• Financial Times
  • Cultuur
  • ‘Made in Holland’: de Nederlandse klokkenluider die de Pakistaanse bom probeerde te stoppen

‘Made in Holland’: de Nederlandse klokkenluider die de Pakistaanse bom probeerde te stoppen

Frits Veerman | Foto: Getty
Financial Times | Londen | Simon Kuper | 24 november 2020

Frits Veerman probeerde de Nederlandse autoriteiten herhaaldelijk te waarschuwen voor de verdachte activiteiten van zijn collega Abdul Khan. Hij werd genegeerd en uiteindelijk ontslagen. In een onlangs verschenen rapport komt de ware toedracht boven tafel.

Begin jaren zeventig deelde de Nederlandse technicus Frits Veerman een groot bureau in een lab in Amsterdam met een charmante Pakistaanse wetenschapper genaamd Abdul. Op een dag zei Veerman dat hij graag Pakistan zou willen bezoeken. Hij vroeg of hij een paar nachten bij het gezin van zijn collega mocht logeren. Abdul – wiens volledige naam Abdul Qadeer Khan luidt – antwoordde dat de Pakistaanse regering zijn reis zou betalen. Op dat moment begon Veerman te vermoeden dat Khan eropuit was Nederlandse nucleaire geheimen te stelen.

Alles wees erop. Veermans was fotograaf en hij had ooit dagen achtereen met Khan doorgebracht om ultracentrifuges te maken, de apparaten die werden gebruikt ter verrijking van uranium. Hij had tekeningen van centrifuges en geheime rapporten in Khan’s woonkamer zien liggen. En Khan vertrouwde hem ooit toe dat zijn grote gouden ring zijn ‘zakcentje [was] voor als ik ooit snel ergens heen moet’.

Hoe voelde Veerman zich toen hij begreep hoe het zat? ‘Bang,’ antwoordt hij. Hij is nu in de zeventig, met kort donker haar en een bril zonder montuur, en eet pasta op het terras van een restaurant in Antwerpen, België, waar we elkaar ontmoeten. Als je zijn beroep zou moeten raden, zou je zeggen: gepensioneerd technicus. Hij is een Nederlander uit de provincie, wiens leven vanwege nucleaire spionage ontspoorde.

Als er toen of later naar hem was geluisterd, was de wereld misschien een nachtmerrie bespaard gebleven

Veerman probeerde Khan in 1973 voor het eerst aan te geven bij de Nederlandse autoriteiten. Hij kwam niet verder dan een secretaresse. Als er toen of later naar hem was geluisterd, was de wereld misschien een nachtmerrie bespaard gebleven. Maar Khan mocht in 1975 Nederland verlaten en Europese leveranciers blijven bezoeken. Ook de Amerikaanse Central Intelligence Agency hield hem niet tegen. Khan bouwde uiteindelijk de Pakistaanse atoombom en verkocht de technologie aan Iran, Noord-Korea en Libië.

In januari dit jaar verplaatste het Bulletin of Atomic Scientists de Doomsday Clock naar 100 seconden voor middernacht, de laatste stand sinds de oprichting in 1947. De klok symboliseert het risico dat de mens uitsterft. Het Bulletin citeerde bedreigingen, waaronder ‘een hernieuwde nucleaire wapenwedloop … de verspreiding van kernwapens en … verlaging van de barrières voor een nucleaire oorlog’, waarbij mogelijk Khans klanten Noord-Korea en Iran betrokken zouden zijn.

Nadat Veerman de klok luidde, raakte hij zijn baan kwijt. Door een rapport van het Huis voor Klokkenluiders, de nieuwe Nederlandse autoriteit op dit gebied, werd hij begin juli eindelijk van blaam gezuiverd. Het rapport verklaart bovendien waarom hij en niet Khan werd gestraft.

