• Die Zeit
  • Longreads
  • Morgan de orka is gered, maar voor altijd gevangen

Morgan de orka is gered, maar voor altijd gevangen

© Yuri Smityuk/TASS via Getty Images
Die Zeit | Hamburg | Johannes Böhme | 11 juni 2021

Tien jaar geleden werd een jonge, bijna verhongerde orka aangetroffen in de Nederlandse Waddenzee. De walvis werd gered en leeft intussen in een aquarium. Sindsdien ruziën veel verschillende partijen over de vraag wat het beter voor haar is: weidse, maar gevaarlijke vrijheid, of een benauwde veiligheid tussen betonwanden?

Johannes Böhme (33) stuitte toevallig op blogbijdragen over Morgan op een prozoowebsite, doorspekt met harde aanvallen op Ingrid Visser. Böhme wilde begrijpen waarom de strijd om een dier zo drastisch gevoerd wordt. Hij sprak met walvisdeskundigen en voormalig medewerkers van Loro Parque en Dolfinarium Harderwijk, en las honderden pagina’s wetenschappelijke studies.

De Latijnse benaming is een toespeling op de orcus, de onderwereld. De Engelse, ‘killerwhale’, op de jachtmethode van het dier. We horen de zeven orka’s al voor we ze zien: hun ademhaling, de lange teugen lucht, als het zuchten van reusachtige blaasbalgen, en hun spookachtig hoge kreten, die echoën tegen de lege bankjes van het stadion. Het meest bezochte dierenpark van de Canarische Eilanden, het Loro Parque op Tenerife, is al maanden gesloten. De laatste bezoekers kwamen er in maart; nu is het augustus. Toch zijn de paden in het park aangeveegd, de heggen gesnoeid, de ruiten gezeemd. Wolfgang Kiessling, de 83-jarige eigenaar, heeft een huis in het midden, tussen de leeuwen, de papegaaien en de flamingo’s. Hij bezit niet alleen de dierentuin, maar ook een reusachtig waterpark, een aquarium, een vijfsterrenhotel en een steakrestaurant zo dicht bij de dierentuin dat je van daaruit een mooi uitstapje kunt maken: dieren bekijken, en dan dieren eten. Forbes schatte zijn vermogen in 2019 op 270 miljoen euro. Kiessling kwam begin jaren zeventig uit Duitsland naar de Canarische Eilanden. Sindsdien woont hij er.

Ik ben naar de dierentuin gekomen om het dier te zien dat hem verreweg de meeste narigheid heeft bezorgd: een wilde orka die men Morgan heeft genoemd. Kiessling zelf begeleidt me naar het bassin. Hij draagt een wit poloshirt met een papegaaienlogo, zijn gezicht is rood van de zon. Onderweg pikt hij een blaadje op van het pad.

Kiessling kan zijn orka’s niet uit elkaar houden. De vrouwelijke dieren zijn allemaal even groot: ongeveer vijf meter lang en iets minder dan twee ton zwaar. Maar de trainers leggen me later uit hoe je Morgan kunt herkennen: aan een klein zwart puntje, nauwelijks groter dan een knoop, dat midden in de witte, ovale vlek achter haar rechteroog is aangestipt. Aan haar rugvin, die geen kerven of littekens heeft, zoals die van de andere vrouwtjes in het bassin. Haar ogen zijn zwarte knikkers met een lichtblauwe rand.

Tot op heden is de opvallende zwart-wittekening van de dieren een raadsel voor de biologen

Al tien jaar is deze walvis omstreden. Het is een strijd die al zeven keer voor de rechter is geweest, en een keer voor de petitiecommissie van het Europees Parlement. *Een conflict dat duidelijk maakt welke symboolwaarde een dier kan krijgen in de discussie over de vraag hoe de mens met de natuur moet omgaan.

Wat Kiessling me wil laten zien, is de show. ‘U zult zien dat mijn dieren in blakende vorm zijn,’ zegt hij. Minstens twee keer per dag oefenen de trainers ook in het lege park met de orka’s salto’s, water spuiten, kop schudden, tong uitsteken, langs de rand van het bassin glijden, met de vinnen wuiven en de ‘alien’, een figuur waarbij de walvissen loodrecht als een raket uit het water opspringen en op het hoogste punt de kop vooruit steken.

Er klinkt dad-rock: Phil Collins’ You’ll Be In My Heart. Het is een warme, zonnige dag, 27 graden. Achter het bassin bewegen de bananenplanten van een aangrenzende plantage traag in de wind. Morgan maakt drie snelle sprongen achter elkaar, de rug gebogen als een kerkraam. Een volwassen persoon had rechtop onder de curve van haar sprong kunnen staan. Kletterend valt ze terug in het water, een golf slaat over de rand van het bassin. De Europese Noordzee, het koude, donkere water, de scholen haring en de robbenkadavers – dat alles is duizenden kilometers ver weg. Morgan heeft een lange weg achter de rug.

Orka’s zijn zulke buitengewone dieren dat het misschien geen wonder is dat de mens ze gebruikt als projectiescherm. Dat zie je al aan de naam die we ze gegeven hebben; de Duitse naam *‘schwertwal’ slaat op hun lange rugvinnen, tot wel twee meter lang bij de mannetjes en vaak van ver zichtbaar. 

Tot op heden is de opvallende zwart-wittekening van de dieren een raadsel voor de biologen. Jagers proberen doorgaans zo onzichtbaar mogelijk te zijn.

Lange tijd vonden mensen orka’s heel eng. Vissers en walvisjagers hadden keer op keer waargenomen hoe groepen orka’s grote walvissen aanvielen en doodden. Aan de Amerikaanse westkust strandden orka’s met hun buik vol dode robbenbaby’s, wel tien of meer. Er bestaan talloze horrorverhalen over deze dieren. Ze werden doorboord met lansen en harpoenen, met geweren beschoten, met artilleriegranaten en explosieven aan flarden geschoten. Nog in het jaar 1954 richtte het Amerikaanse leger met machinegeweren een slachting aan bij IJsland, waarbij honderden orka’s gedood werden.

Later, in de jaren zestig en zeventig, toen de eerste dieren in aquariums getoond werden, begrepen miljoenen mensen hoe speels, intelligent en sociaal orka’s zijn. Vanaf dat moment veranderde alles. Angst sloeg om in bewondering. Mensen werden verliefd op de orka. De monsters veranderden in showdieren.

Hello en bye bye

In een van de eerste orka-shows, in 1968 in Seaworld, een pretpark in het Amerikaanse San Diego, speelde de trainer een dokter die zijn patiënt, een orka, onderzoekt met een stethoscoop. Antropomorfiseren noemen wetenschappers dat; het toeschrijven van menselijke eigenschappen aan dieren. En dat was precies wat de mensen deden met de orka. De film Free Willy, waarin een jongen vriendschap sluit met een orka en hem uit een aquarium bevrijdt, was een van de succesvolste film van de jaren negentig. Meer dan 153 miljoen dollar bracht hij wereldwijd op. In een Frans aquarium leerden een paar jaar geleden wetenschappers een orka geluiden te maken die klonken als ‘hello’ en ‘bye bye’. En de Lumi, een indianenvolk in de staat Washington in de VS, noemen de orka’s ‘onze broeders en zusters onder water’.

