• Gazeta Wyborcza
  • Longreads
  • ‘Je kunt nog beter iemand vermoorden.’ De gevaren van drugsgebruik in Belarus

‘Je kunt nog beter iemand vermoorden.’ De gevaren van drugsgebruik in Belarus

© EPA / TATYANA ZENKOVICH
Gazeta Wyborcza | Warschau | Katarzyna Brejwo | 09 oktober 2021

De helft van alle gevangenen in Belarus is veroordeeld wegens drugsbezit. Vooral jongeren zijn de dupe. Ze krijgen vijftien jaar voor bezit, twintig als er sprake is van een ‘georganiseerde’ misdaad. Moeders die zich tegen de uitspraken verzetten worden tot wanhoop gedreven. ‘Geef ze straf, maar pak hun leven niet af.’

De telefoon ging: ‘Uw zoon is gearresteerd.’

Dat moet een vergissing zijn, zei Julia, want wat kan een moeder in zo’n situatie zeggen – dat Emil zeventien jaar is en over een maand eindexamen doet? Dat hij nog nooit voor problemen heeft gezorgd, dat hij op school aan alle olympiades heeft meegedaan en dat hij in Polen zou gaan studeren?

Ze greep haar tas en holde de deur uit.

Emil stond geboeid bij de tramhalte. De militieagenten hadden hem uit de tram gehaald toen hij op weg was naar zijn vriendin. ‘Als je ons alles vertelt, laten we je naar huis gaan’, hadden ze beloofd.

Hij had hun kunnen antwoorden: ‘Ik wil eerst dat jullie mijn moeder waarschuwen.’ Het fouilleren van een minderjarige dient namelijk te gebeuren in aanwezigheid van een van de ouders, aldus het internationaal recht. Maar welke middelbare scholier weet zulke dingen? En wie durft in Belarus tegen militieagenten in te gaan?

Voordat ze er was had Emil hun verteld waar hij de marihuana bewaarde (in zijn kamer, in een theeblikje). Ze vonden dertien gram.

‘Er lag een beetje op de bodem van het blikje’, zei Julia. ‘Ik had er geen idee van dat hij blowde. Als ze het niet hadden gezegd, had ik gedacht dat het kruidenthee was.’

‘Een beetje’ – het Belarussische recht kent dat begrip niet. Er wordt ook geen onderscheid gemaakt tussen soft- en harddrugs, een hoeveelheid voor eigen gebruik of een handelsvoorraad. Hasj telt even zwaar als heroïne; elke joint telt als een zakje marihuana. Ook leeftijd doet er niet toe, een veertienjarige kan ook in de gevangenis terechtkomen, maar dat weet Julia niet. Ze gelooft dat ze haar zoon nog voor zijn eindexamen vrij kan krijgen.

‘Hij wilde economie gaan studeren in Warschau, aan de Leon Koźmiński-academie. Hij is al twee jaar Pools aan het leren bij de Poolse kerk’, vertelt ze. ‘Hij las de biografieën van Steve Jobs en van Bill Gates, hij had het voortdurend over startups en bitcoins. Hij wilde niet naar school in een trui, maar droeg altijd een colbertje. Ik dacht dat ik een directeur had grootgebracht.’

Bij de foto’s in het schoolalbum – donkere bos haar, glimlach, glinsterende ogen – schreef hij: ‘Ik ben onsterfelijk en ongrijpbaar! Een toekomstige zakenman en trader.’

20 jaar gevangenisstraf

Borysów, een industriestad op anderhalf uur rijden van Minsk; op het centrale plein een standbeeld van Lenin, aan de rand van de stad een houtbewerkingsbedrijf (vroeger heette het Overwinning van het Proletariaat, nu Borysowdrew). In de jaren zeventig van de twintigste eeuw werden hier lucifers geproduceerd voor de Sovjetmarkt, tegenwoordig vezelplaten en multiplex voor de export.

Daar waar de stad eindigt staan lage huisjes tegen elkaar aan, met wat armetierige aanbouwsels, met metaalplaat opgelapte daken.

Galina Makarowa verontschuldigt zich bij mijn binnenkomst dat het zo armoedig is. ‘Mijn man is met pensioen, ik krijg een uitkering omdat ik geopereerd ben aan kanker. Ik maak zuurkool en die verkoop ik op de markt om wat roebels bij te verdienen.’