‘Boeven en misdadigers’

Khan is nu 84 en leeft onder onofficieel huisarrest in Pakistan, waar zijn relatie met de autoriteiten al lange tijd wisselvallig is. Tijdens zijn beperkte bewegingsvrijheid wordt hij begeleid door veiligheidsfunctionarissen, eventuele bezoekers aan zijn woning worden vooraf gescreend.

Hij werd in 1936 geboren in Bhopal, Brits-Indië, als zoon van een islamitische hoofdonderwijzer. Als kind zag hij hoe treinen tijdens de opdeling van India in 1947 lijken vervoerden van moslims die tijdens sektarische gevechten waren omgekomen, schrijven Douglas Frantz en Catherine Collins in hun boek The Nuclear Jihadist. Khan verliet India in 1952, na het afronden van de middelbare school. Tijdens zijn eigen treinreis stal een Indiase politieagent zijn gouden pen. ‘Hindoes zijn boeven en misdadigers’, schreef de jonge Khan aan een vriend. ‘Ze dromen ervan Pakistan te vernietigen en een ​​verenigd India te creëren.’

De Nederlanders hadden geen atoombommen en de verrijking was bedoeld voor vreedzame kernenergie

In 1961 ging hij studeren in Berlijn, in 1963 stapte hij over naar de Nederlandse technische universiteit in Delft om metallurgie te studeren. Terugkijkend zei hij: ‘Van alles wat ik weet en heb geleerd, dank ik het meeste aan Delft.’ Na Delft promoveerde hij in Leuven, België. In 1971 verloor Pakistan een oorlog met India en werd de nieuwe staat Bangladesh uit het Pakistaanse grondgebied gehouwen. Khan huilde, volgens Frantz en Collins. Een jaar later trad hij als metallurgisch wetenschapper toe tot FDO, het lab van het industriële bedrijf VMF.

FDO ontwierp ultracentrifuges om uranium te verrijken. De Nederlanders hadden geen atoombommen en de verrijking was bedoeld voor vreedzame kernenergie. Maar als het uranium verder werd verrijkt, was het heel geschikt om bommen van te maken.

De FDO gaf aan dat Khan niet aan ultracentrifuges zou werken en merkte op dat de familie van zijn vrouw Nederlands was. De Nederlandse inlichtingendienst, toen nog Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) geheten, verdacht hem daarom niet van geheim werk. En zo werden Khan en Veerman – destijds technisch fotograaf – in 1972 kantoorgenoten. FDO was gevestigd in een oud pakhuis van de VOC. Veerman was onlangs uit de kelder opgedoken, waar hij vier jaar in zijn eentje had gewerkt om de details van de ultracentrifuge, die uit zes cilinders bovenop elkaar bestond, verder te perfectioneren. Het was een hele kunst om ze te laten draaien, vertelt hij liefdevol.

Frits Veerman – © Getty

Veerman werd in 1944 geboren in Huizen, een dorp waar iedereen elkaar al eeuwen kent. Hij woont er nog steeds: vanuit zijn tuin heeft hij uitzicht op zijn ouderlijk huis. Zijn moeder, een Duitse, verhuisde voor de oorlog naar Nederland. Door de bezetting van Hitler schaamde ze zich voor haar nationaliteit. 5 mei ‘was geen gelukkig moment in de familie Veerman’, herinnert hij zich. Zijn grootmoeder van vaderskant noemde hem ‘een rotmof’.

Joris van Wijk, een tv-producent die aan een serie rond Veerman werkt, zegt hierover: ‘Nederland was na de oorlog een onvriendelijke plek voor kinderen met een Duitse moeder. Frits zal het moeilijk hebben gehad. Het moet de ontwikkeling van zijn sociale vaardigheden hebben beïnvloed. Hij woonde tot in de dertig bij zijn ouders.’

Op bezoek aan de familie van zijn moeder hoorde Veerman verhalen over familieleden die vastzaten in Oost-Duitsland, en ontmoette hij anderen met een twijfelachtig oorlogsverleden. Eerder dan de meeste Nederlanders leerde hij dat er vreselijke dingen waren gebeurd. Dat maakte hem extra voorzichtig toen hij in aanraking kwam met nucleaire geheimen.