De bemanning van patrouilleboot De Krukel, die niet ver van Lauwersoog op de Waddenzee voer, dacht eerst dat ze gevolgd werden door een dolfijn. Het dier was klein en vermagerd. Niemand van hen had ooit een orka in de Noordzee gezien. Ze stuurden foto’s naar de wetenschapper Kees Camphuysen. ‘Ik zei tegen ze: dat is een jonge orka. Die is ver, ver afgedwaald van zijn groep. Die gaat dood. Daar valt niets aan te doen,’ vertelt Camphuysen mij via Zoom. ‘Maar ze wilden niet naar me luisteren.’

Het was 23 juni 2010. Het enige bassin in Nederland dat groot genoeg was voor een orka, ligt in Harderwijk, 160 kilometer verderop. Het Dolfinarium is een commercieel aquarium waar dolfijnen, zeeleeuwen en bruinvissen te zien zijn. Ambtenaren van het ministerie van Landbouw en Natuurbeheer mailden foto’s van het dier naar het personeel van het Dolfinarium. Tegen twee uur ’s middags besloten ze daar dat het dier gered moest worden. De Nederlandse regering zorgde voor een speciale vergunning. 

Het duurde meer dan zes uur tot het reddingsteam uit Harderwijk bij de orka aankwam. Het was kort na acht uur ’s avonds. Het water stond zo laag dat het de mannen in hun wetsuits maar tot net boven de heupen kwam. Het dier zwom nog net, met maar een paar handbreedtes water onder de buik.

‘Het was warm, zonnig en windstil. De zee was kalm, zonder golfslag,’ vertelt Steve Hearn, indertijd de hoofdtrainer van de dolfijnen in Harderwijk. ‘Ze bewoog niet toen we haar benaderden. Ze lag gewoon stil in het water. Toen we haar pakten, verweerde ze zich niet. Op een video van de redding is te zien hoe ze het dier met zeven man vastpakten. Hearn in zijn wetsuit omvatte de orka als een boomstam. Toen gingen ze aan de slag. Ze droegen het dier een beetje, en het zwom een beetje mee. Zo loodsten ze het tweehonderd meter in de richting van het schip. Hearn zegt dat hij dacht: ‘Als er nu aan de horizon een grote zwarte rugvin opduikt, dan hebben we een probleem.’ Maar daar lag alleen het eiland Schiermonnikoog en de gladde, lege Noordzee. Om de dichtstbijzijnde orkapopulatie te bereiken had je in alle richtingen meer dan zevenhonderd kilometer moeten zwemmen, naar de Hebriden, de westkust van Groot-Brittannie, de Faeröer eilanden of de Noorse kust. Het dier was heel ver van huis. Het liet zich zonder verweer in de draagbanden leggen en aan boord hijsen.

De dierenarts Niels van Elk gaf de orka infusen, omdat het beest zo uitgedroogd was. ‘Het zag eruit als een paling, zo vermagerd was hij,’ zegt Van Elk. ‘Ik maakte me grote zorgen dat het zomaar onder onze handen kon sterven. Het was een vrouwtje, drie meter veertig lang, tussen twee en drie jaar oud. Ze woog maar 430 kilo, zoveel als een eenjarig kalf. Ze leek wekenlang vooral algen gegeten te hebben. Ze laadden haar over op een vrachtwagen, legden natte handdoeken op haar huid en besproeiden haar tijdens de meer dan twee uur durende rit met water. Onderweg begon ze plotseling geluiden te maken, hoog en piepend.

Pas om half twee ’s nachts kwamen ze bij het aquarium aan. Men hees het dier in een leeg bassin, het oude showbad voor zeeleeuwen en dolfijnen dat iets meer dan twintig meter lang, bijna acht meter breed en maar ongeveer drie meter diep was. Ze voerden haar vissen.

Ze was nog geen eigendom, maar dat wat juristen res nullius noemen: niemands zaak

Orka’s kunnen kieskeurig zijn wat hun voeding betreft. Er zijn orka’s die in gevangenschap tweeënhalve maand niets anders aten dan vis. De groepen in het wild specialiseren zich vaak op een prooidier, waar ze dan in hoofdzaak op jagen, terwijl al het andere ze niet interesseert. Er zijn groepen orka’s die bijna uitsluitend roggen eten, of haaien, of zeeleeuwen. Andere zijn volledig gespecialiseerd op de jacht op andere walvissen. Ze eten vaak niet eens het hele slachtoffer op, maar alleen de tong, het weekste deel van de walvis.

Dit dier hield van haringen, inktvissen en lodden, kleine, langwerpige visjes, iets groter dan sardines. De dure zalmfilets die een lokale onderneming had gedoneerd, spuugde ze weer uit. Het kleine walviswijfje overleefde de eerste nacht, en de tweede, en de derde. Ze werd Morgan genoemd.

Niels van Elk, de dierenarts, probeerde dagenlang uit te vinden wat er met Morgan aan de hand was. Hij onderzocht haar met een maagsonde, met een camera in haar ademgat en nam bloed af. ‘Ik kon niks vinden. Ze had al lang niets meer gegeten, maar verder leek ze niks te mankeren,’ zegt Van Elk. Het bleef een raadsel: waarom had ze de aansluiting bij haar groep verloren, ergens daarbuiten, in het voorjaar? Was er iets gebeurd met haar familie, of kon ze zich niet meer oriënteren? En: kon ze worden teruggezet in zee? Het is nu moeilijk voor te stellen hoe open Morgans toekomst toen nog was. Dat er een moment was waarop nog niet alle meningen vaste vorm hadden aangenomen. Op dat moment werd ze nog door niemand als bezit gezien. Ze was nog geen eigendom, maar, zoals alle wilde dieren in de EU, dat wat juristen res nullius noemen: niemands zaak.

Het dispuut rond orka’s is, zoals zoveel discussies, een strijd over wat werkelijkheid is en wat niet. Het gaat om verschillende percepties van de werkelijkheid en om de metaforen die ons helpen haar te begrijpen. Wat betekent een bassin vol water voor een walvis? Een luxehotel? Of een piepkleine gevangeniscel?

We weten niet precies hoe de orka een zwembad beleeft. Net als voor een vleermuis bestaat de wereld voor hem vooral uit klank, resonantie, die hij met klikgeluiden aftast. Middels hoge kreten vindt hij de andere orka’s van zijn groep, zelfs als die meer dan tien kilometer ver weg zijn. Maar voor een dier dat veel tijd in diepe duisternis doorbrengt zijn ook zijn ogen verbazend goed.

De jacht op de walvis

Onze kennis van de omvang van de industriële walvisvangst komt grotendeels voort uit verhalen over walvissen die met succes werden gevangen. Maar Morgana Vighi en haar team van de Universiteit van Barcelona wilden het aantal
walvissen vaststellen dat walvisjagers hebben gedood maar niet verhandeld, schrijft Hakai Magazine.

Vooral in de begindagen van de walvisjacht, voordat technologische vooruitgang de tactieken effectiever maakte, kwam het vaak voor dat walvisjagers walvissen ‘verloren’. Een opvallend groot aantal walvissen raakte gewond of stierf zelfs, maar ging vervolgens verloren op zee – ‘en alle arbeid was verloren, zoals al zo vaak is gebeurd’, klaagde Frederic Marten, een zeventiende-eeuwse Britse walvisvaarder.

Uit het onderzoek van Vighi en haar team bleek dat geen enkele reis zonder verliezen verliep. In de vroege fase van de industriële walvisvangst, tussen 1775 en 1850, waren die verliezen aanzienlijk. De wetenschappers berekenden dat het verliespercentage voor potvissen 1 op 10 bedroeg; voor elke tien gevangen walvissen op zee ging er één verloren. Voor zuidelijke rechtse walvissen was dat aantal zelfs 5 op 10; voor elke tien die werden gedood en gevangen, gingen er vijf verloren.