Op het fornuis in de hal worden pelmeni klaargemaakt voor het eten. Achter een gordijn staat een emmertje waar je je behoefte kunt doen, voor als je vanwege de vorst niet naar het toilet achter op het plaatsje wilt gaan. ‘Hier moest de badkamer komen, we hebben de tegels gezet, maar hebben geen geld om het af te maken. Al ons geld gaat op aan advocaten. We hebben alles verkocht, tot en met de vitrage, alleen in de kamer van Maksim is alles gebleven zoals het was.’

Galina heeft uitgerekend dat ze tot nu toe al veertienduizend dollar hebben uitgegeven om hun zoon te redden

Een gemiddeld pensioen bedraagt in Belarus ongeveer driehonderd dollar, een consult bij een advocaat kost honderdvijftig dollar. Galina heeft uitgerekend dat ze tot nu toe al veertienduizend dollar hebben uitgegeven om hun zoon te redden.

‘Het was een goede jongen, ijverig. Hij wilde het leger in, net als zijn vader, maar hij werd afgekeurd op zijn platvoeten, en dus ging hij naar de Technische Universiteit in Polatsk. Hij studeerde in het weekeinde, zodat hij ons kon helpen’, vertelt zijn moeder.

Hij werkte in Borysowdrew, waar hij machines programmeerde. Hij had de technische school eerder afgerond.

Galina was gescheiden van de vader van Maksim toen de jongen nog klein was. Ze trouwde opnieuw, weer met een officier. Wiktor Wladimirowitsj schilt de aardappelen in de keuken en zegt niet veel.

‘Sinds ze onze zoon hebben gearresteerd, is mijn man in zichzelf gekeerd’, legt Galina uit. ‘Hij heeft Maksim opgevoed als zijn eigen zoon, en nu mag hij hem niet eens bezoeken. En dat alles omdat wij niet op de formaliteiten hebben gelet. Ik heb zelf een boodschappentas met eten voor mijn zoon naar de gevangenis gesjouwd omdat ze mijn man voor de poort lieten wachten. Hij heeft gediend in Vietnam, Afghanistan, Tsjernobyl, hij heeft de dood in de ogen gekeken, maar hij heeft nog nooit zo gehuild als toen.’

Lees ook:

We kijken naar foto’s: een vierjarig jongetje in een trui met een aapje; met de kat Barsik, met een speelgoedrobot die Galina uit Polen had meegebracht.

‘Vijftien jaar kom ik al in Polen voor de handel. Bij ons was er zelfs geen water met prik in de schappen, maar Maksim nodigde zijn vrienden uit en deelde alles met ze.’

Hij had drie vrienden: Ilja, Andrej en Maksim P. Ze kenden elkaar uit de buurt. Op een foto knuffelen Maksim en Ilja een pluchen Mickey Mouse, op een andere foto staan ze op een grasveld bij een flatgebouw, lachend, alsof ze zojuist een spelletje hadden onderbroken. De laatste oudejaarsnacht hadden ze ook samen doorgebracht, ze hadden hun vriendinnen uitgenodigd; de foto’s van dat feestje had hij daarna op het populaire Vkontakte gezet.

‘Ik zei tegen hem: “Ga jij maar lekker feesten, ik blijf wel bij je vader”’, vertelt Galina. ‘Want de biologische vader van Maksim had een maand daarvoor een infarct gekregen. Hij kwam verlamd uit het ziekenhuis. Bij ons helpt de overheid je op geen enkele manier, zolang je niet bent erkend in een bepaalde invaliditeitscategorie, dus heeft Maksim hem zelf verschoond, te eten gegeven en gewassen. Hij kwam hier alleen even langs om wat te eten, en dan meteen weer naar zijn vader. Als het nodig was belde hij Ilja, Andrej of de andere Maksim om hem af te lossen. Andrej studeerde informatica aan de Nationale Technische Universiteit van Belarus, vijfde jaar. Hij is zonder ouders opgegroeid; ze waren beide gestorven toen hij vier jaar oud was.’

Maksim P. volgde een opleiding voor boswachter. ‘Die boompjes heb ik van hem’, ze wijst naar een rij naaldboompjes in het tuintje. ‘Hij is ook halfwees, hij is opgegroeid zonder moeder.’

Ilja deed aan boksen, hij wilde beginnen met wedstrijden.

Ze werden allemaal op 2 april 2015 gearresteerd. Maksim Makarow en Ilja werden uit hun auto getrokken door de antiterroristische troepen van de OMON, een van de wreedste militieeenheden. Andrej en de andere Maksim werden door de militieagenten van huis gehaald. De oudste van de jongens was tweeëntwintig jaar, de jongste twintig. Tenlastelegging: handel in drugs door een georganiseerde criminele groep. Daar staat twintig jaar gevangenisstraf op.