Hij had altijd een talent voor wetenschap gehad. Als arbeidersjongen bezocht hij technische scholen. FDO was zijn droombaan, de universiteit die hij nooit had gehad, ‘een speeltuin voor hobbyisten van hoog technisch niveau’, zegt hij. Hij bouwde zijn eigen telescoop op het werk. Hij leerde graag van afgestudeerde collega’s. Maar die verwachtten meestal dat hij koffie zou zetten.

Oer-Hollands

Khan was anders. Abdul, zoals Veerman hem nog steeds noemt, was vriendelijk, knap, goedlachs en hij sprak goed Nederlands. Een Pakistaan was in de jaren zeventig in Nederland een exotisch wezen. Veerman bracht Khan kaas uit Huizen. Op rustige middagen speelden ze tennis op de banen van de FDO, aan de rivier. Ze bezochten elkaar thuis: Khan woonde in een oer-Hollands bakstenen rijtjeshuis, vlak bij Schiphol.

FDO maakte ultracentrifuges voor Urenco, een bedrijf met een fabriek in Almelo, waarvan de vermeende saaiheid dankzij komiek Herman Finkers beroemd werd: ‘Een stoplicht springt op rood, een ander weer op groen. In Almelo is altijd wat te doen.’ Khan had er zeker wat te doen.

Toen Veermans vermoedens over Khan steeds meer vorm aannamen, wist hij aanvankelijk niet wat hij moest doen. Khan was zijn meerdere. De baas van Veerman kende Khan al sinds Delft. Uiteindelijk ging Veerman naar een telefooncel in de Czaar Peterstraat in Amsterdam en belde de directeur van Ultra-Centrifuge Nederland, die toezicht hield op de Nederlandse ultracentrifuges. Zijn secretaresse antwoordde. Omdat ze Veerman niet wilde doorverbinden met de directeur, vertelde hij haar zijn vermoedens. Ze zei dat ze het zou doorgeven. Later, toen hij niets meer hoorde, belde hij opnieuw, en weer zonder succes.

Terugkijkend mijmert hij: ‘Ik had daarheen moeten gaan en aan moeten bellen om het aan de directie te vertellen. Dan was het allemaal anders afgelopen. Maar ik was toen niet zo brutaal.’ Hij uitte zijn zorgen tegenover hooggeplaatsten bij FDO, maar ook die toonden weinig interesse.

Ondertussen was Khan bij Urenco gaan werken, waar hij ondanks een gebrek aan de juiste veiligheidsmachtiging ongestoord door de fabriek kon dwalen. Niemand leek het erg te vinden. Het was Koude Oorlog en Nederlanders keken uit naar snuffelende Sovjets, niet naar Pakistanen.

Maar ook op het Indisch subcontinent was al van alles gaande. In mei 1974 testte India haar eerste kernwapen. Khan schreef Pakistaanse functionarissen en bood aan om te helpen bij de bouw van de ‘islamitische bom’. In september besloot toenmalig premier Zulfikar Ali Bhutto de gok te wagen. De Pakistaanse ambassade in Den Haag nam contact op met Khan. Zijn werkgevers vroegen hem om Duitse documenten waarin een nieuwe centrifuge werd beschreven in het Nederlands te vertalen. Hij werkte voor de ‘brain box’ in Almelo, waar de meest gevoelige informatie van de fabriek werd bewaard. Hij was goed op weg.

Maar inmiddels werd hij ook door anderen verdacht. Een Pakistaanse diplomaat die onderdelen bij leveranciers van Urenco bestelde, viel het op dat sommige bestellingen dezelfde specificaties hadden als die van Urenco. In oktober 1975 volgden Nederlandse BVD-agenten Khan op een nucleaire beurs in Basel, waar hij verkopers uithoorde over kernwapens.

