In Merkels Duitsland regeert de middelmaat

Der Spiegel

| Hamburg | Nils Minkmar | 18 september 2017

Economisch gaat het Duitsland voor de wind onder Angela Merkel. Maar op cultureel en intellectueel gebied is het armoe troef, schrijft journalist Nils Minkmar.

Zelden komt het publiek zo dicht bij de bondskanselier als tijdens de openbare interviews van het tijdschrift Brigitte in Berlijn. Vier jaar geleden was Angela Merkel hier ook al eens te gast en gaf ze weloverwogen inkijkjes in haar huiselijke leven als vrouw die kookt en bakt. Dit jaar kreeg het gesprek achteraf een bijzondere betekenis: Merkel zette met een opmerking over het homohuwelijk een reeks gebeurtenissen in gang die ertoe leidden dat een wet hierover kon worden aangenomen. Zelf stemde ze tegen.

Maar het is de moeite waard om haar hele optreden tegen het licht te houden. Het is een studie van de merkeleske manier van denken en daarmee ook een duiding van ons land en onze tijd, want na twaalf jaar heeft ze niet alleen een stempel gedrukt op de Duitse politiek, maar ook op onze gewoonten en cultuur. Hoe meer ze beweert daar geen waarde aan te hechten, des te beter ze daarin slaagt.

De beschrijving die Merkel op de avond met de collega’s van Brigitte van zichzelf gaf, bevat een boodschap: ze is een vrouw die nadenkt. Die wandelend, reizend of kokend nadenkt over welke politiek het best is. Hoe ze dat doet? Ook daarover geeft ze opheldering, maar het interessantst is wat ze niet noemt. Ze heeft het niet over adviseurs, invloeden of inspiratie. Ze citeert geen enkele auteur, boek of film. Ze beroept zich niet op een klassieker en noemt geen vroegere staatsman. Haar manier van denken volgt een cyclisch patroon: ze analyseert de wereld, haalt hier informatie uit, verwerkt die in haar brein en zet ze om in politiek. En die verbetert de wereld weer. Harde noten worden niet gekraakt door Angela Merkel, ze worden gehakseld. En het land is er haar dankbaar voor. Na het dieptepunt door de vluchtelingencrisis is ze vooral in haar eigen kamp weer populair.

Individuele aanpak

Die individuele aanpak is nieuw. De bondskanseliers vóór Angela Merkel hadden allemaal te maken met een zelfbewuste, soms overmoedige intelligentsia. De Bondsrepubliek is ontstaan met concrete steun van kritische auteurs en intellectuelen, met belangrijke politieke literatuur en een altijd buitengewoon sensibele academische wereld. Dat was niet alleen in West-Duitsland het geval: ook in de jonge DDR speelden auteurs, wetenschappers en intellectuelen een rol. Ze gaven de maatschappij een stem en formuleerden politieke eisen. Dat werd echter steeds riskanter nadat Wolf Biermann [zanger en dichter die kritisch was op het DDR-bewind] zijn staatsburgerschap was ontnomen, tot de machtsovername van Gorbatsjov.

De kanseliers voor Angela Merkel koesterden die uitwisseling en waren er trots op. De dialoog was daarbij een waarde op zich, geen middel om het doel te bereiken. Maar die kanseliers hadden ook rivalen, soms zelfs aan de kabinetstafel. Merkel heeft zelfs geen serieuze concurrenten meer in andere politieke partijen. Ze doet het goed en bedoelt het goed, maar lange discussies – althans met mensen die geen Trump of Poetin heten – gaan, zo hebben we begrepen, alleen maar van haar tijd af.

Verzorgingsbureaucratie

Moeten we dat erg vinden? Angela Merkel doet het toch goed? Sinds 2005 gaat het de Bondsrepubliek voor de wind. De cijfers zijn bekend, uit de hele wereld komt er overwegend lof voor de staat van Duitsland. En als de burgers iets niet bevalt, dan verandert ze dat gewoon volgens haar beproefde methode: protest wordt info en info wordt politiek. Maar deze geruisloze efficiëntie heeft bijwerkingen. Het gaat Duitsland goed, maar op intellectueel en cultureel vlak is het ook een beetje saai geworden. Onze culturele verzorgingsbureaucratie zorgt voor middelmaat, zonder grote uitschieters, en zonder risico’s.