Moeders 328

De Belarussische jeugd moet rein, gezond en gehoorzaam zijn. Sinds enkele jaren komen er synthetische drugs uit Azië het land binnen; ze zijn goedkoper dan de klassieke drugs (hasj en marihuana) en veel gevaarlijker (de samenstelling is moeilijk te bepalen, nog afgezien van de bijwerkingen). In de kranten wordt een ongeluk beschreven: drie vrienden uit Homel kopen samen synthetische drugs, een van hen wordt na een feest gevonden met uitgestoken ogen. Aleksander Loekasjenka verklaart drugs de oorlog en in december 2014 ondertekent hij presidentieel decreet nr. 6, waardoor de regels worden aangescherpt. Op de handel in drugs staat nu tot vijftien jaar gevangenisstraf: als er sprake is van een georganiseerde criminele groep twintig jaar. De veroordeelden komen terecht in speciale heropvoedingskampen: om hen te onderscheiden van andere gevangenen krijgen ze groene strepen op hun gevangeniskleding. ‘We zullen ze zo hard aanpakken, dat ze zullen smeken om de dood’, aldus Loekasjenko.

De arrestaties beginnen in de eerste maanden van 2015. Een van de eerste arrestanten, de achttienjarige Maksim, de jongste zoon van Larissa Zjigarowa uit Grodno, krijgt acht jaar omdat militieagenten bij hem thuis een hennepplant vinden.

Aleh Wolczak, oppositielid en activist van de organisatie Rechtshulp voor het Volk, denkt dat de rechter zich gewoonweg heeft vergist. Maar hoe vaak kan hij zich vergissen? Twee keer? Drie keer? Tegenwoordig worden dit soort vonnissen in heel Belarus geveld. Toen begreep hij dat het geen toeval is, dat het stelselmatig is. Alsof er van boven een order is uitgevaardigd om ervoor te zorgen dat de statistieken van de militie omhoog gaan.

Een oproep om drugs in Belarus te legaliseren.

De moeder van Maksim, Larissa, richt op Vkontakte de groep Moeders 328 op (naar het artikel in het wetboek van strafrecht op grond waarvan hun kinderen worden veroordeeld). In het begin zijn er tientallen leden, vervolgens honderden en nu zijn het er bijna duizend. Ze komen uit Minsk, Brest, Lida, Vitebsk en Homel. Ze ontmoeten elkaar thuis, in cafés, schrijven petities. De juristen van Rechtshulp voor het Volk helpen hen bij het invullen van aanvraagformulieren om de beweging te registreren, maar de autoriteiten weigeren. Ze krijgen ook geen vergunning om te demonstreren.

Journalisten bellen Wolczak met het verzoek om commentaar te geven. Hij is jurist, werkte vroeger als onderzoeksrechter bij het OM. ‘Ik heb in mijn carrière vijftig moordzaken meegemaakt’, aldus Wolczak. ‘Ik herinner me dat ze acht of tien jaar kregen, evenveel als de jeugd nu voor drugs.’ Hij is er zelf van overtuigd dat deze nieuwe rechtspleging nergens toe leidt. ‘Je kunt vooral niet mensen veroordelen wegens drugsbezit voor eigen gebruik. Als iemand verslaafd is, moet hij worden behandeld. En in de gevangenis is daartoe geen enkele mogelijkheid. Het probleem daarbij is dat er in Belarus geen moderne behandelmethodes zijn, er is geen preventie. Mensen zijn bang om het over hun problemen te hebben, omdat ze niet willen worden opgenomen in het centrale register van verslaafden dat Loekasjenko in 2015 heeft opgericht.’

‘Mensen die voor kleine vergrijpen de gevangenis ingingen, kwamen er jaren later weer uit, helemaal vervreemd van de samenleving’

Wolczak is van mening dat de straffen te zwaar zijn. ‘In veel gevallen kun je naar andere middelen grijpen: een ondertoezichtstelling door een curator, taakstraffen, vooral als de pleger jong is, nog geen strafblad heeft en met een geringe hoeveelheid drugs is betrapt. Wij waarschuwden de autoriteiten dat je jongeren niet eindeloos kunt veroordelen, omdat je dan eindigt zoals in het Amerika onder Reagan. Mensen die voor kleine vergrijpen de gevangenis ingingen, kwamen er jaren later weer uit, helemaal vervreemd van de samenleving.’