De eerste monumentale fout

Dat is het moment waarop Khan kon worden gestopt. De BVD maakte plannen om hem toen hij op een ochtend op zijn werk kwam te arresteren, schrijven Frantz en Collins. Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken ging akkoord. Maar Ruud Lubbers, toenmalig minister van Economie, was tegen: een schandaal kon de hightechsector schade toebrengen.

De Nederlanders informeerden de CIA over Khan, zoals Lubbers in 2005 aan de Japanse tv vertelde. De Amerikanen waren tegen de nucleaire ambities van hun Pakistaanse bondgenoten. Desalniettemin heeft de CIA de BVD ervan weerhouden Khan te arresteren. De Amerikanen wilden hem in de gaten houden om de nucleaire aankopen van Pakistan en de geheime nucleaire leveranciers van Europa te volgen.

Deze beslissing in 1975 was ‘de eerste monumentale fout’, zegt Robert Einhorn, die in de regeringen van Clinton en Obama op de non-proliferatieafdeling werkte.

De Amerikanen verzochten de Nederlanders ‘om hen volledig te informeren, maar geen actie te ondernemen’, herinnert Lubbers zich, lachend. Hij vond het ‘een beetje raar’, zegt hij, maar hij dacht: ‘Oké, het is hun zaak.’ De wereld beschermen tegen nucleaire proliferatie voelde niet als een Nederlandse verantwoordelijkheid. Nederland was er enkel opuit om zaken te doen. De CIA hield Khan tientallen jaren in de gaten.

Op 15 december 1975 vloog hij met zijn vrouw, dochters en blauwdrukken van centrifuges naar Pakistan

De FDO vertelde Khan niet dat hij werd verdacht. Onder het mom van promotie kreeg hij een nieuwe baan. Zijn bezoekjes aan Almelo werden stopgezet. Misschien dat hij zich toen realiseerde dat er iets niet in de haak was. Op 15 december 1975 vloog hij met zijn vrouw, dochters en blauwdrukken van centrifuges naar Pakistan, op verlof. Kort daarna nam hij vanuit Pakistan ontslag bij de FDO.

Lekkere kip

Op 15 januari 1976 stuurde Khan Veerman een handgeschreven brief in het Nederlands vanuit Karachi. Het begin luidde als volgt:

Beste Frits, Het is nu bijna een maand geleden dat we uit Nederland vertrokken en langzamerhand begin ik de lekkere kip te missen. Elke middag denk ik: laat ik Frits eens vragen of hij zin heeft om kip te eten!

In de brief werd hem vervolgens gevraagd om Khans vrouw Henny (die vermoedelijk terug in Nederland was om de bezittingen van de familie op te halen) op zaterdagochtend te helpen de inhoud van zijn kluisje bij de FDO in een kartonnen doos te stoppen. Veerman deed dit niet. Hij wist dat het kluisje vol zat met tekeningen en onderdelen van ultracentrifuges. In zijn brief werd hij ook verzocht een ​​Pakistaans visum aan te vragen. Het leek erop dat Khan zijn hulp nodig had bij het voltooien van het Pakistaanse Project 706: de bom in handen krijgen. Tv-producent Van Wijk: ‘Ik denk dat Khan Frits’ genialiteit erkende.’

In september 1976 organiseerde de FDO een vergadering over Khan. Veerman vertelde zijn collega’s dat hij vermoedde dat Khan een spion was. De FDO lijkt geen onderzoek te hebben gestart of maatregelen te hebben genomen, volgens het Huis voor Klokkenluiders.

Later vertelde Veerman BVD-agenten over de acties van Khan. Maar ook daar kregen zijn verhalen geen gehoor. Binnen de FDO was men blij toen een leidinggevende van een bezoek aan ex-werknemer Khan in Pakistan terugkeerde met opdrachten. Pakistaanse technici begonnen FDO te bezoeken voor wat Veerman ‘een cursus ultracentrifuge bouwen’ noemt.

