• Reader
  • Spoken uit een oorlogsverleden

Spoken uit een oorlogsverleden

| 07 januari 2020

Afghanistan-veteraan Bryan Box kon niet meer wennen aan het hectische leven en vond zijn redding als boswachter. Maar ook in het Wisconsinse woud laten zijn overleden vrienden hem niet met rust.

© Casey Horner / Unsplash
© Casey Horner / Unsplash

Elke ochtend begin ik mijn dienst door mijn boswachtersuitrusting aan te trekken. Het is minder zwaar dan mijn plunje in Afghanistan, met verf en al weegt het misschien een kleine twintig kilo. In plaats van het feloranje vest dat mijn collega’s dragen, trek ik nog altijd mijn oude legervest aan, dat ik destijds over mijn uniform droeg. In het munitievakje zit nu de Relascope die ik gebruik om boomhoogtes te meten, en in de zogeheten dump pouch zit mijn clipboard met datakaartjes, en ook kan ik er de wilde paddenstoelen en uien in kwijt die ik onderweg verzamel. Dan nog de verfspuit en de container met een kleine twintig liter verf op mijn rug gespen en ik kan op pad.

Soms moet ik denken aan het bloed op mijn vest. Je ziet het niet meer; al mijn spullen zitten tegenwoordig onder de boommarkeringsverf. We gebruiken verf op waterbasis om dennen te markeren, en olieverf voor hardhout. Op de schors van hardhoutbomen blijft de verf op waterbasis nog een paar jaar zichtbaar. Tijdens een vuurgevecht kwam er bloed van mijn beste vriend op mij. Zijn vingertop was geraakt door iets onbenulligs, maar omdat het tijdens een vuurgevecht was gebeurd, zou het leger zijn familie op de hoogte stellen, die natuurlijk zou flippen, al ging het om nog zoiets eigenaardigs. De verffabrikant gebruikt citrusolie, dus aan het einde van de dag ruikt mijn baard als een sinaasappel, door de verfnevel. We hebben onze onderofficieren niet verteld dat mijn vriend gewond was geraakt. Hij is inmiddels vijf jaar dood. Hij heeft zich door het hoofd geschoten.

Vrede met god

Na zes jaar aan de overkant van de oceaan kon ik niet meer wennen aan het hectische leven in de zogeheten aaneengesloten staten van Amerika, dus ben ik vertrokken naar Alaska. Ik ben bosecoloog geworden met het idee onderzoek te gaan doen en zo te zorgen dat de wereld een betere plek wordt om te vertoeven. Maar al snel kwam ik tot de ontdekking dat alles zinloos is als de beleidsmakers zich niets aantrekken van je bevindingen. Vorig jaar werd me duidelijk dat ik zelf een stem moest zien te krijgen in het beheer en heb ik gesolliciteerd op een baan bij het bosbeheer in Wisconsin. Het duurde anderhalf jaar voor ik eindelijk een afspraak kon krijgen bij Veteran Affairs, vanwege traumatisch hersenletsel en posttraumatische stress. De arts probeerde verschillende soorten medicijnen bij me uit. Bij een daarvan leek het echt alsof ik een hartaanval kreeg. Ik voelde dat mijn laatste uur had geslagen en sloot vrede met God, op de vloer van mijn hut. Toen ik diezelfde arts daarna weer sprak, zei hij dat ik maar moest gaan roken om mijn onrust in te tomen. Tegen mijn andere symptomen kon hij weinig uitrichten, zei hij.

Ik bracht mijn dagen door in de secundaire bossen van Wisconsin, waar ik de houtverkoop bijhield en bomen markeerde voor de kap. Het duurt lang voordat een oud bos zich heeft hersteld, en ik probeer dat proces zo veel mogelijk te faciliteren door waar mogelijk de oude boomsoorten te ontzien. Ik hoop dat mijn nakomelingen later, misschien over honderd jaar, door dit bos zullen lopen en tevreden zullen zijn over wat ik heb gedaan. De arts van Veteran Affairs bij wie ik daarna terechtkwam, wierp een blik op mijn geneesmiddelenallergieën en liet weten dat ik in zijn ogen gewoon een junk was die hoopte Xanax te scoren. Dus kauw ik als een bezetene nicotinekauwgom om de scherpe kantjes eraf te halen.