‘De helft van alle gevangenen in Belarus is veroordeeld wegens drugsdelicten’, aldus Piotr Markielow, een vierentwintigjarige activist van de beweging Legalize Belarus. ‘Massa-arrestaties lossen het probleem niet op.’

De beweging Legalize Belarus werd in 2017 opgericht door jonge mensen die verontwaardigd waren over de schaal waarop mensen werden gearresteerd op grond van artikel 328. Ze organiseren happenings en lezingen, ze sturen de veroordeelden briefkaarten, verzamelen handtekeningen onder een petitie om marihuana te legaliseren.

‘Ik heb ook wel eens een joint gerookt’, erkent Markielow. ‘Maar niet in Belarus. Hier is het te gevaarlijk.’

Een jaar geleden is hij van de universiteit gestuurd (theoretische natuurkunde), officieel omdat hij te vaak absent was. Twee keer is hij gearresteerd – één keer hebben ze hem aangehouden bij antiregeringsbetogingen, en een keer op een rave party in een verlaten bunker bij Minsk.

Tegenwoordig zitten er wegens druggerelateerde delicten 18.000 mensen in de gevangenis. Mensenrechtenactivisten schatten dat 80 procent van hen nog geen dertig is. Onbekend is hoeveel van hen er minderjarig zijn.

Op een bijeenkomst van Moeders 328 krijg ik een lijst:

Marina Wladimirowna, haar zoon is gearresteerd op 17-jarige leeftijd. Hij kreeg 11 jaar en 7 maanden;

Olga Borysowna, haar dochter is gearresteerd op 16-jarige leeftijd. Zij kreeg 10 jaar;

Natalja, haar dochter is gearresteerd op 15-jarige leeftijd. Zij kreeg 10 jaar;

Elena Georgijewna, haar zoon is gearresteerd op 16-jarige leeftijd. Hij kreeg 10 jaar;

Zjanna Waclawowa, haar zoon is gearresteerd op 16-jarige leeftijd. Hij kreeg 8,5 jaar;

Enzovoorts. Vijfendertig namen. En dat zijn alleen nog maar de namen van de mensen die ermee instemden de petitie aan de parlementariërs te ondertekenen.

Striemen

Sinds haar zoon gearresteerd is eet en slaapt Galina niet meer. Drie dagen mogen ze iemand vasthouden zonder tenlastelegging. Op de derde avond belt ze haar broer, samen rijden ze naar de vader van Maksim. Zwijgend kijken ze naar de klok. De deurbel gaat.

‘Aan zijn ogen zag ik meteen hoe laat het was. Ik hoefde niks te vragen. Ik gaf hem een handdoek toen hij onder de douche stond en zag dat zijn hele lichaam onder de blauwe striemen zat. Ze moeten hem op z’n nieren hebben geslagen. Op zijn lever. In zijn hals had hij kleine rode plekjes; later kwam ik erachter dat die van de taser [een stroomstootwapen] zijn.’ Ze besluiten geen klacht in te dienen. ‘Toen ik dat zag huilde ik in mijn kussen, maar het belangrijkste was dat ze me mijn zoon teruggaven.’

Maar de molens draaiden, ze riepen Maksim weer op voor een verhoor.

Andrej bekent meteen – hij gebruikte ook wel eens drugs, handelde er wat in. Bij Ilja wordt een rolletje vijfroebelbiljetten gevonden en een kaartje waarop – zo tonen experts aan – sporen van alfa-PVP worden aangetroffen, een stof die een vergelijkbare werking heeft als amfetamine.

Alleen tegen de Maksims hebben de militieagenten niets, maar dat sluit voor hen nog niet uit dat zij geen verdachte zijn, tenslotte gingen zij veel met die andere twee om.

‘Andrej verklaarde dat hij alles in zijn eentje deed. Maar de onderzoeksrechter wist dat als hij van hen een georganiseerde criminele groep maakte, hij een wit voetje zou kunnen halen bij zijn superieuren.’

Soms belt Galina Maksim P., om te horen hoe het met hem gaat. Hij is per slot van rekening halfwees, hij moet het in z’n eentje zien te redden. Hij nam een keer niet op, en toen maakte ze zich zorgen of alles wel in orde was met hem.