Straf

Klokkenluiders worden vaak gestraft. Het rapport van de Nederlandse autoriteit is vanwege de tijd die is verstreken terughoudend, maar noemt het ‘aannemelijk’ dat dit ook in Veermans geval zo was. Kort nadat hij zich had uitgesproken, degradeerde de FDO hem tot kopieerwerk. Toen hij Khan schreef, om zich hierover te beklagen en kaas te sturen, toonde Khan zich meelevend. In 1977 schreef Khan opnieuw:

Beste Frits, Strikt vertrouwelijk, ik verzoek je om hulp. Ik heb de volgende informatie dringend nodig voor ons onderzoeksprogramma: 1. Etsen van assen (a) Potentieel hoeveel volt? 2. Lagere absorber Kun je zorgen voor een hele CNOR lagere absorber? Wil je alstjeblieft mijn hartelijke groeten overbrengen aan Frencken en proberen [er een] voor mij te bemachtigen. [Etcetera]

Khan voegde hieraan toe dat er ‘veel fotowerk’ voor Veerman in Pakistan was, en beloofde: ‘Je zult zeker een goede tijd hebben en er geen spijt van krijgen (. . .) Schrijf alsjeblieft niet je eigen adres op de envelop als je mij schrijft. In plaats van mijn naam zet je gewoon “mevrouw Khan” of gewoon Henny erop, en dan het huisadres.’

Veerman reageerde niet op de brief. Hij liet hem aan zijn bazen zien, die hem verzochten de brief te vernietigen. Hij bewaarde hem in zijn kluis. In 1978, op de dag dat Veerman terugkwam van zijn huwelijksreis, overhandigde een postbode hem een ​​telegram van de FDO met de mededeling dat hij ontslagen was. De opgegeven reden luidde dat het fotografiewerk was opgedroogd.

Waarom werd Veerman echt ontslagen? Een voormalig Nederlandse veiligheidsonderzoeker, die de zaak-Khan al sinds 1979 behandelt, vertelde de klokkenluidersinstantie dat Veerman ‘geofferd’ was omdat hij niet ophield met praten. De beveiliging van de FDO was laks geweest, Nederland en de hightechsector waren in verlegenheid gebracht, de betrokkenen wilden niet dat het verhaal de media of andere landen bereikte en de junior medewerker moest zijn mond houden. Dit is wat Veerman altijd al vermoedde.

Geen enkel ander Nederlands technologiebedrijf wilde hem nog aannemen. Is Veerman bitter? De vraag lijkt hem te verbazen. Hij heeft geen groot emotioneel vocabulaire. ‘Het is niet zo dat ik er de hele dag om huil. Er is mij een groot onrecht aangedaan, maar ik denk er niet veel over na. Als zoiets gebeurt, moet je een afweging maken en doorgaan.’

Nu het klokkenluidersrapport er is, is Veerman van plan compensatie van de Nederlandse staat te eisen en van de huidige incarnatie van FDO’s voormalige holdingmaatschappij, VMF-Stork (FDO sloot in 1992). Het huidige Stork, dat nu uit een heel andere groep werkmaatschappijen bestaat, zegt ‘volledig te hebben meegewerkt aan het onderzoek [van het Huis voor Klokkenluiders], ook al is deze zaak van heel lang geleden. . . Het huidige Stork kan niet worden beschouwd als de werkgever van de heer Veerman, zo bevestigt het rapport van de Autoriteit.’

‘Het grootste geluk van mijn leven’

Veerman bleef ondertussen lucratieve aanbiedingen ontvangen. ‘Ik had 500.000 gulden van Abdul kunnen krijgen als ik had gewild’, mijmert hij. Hij vertelt dat diplomaten uit Iran, Irak en andere landen in het Midden-Oosten hem thuis hebben gebeld en hem een ​​visum voor bezoekers hebben aangeboden. Uiteindelijk verzocht hij om een ​​geheim telefoonnummer.

