• Grist
  • Politiek
  • 1. Waarom persen we niet alle continenten op elkaar?

1. Waarom persen we niet alle continenten op elkaar?

Grist | Eve Andrews | 03 december 2015

De Amerikaanse filosoof en conceptueel kunstenaar Jonathon Keats (1971) bedacht een radicaal plan om de klimaatonderhandelingen uit het slop te trekken. Een nieuw supercontinent, Pangea Optima, moet landen en partijen letterlijk dichter bij elkaar brengen.

De eerste keer dat ik hoorde van Jonathon Keats’ nieuwe project, omschreven als ‘een poging om de klimaatverandering een halt toe te roepen door een supercontinent te creëren’ kwam het me voor als tamelijk vergezocht – en dan druk ik me nog voorzichtig uit. Toen Keats, de zelfbenoemde directeur van het Political Tectonis Lab, zijn idee toelichtte – een idee waar magnetrons en kernreactoren aan te pas komen, en een opeengeperste landmassa die luistert naar de naam Pangea Optima – wist ik het zeker: 
volslagen waanzin. Op het gebied van geo-engineering heb ik de meest onwaarschijnlijke ideeën gehoord – van een ‘bemestingsexperiment’ waarbij 100 ton ijzersulfaat in de Stille Oceaan wordt gedumpt (dat is daadwerkelijk gedaan) tot het idee om zonlicht weerkaatsende deeltjes de dampkring in te schieten (dat is nog niet gedaan) – maar dit slaat echt alles.

Laatste strohalm

En dat is nou precies waar het om gaat.

Toen ik Keats, een experimenteel filosoof en conceptueel kunstenaar, vroeg wat het slechtst denkbare scenario zou zijn voor Pangea Optima, zei hij: ‘Het slechtst denkbare scenario zou zijn dat we ons daadwerkelijk genoodzaakt zouden zien ertoe over te gaan.’ Met andere woorden, het is een soort laatste-strohalmoplossing voor de klimaatverandering, die duidelijk maakt dat we de boel echt goed in het honderd hebben laten lopen – en dat keer op keer.

Als ik met Keats over zijn project praat, kom ik tot de conclusie dat het is gebaseerd op prachtige ideeën over hoe de wereld in elkaar zou móéten zitten – en een nogal cynische kijk op hoe de wereld echt in elkaar zit.

Alsof we niet met zijn allen op één planeet leven

Pangea Optima is dus gebaseerd op het idee van Pangea Ultima, de landmassa die volgens de voorspellingen in de komende tweehonderdvijftig miljoen jaar gevormd zal worden als gevolg van natuurlijke tektonische processen. Hoe zou het ontstaan van Pangea Optima versneld kunnen worden?

Door een combinatie van kerncentrales en magnetrons is het mogelijk om op bepaalde plekken op aarde de temperatuur te verhogen. Waar het op neerkomt is dat je ingrijpt in de platentektoniek door invloed uit te oefenen op de thermodynamiek die ten grondslag ligt aan de bewegingen van de tektonische platen. Tektonische platen bewegen zeer langzaam. Die snelheid kan wel degelijk beïnvloed worden door gebruik te maken van krachten (bij gebrek aan een betere formulering) die momenteel 
ín de aarde werkzaam zijn – en die te sturen. Ik denk dat we de tijd [van het tektonische proces] met dik vijftig miljoen jaar kunnen bekorten. Dan hebben we het nog altijd over tweehonderd miljoen jaar, maar het is niet niks om er zo’n vijftig miljoen af te halen.

Maar als de klimaatverandering zich in het voorspelde tempo voltrekt, als alle landen doen alsof er niets aan de hand is en op de huidige voet doorgaan, zijn er over tweehonderd miljoen jaar helemaal geen mensen meer.

Ja, en misschien zelfs al over tweehonderd jaar – of tweeduizend, of twintigduizend, het kan allemaal. Maar je hoeft niet als einddoel te hebben dat 
je je óp het supercontinent bevindt om het supercontinent te gebruiken als model om na te denken over je eigen positie ten opzichte van anderen. Op dit moment is er nauwelijks sprake van enig momentum waar het over klimaatactie gaat. Er liggen vele verschillende plannen, er zijn veel ideeën – en op sommige vlakken liggen die allemaal 
in elkaars verlengde, maar op andere vlakken botsen ze. Je zou het kunnen zien als een metafoor voor de continenten die allemaal hun eigen koers volgen en niet op een gestructureerde manier aankoersen op de vorming van een optimaal supercontinent. Het hele idee om de kant op te willen van een supercontinent, en van dat momentum, correspondeert in zekere zin met dat ontbrekende momentum. Alleen al 
het proces, de pogingen om iets van consensus te bereiken over de vraag wat dat supercontinent zou kunnen zijn, leidt tot een vorm van discussie over overeenkomsten en gedeelde belangen die volgens mij zeer inspirerend en productief kan zijn waar het gaat om de veel eenvoudiger manieren waarop we iets kunnen doen tegen de klimaatverandering.


U beschrijft hoe, bij de vorming van Pangea Optima, de Verenigde Staten in geologisch opzicht – en in het 
ideale geval ook in politiek opzicht –
 op één lijn zullen komen met China en Rusland.

Ja, het dichten van de Stille Zuidzee 
is in tektonische termen niet al te ingewikkeld. Hij is eerder dicht geweest. Ik heb geprobeerd over het supercontinent na te denken in termen van geopolitiek, in termen van tektoniek en ook in termen van milieu. Pangea was nou niet bepaald een prettige plek om te vertoeven voor wie niet het geluk had over een huis aan zee te beschikken, aangezien het grootste deel van dat supercontinent werd geteisterd door extreme droogte. Het denken over deze versie van Pangea draait dan ook deels om de vraag hoe je intern grote wateroppervlakken kunt verplaatsen teneinde die droogte tegen te gaan.