‘Deze reconstructies zijn van fundamenteel belang voor de huidige herstelinspanningen, omdat ze ons vertellen hoe ver of hoe dicht de huidige populaties af zitten van de natuurlijke situatie,’ zegt Ana Rodrigues, ecoloog bij het Centre for Functional and Evolutionary Ecology in Frankrijk (niet betrokken bij het onderzoek). ‘Het negeren van deze [verloren] walvissen leidt tot onderschatting van de historische populatie en vertaalt zich in minder ambitieuze doelstellingen.’

Weinig mensen hebben zich zo erg in orka’s geprobeerd in te leven als Ingrid Visser. Ze is walvisonderzoekster, 54 jaar oud en woont in een afgelegen huis aan de steile kust van Tutukaka in het noorden van Nieuw-Zeeland. Vaak kan ze de walvissen vanuit haar raam observeren. Gezien vanuit Harderwijk woont ze vrijwel precies aan het andere eind van de wereld. Ze heeft stroblond haar en blauwe, bijna doorzichtige ogen, die haar iets onthechts geven. We spreken elkaar via Zoom.

Morgan hield de rechtbanken voortdurend bezig; een dierenbeschermster heeft haar geval zelfs voor een commissie van het Europese Parlement gebracht. Zolang ze zich kan herinneren is ze bezeten geweest van walvissen, vertelt Visser. Op haar veertiende had zij, een boerendochter, zo ongeveer de complete vakliteratuur over de dieren gelezen. Op haar zestiende begon ze maandenlang op zee te varen, als steward op een zeilschip. Van haar negentiende tot haar eenentwintigste jaar bracht ze bijna al haar tijd op zee door, voer de wereld rond, legde 96000 kilometer op het water af. Toen ze terugkwam, had ze driekwart van alle walvis- en dolfijnensoorten in het wild meegemaakt.

Ze was een jonge biologiestudente toen ze bij het snorkelen voor het eerst een orka onder water zag. ‘Een groot wijfje, met een rog in de bek, zwom met haar kalf vlak langs me,’ vertelt ze. ‘Dat was een magisch, betoverend moment.’ Het materiaal voor haar proefschrift verzamelde ze door met wilde orka’s voor de kust van Nieuw-Zeeland te gaan duiken, wat tot dan toe nog vrijwel niemand had gewaagd.

Visser heeft duizenden uren met orka’s doorgebracht, honderden daarvan onder water. Bij Nieuw-Zeeland kan ze de dieren aan hun vinnen herkennen. Ze heeft ze namen gegeven. Ze heeft gezien hoe ze jagen, wat ze eten, hoe ze spelen en hun kalfjes opvoeden. En ze heeft ze af en toe het leven gered. Vijftien keer, vertelt ze, heeft ze gestrande orka’s terug de zee in geholpen. De meeste van die dieren waren gezond en in goede conditie. Ze waren verdwaald in ondiep water en waren op een zandbank gezwommen. Of ze hadden zich verstrikt in vissersnetten en moesten bevrijd worden.

Visser is nooit professor aan een universiteit geworden en heeft desondanks meer dan dertig wetenschappelijke artikelen gepubliceerd. Haar onderzoek heeft ze gefinancierd met donaties en bijbaantjes. ‘Ik ben sinds twintig jaar niet meer op vakantie geweest, ik ga zelden naar restaurants. Ik word niet betaald voor mijn onderzoek, dus vrienden en familie doneren af en toe geld, zodat ik mijn rekeningen kan betalen.’ Ze vertelt dat ze voor het eerst orka’s in gevangenschap heeft gezien in een bassin in Antibes, in Frankrijk. ‘Ik moest braken.’ De benauwdheid van het bad en het onnatuurlijk gedrag van de dieren kon ze nauwelijks verdragen. ‘Het was zó verkeerd,’ zegt ze.

Ze hoorde over de redding van Morgan op televisie. In haar ogen was er voor de walvis vanaf dat moment maar één doel: de oceaan.

De mensen die Morgan in de eerste weken in Harderwijk bezochten, verbaasden zich over hoe communicatief ze was. ‘Het leek niet helemaal normaal,’ zegt Filipa Samarra, orka-onderzoekster aan de IJslandse universiteit in Reykjavik en een van de eerste wetenschappers die bij haar waren. ‘Maar wij wisten ook niet echt wat normaal was. Ze communiceerde dag en nacht.’

In Tenerife heb ik haar geluiden gehoord. Ze klinken als het piepen van een slecht geoliede deur, als een vogel, of als het geluid wanneer je met je vingers over een luchtballon wrijft. En dan weer klinken ze volkomen buitenaards.

Verschillende dialecten

Orka’s hebben verschillende dialecten. De geluiden verschillen van groep tot groep. Een orka uit Antarctica klinkt anders dan een orka uit Alaska of Noorwegen of de Salish Sea bij Vancouver. Zelfs verschillende groepen in dezelfde wateren hebben vaak een compleet eigen code die ze leren van hun verwanten. Met een beetje geluk kun je aan de hand van de geluiden vaststellen waar ze vandaan komen. Morgan piepte een onbekend, waarschijnlijk Noors dialect, zoals Samarra achterhaalde nadat ze de geluiden had vergeleken met enkele duizenden orka-roepen die wetenschappers in het wild hadden opgenomen.

Morgan werd steeds sterker. Ze at begerig. Ze kwam aan. Na tweeënhalve maand was ze al 260 kilo aangekomen. Het bassin was snel te klein. Als ze loodrecht in het water stond, raakte ze met haar staartvin de bodem. De ramen van haar bad waren allemaal ondoorzichtig, op één na. Vaak wachtte ze achter dit ene, heldere raam, tot er iemand voorbij kwam.

Steve Hearn, de trainer, stond voor een dilemma. ‘Het zijn intelligente dieren, ze vervelen zich snel,’ zegt hij. Maar het is eigenlijk geen goed idee om een dier dat in zee teruggezet moet worden, al te zeer aan mensen te laten wennen. Niettemin zegt Hearn dat het ‘gewoon te wreed zou zijn geweest als we niets anders hadden gedaan dan Morgan elke dag vijftien pond vis in de bek te gooien en er dan weer vandoor te gaan’.

Hearn begon de monotonie van haar dagen in het kleine bad te doorbreken. Hij bedacht spelletjes voor haar. Hij liet een op afstand bestuurbaar autootje voor haar bassin heen en weer rijden. Hij zette een pak cornflakes voor het raam, zodat er meeuwen op af kwamen. Hij ging het water in en zwom met haar rond. Hij masseerde haar buik, haar rug, haar tong.

Weidse, maar gevaarlijke vrijheid, of een benauwde veiligheid tussen betonwanden

Na iets meer dan een maand lieten ze in Harderwijk toeschouwers bij Morgan toe. Enkele honderden bezoekers zagen haar elke dag in het Dolfinarium. De toekomst van Morgan vernauwde zich met de dag.

Hearn zegt dat hij zes dagen per week zestien uur per dag met haar doorbracht. ‘Maar natuurlijk kon dat zo niet verder gaan. Ze moest terug naar andere zwart-witte dieren.’ Er waren twee mogelijkheden: een leven in een zwembad – zij het groter dan in Harderwijk – met andere orka’s. Of in het wild, met een onzeker resultaat. Weidse, maar gevaarlijke vrijheid, of een benauwde veiligheid tussen betonwanden.