Zijn leven nam een andere wending. Toen hij een werkloosheidsuitkering aanvroeg, trof hij bij de plaatselijke socialezekerheidsdiensten een puinhoop aan. Hij vroeg naar de manager, die hem uiteindelijk een baan aanbood tegen een twee keer zo laag salaris als hij bij de FDO verdiende. Toch zegt hij: ‘Het was het grootste geluk van mijn leven dat ik daar ben beland.’ Hij bleef er tot zijn pensionering – weliswaar niet ‘de schitterende carrière waarvan ik had gedroomd’, maar hij genoot van het werk.

In zijn eerste weken daar werd hij nog regelmatig bezocht door BVD-agenten. ‘Waar gaat dit over?’ vroeg zijn baas. ‘Nucleaire bommen,’ zei Veerman dan. Agenten bezochten ook zijn huis en ondervroegen hem ooit in zijn slaapkamer terwijl het gezin zijn verjaardag vierde. De BVD suggereerde dat hij vervolgd kon worden als Khans medeplichtige. (Veermans verzoek om inzage in zijn BVD-dossier is afgewezen.)

Ondertussen vloog Khan regelmatig naar Brussel en reed daarna naar nabijgelegen landen om leveranciers en wetenschappers te bezoeken. De BVD ondernam geen actie, zelfs niet toen de Nederlandse zakenman Nico Zondag in 1977 meldde dat Pakistan producten zocht om een ​​atoombom te bouwen. Een Nederlandse ambtenaar van het ministerie van Buitenlandse Zaken schreef in 1984 in een memo dat de export naar Pakistan doorging, ‘inclusief essentiële bomcomponenten die om welke reden dan ook niet konden worden geblokkeerd’.

Toen hij zei dat hij zich zou blijven uitspreken, snauwde een directeur van de FDO dat hij door zijn uitspraken was ontslagen

Khan zei in 1987 dat Europeanen enthousiaste verkopers waren: ‘Mensen achtervolgden ons met cijfers en details van apparatuur die ze hadden verkocht aan Almelo en Capenhurst [de Britse afdeling van een andere Urenco-fabriek]. Ze smeekten ons letterlijk om hun uitrusting te kopen.’ Er waren in die tijd weinig beperkingen op dergelijke export. Als een item problemen zou kunnen opleveren, was het de kunst de bestemming te verbergen door het door een onschadelijk derde land te leiden.

In 1983 werd Veerman opgeroepen voor een bijeenkomst in de Bijlmergevangenis. Daar, zo vertelde hij later aan de klokkenluidersautoriteit, bevolen regeringsfunctionarissen hem te zwijgen over Khan ‘omdat de internationale betrekkingen en reputatie van Nederland in gevaar waren, evenals de belangen van de Nederlandse industrie’. Toen hij zei dat hij zich zou blijven uitspreken, snauwde een directeur van de FDO dat hij vanwege zijn uitspraken was ontslagen – waarmee de dekmantel van het bedrijf was ontmaskerd.

Veerman stapte vanaf de vergadering rechtstreeks naar een Nederlandse krant, maar trok zich daarna terug in zijn baan bij de sociale zekerheid en decennialang was er in het openbaar nauwelijks iets over hem te horen. Hij werd op een internationale watchlist geplaatst en jarenlang door de autoriteiten ondervraagd wanneer hij naar het buitenland reisde. Tijdens een familievakantie in Italië werd zijn auto aangehouden door gewapende politie.

In 1983 veroordeelde Nederland Khan tot vier jaar gevangenisstraf wegens het zoeken naar geheime informatie. Het belangrijkste bewijs waren zijn brieven aan Veerman. Khan was beledigd en klaagde volgens zijn biograaf Zahid Malik dat twee van de rechters Joods waren. Later werd zijn vonnis vernietigd omdat hij de dagvaarding niet had gekregen. De Nederlanders staakten daarna de vervolging van de ernstigste misdaad die op hun grondgebied was gepleegd sinds de Tweede Wereldoorlog. Het ministerie van Justitie gaf later toe dat het juridische dossier van Khan was verdwenen.

