Valt er nog wel te leven in Californië?

The Guardian / 360  | 27 November 2019 - 10:0027 Nov - 10:00

Voor het derde jaar op rij wordt Californië geteisterd door grote bosbranden. Volgens lokale media is het in een deel van de staat inmiddels zo riskant om te wonen dat bewoners misschien beter kunnen verhuizen.

» Lees dit artikel in de Reader

Bij het aanbreken van de dag was een groot deel van Californië in rook gehuld: het hele weekend hadden windvlagen van wel 160 kilometer per uur natuurbranden door bossen en woongebieden gejaagd.

Het was niet de eerste keer dat dit gebeurde, het was de afgelopen drie jaar zelfs elk jaar raak, en deze keer likten de vlammen langs wijken die in 2017 al waren verwoest. Verslaggevers interviewden een gezin dat net zaterdag in hun herbouwde huis was getrokken, maar meteen weer moest worden geëvacueerd.

Het was een filmisch schouwspel: op zeker moment sprong het vuur aan het uiteinde van de baai van San Francisco de Straat van Carquinez over, waardoor de brug van Interstate 80 in rook en vlammen werd gehuld. Zelfs gebieden die niet in brand stonden, merkten de gevolgen: miljoenen mensen kwamen zonder stroom te zitten omdat Pacific Gas and Electric (PG&E) de elektriciteit uitschakelde, uit angst dat de masten zouden omwaaien en de vonken van de kabels nieuwe branden zouden veroorzaken.

MOGEN WE EVEN JE AANDACHT?
Dit artikel krijg je van 360 cadeau. We geloven dat internationale context leidt tot een beter begrip van de wereld om ons heen. Daarom zijn we blij als je dit artikel voor ons deelt. Nog blijer zijn we als je je bij ons aansluit: Probeer nu 5 nummers voor maar 15 euro. Duurt een paar minuten, stopt automatisch.
Bedankt

Het nieuwe normaal

Drie jaar achter elkaar – het begint te lijken op het nieuwe, en onmogelijke, normaal. Daar duidde de plaatselijke krant, de San Francisco Chronicle, vanmorgen op met deze zin, midden in een reportage over het inferno: de vuren hadden ‘de angst versterkt dat delen van Californië bijna te gevaarlijk zijn geworden om in te wonen’. Lees dat nog maar eens: de plaatselijke krant zegt hier zwart op wit dat een deel van de staat nu zo riskant is dat de burgers er misschien wel weg moeten.

Enerzijds is dit niet echt een verrassing. Mijn laatste boek, Falter, draaide om het idee dat de klimaatcrisis grote delen van de wereld steeds verder tot voor mensen onbewoonbaar gebied maakt. Steden in Azië en het Midden-Oosten waar de temperatuur nu tot ver boven de 50 graden kan reiken, zo hoog dat het menselijk lichaam zichzelf niet meer kan koelen; eilandstaten (en de stranden van Florida) waar elk hoogtij door de woonkamer of de straten stroomt; pooldorpen die verplaatst moeten worden omdat de oceaan aan de kust vreet, nu het zee-ijs is verdwenen.

Paradijs

Maar Californië? Californië was altijd zoals de wereld zich het paradijs voorstelde (totdat de stad Paradise vorige zomer afbrandde, misschien). Hollywood heeft de afgelopen eeuw onze fantasieën vorm gegeven, en veel films speelden zich af in de Golden State. Hier sjokten de mensen uit Oklahoma naartoe, toen het klimaat zich in de jaren van de Dust Bowl [in de jaren dertig] tegen hen keerde – pastures of plenty, grazige weiden, noemde Woody Guthrie de groene landbouwvalleien. Natuurvorser John Muir gaf ons de grammatica en retoriek van wildernis in de High Sierra (de moderne milieubeweging werd geboren uit de club die hij oprichtte).

Californië is de Golden State, het land van het gemakkelijke leven. Ik ben er geboren en al ben ik er zo jong weggegaan dat mijn herinneringen niet helemaal te vertrouwen zijn, ik ben opgegroeid met de verhalen van mijn ouders. Zij waren pas getrouwd, eind jaren vijftig; als ze van hun werk thuiskwamen, konden ze naar het strand lopen om een potje te volleyballen.

Uitgaan deden ze een kilometer of drie verderop aan de Pacific Coast Highway bij The Lighthouse, de jazzclub waar legendes als Gerry Mulligan optraden en de coole jazz uitvonden die bij deze plek en die tijd hoorde. In het magazine Sunset zag je een Californische esthetiek, die luchtiger en informeler was dan waar ook ter wereld: mahoniehouten terrassen, daken van cederhouten spanen, idyllische voorsteden tussen de eucalyptus en de dennen. Precies het soort huizen waarvan vandaag alleen nog een hoopje as over is naast het niervormige zwembad.

Eerlijk gezegd begon dat Californië vrij snel te verdwijnen toen sinaasappelboomgaarden plaatsmaakten voor vliegtuigfabrieken en later voor techmekka’s. Belangrijke stemmen in het Californië van de afgelopen jaren – schrijvers als Mike Davis en Rebecca Solnit – hebben vastgelegd hoe zaken die ooit bijdroegen aan de idylle ten onder gingen in een vloedgolf van geld, consumptie, nimby-gedrag [not in my backyard], belastingontduiking en de hebzucht van bedrijven. De staat heeft de afgelopen jaren een enorme economische groei doorgemaakt – het is de vijfde economie ter wereld, groter dan die van het Verenigd Koninkrijk – maar heeft ook tentenkampen van daklozen die hun huur niet kunnen betalen.

En dat komt niet alleen door de klimaatverandering: Californië heeft altijd natuurbranden gekend, en het grootste nutsbedrijf van de staat, PG&E, is wat dat betreft evenzeer brandstichter als stroomleverancier.

Maar toch is er een kracht zo groot als de klimaatcrisis nodig om Eden nu echt – of misschien eindelijk – zijn luister te ontnemen. In het afgelopen decennium kende de staat de ergste droogtes ooit gemeten, perioden die zo intens droog waren dat meer dan honderd miljoen bomen dood zijn gegaan. Honderd miljoen, en de wetenschappers die de dode bomen telden, hebben gewaarschuwd dat de kale stammen de oorzaak konden worden van ‘natuurbranden op een schaal en van een intensiteit die Californië nog nooit heeft meegemaakt’. De droogte werd afgewisseld met recordstortbuien, die de afgebrande stukken land veranderden in enorme, huizen bedelvende modderstromen.

En zo moeten Californiërs – immer koel en met korte mouwen – een deel van het jaar mondkapjes dragen, vaak met een angstig voorgevoel. Zoals zo vaak gaan zij voor en zullen wij volgen.

Auteur: Bill McKibben

The Guardian
Verenigd Koninkrijk | dagblad | oplage 134.000

Onafhankelijke kwaliteitskrant van linkse signatuur. Sinds 1821 thuisbasis van de meest gerespecteerde columnisten en journalisten. Altijd zeer kritisch ten opzichte van de overheid en andere instituten.

» Abonneer u op onze nieuwsbrief: wekelijks berichten uit de buitenlandse pers in uw inbox.

Plaats een reactie