Seaworld

Eigenlijk begon het conflict rond Morgan, het orkawijfje, lang voordat ze strandde. Het gaat decennia terug en het draait vooral om één firma, de Amerikaanse themaparkexploitant Seaworld. Seaworld heeft de orka veranderd in een merk. In een entertainmenticoon. Iets meer dan de helft van alle orka’s in gevangenschap was eind 2010 van deze firma: 24 dieren in totaal, verdeeld over drie parken in San Diego, Orlando en San Antonio, en nog vijf dieren die uitgeleend waren aan Loro Parque. Het was een kleine groep, vergeleken met de op ongeveer 50.000 geschatte orkapopulatie in het wild. De onderneming maakte in dat jaar een omzet van 1,2 miljard dollar dankzij 22,4 miljoen bezoekers. Het bedrijf is in het verleden meedogenloos te werk gegaan om aan dieren te komen.

De eerste orka’s ving Seaworld in 1970 bij Seattle. Men spoorde de dieren met vliegtuigen op en dreef ze met explosieven in ringzegennetten. Later, toen de jacht in Amerika werd verboden, weken de jagers van Seaworld uit naar IJsland, waar de firma extra bassins liet bouwen. Daarin werden de pas gevangen dieren vastgehouden tot ze afgevoerd konden worden. Vaak stierven ze er. Om te versluieren dat het om in het wild gevangen dieren ging, sluisde de firma een deel van de orka’s eerst door Japanse aquariums, voordat ze de VS in gebracht werden. Toen ook in IJsland het tij keerde, kocht Seaworld de markt leeg.

Een van de laatste beschikbare orka’s haalde het bedrijf in 1987 vanuit Nederland naar de VS – uit het Dolfinarium Harderwijk. Ook de orka’s in het Loro Parque in Tenerife waren tot 2017 het eigendom van Seaworld. Zij zijn de nakomelingen van de dieren die men bij Seattle en IJsland had gevangen. Die race om steeds nieuwe orka’s ligt al tientallen jaren achter ons. Maar toen Morgan gered werd, doken de oude reflexen meteen weer op. ‘Ik wist dat er problemen zouden komen,’ zegt Ingrid Visser. ‘Op dat moment waren er al dertien jaar geen wilde orka’s meer gevangen. De genenpool in de aquariums was beperkt. Morgan was nieuw bloed voor een industrie die een inteeltprobleem had – en daarmee een van de waardevolste dieren ter wereld.’

De waarde van een orka schatten is vrijwel onmogelijk, omdat maar weinig aquariums in de wereld de gelegenheid hebben om dieren onder te brengen, en de handel door de wetgeving sterk is ingeperkt. Dennis Speigel, een deskundige op het gebied van Amerikaanse pretparken, schat desondanks dat een orka op dit moment vijf tot tien miljoen dollar waard is. Ter vergelijking: in 2011 lag de jaaromzet van het Dolfinarium in Harderwijk rond 16,4 miljoen euro.

Maar Steve Hearn en Niels van Elk, de voormalige dierentrainer en de toenmalige dierenarts van het Dolfinarium in Harderwijk, bestrijden allebei dat het om het geld ging. Zij wilden eenvoudig een dier redden, zeggen ze. Of het Dolfinarium ooit iets in ruil voor Morgan heeft gekregen, is onduidelijk. Het Dolfinarium Harderwijk heeft al mijn vragen onbeantwoord gelaten. 

In de loop van millennia zijn ze tot het vreeswekkendste roofdier van de zee geworden, enkel overtroffen door de mens. Onderzoekers vermoeden dat ze een hele reeks soorten hebben uitgeroeid

Vrijwel alles wat een orka zal leren, leert hij van zijn moeder. Zij brengt hem het systeem van geluiden bij waarmee ze communiceert, de jachttechnieken, die verfijnder zijn dan die van vrijwel elk ander dier, de opvoedmethoden, de lichaamsverzorging en de spelletjes. De rest leert een orka van zijn grootmoeder en zijn tantes. De wijfjes vormen het geheugen van de groep. In sommige orkagroepen blijven de dieren een leven lang bij hun moeder en grootmoeder. De mannetjes worden daar nooit helemaal zelfstandig. Ze sterven meestal korte tijd na de dood van hun moeder.

De coördinatie van orka’s in het water is adembenemend. Hun waarneming van de wereld is er volledig op ingesteld om als groep te jagen. Die collectieve samenhang heeft ze in de loop van millennia tot het vreeswekkendste roofdier van de zee gemaakt, enkel overtroffen door de mens. Onderzoekers vermoeden dat ze een hele reeks soorten hebben uitgeroeid. Na het opduiken van de killerwhale tien miljoen jaar geleden nam het aantal grote walvissoorten tijdelijk af, van naar schatting 85 tot 38; het aantal robbensoorten werd gehalveerd. De meeste orka’s leven in koude wateren, in de poolzeeën, maar ze komen overal, ook in de tropen. Je kunt ze evengoed aantreffen in Hawaii als voor Moermansk. En hun honger is als die van ons: veelomvattend.

Ze doden bijna tweehonderd soorten, in grootte variërend van 60-tonners tot rolmopsen; 37 walvissoorten, waaronder de blauwe vinvis, de potvis en dwergwalvissen, alle grote haaien- en roggensoorten, inclusief de grote witte haai, twintig soorten robben, 27 soorten zeevogels, 29 octopus- en inktvissoorten, 44 soorten vis, in het bijzonder zalmen, haringen en makrelen, evenals twee soorten zeeschildpadden. Af en toe grijpen ze ook herten en elanden die zee-engten oversteken. Het is bijna ontroerend dat ze ons tot dusver gespaard hebben. Voor zover bekend is in het wild nog nooit een mens door hen gedood. Het is onduidelijk waarom wij, die zo vaak argeloos in zee rond plonzen, nooit op hun menu zijn beland. Wel hebben de dieren zo nu en dan wel doelgericht boten geramd.

Maar de hechte samenhang van hun groepen heeft ook nadelen. In hun eentje raken ze snel verloren. Het zijn hyperconformistische gemeenschappen, hun intelligentie is conservatief. De Canadese orka-onderzoeker Lance Barrett-Lennard heeft eens geschreven: ‘Ze kunnen bijna alles nadoen, maar ze houden niet van experimenteren en nieuwigheden.’

Het zijn voorzichtige dieren, die vaak dagen nodig hebben voor ze in een nieuw bassin door een onbekende doorgang durven te zwemmen. Dat is fataal voor een terugplaatsing in de natuur: orka’s hebben een tendens ontwikkeld die de mens ook bekend is: xenofobie. Ze houden niet van dieren die anders jagen, anders klinken en er anders uitzien dan zijzelf. Veel orkagroepen zijn volgens genetische analyses meer dan 150.000 jaar geleden uit elkaar gegaan en hadden sindsdien nauwelijks contact met elkaar. Voor het terugplaatsen van een orka als Morgan moet je derhalve in de weidsheid van de oceaan iets heel kleins vinden: haar school, een groep van misschien twintig, dertig walvissen, waaruit ze afkomstig is. 

