocht leek. Mijn ‘westelijke naïviteit’ ontlokte Moll een glimlach. Hun deelstaat lag vroeger ingeklemd tussen het IJzeren Gordijn en de Poolse grens. De leden van Nordkreuz zijn nog opgegroeid in de oude DDR. ‘Onder het communisme moest je creatief zijn en de juiste kanalen kennen om aan sommige dingen te komen,’ legde Moll uit. ‘Je zou kunnen zeggen dat ons het preppen met de paplepel is ingegoten.’ En ze hebben dus ook al eens meegemaakt dat een staatsbestel volledig instortte, zei hij. ‘Zo leer je tussen de regels te lezen. Dat is een voordeel.’

In de loop van 2016, toen de migranten nog steeds met honderdduizenden naar Duitsland kwamen en Europa werd getroffen door enkele aanslagen van moslimterroristen, namen de voorbereidingen serieuzere vormen aan. Gross ging dat najaar met enkele andere Nordkreuz-leden naar een wapenbeurs in Neurenberg en sprak daar in eigen persoon met Schmitt, de commando die het landelijke netwerk beheerde. Op de toren van een afgedankte brandweerkazerne leerde de groep abseilen. Ze spraken twee verzamelpunten af voor Dag X. Er werden twee complete operatiekamers ingericht bij wijze van veldhospitaal, één in een kelder en één in een camper.

‘Het idee was dat er iets vreselijks op til was,’ vertelde Gross me. ‘We dachten bij onszelf: waarop willen we ons voorbereiden? En we zeiden: als we dit doen, dan gaan we er ook helemaal voor.’ Gross hield vol dat ze zich alleen voorbereidden op wat zij zagen als de dag waarop het hele maatschappelijke bestel zou instorten – op Dag X. Hij zei dat ze nooit van plan waren geweest om mensen te vermoorden of kwaad te doen.

Maar minstens één lid van de groep schetst een veel grimmiger beeld. ‘Bepaalde mensen moesten bijeengedreven en doodgeschoten worden,’ vertelde Horst Schelski in 2017 aan justitie, in een verklaring waarvan The New York Times een kopie heeft. Schelski is een voormalig luchtmachtofficier en zijn verhaal wordt door de anderen betwist. Het draait allemaal om een bijeenkomst die volgens hem eind 2016 plaatsvond op een parkeerplaats aan de provinciale weg bij Sternberg, een dorpje op zo’n drie kwartier rijden ten westen van Güstrow. Gross had daar afgesproken met een handvol andere mannen die inmiddels de harde kern binnen Nordkreuz vormden.

Mehmet Turgut-trofee

Onder de andere aanwezigen bevonden zich de twee mannen tegen wie nog een onderzoek loopt wegens het beramen van terreuraanslagen. Volgens de Duitse wetgeving mogen zij niet met hun volledige naam worden vermeld. Een van de twee was Haik J., net als Marko Gross een politieagent. De ander was de advocaat en lokale politicus Jan Henrik H. Zij wilden mij allebei niet te woord staan.

Jan Henrik H. wordt door andere leden van de groep beschreven als bijzonder fanatiek in zijn vreemdelingenhaat. Ze vertelden dat hij op zijn verjaardag altijd een schietwedstrijd hield in een wei achter zijn huis, in de noordelijke kuststad Rostock. De winnaar kreeg dan een trofee die vernoemd was naar Mehmet Turgut, de Turkse snackbarmedewerker die in 2004 in Rostock werd vermoord door leden van de rechts extremistische Nationalsozialistischer Untergrund. De laatste man die met de trofee naar huis ging, was Marko Gross.

‘Ze wilden niet alleen Dag X overleven. Ze wilden hun vijanden vermoorden’

Schelski vertelde de politie dat H. in zijn garage een dikke map bewaarde met namen, adressen en foto’s van lokale politici en activisten die hij als politieke vijanden beschouwde. Tot die laatsten rekende hij bijvoorbeeld mensen die vluchtelingen probeerden te helpen door vastgoed te zoeken dat geschikt was voor asielopvang. Veel van de informatie in dat dossier was afkomstig uit openbare bronnen. Maar er zaten ook handgeschreven briefjes bij met informatie afkomstig uit een politiecomputer.