Op die dag wachtte Maksim P. tot zijn zuster naar haar werk in het winkelcentrum was gegaan, en hij alleen thuis was. Hij schreef drie brieven – aan zijn zuster, aan zijn vader en aan zijn vriendin (ze waren drie maanden samen). Of hij bang was? Galina zegt dat ze hem, de jongste van het viertal, tijdens het onderzoeksverhoor opsloten in een zogenaamde press-chata (waar een nieuweling onder handen wordt genomen door recidivisten). Overdag sloegen de militieagenten hem, ’s nachts hoorde hij wat een twintigjarige als hem in de gevangenis boven het hoofd hangt. Misschien had hij die beelden voor ogen, of misschien alleen de rust als hij zich van die beelden zou bevrijden.

‘Zelfmoord door het doorsnijden van de polsen’, noteerden de militie-agenten later.

Andrej, Ilja en Maksim Makarow krijgen vijftien jaar gevangenisstraf.

Nu gaan de moeders het internet op en leren nieuwe woorden kennen: zouten, kristallen, spices, mixjes om te roken

Ze zeggen dat ze voor de arrestatie een gewoon leven leidden: werken, boodschappen doen, ’s avonds voor de televisie. Zelfs als dat leven je een dronken man, een scheiding of een ziekte bracht, dat was allemaal je vertrouwde lot, en geen dreiging die je van je verstand berooft.

Nu gaan de moeders het internet op en leren nieuwe woorden kennen: zouten, kristallen, spices, mixjes om te roken – synthetische psychoactieve stoffen, in gewoon Nederlands namaakdrugs genoemd. Enkele jaren geleden konden sommige daarvan in Belarus nog legaal worden gekocht, na het presidentiële decreet nummer 6 worden ze beschouwd als drugs.

‘Dat houdt alleen maar in dat de handel erin is verplaatst naar het internet. Je hoeft maar als zoekterm in te typen: “Waar koop ik drugs in Minsk?” en meteen verschijnen er adressen van winkels’, aldus Elena, en ze laat een prijslijst zien die ze heeft afgedrukt van het internet: stad, naam van de drug, prijs. Haar zoon Kiryl zit al twee jaar in de gevangenis (hij kreeg negen jaar).

Verstopplaats – plaats waar de bestelde waar wordt verstopt. Dat kan een uitgeholde boomwortel in het bos zijn, een kuiltje in het veld buiten de ring van Minsk. Op de site van de winkel registreert de cliënt zich in een speciaal systeem, dat de gesprekken versleutelt; als je betaalt krijg je een kaart met de verstopplaats, waarin de drugs op je wachten.

Verstoppers – degenen die de handelswaar in de verstopplaats doen. Verstoppers zijn meestal jonge mensen die op het internet afkomen op oproepen om wat bij te verdienen. Zij lopen ook het vaakst tegen de lamp.

Irina, de moeder van Wladek, vertelt: ‘We hadden het thuis niet breed, en onze zoon zat op de middelbare school, hij wilde met zijn vriendin naar de bioscoop. Eerst werkte hij voor een bakkerij in de Komarowka-markthal, zwart, maar na een paar weken betaalde de eigenaar hem zijn loon niet uit.’

De Komarowka is een van de grootste markten van Minsk, met meer dan tweehonderd kramen, het is er druk van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat. ‘De jongen wist dat ze hem gewoon aan het lijntje hielden. Maar waar hij ook heen ging, het was overal hetzelfde liedje: werk zonder contract en een chef die allerlei smoezen verzint om niet te betalen’, aldus Svetlana, de zus van Irina en de peetmoeder van Wladek. ‘En toen las hij dat berichtje op Vkontakte, dat een winkel in aromatische mengsels om te roken koeriers zocht. Ze zijn juist op zoek naar kinderen, doen hun rechtstreeks een aanbod om samen te werken en schrijven dat alles legaal is.’

Misschien vermoedde Wladek dat dat niet helemaal waar was, want over zijn nieuwe baantje vertelde hij niks aan zijn ouders. De eerste zending verzorgde hij op 1 maart, ze arresteerden hem op 16 maart. Hij liep samen met zijn vriendin, Valerija, tegen de lamp. Ze waren zeventien en kregen tien jaar, omdat de onderzoeksrechter vond dat er sprake was van een georganiseerde criminele groep.