Besluit

In september 2010 vroeg Niels van Elk, de dierenarts van het Dolfinarium Harderwijk aan zeven experts – vier orka-onderzoekers, twee waddenzee-experts en een voormalige dierenarts van Seaworld – wat het Dolfinarium het beste kon doen. In november 2010 werden hun aanbevelingen in een rapport voor de Nederlandse regering gepubliceerd, bijna vijf maanden na de redding van Morgan. Alle zeven zeiden tegen terugplaatsing te zijn, zolang niemand wist waar Morgans walvisgroep was. John Ford, een van de bekendste walvisonderzoekers van de wereld, schreef in zijn rapport voor het aquarium: ‘Ze heeft al laten zien dat ze waarschijnlijk niet in staat is zelfstandig voedsel te vinden en zou waarschijnlijk lijden en in haar eentje sterven.’

Voor het Dolfinarium was het besluit daarmee gevallen. In de maanden daarna kwamen er veel mensen op bezoek in Nederland: trainers van Marineland in Antibes kwamen langs en deden trainingssessies met de orka. Een dierenarts van Seaworld inspecteerde het dier. Steve Hearn vertelt dat hij een telefoontje kreeg van de intussen overleden eigenaar van het Marineland Park in het Canadese Niagara Falls, die hem vroeg hoeveel Beluga’s, dus witte walvissen, hij wilde hebben voor de orka. Hearn zei hem dat hij alleen maar de trainer was, en hem niet verder kon helpen. 

Kort daarop klaagde een coalitie van zeven organisaties voor dierenrechten de Nederlandse regering en het Dolfinarium aan. Ingrid Visser werd de orka-expert van deze coalitie, die eiste dat de walvis ondanks het advies van de zeven wetenschappers in zee zou worden teruggezet – eerst in een afgeschermde zee-omgeving, waar men haar verder kon voederen en medische zorg kon geven. De dierenbeschermers wilden Morgan daar voorbereiden op terugkeer in zee.

Wilde walvissen worden in Europa streng beschermd. Er bestaat een hele reeks internationale verdragen, EU-reguleringen en nationale wetten die verbieden ze te vangen. Ze zijn niet allemaal even streng, maar alle voorzien erin dat walvissen die gered worden uit een noodsituatie zo snel mogelijk terug in zee worden gebracht. De scherpste tekst, het ‘Verdrag tot behoud van de kleine walvissen in de Noord- en de Oostzee, de Noord-Atlantische oceaan en de Ierse Zee’, afgekort het ASCOBANS-verdrag, verbiedt het langdurig gevangen houden van kleine walvissen zonder uitzondering. De Nederlandse wet laat een klein gaatje open. Die staat toe gestrande walvissen te gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek wanneer ze niet in zee terug gezet kunnen worden. Een EU-verordening verbiedt de ‘overwegend commerciële uitbating’ van wilde orka’s, evenals de handel in de dieren – maar staat wel uitzonderingen toe in bijzondere gevallen. 

Een terugplaatsing zou niet alleen riskant zijn, maar ook duur. Heel duur. Er zijn in het verleden pas twee pogingen tot terugplaatsing met orka’s gedaan. Een daarvan was Keiko, de ster uit de film Free Willy, die na bijna twintig jaar in gevangenschap terug werd gebracht naar IJsland. Hij werd per vliegtuig van Mexico naar de VS, en later, in 1998, naar IJsland vervoerd. Een team begeleidde hem met peilzenders, boten, helikopters en vliegtuigen. De hele operatie kostte uiteindelijk ongeveer 20 miljoen dollar, gefinancierd uit donaties, waarvan meer dan 10 miljoen van de tech-miljardair Craig McCaw kwam, en twee miljoen van Warner Brothers, de productiemaatschappij die Free Willy produceerde. Desondanks werd Keiko nooit meer een echte wilde walvis. Hij stierf in 2003 in een baai in Noorwegen. Hij was vrijwel zijn hele leven door mensen begeleid en verzorgd.

De tweede poging was goedkoper en succesvoller. In juni 2002 werd een jong wijfje, dat blijkbaar alleen en gedesoriënteerd was, gevangen in Puget Sound, in de buurt van Seattle. Wetenschappers kenden haar groep, die zich vijfhonderd kilometer noordelijker ophield. Ze werd een maand lang in een afgeschermd stukje zee verzorgd en toen per boot een paar honderd kilometer verderop naar haar verwanten gebracht, die haar weer opnamen. De kosten waren gering in vergelijking met de bedragen die voor Keiko waren opgehaald. Een paar honderdduizend dollar aan donaties was voldoende. Voor Morgan zou aanzienlijk meer uitgegeven moeten worden. Alleen al het transport naar Noorwegen zou tonnen hebben gekost. Een commercieel aquarium kostte de Nederlandse staat niets.

In juni 2011 verleende de Nederlandse regering het Dolfinarium een exportvergunning voor Morgan. De afnemer zou Wolfgang Kiesslings Loro Parque in Tenerife zijn. Het Loro Parque is een commerciële onderneming. Tot de pandemie was het ook een heel winstgevend bedrijf. De balans van de dierentuin laat voor 2019 een winst zien van iets meer dan dertig miljoen euro.

Het volledige gepubliceerde onderzoek aan de orka’s in het Loro Parque tot eind 2011 bestond daarentegen uit slechts twee wetenschappelijke artikelen in vaktijdschriften en een handjevol presentaties op wetenschappelijke conferenties. En de orka’s in Loro Parque waren allemaal eigendom van Seaworld. Ze waren slechts uitgeleend aan Kiessling. Morgan zou de vijfentwintigste orka worden in de collectie van een miljardenconcern.

Het leek een duidelijke overtreding van meerdere wetten en internationale verdragen. In september 2011 bepaalde een rechter in Amsterdam daarom dat de export zes weken lang moest worden opgeschort.

Kort daarop gebeurde er iets waarmee vrijwel niemand nog rekening had gehouden: de Duitse wetenschapper Heike Vester had in het jaar 2005 de geluiden opgenomen van een Noorse orkafamilie in de Tysfjord, terwijl ze een haringschool samendreven tot een compacte bal, de zogenaamde carousseljacht. Zij vergeleek de klanken met die van Morgan. Hun geluiden stemden verbazend nauwkeurig overeen.

Goede kans

‘Het was ofwel haar eigen groep, ofwel een die er nauw verwant mee is,’ zei Vester mij. Vier van de zeven experts die aanvankelijk tegen terugplaatsing waren, veranderden daarop van mening. John Ford en Christophe Guinet, beiden internationaal bekende orka-onderzoekers, spraken zich uit voor een poging tot terugplaatsing. De twee andere orka-onderzoekers in de groep, Christina Lockyer en Fernando Ugarte, wilden zo’n poging op z’n minst overwegen. Drie van hen stelden bovendien voor om Morgan naar Noorwegen te brengen, niet naar Spanje, om haar eerst in een afgeschermd stuk zee te houden. De drie andere opstellers van het rapport die bij hun standpunt bleven, waren een voormalige dierenarts van Seaworld en twee Nederlandse Waddenzee-experts.

Enkele weken lang zag het er naar uit dat de walvis een goede kans had in zee terug te keren. En toen viel alles uit elkaar. Op 21 november 2011 hief een rechter in Amsterdam de exportstop weer op. Het vonnis schoof de internationale verdragen en de EU-richtlijnen eenvoudig terzijde. De veranderde mening van de experts werd door de rechter niet serieus genomen. Dat het dier volgens de Nederlandse wet alleen voor onderzoek vastgehouden mocht worden, legde ze ruim uit: twee academische artikelen waren voldoende als bewijs. Het vonnis werd later in twee beroepsprocedures bevestigd.