Toen ze op die parkeerplaats koffie zaten te drinken, begon H. over ‘de mensen in het dossier’ die volgens hem ‘schadelijk’ waren voor de staat en moesten worden ‘opgeruimd’, zo verklaarde Schelski later tegen de politie. H. vroeg zich af hoe ze de gevangenen, als ze die eenmaal hadden opgepakt, het best konden vervoeren. Hij vroeg Schelski, majoor bij de reservisten, hoe ze zo’n transport konden loodsen langs de checkpoints, die er in een tijd van maatschappelijke onrust misschien zouden komen. Hadden ze dan uniformen nodig? Legertrucks? Schelski zei dat hij na dat gesprek afstand begon te nemen van de groep.

Maar die was toen al in het vizier van de inlichtingendienst. Zo’n acht maanden na die bespreking op de parkeerplaats voerde de politie de eerste van een reeks invallen uit in de huizen van verschillende Nordkreuz-leden.

In de loop van twee jaar hebben die invallen en verdere naspeuringen geresulteerd in de vondst van wapens, munitie en zwarte lijsten, alsook dat handgeschreven boodschappenlijstje voor Dag X, met daarop lijkzakken en ongebluste kalk. Toen ik Marko Gross naar die lijkzakken vroeg, zei hij dat die ‘multifunctioneel inzetbaar’ zijn, bijvoorbeeld als goedkope waterdichte slaapzakhoes of om grote voorwerpen in te dragen.

De lokale politicus Heiko Böhringer schrok enorm van het nieuws dat de groepering een lijst van politieke vijanden had opgesteld. Toen hij in 2015 doodsbedreigingen begon te ontvangen, kreeg hij bezoek van twee agenten die een schets van zijn huis kwamen maken. ‘We willen weten waar men binnen kan komen en waar u slaapt, zodat we u kunnen beschermen,’ zeiden ze. Hij zei dat hij zich toen nog geen grote zorgen maakte. Maar in juni 2018 werd hij uitgenodigd op het bureau. Er waren invallen gedaan bij twee leden van Nordkreuz, onder wie een politieman uit zijn eigen gemeente: Haik J., die ook bij het gesprek op de parkeerplaats was geweest.

‘Ze lieten een schets van mijn huis zien,’ zegt Böhringer. ‘Het was de schets die de twee agenten bij mij thuis hadden gemaakt,’ zegt hij. ‘Juist de mensen die hadden gezegd dat ze mij wilden beschermen, hadden die schets daarna doorgegeven aan de mensen die het op mij hadden gemunt.’ En hij concludeert: ‘Ze wilden meer dan alleen Dag X overleven. Ze wilden hun vijanden vermoorden. Daarvoor maakten ze concrete plannen.’

De eerste keer dat ik aanklopte bij Marko Gross, in het dorpje Banzkow, een uur rijden van de schietbaan, heb ik bijna twee uur buiten met hem staan praten. De tweede keer begon het te regenen en noodde hij me binnen in zijn bakstenen boerenhuis in de Strasse der Befreiung, vernoemd naar de bevrijding van de nazi’s aan het einde van de Tweede Wereldoorlog. In het halletje zag ik zijn oude uniform en insigne hangen. Een grote kaart van Duitsland in 1937 prijkte prominent aan de muur. En overal afbeeldingen van vuurwapens: op koelkastmagneten, op koffiemokken, op een kalender.