OPG – de Belarussische afkorting van Organizowanaja prestoepnaja groepa, ofwel Georganiseerde criminele groep

‘De kinderen krijgen tien, vijftien jaar, de onderzoekers een premie en goeie baantjes’

Loedmila legt een appel op tafel: ‘Ik zal je laten zien hoe onze kinderen een georganiseerde criminele groep vormen. Een appel is een winkel met drugs. De tweede appel is mijn zoon die voor verstopplaatsen zorgde. Het baantje vond hij via het internet, zoals allemaal.’ ‘En dit’, Loedmila legt naast de eerste appel nog meer appels, ‘zijn andere kinderen, die voor dezelfde winkel voor verstopplaatsen zorgden. De militie spoort een winkel op en pakt ze allemaal op. Ze zien elkaar voor het eerst in de rechtszaal, maar voor de rechter is het een georganiseerde criminele groep. De kinderen krijgen tien, vijftien jaar, de onderzoekers een premie en goeie baantjes.’

Haar zoon Artur, zit al vijf jaar in de gevangenis (hij kreeg dertien jaar).

‘En ik vraag dus: “Als het dan een georganiseerde criminele groep is, wie is dan de baas van deze business? Waar zijn de producenten, de laboratoria?”’, zegt Elena opgewonden. ‘De militie sluit een winkel op internet, maar onmiddellijk worden er tien andere geopend. En ze arresteren nog meer kinderen.’ De mensenrechtenactivisten stellen dat in deze oorlog die Loekasjenka heeft verklaard aan de drugs hoofdzakelijk kleine dealertjes en jongeren die voor eigen gebruik drugs kopen in de gevangenis belanden. Het recht zit zo in elkaar dat wie drugs koopt en het met vrienden deelt op een feestje, kan worden veroordeeld wegens distributie van verdovende middelen, waarop acht tot dertien jaar staat.

‘Tegen mijn zoon zeiden de militieagenten: “Je kunt nog beter iemand vermoorden”’, aldus Alla, de moeder van Aleksandr (veroordeeld tot veertien jaar).

Loedmila: ‘Het strafdossier van mijn zoon beslaat acht ordners, de rechter bladerde nog geen uur in. Toen de advocaat opstond om een vraag te stellen, zei hij: “Zitten!”’

Julia: ‘Voor ons was een proces van een man die zijn vrouw in elkaar had geslagen. Dat was een recidivist, hij was al twee keer veroordeeld. Nu had hij haar zo toegetakeld, dat ze twee maanden in het ziekenhuis had gelegen met hoofdwonden. Hij kreeg twee jaar en zes maanden, en mijn zoon tien jaar.’

150 gevangenen in een cel

Galina brengt haar zoon iedere maand een pakket: dertig kilo, meer mag niet.

In een emmer giet ze een liter gekookt water, thee, uienringen, brengt het op smaak met zout en suiker, en op de bodem legt ze stukken rauwe vis. Na drie dagen haalt ze de vis eruit en hangt deze op boven het fornuis om te drogen. Gezouten vis is lichter dan gekookte, er past meer in het pakket. Spek zout ze ook zelf, omdat dat goedkoper is. Voor zes roebel koopt ze een kilo rauw spek op de markt. Voor gezouten spek zou ze in de winkel twaalf roebel moeten betalen.

‘Het zijn jonge kerels, ze moeten eten, en wat krijgen ze daar te eten? De hele zomer hebben ze daar alleen gort gekregen. Dat heeft mijn zoon drie tanden gekost, zoveel steentjes zaten erin’, klaagt Galina en wikkelt het spek in papier.

‘Elke maand sturen we Maksim honderdtwintig roebel, meer mag niet. Ze werken in tweeploegendienst in een meubelfabriek, iedere maand krijgen ze dertig kopeken in de hand gedrukt. Honderdvijftig mensen slapen in een zaal. De britsen staan naast elkaar, vijfhoog, van de vloer tot het plafond. Ze hebben drie badkamers met z’n allen.’

Maksim heeft al twee keer straf gekregen wegens overtreding van het reglement, Een keer was hij op de grond gaan liggen in plaats van op zijn brits; hij had gezegd dat hij last had van zijn rug. Een andere keer had hij zijn kraagje niet dichtgeknoopt. Toen mocht hij zijn familie niet zien.’

‘Ik ben toen naar de directeur gestapt: “Ik wacht al een half jaar om mijn zoon te zien. Jullie hebben mij, zijn moeder, veroordeeld!”’

Een keer per week mogen ze telefonisch met hun kinderen praten, niet langer dan een minuut. 

‘Hij vertelt me niks, maar als hij ’s avonds in zijn kussen ligt te huilen, hoor ik dat, dat kun je niet uitleggen. Dat is je moederhart.’