‘De wet werd gewoon genegeerd als die in de weg zat. Ik heb zoiets daarvoor noch daarna ooit meer meegemaakt’

Arie Trouwborst is professor in Tilburg, gespecialiseerd in milieurecht. Een nuchtere man die mijn vragen met kwellend lange pauzes beantwoordt om vooral niets ondoordachts te zeggen. Hij had destijds een advies opgesteld voor de coalitie van dierenbeschermers waartoe Ingrid Visser behoorde. ‘Ik kan nog steeds niet helemaal begrijpen wat er gebeurd is,’ zegt hij. ‘Ik leg mijn studenten altijd uit hoe belangrijk een precieze interpretatie van woorden voor de wet is. Maar dat deed er helemaal niet meer toe. Het was een beetje alsof we allemaal in die absurde bubbel gevangen zaten. De wet werd gewoon genegeerd als die in de weg zat. Ik heb zoiets daarvoor noch daarna nooit meer meegemaakt.’

De Nederlandse rechters gaven in de motivatie van hun vonnis steeds weer blijk van hun zorg om de walvis niet in gevaar te brengen. Daar hadden ze beslist gelijk in. De wildernis is gevaarlijk, ook voor een alfa-roofdier, een roofdier dat geen enkel ander roofdier hoeft te vrezen. Hoe gevaarlijk het voor Morgan zou zijn, wist op dat moment niemand.

De grote vraag is er uiteindelijk een die de mens in laatste instantie alleen voor zichzelf beantwoorden kan: is het beter om kort in het wild te leven, of lang in gevangenschap?

Het was nog donker toen de trainers Morgan op 29 november 2011 in een draagbaar loodsten. Ze woog intussen bijna 1400 kilo. Sinds haar aankomst was ze iets minder dan een ton aangekomen. Het transport van een orka is een gecompliceerde, inspannende aangelegenheid. De dieren kunnen niet verdoofd worden, omdat ze hun bewustzijn nodig hebben om te ademen. Onder narcose zouden ze stikken. Ze zijn dus de hele tijd wakker. Ze worden wekenlang getraind om rustig in de draagbaar te liggen die in een met water gevulde container wordt gehangen.

Morgan spartelde nauwelijks toen ze haar uit het bassin tilden. Maar ze ademde sneller dan anders, stootte ademwolkjes uit in het schelle licht van de schijnwerpers. In de container begon ze luid te piepen. In de dagen voor het transport hadden medewerkers van het Dolfinarium, onder wie ook Hearn, doodsbedreigingen ontvangen. Bij het aanbreken van de dag vertrok het konvooi.

Men had de container met Morgan op een vrachtwagen geladen. Daarachter volgden auto’s van de politie. ‘We hadden een enorm politie-escorte, bijna dertig voertuigen,’ herinnert Hearn zich. ‘Elke brug op weg naar de luchthaven was afgesloten.’ Het vliegtuig was leeg, op de walviscontainer na. Hearn stond aan het hoofdeinde in het water om Morgan tijdens de vlucht gerust te stellen. Met een pollepel goot hij water over haar rug, zodat haar huid niet zou uitdrogen.

Het was al donker toen ze in Loro Parqe aankwamen. Wolfgang Kiessling stond aan de rand van het bassin en keek toe hoe de vrachtwagen het orkastadion binnenreed. Morgan werd neergelaten in het bassin dat groter was dan dat in Harderwijk. Het grote bad is meer dan twaalf meter diep en 50,5 meter lang, iets meer dan tien keer haar lichaamslengte. In de eerste nacht bleef ze nog door een traliehek gescheiden van de andere walvissen. Wolfgang Kiessling noemde haar tegenover Spaanse journalisten ‘een geschenk van de natuur’. Hij verheugde zich over de ‘compleet nieuwe bloedlijn’. Ze was de zesde orka in Loro Parque. De vijf andere waren allemaal in gevangenschap geboren. Zij was daar het enige dier dat ooit in een arctische storm had gezwommen, levende vissen had gegeten, gezien had hoe haringscholen werden omsingeld – en dat zonder mensen had geleefd.

Javier Almunia, directeur van de Stichting Loro Parque, die aan het commerciële dierenpark is gelieerd, zei in een interview kort na Morgans aankomst dat ze ‘onaangepast’ gedrag vertoonde. ‘Ze zwemt heel dicht tegen de anderen aan. Ze is soms heel opdringerig, probeert over de anderen heen te springen of ze te bijten in de genitale zone.’ De trainers merkten nog iets anders op, wat komisch was: ze hield de hele tijd haar kop boven water. 

In juni 2012 kwam Ingrid Visser voor ruim drie weken naar Tenerife. Indertijd kon je de orka’s nog de hele dag bekijken als je bij het metalen hek aan de ingang van het stadion stond. Je staat daar iets meer dan tien meter bij het water vandaan. Visser kwam bijna iedere dag, met camera en notitieblokje. Ze stond er van ’s morgens tot ’s avonds en observeerde de dieren, vertelt ze me. De orkatrainers merkten haar al gauw op. Aan het eind van die drie weken werd er een hoge houten schutting gebouwd, waarover een voormalige medewerker van het park tegen me zei dat ze die maar beter de ‘Ingrid Visser-palissade’ kunnen noemen.

De littekens die een orkagebit achterlaat zien er een beetje uit zoals het patroon dat een tuinhark in het zand achterlaat

Toen ze weer thuis was, schreef Visser een rapport dat de hoogte van de afscheiding verklaart. In de 77 uur aan de rand van het bassin had ze 91 aanvallen op Morgan gezien door de andere orka’s. Ze telde 320 nieuwe beetwonden en vers geheelde littekens op haar lichaam. Morgan was meermalen voor haar ogen met volle kracht door een ander dier geramd.

‘Nooit eerder heb ik zoveel geweld tussen orka’s gezien,’ vertelt Visser me. ‘Ik heb honderden uren onder water met de dieren in het wild doorgebracht. En nooit een aanval tussen twee orka’s gezien. In het Loro Parque gebeurde het bijna ieder uur.’

De littekens die een orkagebit achterlaat zien er een beetje uit zoals het patroon dat een tuinhark in het zand achterlaat. Je vindt ze ook bij veel wilde orka’s. Volgens een studie zelfs bij de meeste. In het wild zitten de mannetjes heel vaak onder de littekens. Maar hoe die wonden precies ontstaan, weten we niet. Gevechten binnen een orkagroep werden zo goed als nooit waargenomen. De matriarchen in het wild lijken hun leiderschap in de hiërarchie maar heel zelden – misschien wel nooit – met geweld af te dwingen. Mogelijk ontstaan ze bij confrontaties tussen verschillende groepen. Misschien verklaart dat ook waarom Morgan in het begin zo heftig werd aangevallen. Zij was de vreemde.

Het Loro Parque bestrijdt dat de agressie buitengewoon heftig zou zijn geweest. Javier Almunia, directeur van de Stichting Loro Parque, verwijst naar een studie uit 2019, waaraan hij zelf heeft meegeschreven, volgens welke minder dan 1 procent van de interacties tussen de walvissen in het park agressief is. Als ik Wolfgang Kiessling aanspreek over Ingrid Visser en haar kritiek, is hij niet onder de indruk. Hij noemt haar – als een echte dierentuinbezitter – ‘een vals dier’.