Wie in buitenlandse boekhandels op zoek gaat naar Duitse boeken, stuit telkens weer op grote stapels van dezelfde werken: De mooie voedselmachine van Giulia Enders en Het geheime leven van bomen van Peter Wohlleben. Verder alleen klassiekers. Als je in een simulator over ons culturele en intellectuele landschap kon vliegen, dan zou je veel solide middengebergten zien – maar geen hoogtepunten, geen bezienswaardigheden, niets waarop je je kunt oriënteren of waaraan je een herinnering hebt. Waar is het richtinggevende bouwwerk, dat in grote stijl getuigenis aflegt van de glans, de rijkdom en de inventiviteit van ons hedendaagse Duitsland? De Elbphilharmonie in Hamburg is de uitzondering die de regel bevestigt. Verder staan overal zandkleurige blokkendozen met kijkspleten die binnenkort alweer toe zijn aan renovatie.

De conclusie is steeds weer dezelfde: te weinig voor zo’n groot en rijk land. Te weinig durf, te weinig liefde, te weinig risico op creatief gebied. Het probleem is dat je deze ontwikkeling lastig in cijfers kunt vatten. Een dergelijke conclusie laat zich niet weergeven en wordt dus maar moeizaam informatie waar vervolgens beleidsmatig iets tegen kan worden gedaan. Veel mensen zullen ook bestrijden dat de politiek überhaupt verantwoordelijk is voor de geestelijke toestand van het land. Tenslotte wordt niemand verhinderd te schrijven, te dichten of te filmen. Mogelijk verbaast zelfs de kanselier zich erover dat er zo weinig geestelijke onrust te bespeuren is. Maar voor het ophelderen van de oorzaken komt eerst de beschrijving van de situatie. En wat daaraan opvalt, is dat er niets opvalt.

Het Humboldtforum, de veelbekritiseerde herbouw van het Berliner Stadtschloss. – © Jörg Carstensen / HH
Het Humboldtforum, de veelbekritiseerde herbouw van het Berliner Stadtschloss. – © Jörg Carstensen / HH

Cultuur in Duitsland is een reusachtige industrie. Veel hoofdsteden van deelstaten hebben meer theaters, musea en academies dan menig land. Radio-omroepen, instellingen, verenigingen – cultuur is een zaak van de burgermaatschappij en wordt serieus genomen en gekoesterd. Herdenkingsevenementen zijn erg in trek, of het nu gaat om dood, geboorte of een op twee nullen eindigend jubileum van een schrijver of denker. Dan volgen tentoonstellingen of een heel gedenkjaar. Dit jaar Luther, volgend jaar Karl Marx – wat zich voordoet, wordt getoond, besproken, tentoongesteld en gevierd. Cultuur wordt zodanig bedreven dat velen onder de indruk zijn en niemand kan zeuren. Maar is dat de bedoeling ervan?

In de lente en de herfst wordt een enorme hoeveelheid literatuur en non-fictie over de boekhandels uitgestort. Elke donderdag en op de grote filmfestivals worden er nieuwe producten van de Duitse filmindustrie aan de toeschouwers vertoond; ook daar is geen gebrek aan nieuw materiaal. Een onafzienbaar aantal podia heeft nu al het programma voor komend jaar gepresenteerd. Maar als 
je de afgelopen twaalf jaar de revue laat passeren, als je zonder zoektocht op internet bedenkt wat belangrijk was – hoeveel is er dan nog over van de binnenlandse producties? Eigenlijk alleen de krimi’s: regionale misdaadromans, misdaadromans die over dieren gaan, die in het verleden spelen, misdaadromans die een parodie zijn op andere misdaadromans en misdaadromans die in werkelijkheid sociale romans zijn. Er zitten heel goede tussen, generaliseren is altijd oneerlijk. Maar als dit genre zich door iets kenmerkt, dan is het wel door het feit dat je dit soort boeken geen tweede keer leest.

En in de wetenschappen? Welk thema, welk vakinhoudelijk debat bereikte de geïnteresseerde lezer? Specialisatie is de eis van het ogenblik, intellectuelen ontwikkelen zich tot experts. Als niemand een beroep op hen doet, hoor je ze niet. Een vluchtige blik is dus altijd oneerlijk. We hebben Navid Kermani, Harald Welzer, Herfried Münkler en Carolin Emcke, en ook van de oude garde zijn nog grote denkers actief. Kluge denkt nog en hetzelfde geldt voor Habermas. Maar wie volgt hen op? Wie gaat de grote leerstoelen bekleden? Er zijn zo veel denktanks, Institutes for Advanced Studies, academies en instellingen, zo veel universiteiten en nog meer hogescholen, maar in alle lange gangen kun je een speld horen vallen.