Boeken

Een half jaar na de arrestatie van haar zoon heeft Julia Ostrowsko een uitgebluste blik, de wallen onder haar ogen verbergt ze met poeder. Ze is tien kilo afgevallen. Ze is gestopt met haar werk, ze heeft haar jongste dochtertje naar haar moeder in Wilejka gestuurd, honderd kilometer achter Minsk. Kamila mist haar broer, vraagt waarom hij geen afscheid is komen nemen toen hij ging studeren. Voorlopig heeft ze haar niet de waarheid verteld. ‘Ze hebben mijn zoon gevangengezet, maar het hele gezin wordt gestraft,’ zegt Julia.

‘Ik weet niet hoe ik me zo in de nesten heb gewerkt, mama’, schrijft Emil haar. ‘Zeg tegen mijn vrienden, want ik zal ze de komende tien jaar niet zien, dat ze geen stommiteiten begaan. En stuur me niks, alleen boeken.’

De militieagenten hadden bij hem thuis zijn telefoon en computer meegenomen (bij de halte had hij hun alle wachtwoorden gegeven). Ze hadden het berichtje gevonden dat hij had uitgewisseld met de internetwinkel die de namaakdrugs verkocht; daar bleek uit dat hij een pakje bij hen had opgehaald. Hij kreeg tien jaar voor de handel in drugs als lid van een georganiseerde criminele groep.

‘Het is niet bekend wat dat voor groep is, want verder hebben ze niemand opgepakt: noch een leider, noch andere leden van de groep. Ook geen enkele meerderjarige die deel uit zou maken van die groep, alleen mijn zoon.’

In de strafkolonie werkt Emil nu bij de recycling van metaal uit oude elektriciteitskabels. Volgens Julia worden die uit de zone van Tsjernobyl gehaald; geen enkel vrij persoon zou dat materiaal aanraken, maar de gevangenen halen ze uit elkaar met de blote hand. En wie er iets van zegt, gaat de isoleercel in. Ze wonen bijna onder de grond, in de cellen is het koud en vochtig, alleen een klein raampje onder het plafond laat wat licht binnen. Ze krijgen alleen maar waterige soep met stukjes aardappel.

Lees ook:

Een keer in de drie maanden krijgen ze bezoek, veertig minuten. Ze praten door een telefoonhoorn, de ouders aan de ene kant van het glas, de kinderen aan de andere kant, en achter in de zaal zit een cipier die met een schakelaar beslist welke cabine hij afluistert. Een keer per half jaar mogen ze elkaar zonder glas ertussen zien.

‘Als ik eruit kom, kan ik alleen de straat gaan vegen’, schrijft hij haar vertwijfeld.

Ze troost hem dat hij nog eindexamen kan doen. Ze neemt zijn boeken voor Engels mee. Ze schrijft naar de directeur van de gevangenis, naar de minister van Onderwijs om te vragen of haar zoon de hoogste klas mag afmaken en examen mag doen bij een commissie. Ze antwoorden dat het recht niet voorziet in de opleiding van gevangenen.

Tegenover haar zoon geeft ze niet toe dat ook zij last heeft van sombere gedachten. Als hij eruit komt, zal hij achtentwintig jaar oud zijn. Wie komt hij daar tegen, wat voor mens word je daar? Julia durft er niet over na te denken.

Hongerstaking

Galina is ervan overtuigd dat haar zoon onschuldig is. Ze heeft het over afgedwongen bekentenissen, manipulaties van de rechter, twijfelachtig bewijsmateriaal.

Er zijn ook moeders die erkennen: ‘Ja, onze kinderen hebben de wet overtreden’. ‘Maar geef ze dan drie jaar, en geen tien. Geef ze straf, maar pak hun leven niet af’, aldus Elena, de moeder van Kiryl.

Samen met de juridische adviseurs hadden ze een wetsvoorstel opgesteld om het wetboek van strafrecht te wijzigen. Belangrijkste eis: verlaging van de vonnissen. De parlementariërs die ze met het wetsvoorstel benaderden schudden hun hoofd: ‘We begrijpen het wel, maar er is niets aan te doen.’ Anderen zeggen ronduit: ‘In fatsoenlijke gezinnen laten kinderen zich niet in met drugs.’ Nu worden ook de moeders veroordeeld dat ze hun kinderen hebben opgevoed tot slechte mensen.

Ik vraag naar de vaders: strijden zij ook voor hun zoons?

‘Ze zijn bang’, zegt Marina. ‘Die van mij zei: “Als vrouwen de straat opgaan krijgen ze een boete. Maar wij worden in elkaar geslagen door de militie”’.