Morgans lichaam is nu overdekt met groeven, in wilde patronen, als een schilderij van Pollock. Lange littekens die zigzag over de lengte van haar rug lopen, en korte horizontale op haar zijkant die eruitzien als een wrede grap: alsof iemand haar heeft beschilderd met haaienkieuwen. 

Morgan in Harderwijk. – © Novum rs/str.Ruben Schipper

Na haar aankomst in Loro Parque werd al snel duidelijk dat Morgan vaak niet op de trainers reageerde. Ze negeerde hen. Soms zwom ze minutenlang razendsnel rondjes door het bassin, ongecontroleerd en wild. Ten slotte kwamen ze op het idee dat ze haar verzorgers mogelijk niet kon horen. In november 2012 werden drie wetenschappers ingevlogen, een uit Nederland, twee uit de VS. Allen experts inzake het hoorvermogen van dolfijnen en kleine walvissen. Met zuignappen plaatsten ze elektroden op haar lichaam om haar hersengolven te meten. Toen lieten ze haar een luid klikgeluid horen. Bij alle andere orka’s in het Loro Parque zagen de wetenschappers een reactie op de klanken, alleen bij Morgan niet. Morgan hoorde duidelijk slechter dan de andere orka’s. Mogelijk, schreven ze, was Morgan ‘compleet doof’.

Dat is voor een wild dier een groot probleem. ‘Deze dieren zijn op hun gehoor aangewezen,’ vertelde de Franse orkaspecialist Christophe Guinet mij. ‘Ze gebruiken echolocatie om vissen te vinden, ze coördineren de jacht middels geluiden, en via geluiden vinden ze ook hun groep terug wanneer ze die kwijt zijn. Daarmee kunnen ze zich ook oriënteren in het donker. Het is bijna onmogelijk dat een dove orka in het wild overleeft. Zonder hun gehoor zijn ze verloren.’

Toen was het duidelijk dat Morgan nooit meer vrij in de Noordzee zou zwemmen. Ze had een handicap die een orka niet hebben mag als ze robbenschedels wil kraken en haringscholen wil opdrijven. Degenen die zich uit alle macht verzetten tegen terugplaatsing, hadden plotseling de beste argumenten.

Visser heeft Morgans gehoorschade nooit geaccepteerd als wat het was: een catastrofale tegenvaller. Ze is gewoon doorgegaan: ze heeft nog een proces tegen de Nederlandse regering aangespannen via twee instanties. De laatste uitspraak werd gedaan op 10 juli 2019 door de Raad van State, de hoogste instantie van het Nederlandse rechtssysteem. Ook deze keer weigerden de rechters om de exportvergunning voor Morgan alsnog te casseren. De orka werd niet teruggehaald.

Visser heeft het geval van Morgan in juni 2018 ook voorgelegd aan de petitiecommissie van het Europees Parlement in een vijftien minuten durende presentatie, waarvoor ze speciaal vanuit Nieuw-Zeeland was gekomen. De zaal was slechts voor een kwart gevuld. De petitie werd tien maanden later zonder resultaat gesloten.

Chemisch afval

Waarom heeft ze zoveel energie gestoken in de bevrijding van één enkel dier? Buiten in de oceaan waren al lang praktijken gaande die de belangen van een enkel dier volledig ontstegen. Orka’s staan aan de top van een voedselketen die door de mens vergiftigd is. De dieren slaan in hun lichaam toxinen op zoals het insecticide DDT en de industriële chemische stof PCB, die tientallen jaren in de zee zijn geloosd. Een paar orkagroepen brengen nauwelijks nog gezonde kalveren ter wereld. En als ze dood aanspoelen, gelden hun kadavers als zo zwaar verziekt dat ze in sommige landen als chemisch afval moeten worden behandeld.

Voor Visser is het geval Morgan een symbool. Het staat voor iets groters: de menselijke zelfzucht. Voor het feit dat we wilde dieren nog altijd als vanzelfsprekend uitbuiten voor ons genoegen en ons profijt. Zij gelooft dat orka’s in gevangenschap zozeer lijden, dat het het beste zou zijn om onmiddellijk een einde te maken aan de shows. De aquariums waarin ze gehouden worden moeten worden geleegd, het fokken moet worden gestaakt. En de resterende orka’s moeten in zeereservaten worden gehouden: in grote baaien, achter netten waar men zich wel met hun verzorging bezig kan houden, maar in een natuurlijker omgeving waar ze bovendien meer ruimte hebben. 

Het is vaak verbazend moeilijk om te zeggen of een dier lijdt of niet. Je moet de tekenen daarvan kunnen lezen, die openbaren zich niet meteen. Je moet ze kunnen interpreteren. Op mijn tweede middag in Loro Parque gooien de trainers twee reusachtige plastic tonnen van duizend liter in het bassin, als speelgoed. De orka’s stoeien ermee, bijten erin, drukken ze onder water. Na vijf minuten zien ze eruit als gedeukte colablikjes. Dan voederen de trainers de orka’s haringen en lodden. Ze gooien ijsblokjes in het water, sneeuwballen en gele geleiblokjes die de dieren vocht moeten bieden.

Vijftien trainers zijn de hele dag bezig de verveling van de dieren te verdrijven en frustraties in de kiem te smoren. ‘Frustratie,’ zegt Eric Bogden, ‘is niet goed voor zo’n groot roofdier.’ Bogden (59), is de hoofdtrainer van Loro Parque. Hij is afgetraind, glad geschoren en gebruind, een Amerikaan die er twintig jaar jonger uitziet dan hij is. Bogden heeft lang voor Seaworld gewerkt, toen de trainers daar zich nog tien meter de lucht in lieten slingeren door de walvissen. Met één oor hoort hij niet heel veel meer. Het trommelvlies is bij zo’n landing gebarsten.

Bogden heeft een bijzondere relatie met Morgan. Vaak vergezelt ze hem als een hond langs de rand van het bassin. Als hij oefeningen met haar doet, heb je soms de indruk dat ze niet meer is dan een op afstand bestuurbare automaat, zo snel en precies volgt ze de tekens die hij met zijn hand geeft. Ze draait naar links, naar rechts, wiebelt met de vin, komt uit het water en laat zich masseren. 

Stille wereld

Bogden vraagt zich af hoe zij de wereld ervaart. ‘Ze is altijd een beetje vreemd. De andere orka’s communiceren de hele tijd met elkaar in het bad. Dat hoort ze niet. Het moet een merkwaardige, stille wereld voor haar zijn.’ Terwijl ik hem volg bij zijn werk mag ik een gele lijn, die op ongeveer twee meter van het water is getrokken, niet overschrijden. In 2011 heeft Keto, een van de twee reusachtige orkamannetjes in het Loro Parque, bij een trainingsshow zijn trainer onder water geduwd, geramd en gebeten. De trainer overleed aan zijn inwendige verwondingen.

Elke dag maken de trainers de tanden van de dieren schoon met apparaten die eruitzien als stoomreinigers. De orka’s leggen hun kin op de rand van het bassin en sperren de machtige kaken open. Dan spuiten de trainers hun tanden schoon. Veel dieren hebben uitgeboorde of kapotte tanden, die tweemaal per dag gedesinfecteerd moeten worden. De orka’s kauwen op de tralies en de betonwanden. Bij Morgan zijn de voorste rijen tanden deels vrijwel tot op het tandvlees versleten. 