Het is nog niet zo lang geleden dat cultuur – met tentoonstellingen, boeken, debatten, films en toneelstukken – als kompas voor het hele land fungeerde. De wereld van de Koude Oorlog behoorde tot het verleden, een nieuwe tijd van internationale uitwisseling stond voor de deur, de digitalisering nam een aanvang. René Pollesch vernieuwde het theater, conservatieven als Meinhard Miegel dachten na over het einde van de economische groei. Duizenden mensen worstelden zich door de werken van [de Italiaanse neomarxistische filosoof] Toni Negri en [de Amerikaanse marxistische literatuurwetenschapper] Michael Hardt, en als het te stil werd bedacht [de in 2010 overleden Duitse theatermaker] Christoph Schlingensief wel iets. Er werd gediscussieerd over Sloterdijk, over Grass, over een tentoonstelling over de Wehrmacht en over Daniel Goldhagen.

De belichting van de DDR in romans en films vormde de grondtoon van dat tijdperk. In de Bondsdag vonden enerverende debatten plaats, zoals over de inzet van het leger in het buitenland. Eigenlijk ging het om één groot thema: de wereldorde en Duitslands plaats daarin. Tegenwoordig houdt de bondskanselier zich met dat soort vraagstukken bezig. Sinds de bankencrisis en de daaropvolgende schuldencrisis in Zuid-Europa worden belangrijke Bondsdagprocedures in hoog tempo doorlopen. Twee grote coalities [van CDU/CSU en SPD] onder leiding van Angela Merkel hebben niet alleen de gedachte verdrongen dat er een politiek alternatief bestaat, maar ook het intellectuele debat over de koers van het land, over implicaties en alternatieven doen verstommen.

Onder Angela Merkel is een nieuwe biedermeiertijd begonnen; dit keer niet als een terugkeer naar een repressieve tijd, maar uit gezelligheid

Onder Angela Merkel is een nieuwe biedermeiertijd begonnen [periode in de eerste helft van de negentiende eeuw die geldt als braaf en burgerlijk]: dit keer niet als een terugkeer naar een repressieve tijd, maar uit gezelligheid. De begroting van de minister van Cultuur gaat omhoog en regelmatig verschijnen er persberichten over uitbreidingen van musea, de restauratie van oude schatten en geweldige samenwerkingsprogramma’s. Nooit eerder was het verleden zo goed in vorm en werd het zo vertroeteld. Wie in de jaren zestig is geboren, kan zich de toekomst nog herinneren. Ouders namen hun kinderen op schoot en rekenden hun voor wanneer ze met een jetpack op hun rug naar school zouden vliegen. Politici zagen daarin hun eigenlijke metier: vandaag ervoor werken dat het morgen, nee overmorgen, beter wordt. Maar omdat niemand precies kon weten hoe dat eruit zou zien, werd er eerst eens ruzie gemaakt. Die twee dingen hoorden bij elkaar: de durf van de politieke pioniers en de heftige debatten in parlementen en ’s avonds aan tafel bij de mensen thuis.

In de politieke cultuur waarop Angela Merkel haar stempel drukt en die uiterst aangenaam is, ontbreekt deze dimensie. Hierin zijn de Duitse auto’s en de Duitse machines voor eeuwig gewild, is Duitsland wereldkampioen voetbal en de kanselier de krachtigste stem in Europa.

Daarom heeft de Bondsrepubliek het zo moeilijk met nieuwe bouwwerken. Ze staan er nog als ons heden voorbij is en getuigen ervan hoe wij de toekomst zagen. Is dat grote gebouw in het centrum van Berlijn, dat Stadtschloss, een reconstructie of iets nieuws? Beide zijn mogelijk – zoals altijd in het tijdperk-Merkel, want zonder eenduidigheid is geen tegenspraak mogelijk. Wordt het lelijk, wordt het mooi? Het wordt in elk geval een monument van de ambivalentie, waartegen niemand iets kan inbrengen. Zo leven we in de illusie van een permanent heden en presteren we als cultuurnatie consequent onder onze mogelijkheden.

Auteur: Nils Minkmar

Der Spiegel
Duitsland | weekblad | oplage 976.000

Een belangrijk onderzoekstijdschrift, opgericht in 1947 en uiterst onafhankelijk, dat verscheidene politieke schandalen aan het licht heeft gebracht.

Dit artikel van Nils Minkmar verscheen eerder in Der Spiegel.
Recent verschenen
TIJDELIJKE AANBIEDING
Drie maanden onbeperkt digitaal toegang tot 360 voor maar € 15
bo pc
Drie maanden onbeperkt digitaal toegang tot 360 voor maar € 15! Ja, ik steun 360