‘Ze moeten geld verdienen’, voegt Irina eraan toe. Zij werkt op het consultatiebureau voor autistische kinderen, haar man is chauffeur. Elke avond vraagt hij haar met vermoeide stem, hoeveel ze nog nodig hebben voor de advocaat. Ze vonden het verstandiger niet allebei met de autoriteiten overhoop te liggen.

‘Maar er is er eentje’, zegt Elena, ‘een jurist uit Grodno. Hij zit urenlang op internet en zoekt alles uit: wie richt de bedrijfjes op, waar komt het geld vandaan, hoe de banken er geld aan verdienen. We hebben een document met de resultaten van zijn onderzoek, maar helaas zijn de autoriteiten er niet in geïnteresseerd.’

In april 2018 gingen de moeders in hongerstaking. Zeven hongerden in een datsja in de buurt van Kalinkowitsje, in het district Homel, zeven bij Poechowitsje onder Minsk. ‘Ze gaven ons geen vergunning om te protesteren in de stad, maar in mijn datsja, wie zal het ons verbieden?’ zegt Elena.

De grond was nog koud: ze namen warme slaapzakken mee, zetten tenten op.

Om iets te doen te hebben, pootten ze de eerste dag aardappelen. Er zoemde iets boven hun hoofd. Een drone, de KGB? Elena haalde haar schouders op en groef verder in haar tuintje.

Er kwamen journalisten, vertegenwoordigers van ngo’s. ‘Ik werd gedwongen om de keuken uit te komen en oppositielid te worden’, zei een moeder in Poechowitsje tegen het tv-kanaal Belsat.

‘Dehydratie, tachycardie’, verklaart de arts. ‘Als u wilt blijven leven moet u onmiddellijk ophouden met uw hongerstaking’ 

Het huisje van Elena is het laatste huis van het dorp, verder zijn er alleen velden en weilanden, er is geen mens te zien. Als iedereen weer weg is, praten de moeders over hun kinderen, dan is het gemakkelijker de honger te vergeten.

Op de tiende dag valt Loedmila flauw, de oudste van allemaal (64 jaar). Ze geven haar water met honing, dat helpt een beetje, maar dan beginnen de problemen met haar hart dat verschrikkelijk tekeer gaat in haar borst.

‘Dehydratie, tachycardie’, verklaart de arts. ‘Als u wilt blijven leven moet u onmiddellijk ophouden met uw hongerstaking.’ 

Bij Poechowitsje blijven er nog zes hongerstaaksters over; ze zeggen steeds minder, ze gaan steeds meer op het gras liggen. Ze hebben last van duizelingen, misselijkheid en problemen met hun nieren.

Op de veertiende dag gaat de telefoon: ze bellen van het kabinet van de president, dat ze bereid zijn om te praten. De groep uit Kalinkowitsje krijgt een onderhoud; Natalja Katsjanowa, chef van het kabinet van Loekasjenko, ontvangt de moeders. Ze belooft hun dat er nog dit jaar over project Moeders 328 zal worden gedebatteerd in het parlement.

‘Ze hebben ons voorgelogen’, zegt Elena. ‘Alleen om ervoor te zorgen dat we onze hongerstaking beëindigen.’

Roosjes van crème

Op kerstavond is Galina naar de kerk gegaan, ze heeft de tafel gedekt. Dit was al het vierde jaar dat ze met Wiktor Wladimirowicz tegen de lege stoel van Maksim aankeek. Bij het laatste bezoek heeft ze iets raar aan hem gemerkt, zegt ze terwijl ze haar tranen wegslikt. Maksim zat achter het glas en krabde zich aan zijn bovenbenen, heel mechanisch, keer op keer. Zijn ogen waren heel onrustig, alsof hij iets zocht. ‘Jongen, wat is er toch met je?’ vroeg ik. ‘Toen pas drong het tot hem door, hield hij op met krabben en keek hij me met zo’n verwonderde blik aan. Ik ben bang dat hij psychisch al erg veranderd is.’

Julia organiseerde een feestje voor Emils achttiende verjaardag: er was taart met roosjes van crème, champagne, er kwamen vrienden, familie. De kaarsjes bliezen ze met z’n drieën uit: zij, haar zuster Emila en zijn vriendin Palina. Ze stuurden hem in de strafkolonie een foto met de tekst: ‘We wachten op je’.

Wanneer we afscheid nemen, krijgen ze net bericht: in de strafkolonie heeft een meisje van zestien, dat op grond van artikel 328 was veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf, zelfmoord gepleegd.

Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.