Lubbers, die in 1982 premier werd, wilde dat Khan gearresteerd werd, maar kreeg te horen dat hij het ‘aan de [inlichtingen]diensten moest overlaten’. Terugkijkend zei hij tegen de Argos-radioshow: ‘Washington wist ongetwijfeld alles, hoorde alles. Er is een open lijn tussen Den Haag en Washington (…) Het was erg dom.’ Khan mocht herhaaldelijk naar Nederland terugkeren, onder meer voor een bezoek aan zijn stervende schoonvader in 1992.

Ze beseften ook te laat dat Khan een nucleaire supermarkt geopend had en starterkits aanbood aan veel landen

De voormalig directeur van de centrale inlichtingendienst van de CIA, George Tenet, pochte eens: ‘We waren in [Khan’s] woning, in zijn huis, in zijn kamers.’ Toch misten de Amerikanen veel, deels omdat ze verwachtten dat Pakistan een bom zou wilde die gemaakt was met plutonium in plaats van uranium. Ze beseften ook te laat dat Khan een nucleaire supermarkt geopend had en starterkits aanbood aan veel landen, waaronder Syrië en Saoedi-Arabië. Tientallen jaren na zijn vertrek uit Nederland kocht hij nog steeds Nederlandse kennis door. Hij werd rijk. In 1998 werd hij bovendien gevierd als ‘Mohsin-e-Pakistan’ (Redder van Pakistan), nadat het land op een testlocatie zes atoombommen had laten ontploffen.

Het bewijs van de verkoop kwam naar voren in 2003, toen de Amerikaanse marine een schip onderschepte dat nucleaire technologie vervoerde van een van zijn fabrieken naar Libië. Later overhandigden de Libiërs de Amerikanen twee plastic zakken (met de namen van een kleermaker in Islamabad en een stomerij erop) met bomontwerpen. In 2004 bekende Khan live op televisie dat hij de technologie had overgedragen aan Libië, Iran en Noord-Korea. Tegen die tijd konden de VS zijn straf niet eisen, aangezien Pakistan een bondgenoot was in de ‘oorlog tegen terreur’.

Ondertussen gaf de Nederlandse regering in 2004 toe dat er Iraanse centrifuges waren gezien die gebruikmaakten van ‘Urenco-technologie uit de jaren zeventig’. De centrifuges van Pakistan waren vergelijkbaar. Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken zei tegen Financial Times: ‘Nederland hecht veel belang aan het non-proliferatieverdrag en het voorkomen van proliferatie. Nederland heeft niet actief bijgedragen aan ongewenste verspreiding van kennis.’

Uit de gratie


Khan trok zijn bekentenis later in. Enkele jaren kreeg een Amerikaanse documentairemaker Veerman zover om zijn oude vriend te bellen. Khan, die het vervelend vindt om als een gewone spion te worden neergezet, zei tegen hem: ‘Frits, jij bent de grootste leugenaar die er is.’ Khan is nu uit de gratie bij de Pakistaanse regering. Personeel van de veiligheidstroepen, dat in het naastgelegen huis is geïnstalleerd, verhindert hem om zijn familieleden, vrienden en advocaten te ontmoeten, klaagde hij vorige maand tijdens zijn beroep tegen het Pakistaanse Hooggerechtshof.

Hoe ziet Veerman hem nu? Veerman denkt na en zegt dan: ‘Hij heeft zijn land geweldige diensten bewezen. Volgens mij werkte hij als spion. Dat betekent niet dat ik vijandig tegenover hem sta. Toen we samen tijd doorbrachten, vond ik hem een aardige man.’

Over zijn eigen land oordeelt Veerman harder: ‘Als Iran er ooit in slaagt Israël te vernietigen, kunnen ze op de wapens “Made in Holland” zetten.’

Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.