Aan de frontlinie in West-Papoea

Tempo / 360  | 11 June 2019 - 10:0011 Jun - 10:00

In West-Papoea maakt het Indonesische leger jacht op rebellen die voor onafhankelijkheid strijden. Het gebied speelt een sleutelrol in de tweede ambtstermijn van president Joko Widodo.

Het district Yigi ligt er doods bij. Op deze 31ste maart is er geen enkel levensteken in deze noordelijke regio van het kanton Nduga in Papoea-Nieuw-Guinea. De honai [traditionele Papoeahutten) zijn verlaten, de velden uitgestorven. Geen bewoner te zien. Zelfs geen varken of kip. Yigi ligt aan de frontlinie tussen enerzijds de Indonesische strijdkrachten en politie en anderzijds de rebellen van het Nationale Bevrijdingsleger van West-Papoea (TPNPB) onder bevel van Egianus Kogeya. Op de heuvel vanwaar de toegang tot Yigi kan worden bewaakt zijn tientallen Indonesische militairen gelegerd in vier barakken die het eigendom zijn van PT Istaka Karya, het staatsbedrijf dat de Trans-Papoeaweg in Nduga aanlegt. Op de top wappert een rood-witte vlag, de kleuren van Indonesië. Vanaf deze hoogte kunnen ze vrijwel de hele regio Yigi overzien. ‘De bewoners hebben het district al lang geleden verlaten,’ zegt luitenant Deddy Santoso, die het bevel over de wachtpost voert.

Op 1 december 2018 hebben de gewapende onafhankelijkheidsstrijders van Egianus arbeiders van het bedrijf Istaka Karya ontvoerd vanaf de bouwplaats. De volgende dag hebben ze hen meegenomen naar de Tabotberg, op ongeveer drie kilometer van Yigi, waar ze zeventien van hen hebben afgeslacht. Het bloedbad zou zijn aangericht omdat de arbeiders niet aan een bevel van de rebellen hadden gehoorzaamd. Die hadden hen gesommeerd de regio te verlaten een week voordat het TPNPB op 1 december de onafhankelijkheid van Papoea-Nieuw-Guinea zou herdenken. TPNPB-strijders hebben eveneens vier arbeiders achtervolgd die hadden weten te ontkomen naar de post van het Indonesische leger in het district Mbua, op ongeveer twee kilometer van de Tabotberg. Op 3 december hebben de strijdende partijen elkaar van de ochtend tot de avond beschoten. De coördinator van het evangelische Papoea-kerkgenootschap Kingmi in de regio Nduga, dominee Nathaniel Tabuni, vertelt dat hij zich toen in allerijl naar het midden van het slagveld heeft begeven. Door met een vlag van de kerk te zwaaien hoopte hij de groep van Egianus en het nationale Indonesische leger ertoe te bewegen hun vijandelijkheden te staken. ‘Als reactie werd er een speer naar me geworpen,’ zegt hij.

» Lees verder in de Reader / op Blendle

Plaats een reactie