‘In 2014 pleegden binnen een periode van zes weken drie van mijn vrienden zelfmoord’

Elke boswachter drukt zijn eigen stempel op het bos, door de keuze van de bomen die hij laat kappen en de bomen die hij laat staan. Na die laatste afspraak wist Veteran Affairs het ook niet meer en liet me aan mijn lot over. In mijn team zit iemand die bomen met holtes erin laat staan voor de vleermuizen en de vogels, en een ander die het liefst bepaalde soorten spaart, zoals de Amerikaanse linde, waar de dieren makkelijk een holletje in kunnen maken en die eetbare zaadjes produceert, voor de vogels. Om aandacht te krijgen voor mijn hersenletsel moet ik me laten gebruiken als laboratoriumrat. Elke ochtend injecteer ik het hormoon dat mijn beschadigde hypofyse niet langer aanmaakt. Zelf laat ik het liefst soorten staan die volop bessen en vruchten leveren voor de dieren, zoals de vogelkers en de eik, en ik spaar graag de oudere boomsoorten in het bos, zoals de weymouthden, de gouden berk en de Canadese hemlockspar. Als we een training hebben, of een vergadering, vlieg ik al bijna tegen het plafond door de herrie van al die mensen om heen, al die mensen die ademen en op hun stoel heen en weer schuiven. Als ik dan later in mijn eentje door het bos loop, is er het verlammende besef dat ik misschien nooit meer in staat zal zijn zo dicht op andere mensen te zitten.

Hagelstenen als walnoten

Bossen zijn niet statisch; elk bos is onderhevig aan veranderingen, waardoor het stukje bij beetje verandert, totdat het in zijn geheel is vernieuwd. Ik kan niet voldoende vrije uren opnemen om vaak genoeg naar de dichtstbijzijnde praktijk van Veteran Affairs te rijden voor geestelijke bijstand, en de lokale artsen zijn totaal niet toegerust voor de behandeling van oorlogstrauma’s. Thuis, in Alaska, waren het torren en vuur. Hier is geregeld noodweer. Zo ook vandaag: er komen hagelstenen zo groot als walnoten uit de lucht vallen en overal om me heen zwiepen de bomen. Ik zoek dekking onder een grote suikeresdoorn en sta doodsangsten uit. Ik weet niet meer precies hoeveel van mijn vrienden zijn thuis-gekomen in een kist met de Amerikaanse vlag eroverheen, maar ik weet wel dat er meer vrienden zijn omgekomen door zelfmoord dan door vijandelijk vuur.

We proberen de bomen zo te kappen dat het effect vergelijkbaar is met een storm die door het bos raast. Op de plekken met voornamelijk hardhout maken we kleine openingen in het bladerdak zodat er zonlicht op de bodem kan vallen, waardoor die opwarmt en de zaadjes van de eik een kans krijgen om te groeien. Er zit nog iemand uit mijn eenheid in ons team, en hij is de enige op wie ik kan bouwen als het echt moeilijk wordt. Als wij niet zouden ingrijpen, zou de suikeresdoorn het overnemen en zou dit stuk bos straks geen voedsel meer bieden aan de dieren. Soms krijg ik tijdens het markeren van de bomen een flashback en verstar, blijf God mag weten hoe lang voor me uit staren. Geen idee of mijn collega’s er erg in hebben. Van oudsher worden de hardhoutdelen van het bos gedomineerd door de eik. De suikeresdoorn heeft pas echt voet aan de grond gekregen toen houthakkers aan het begin van de twintigste eeuw het landschap een ander aanzien gaven. De meest recente flashback werd getriggerd door een geluid dat me deed denken aan de doodskreten van een vriend die levend verbrandde.

Ik koester de gedachte dat een van mijn overleden vrienden me gezelschap houdt

Voor sommige soorten moeten we ook de aarde omwoelen. De zaden van de gouden berk kunnen alleen maar ontkiemen in rulle aarde, dus nadat er hout is verkocht ga ik op zoek naar de plekken waar de houtkapmachines de aarde hebben omgewoeld en strooi daar wat zaden. Brandend kevlar geeft groene vlammen. De gouden berk is een uitgelezen soort voor de habitat van de dieren in dit bos, want de boom blijft leven als de dieren de stam uithollen. Nadat Dave en Adrian, mijn commandant en schutter, waren omgekomen door een bermbom en ik niet, heb ik mezelf dat jarenlang nagedragen. Het is fijn om de gouden berk te kunnen helpen zijn plek in het bos te heroveren.