Twee voormalige dierenartsen van het Loro Parque, die beiden anoniem willen blijven, vertellen me later hoe moeilijk ze het hadden met de orkahouderij. Beiden hadden op enig moment begrepen hoe slecht de omstandigheden in het bassin voor de dieren waren, hoezeer de trainers ook hun best deden om voor afwisseling te zorgen. Een vrouwelijke arts zei dat ze bij een endoscopie stukjes verf van de bassinwand en siliconen, gebruikt voor het afdichten van het bad, in de magen van de dieren had aangetroffen. ‘De orka’s knaagden voortdurend aan de wanden,’ vertelt ze. ‘Het immuunsysteem van de orka’s was verzwakt door het steriele water en de stress van de disfunctionele groep. Ze waren vaak ziek. Ze kregen makkelijk schimmelziekte en bacteriële infecties. We moesten ze steeds weer antibiotica geven.’

Volgens de tweede vrouwelijke arts was voor iedereen duidelijk dat de dieren niet in een dierenpark thuishoorden. ‘Het is vrijwel onmogelijk om deze grote, veeleisende roofdieren in de bassins voldoende prikkels te bieden.’ Beide dierenartsen hebben hun geloof in het houden van orka’s verloren. Javier Almunia, directeur van de Stichting Loro Parque, schreef dat de uitspraken van deze dierenartsen ‘speculatief’ waren. Er zouden geen bewijzen zijn dat de immuunsystemen van de dieren in Loro Parque zwakker waren dan die van de dieren in zee. Ook zou geen van de dierenartsen er ooit bezwaar tegen hebben gemaakt dat de dieren regelmatig medicijnen toegediend kregen. Beide dierenartsen achten de gezondheidsproblemen van de dieren zo ernstig dat ze het fokken met de orka’s nu volstrekt afwijzen.

De orka’s hadden de daad mogelijk door de spijlen van het hek heen voltrokken

In Morgans geval is het daarvoor nu te laat. In december 2017 maakte Loro Parque bekend dat Morgan drachtig was. Het dierenpark beweert tot op heden dat het een vergissing is geweest. Almunia zei tegen mij te vermoeden dat de orka’s de daad mogelijk door de spijlen van het hek heen hadden voltrokken. Op 22 september 2018 werd het kalf geboren. Op een video van de geboorte zie je Morgan in steeds kleinere kringen zwemmen. De kleine staartvin komt als eerste naar buiten. Morgan gaat op haar zij liggen, kromt haar lichaam en dan volgt het kalf in een golf van bloed, en zwemt weg alsof het nooit iets anders heeft gedaan.

Niets kan je voorbereiden op hoe het voelt om tegenover een dier van drie ton te staan dat oogcontact met je maakt. Op mijn derde dag in Loro Parque komen Morgan en Ula, haar kalf, naar mij toe gezwommen. Ik leg mijn hoofd opzij, naar links. Daarop draait Morgan haar lijf ook naar links. Ik leg mijn hoofd naar rechts. Weer volgt ze me. Ik verstop me achter een metalen balk. Ze spuwt een grote waterstraal tussen haar tanden door op mijn notitieblok. Het water ruikt zoet, een beetje naar chloor en algen, naar zeedieren. Later brengt Ula mij aan het venster een blad, nauwelijks groter dan een munt van 2 euro. Ze tilt het op met haar bek, draagt het heel voorzichtig tot recht voor mijn ogen en laat het dan naar de bodem zinken. Het blad is het enige object in het bad, waarvan het water verder helemaal glad is. Ze herhaalt het spel met het blaadje meerdere keren. 

Ik kan begrijpen waarom je dicht bij deze dieren wilt zijn. Maar misschien schuilt daar al het probleem. Het is een egoïstische behoefte. Die gaat van ons uit, niet van hen. Zij gaan alleen maar met ons om omdat ze geen andere keuze hebben.

Apathie

Tot op heden brengt Ula iedere nacht alleen door in het kleine medische bassin van het park, dat maar twaalf meter lang is, zeven meter breed en vier meter diep. De maten van een hotelzwembad. Eric Bogden vertelt me dat Morgan ‘soms een beetje ruw’ met haar kalf omgaat. ‘Zij is een dove moeder, en dat leidt af en toe tot frustratie. Ula is soms bang voor de grote walvissen, en dan is ze liever alleen.’

Toen ik daar was, beleefde ik momenten die vredig oogden: Ula die zich over de rug van Morgan heen legt als een sjaal; Ula die zich door Eric Bogden laat masseren op de buik en rug, en daarbij de ogen sluit; Ula die speels een van de tonnen wegwerpt met haar bek. Maar steeds weer zijn er ook fasen van apathie.

Orka’s in het wild zijn permanent in beweging, zelfs wanneer ze slapen, zwemmen ze heel langzaam, vlak bij elkaar. De diepste duik van een orka die wetenschappers hebben geregistreerd is 1087 meter. Veel groepen duiken regelmatig dieper dan 250 meter. Ze kunnen in 24 uur meer dan honderd kilometer afleggen. Een orka wiens bewegingen negentig dagen lang gevolgd werden, legde in die tijd meer dan 5400 kilometer af, van Baffin Island in Canada tot aan de Azoren.

Morgan dreef soms meer dan een half uur gewoon aan de oppervlakte, vaak vlak voor de tralies van het medisch bassin waarin Uli gevangen zat, en bewoog zich niet. Van een afstand zag ze eruit als een grote zak die elke paar minuten diep in en uit ademde. Een gered en gebruikt wezen. In de verte, achter het bad, was de oceaan te zien. Schuimkoppen op een winderige, wilde zee. Onbereikbaar ver weg.

Walvissen zijn net als wij

James Cameron, bekend van epische films als Titanic en Avatar, maakte samen met cameraman Brian Skerry een film over een dier dat hem al lange tijd intrigeerde: de walvis. Zijn grootste ontdekking: ze zijn net als wij.

Walvissen hebben complexe levens, familiebanden en een sterke cultuur, net als mensen, zegt Brian Skerry tegen Newsweek. Hun manier van leven deed hem denken aan de buurten van New York aan het begin van de vorige eeuw, met veel enclaves van verschillende culturen en talen. Net als wij hebben orka’s een voorkeur voor de internationale keuken: orka’s in Nieuw-Zeeland eten graag roggen, terwijl de dieren in Noorwegen vooral van haring houden.

Moeders leren hun kalveren niet alleen de vaardigheden die ze nodig hebben om te overleven, maar ook culturele tradities. Zo houden bultruggen ‘zangwedstrijden’ en bezoeken beloegawalvissen elk jaar een ‘zomerresort’, waar ze spelletjes doen. Walvissen vieren hun identiteit en rouwen om hun doden. ‘Het zijn buitengewoon intelligente wezens die deze planeet met ons delen,’ zegt Skerry.

De documentaire heeft onder meer tot doel om deze zienswijze over te brengen. ‘Vrijwel alles van onze beschaving is schadelijk voor de walvis,’ zegt Cameron, ‘van giftige, waterverontreinigende stoffen tot geluidsvervuiling, bijvoorbeeld door seismische tests of militaire sonar: die is zeer schadelijk voor walvissen, die hun wereld via geluiden ‘zien’ en echolocatie gebruiken om op hun prooi te jagen. Camerons ploeg filmde ook een keer een reddingsoperatie waarbij een National Geographic-duiker een ​​orka te hulp kwam die verstrikt was in een visserstouw – een manier waarop dagelijks bijna duizend van deze zoogdieren verdrinken. ‘De grote mannetjesorka had de duiker makkelijk kunnen doden, maar hij leek te begrijpen wat er gebeurde.’

Secrets about Whales is o.a. te zien op Disney+.

Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.