Gestolen munitie

Dat was het huis waar de politie in augustus 2017 bij een inval meer dan twintig vuurwapens en 23.800 patronen had gevonden, deels ontvreemd uit arsenalen van leger en politie. Bij een tweede inval in juni 2019 trof de politie weer 31.500 patronen en een uzi aan. Toen werd hij ook aangehouden. Het voorlezen van de volledige lijst van alle in zijn huis gevonden patronen, vuurwapens, explosieven en messen kostte de aanklagers in de rechtszaal bijna drie kwartier. Gross is alleen vervolgd wegens illegaal wapenbezit. In het lopende onderzoek naar terrorisme is hij getuige, geen verdachte.

‘Iemand die zo veel munitie in huis heeft, tegen het rechts-extremisme aanschurkt en in chats ook extremistische opmerkingen maakt, is geen ongevaarlijke prepper,’ zegt de minister van Binnenlandse Zaken van de deelstaat, Lorenz Caffier. Nee, zegt hij, ‘Marko G. speelt een hoofdrol.’

De gestolen munitie in zijn huis bleek afkomstig uit meer dan tien wapenarsenalen van politie- en legereenheden in het hele land, wat kan wijzen op medestanders binnen die organisaties. Verschillende van die eenheden deden schiettrainingen in Güstrow. Tegen drie andere politieagenten loopt een onderzoek naar mogelijke hulp aan Gross. Tijdens de rechtszaak verklaarde Gross dat hij niet meer wist hoe hij aan de munitie was gekomen. Toen ik hem sprak, bleef hij dat volhouden.

Maar verder had hij geen moeite om zijn mening te spuien. Angela Merkel moest ‘voor de rechter worden gesleept’, zei hij. De multiculturele steden in West-Duitsland zijn ‘het kalifaat’. En wie aan de sluipende migratie wil ontsnappen, kan maar beter verhuizen naar het Oost-Duitse platteland, ‘waar de mensen nog steeds Schmidt, Schneider en Müller heten’. In een kast lag een exemplaar van het prominente radicaal-rechtse tijdschrift Compact, met een foto van Trump op de cover.

‘Ik mag Trump wel,’ zei Gross.

In 2009 hadden collega’s bij de politie al hun zorg uitgesproken over zijn extreemrechtse denkbeelden. Ze hadden erop gewezen dat hij met boeken over de nazi’s naar het werk kwam. Maar daar werd niets mee gedaan.

‘Extreemrechts is geen gevaar,’ beweerde hij. ‘Ik ken geen enkele neonazi.’ Militairen en agenten zijn ‘gefrustreerd’, zei hij in ons derde gesprek, en hij somde een hele lijst klachten op over migranten, misdaad en de reguliere media. Hij vergelijkt de berichtgeving over corona nu met de staatscensuur van het communisme. Daarom volgt hij het YouTube-kanaal van RT, de Russische staatszender, en andere alternatieve media.

In dat parallelle universum van desinformatie hoort hij dat de overheid asielzoekers ’s nachts stiekem het land in vliegt. Dat corona een list is
om burgers van hun rechten te beroven.

En dat Merkel werkt voor wat hij de ‘deep state’ noemt. ‘Die deep state is wereldwijd,’ zegt Gross. ‘Dat is het grootkapitaal, de grote banken, Bill Gates.’ Hij verwacht nog steeds dat ons vroeg of laat Dag X te wachten staat. Onlusten na een economische meltdown. Of grootschalige stroomuitval, want de Duitse overheid doekt alle kolencentrales op.

De Nordkreuz-leden en de autoriteiten hebben me nooit verteld waar zich nu precies dat safehouse bevindt. Het is er nog steeds, zegt Gross, die in de actieve dagen van Nordkreuz tegen een van de leden had gepocht dat zijn netwerk wel tweeduizend geestverwanten in Duitsland en daarbuiten omvatte. ‘Het netwerk bestaat nog steeds,’ zegt hij.

Katrin Bennhold

The New York Times
Verenigde Staten | dagblad | oplage 571.500 (print) 2.900.000 (digitaal)

De krant der kranten, met als motto ‘All the news that’s fit to print’. Won meer journalistieke prijzen dan enig ander medium.

Dit artikel van verscheen eerder in The New York Times.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.