Speelt de kwestie van socio-economische gelijkheid een rol bij het herpositioneren van de continenten, en zo ja, welke?
O, zeker. Een van de factoren die een grote rol spelen bij het denken over welke vorm van klimaatactie ook is de positie van de zogeheten derdewereldlanden. Ze hebben nooit de beschikking gehad over kolen als brandstof, zoals de zogeheten eerstewereldlanden, en het is dan ook oneerlijk om die landen nu te straffen, of om van die landen even grote offers te vragen teneinde de klimaatverandering een halt toe te roepen. Dit is duidelijk een van de belangrijkste knelpunten binnen het klimaatdebat op dit moment – wat maar weer eens aantoont hoe ongelooflijk complex dit hele vraagstuk is in geopolitieke zin.

Om te beginnen lijkt er sprake te zijn van een soort hemisferische kwestie die geregeld opspeelt, het noordelijke versus het zuidelijke halfrond. In geografische zin is er sprake van patronen van kolonisatie, die in de loop van de geschiedenis een gunstige dan wel een ongunstige uitwerking hebben gehad. Door continenten te verplaatsen op een manier die het vanzelfsprekende van dergelijke veronderstellingen ondermijnt, en die ook iets van het traditionele, longitudinale wij-zijdenken doorbreekt, lijkt het of we de problemen het hoofd zouden kunnen bieden die zich aandienen bij het continent Pangea Optima.

Afrika en de oostkust van de Verenigde Staten zouden hetzelfde territorium kunnen delen

We zouden – zelfs als we afzien van Pangea Optima – kunnen gaan nadenken over de mogelijkheid dat Afrika en de oostkust van de Verenigde Staten hetzelfde territorium zouden delen. Volgens mij zetten alleen al dergelijke verschuivingen op de kaart een verschuiving in gang in het denken, een verschuiving in de richting van erkenning van verschillen… Verschillen die we als vanzelfsprekend zijn gaan zien, maar die er in de toekomst niet per 
se meer hoeven te zijn, of die we niet langer als verschillen hoeven te zien.

Maar Pangea Optima is míjn visioen – het is zeker niet zo dat iedereen dat visioen nu moet nastreven. Het kan domweg als uitgangspunt dienen. En wat van essentieel belang is, nog veel belangrijker dan de kaarten en de technologie, is het zogeheten supercontinentale-toekomst-bouwpakket. Dat pakket bevat onder meer een opblaaswereldbol en een Sharpie-stift en een doosje dat aan de Verenigde Naties 
kan worden gestuurd. Zo stellen we de mensen in staat hun eigen supercontinent te ontwerpen en te bedenken hoe ze de vorming van dat supercontinent voor zich zien. Door op die manier gebruik te maken van crowdsourcing, door te zoeken naar consensus, proberen we af te tasten hoe dat supercontinent er idealiter uit zou zien.

Hoe bent u hier allemaal toe gekomen?

We leven in een tijd waarin we geo-engineering steeds meer zien als een manier om de klimaatverandering een halt toe te roepen. Het uitgangspunt 
is dat de technologie verantwoordelijk is voor de problemen waarin we ons bevinden, en dat de technologie misschien ook wel krachtig genoeg zou kunnen zijn om die problemen weer het hoofd te bieden. Misschien klopt dat ook wel, al heb ik zo mijn twijfels. Ik denk wel dat het een discussie is die gevoerd moet worden. Het leek mij interessant om na te denken over de vraag of je geo-engineering op grote schaal zou kunnen inzetten, maar dan zonder technologisch oogmerk – eerder met de bedoeling bepaalde politieke doelen te bereiken. Dat wil zeggen: je niet in eerste instantie richten op het probleem dat ‘de aarde steeds verder opwarmt’, maar je richten op het onderliggende probleem, namelijk de manier waarop we met de aarde omgaan. Hoe de mens zijn eigen positie ziet in relatie tot de aarde. Het is alsof we de afstanden tussen ons als bepalend element beschouwen en niet het idee hebben dat we met zijn allen op één planeet leven. Het is bijna een conflictmodel, of in ieder geval een manier van denken waarin we onszelf afzetten tegen anderen, en dat lijkt niet echt bevorderlijk voor de vormen van grootschalige samenwerking die vereist zijn om de klimaatverandering het hoofd te bieden. De onderliggende gedachte van Pangea Optima is dan ook dat je het perspectief radicaal kunt verschuiven door – letterlijk – de plek te verschuiven waar je je bevindt – en waar je je bevindt ten opzichte van alle anderen.

Het is, in wezen, een naïeve gedachte.

Auteur: Eve Andrews
Vertaler: Nicolette Hoekmeijer

Grist
VS | grist.org

Richt zich met serieuze achtergrondartikelen op 
de actualiteit rondom het milieu. Heeft ook een brutale en humoristische kant.

Dit artikel van Eve Andrews verscheen eerder in Grist.
Recent verschenen
Een remedie tegen navelstaren?
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief.
Onze nieuwsbrief wordt wekelijks verzonden.
inschrijven

360 heeft 1000 nieuwe leden nodig

Deze maand bieden wij daarom een deel van onze artikelen gratis aan. Zo kunt u vast kennismaken met ons aanbod. Leden blijven toegang houden tot onze maandelijkse digitale editie en het archief.