De grootste en statigste van de oude bomen is de weymouthden. Het bladerdak torent hoog boven de rest van het bos uit, de bomen lijken als wachters te waken over de kleinere soorten. Ik vraag me tegenwoordig geregeld af of het al dan niet verantwoord is om banden met anderen aan te gaan, maar ik weet ook dat alles alleen maar erger wordt als ik me afzonder. De grootste weymouthden die ik ooit ben tegengekomen mat maar liefst 32 meter timmerhout en had een totale lengte van 36 meter, waarvan de onderste 12 meter zonder ook maar één knoest. In 2014 pleegden binnen een periode van zes weken drie van mijn vrienden zelfmoord; een vierde overleed in 2015. Een vijfde vriend heb ik ervan af gepraat, maar niet lang daarna verdween hij van de radar. Ik heb geen idee of hij nog in leven is. Ik heb alle bomen om die weymouthden heen gemarkeerd zodat hij na de kap zijn dennenappels kan laten vallen en er een nieuw bosje kan ontstaan, daar aan de rand van het moeras, waar de bomen met rust worden gelaten.

Toen ik vanochtend mijn verfcontainer om wilde gespen om een paar handige snelle routes te markeren waarvan ik gebruik zou kunnen maken om nog meer gouden berken en eiken te helpen ontkiemen, ging ik even op de achterkant van mijn truck zitten en luisterde naar de wind die door het hoge bladerdek ruiste. De laatste keer dat ik mijn beste vriend zag, liet hij me vol trots het pistool zien waarmee hij uiteindelijk zelfmoord zou plegen. De flakkerende bladeren van ratelpopulier en linde, het trillen van de suikeresdoornbladeren en het ritselen van de Amerikaanse eik. Me inzetten voor het beheer van het bos heeft een heilzaam effect op me. Mijn nieuwe ambitie is de levende kroonjuwelen van onze natie te behoeden en te koesteren, in ons aller belang.

Een pionier van het Amerikaanse boswachter zei in 1905 tegen zijn rangers dat ze zich dienden in te zetten voor ‘het grootste belang voor het grootste aantal mensen op de langere termijn’. Als ik in mijn eentje bezig ben bomen te markeren, zie ik vanuit mijn ooghoek iets bewegen en dan bekruipt me het gevoel dat ik in de gaten wordt gehouden. Na zo veel tijd in de bergen in Afghanistan te hebben doorgebracht, heb ik geleerd dat gevoel serieus te nemen. Vaak blijkt het te gaan om een hert, of een beer of – als ik echt geluk heb – een van onze wolven. Soms zie ik later de sporen. Soms zie ik helemaal niets; dan voel ik alleen een bepaalde aanwezigheid. Ik vraag me af of mijn hersenletsel me parten speelt, maar het liefst koester ik de gedachte dat het een van mijn overleden vrienden is die me gezelschap houdt onder het smaragdgroene bladerdak. Er zijn momenten dat de herinneringen aan verloren broeders en hun vaderloze kinderen me volkomen onderuithalen en ik snikkend tegen een eik lig. Maar dan krabbel ik overeind en ga verder.

Overuren

De Amerikaanse linde groeit in groepjes, vijf of meer stammen dicht bij elkaar – zo dicht dat het onmogelijk is om een boom om te hakken zonder de andere te beschadigen. Dus de gulden regel is dat we of het hele groepje of geen van de bomen markeren. Ongeveer een week geleden reed ik rond met de andere veteraan uit ons team en we hadden het over onze omgekomen vrienden. We waren het erover eens dat het waarschijnlijk onze redding was geweest dat we na het leger iets anders hadden gevonden, een passie die onszelf oversteeg.

De werkdag zit erop, we gaan naar huis en bedenken betere manieren om bomen te markeren. We nemen er taken bij om meer bomen te kunnen kappen. We maken voortdurend overuren, uit vrije wil. En we bedenken manieren om meer verf te kunnen meenemen, of de jonge bomen beter te kunnen beschermen tegen de herten. Goed bosbeheer is alsof je de pen bent die een liefdesbrief aan het bos schrijft. Het lot, zo is me duidelijk geworden, is een grillige boswachter – hij markeert hele groepen voor vernietiging, hakt er onregelmatig op los, laat sommige stammen staan, gevoelig voor rot. Maar onder de juiste omstandigheden kan aan die stammen nieuw groen ontspruiten, en de achtergebleven, uitgeholde stammen kunnen een nieuw doel dienen.

Bryan Box

The New Republic
VS | tweemaandelijks tijdschrift | oplage 50.000

Links-liberaal tijdschrift voor politiek en cultuur. Pleit voor een liberalisme met meer betrokkenheid van de overheid.

Dit artikel van verscheen eerder in
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 is jarig en trakteert!

Schrijf je in voor de nieuwsbrief en krijg 3 maanden gratis toegang tot 360 online.